Naar de inhoud

Bezoek Tienen 09/12/2010

Welkom op 9 december 2010
akke.beakke.be
in de zoetste stad van het ganse land.

Pikke Stijkès en het Tiense dialect.

De liefhebbers van het Tiense dialect kunnen hun hartje ophalen bij de verhalen rond Pikke Stijkès die gebasseerd zijn op de gelijknamige roman van Leon Rubbens.

De idee voor de hoofdfiguur van het boek ontstond tijdens het leraarschap van Rubbens. Een negenjarig jongetje woonde in de Vollongang, in het Tiens van 50 jaar geleden "Impasse Vollon", tegenover de Katholieke Normaalschool op de Waaiberg.

Rubbens liet hem allerlei fratsen uithalen, die hem verteld werden door een aantal vrienden, zoals de tandarts Kamiel Moens en dokter Jean Smeesters. Hij noemde de sympathieke bengel Pikke Staikès. In het Tiensis "staikès" een stekelbaarsje. In zijn werk spelde Rubbens de naam minder fonlogisch met ij: "Pikke Stijkès".

Wil je  wat belevenissen van deze volksjongen horen in het Tiense dialect, surf dan naar de volgende internetsite :

http://www.tienen.be/showpage.aspx?id=1027

Omdat alle gebruikte uitdrukkingen niet altijd goed verstaanbaar zullen zijn voor een niet Tienenaar werd er bij ieder geluidsfragment een verklarende woordenlijst toegevoegd.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Stuur door Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

2.10 En toen kwamen de Fransen (2)

Voor Tienen verliep de terugtocht van de Fransen bijzonder tragisch. In de vergadering van de gemeenteraad van 10 maart 1793 wordt melding gemaakt van de ontploffing van het munitiedepot dat de Fransen in de houtopslagplaats van het minderbroederklooster hadden ondergebracht. De helft van de gebouwen werd bij de explosie vernield of zwaar beschadigd. Deuren, vensters en zelfs muren gingen hierbij aan flarden. Ook de kamer van de St.-Jorisgilde ondervond aanzienlijke schade. In het overlijdensregister van de St.-Germanusparochie werden op 10 maart 1793 drieëntwintig overledenen genoteerd, die nog dezelfde dag begraven werden. Bij de slachtoffers waren de drieëndertigjarige lokaalhouder van de St.-Jorisgilde, Jacques Verdyen, en zijn zoontjes Jacques, tien jaar, en Antoine, zes jaar oud. Zij kwamen terecht onder het puin van de gildenkamer. De rest van de stad had het eveneens zwaar te verduren. In het verslag van de gemeenteraad werd zelfs gewag gemaakt van tachtig dodelijke slachtoffers. Toch waren de Tienenaars maar al te blij dat de strijdende legers de stad voor de rest ongemoeid lieten. Uit dank voor la libération miraculeuse de notre ville  lieten zij in 1793 een zilveren ex-voto vervaardigen die zij aan de St.-Germanuskerk schonken (foto links).

Het Oostenrijkse herstel was van korte duur. Op 26 juni 1794 behaalden de Fransen een beslissende overwinning in de slag bij Fleurus. Op 19 juli 1794 verschenen de revolutionairen definitief in de stad. In 1795 werden onze gewesten bij Frankrijk gevoegd. De Fransen troffen een reeks maatregelen die bij de plaatselijke bevolking niet in goede aarde viel. Het invoeren van de conscriptie gaf een impuls aan het ontstaan van de Boerenkrijg. Terwijl Limburg in opstand kwam, bleef in Tienen alles betrekkelijk rustig.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

