Het Tiens dialect en de ich-mich lijn.

In het Hageland , waartoe ook Tienen behoort, spreekt men Brabantse dialecten, maar ten gevolge van hun geografische ligging hebben ze bepaalde invloeden van het Limburgs ondergaan. Dit is onder meer in het Tiens dialect nog zeer duidelijk te horen.
Heel vaak wordt onterecht gedacht dat Tienen in Limburg gelegen is. Dit ondanks dat er nog twee Vlaams –Brabantse fusiegemeenten,
Linter en Zoutleeuw nog meer oostelijk gelegen zijn. Er dient nog 17 km in oostelijke richting
afgelegd te worden vooraleer de eerste Limburgse gemeente, de stad Sint-Truiden
bereikt wordt. Dit is dezelfde afstand die we vanuit Tienen in westelijke
richting moeten afleggen om Leuven te bereiken. In bijlage kunt u een kaartje van Vlaams-Brabant vinden met niet Brussel in het centrum doch eerder Leuven in het centrum van de provincie. Hierdoor onstaat het misverstand dat Tienen in Limburg zou liggen.
De Getelijn (G-lijn)
Ten oosten van Tienen treffen we de oude grens aan tussen het hertogdom Brabant en het graafschap Loon (omvatte ongeveer het huidig grondgebied van Belgisch en Nederlands Limburg)
Een hele bundel isofonen (=een klein, systematisch taalverschil tussen dialecten dat als een grens door een taalgebied loopt) valt juist of ongeveer samen met deze oude grens. Omdat deze grens eerst de Gete volgt, spreek men van de Getelijn. Deze lijn (of eerder grenzenbundel) is de meest karakteristieke scheidingslijn tussen het Brabants en het Limburgs dialect.

De Uerdingerlijn (U-lijn) ook de ich/mich lijn genoemd
De belangrijkste dialectgrens in het Hageland is de Uerdinger lijn. Ze vertrekt op de taalgrens ten noorden van het Waalse dorpje Bevekom (Beauvechain) en loopt in noordoostelijke richting ten oosten van de gemeenten Opvelp, Neervelp, Vertrijk, Boutersem, Lubbeek, Sint-Joris-Winge, Onze-Lieve-Vrouw Tielt, Scherpenheuvel en Zichem.
Verder loopt de U-lijn door het noordwesten van Belgisch-Limburg, het uiterste zuidoosten van Noord-Brabant en het noorden van Nederlands-Limburg. In Duitsland gaat ze over de Rijn te Uerdingen (vandaar de naam).
Het meest opvallende kenmerk is de uitspraak van de persoonlijke voornaamwoorden "ik, mij, u". Ten oosten van de U-lijn zegt men ich, mich, oech, ten westen ik, ma, a/oe.
Daarom spreekt men ook van de ich/mich-lijn. De overgang van k naar ch is een gevolg van de Hoogduitse klankverschuiving. We kunnen het fenomeen vergelijken met de kringen in een vijver waarin je een steen hebt geworpen. De laatste kringen sterven uit tussen Roosbeek en Boutersem met de ch van ich, mich, oech, och

Voor de liefhebbers van het Tiens dialect volgt hierna een link naar een internetsite waar een hele reeks verhaaltjes in het o zo sappige Tiense dialect kunt beluisteren.
http://www.tienen.be/showpage.aspx?id=1027
En nu maar hopen dat jullie het allemaal kunnen verstaan. Als hulpje staat en naast het verhaaltje (=geluidsfragment) telkens ook een woordenlijst met de vertaling van typisch Tiense woorden in het dialect.