2.10 En toen kwamen de Fransen (1)

De Franse veldheer Charles François de Périer Dumouriez (foto links), opperbevelhebber van het Franse Noorderleger, versloeg de Oostenrijkers op 6 november 1792 bij Jemappes. Zestien dagen later maakten de eerste Franse soldaten hun opwachting in de stad en arriveerde ook generaal Dumouriez. Zijn manschappen werden ingekwartierd en de dag daarop werd voor de pui van het stadhuis de vrijheidsboom geplant. Vrijwel onmiddellijk werd het revolutionaire bestuur geïntroduceerd . Dumouriez zelf geraakte achteraf echter zwaar in diskrediet. Na de mislukte veldtocht tegen het teruggekeerde Oostenrijkse leger en de nederlaag van de Fransen bij Neerwinden op 18 maart 1793 startte hij onderhandelingen over de ontruiming van de bezette gebieden. Dit werd hem in Frankrijk niet in dank afgenomen en hij werd buiten de wet gesteld. Een poging om hem te arresteren mislukte en hij deserteerde. Nog dertig jaar zwierf hij in Europa rond, levend van een Engelse jaarwedde.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Zè gèè ràp oep eur pejàd (ben je snel geïrriteerd)

Als tussendoortje nog een liedje van "De Tiense Straatmuzikanten" met als boodschap het leven niet te zwaar op te nemen en niet te snel geïrriteerd te geraken. De boodschap is het leven steeds langs de lichtste kant opnemen.

Het liedje heeft als titel "Zè gèè ràp oep eur pejàd" of in het Nederlands "Ben je snel geïrriteerd".

Ben je snel geïrriteerd
U te snel opwinden: doet dat niet
Smijten met borden: doet dat niet
Altijd  maar opspelen: laat dat zo
Altijd uw karkas opvreten: laat dat zijn

Ben je snel geïrriteerd  (Ben je rap op uw paard)
Wel, dat is niet de moeite waard
Wat ik heb zelf eens gehoord
Als je u te snel opwind
zit je zelf met een erwt

Ben je snel geïrriteerd
Wel, dat is niet de moeite waard
Wat ik heb zelf eens gehoord
Als je u te snel opwind
zit je zelf met een erwt

Altijd disputeren: laat dat zijn
Altijd discuteren: laat dat zo
Al die vieze woorden: laat die zijn
Woorden maar geen noden: laat dat zijn

Ben je snel geïrriteerd  (Ben je rap op uw paard)
Wel, dat is niet de moeite waard
Wat ik heb zelf eens gehoord
Als je u te snel opwind
zit je zelf met een erwt

Ben je snel geïrriteerd  (Ben je rap op uw paard)
Wel, dat is niet de moeite waard
Wat ik heb zelf eens gehoord
Als je u te snel opwind
zit je zelf met een erwt

Ben je snel .....

Bijlagen
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Het 13 maal en de paardenprocessie te Hakendover

De bouwlegende van Hakendover werd in 1432 voor het eerst 'officieel' opgetekend door drie kerkmeesters. Naar alle waarschijnlijkheid combineerden ze verhalen uit de mondelinge overlevering met een aantal andere verhaalmotieven en historische elementen om hun verhaal wat kracht bij te zetten.
Volgens het verhaal werd de kerk van Hakendover gesticht in 690  In dat jaar zouden drie vrome maagden besloten hebben een kerk te bouwen voor de Goddelijke Zaligmaker. Nadat de kerk tweemaal bij nacht was afgebroken door engelen  (sommige verhalen spreken over de duivel), gebeurde er op de dertiende dag na Driekoningen  een wonder. Een engel leidde de maagden naar een plaats waar de natuur -ondanks de wintertijd- in volle bloei stond. In een boom zat een vogel met een brief van God in zijn rechterpoot: "Op deze plaats wil ik mijn kerk bouwen." Tijdens de werkzaamheden waren er telkens dertien werklieden aanwezig, bij de uitbetaling slechts twaalf. Die dertiende werkman was God zelf.
Middeleeuwse mirakelverhalen vertellen dat vele 'bedevaarders' hier wonderbaarlijk genazen en dat mensen zelfs uit de dood opstonden.

Ter ere van de "Goddelijke Zaligmaker" (god zelf) gaat jaarlijks op 16 en 17 januari de winterbedevaart, genaamd het "Dertienmaal". Dit is een tocht dwars door de akkers tussen de kerk van Hakendover en de O.-L.-Vrouw-ten-Steenkapel te Grimde (waar de drie maagden zouden begraven liggen), dertien keer heen en weer, in totaal ongeveer 40 km. Gelijkaardige bedevaarten vond men vroeger o.a. in Zepperen.

Op de eerste zondag volgend op 16 januari wordt het feest van de kerkwijding gevierd, in de volksmond vervormd tot "Hakendoverwijn".

Tweede feestdag voor de parochie is paasmaandag, dan gaat de beroemde paardenprocessie eveneens dwars door de velden. Op de Tiense Berg verzamelen duizenden bedevaarders (sinds eind vorige eeuw vooral Nederlanders)zich en de circa 200 (soms meer)  paarden  beginnen hun stormloop rond het volk. De paardenprocessie is in deze tijd ook lang geen puur 'religieus' gebeuren meer. De pelgrims van weleer ruimen stilaan plaats voor dagjesmensen en toeristen. Midden jaren '90 werd in Turnhout officieel een punt gezet achter de organisatie van de bedevaart van Turnhout naar Hakendover. De bedevaart vanuit het katholiek zuiden van Nederland (omgeving van Tilburg, Breda, Boxtel...) houdt vooralsnog stand.
De paardenprocessie op zich is niet uniek in Europa, maar toch is het stormloop van de paarden ronduit spectaculair te noemen.

Hierna nog een filmpje van de paardenprocessie te Hakendover.

http://www.youtube.com/watch?v=D4rVIrBkL38&feature=related


Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

2.9 Keizerlijke telgen van Oostenrijkse bloede (4)

In 1789 stelde de Brabantse Omwenteling een einde aan het Oostenrijkse bewind. Tienen werd meegesleurd in de ongeregeldheden. Brouwer Jan Windelinckx stond aan het hoofd stond van een zelf opgericht 'Vrijwilligerskorps der Patriotten'. Zijn acties lagen aan de basis van het feit dat de Oostenrijks bevelhebbers Tienen een haard van onrust noemden. Gedurende één jaar bleef het roer in handen van de opstandelingen. Ondertussen was Jozef II opgevolgd door zijn jongere broer Leopold II (1770-1792) (foto links) die er alles aan deed om de opstandige Nederlanden opnieuw onder controle te krijgen. Bij de tijdelijke terugkeer van de Oostenrijkers in 1790 zou de stad boeten voor haar rebelse houding. Om te voorkomen dat er zich opnieuw onlusten zouden voordoen was de Oostenrijkse repressie bijzonder streng. Uiteindelijk was de (r)evolutie niet meer te stuiten.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

2.9 Keizerlijke telgen van Oostenrijkse bloede (3)

Op 12 januari 1781 benoemde Jozef II zijn zuster Maria-Christina (foto links) en haar echtgenoot Albert-Casimir van Saksen-Teschen (foto links) tot landvoogden van de Oostenrijkse Nederlanden. Omdat de aartshertogen de hervormingsplannen van de keizer niet erg genegen waren, werden zij door hem zo veel mogelijk buiten het eigenlijke bestuur van de Nederlanden gehouden. Toen het ongenoegen over het bewind van de keizer zich begon te manifesteren, vervulde Albert de rol van bemiddelaar. Tijdens de troebelen van de Brabantse Revolutie verliet het echtpaar tijdelijk het land. Even keerden zij naar de Nederlanden terug, maar de overwinning van de Fransen noopte hen uiteindelijk om definitief naar Wenen te verhuizen. De aartshertogen Albert en Maria-Christina bezochten Tienen verschillende malen. De eerste maal passeerden zij bij hun Blijde Intrede in juli 1781 en overnachtten in de herberg ‘het Groot Hert’. De magistraat deed alle moeite om hen op een passende manier te ontvangen. Het stadhuis was prachtig versierd en op de pui werd de erewijn gedronken. Tien jaar later, op 4 juni 1791, keerden zij terug in een poging om de Nederlanden na de Brabantse omwenteling opnieuw aan de Oostenrijkse monarchie te koppelen. Ook toen passeerden zij Tienen op weg naar Brussel. Enkele maanden later, op 29 september, waren zij er opnieuw, ditmaal vergezeld door aartshertog Karel Lodewijk. Het gezelschap verbleef in de herberg de ‘Tinnen Schotel’. Vier dagen na het verblijf van de aartshertogen brandde het gebouw af.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Jà, 't ès zoewevèèr (Ja, het is zover)

Om het geheel verteerbaar te houden zingen "De Tiense Straatmuzikanten" weer een liedje "Jà, 't ès zoewevèèr". De zanger bezingt zijn verblijf in moeders baarmoeder.
Zoals gewoonlijk volgt hier de vertaling van de dialect tekst om alles goed te kunnen begrijpen.

Ja, het is zover.
Toen ik nog niet geboren was
zegde mijn moeder, ik krijg een kramp
Zou er iets schelen, is het zover?
Ik gaf haar de eerste stamp

Ja, het is zover
Het leven gaat opnieuw verder
Van ouders op dochter op zoon, liever als een kloon,
liever als een kloon. (= kunstmatige wijze van reproductie).

En in dat vijf sterren hotel
Zweefde ik zalig dat was het wel
Na enkele maanden was het duidelijk
Dat ik een jongen was.

Ja, het is zover
Het leven gaat opnieuw verder
Van ouders op dochter op zoon, liever als een kloon,
liever als een kloon.

Ik speelde daar met de navelstreng
Ik leerde ze kennen mijn suikertante
Zij kwam koffie drinken met een tasje taart
Ze zegde, zorg gij maar goed voor uw kindje

Dan voelde zij eens aan mijn moeders buik
En daarom kwam zij speciaal voor uit Luik
Als jonge dochter woonde zij aan de Gete
Mijn moeder vroeg haar word jij geen meter?

Ja, het is zover
Het leven gaat opnieuw verder
Van ouders op dochter op zoon, liever als een kloon,
liever als een kloon.

Ik at goed van de moederkoek
Ik had niets te kort ik speelde hem niet op
Na negen maanden, bonken in het kruis
En de moederkoek was op.

Ja, het is zover
Het leven gaat opnieuw verder
Van ouders op dochter op zoon, liever als een kloon,
liever als een kloon.

Ik nu ben ik al zestig jaar
En heb hier en daar al een grijze haar
Het leven gaat verder op dochter of zoon
En feitelijk ben ik toch een clown

Ja, het is zover
Het leven gaat opnieuw verder
Van ouders op dochter op zoon, liever als een kloon,
liever als een kloon.

Dat was goed.
Bijlagen
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 08:57 Reageer op dit bericht Stuur door

Van biet tot suiker en de skyline van Tienen

Tienen en suiker zijn natuurlijk twee handen op één buik.
In bijlage een filmpje waarvoor u "Windows Media Player" op uw computer moet geïnstalleerd hebben staan.

De koeltoren, die wij hier in Tienen de SEM toren noemden, en die u nog op het filmpje zult zien, bestaat intussen niet meer. De koeling door deze koeltoren, die nodig was tijdens de bietencampagne in de herfst, is reeds jaren geleden door een andere koeltechnologie vervangen. Onze SEM toren stond er dus al jaren werkloos bij. Er was zelfs al mogelijk instortingsgevaar, vandaar dat de Suikerfabriek een paar jaar geleden besloten heeft de toren af te breken.

Door het verdwijnen van de typisch gevormde SEM toren is de skyline van Tienen wel wat armer geworden. Doch niet getreurd onze twee oude wachters, de stoere Sint-Germanus toren en de slanke Onze-Lieve-Vrouw-ten Poel toren staan er nog steeds om u te begroeten als u Tienen zult binnenrijden.
Bijlagen
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

2.9 Keizerlijke telgen van Oostenrijkse bloede (2)

Even traditioneel is de contradictie tussen de regering van Maria-Theresia en die van haar zoon Jozef II (1780-1789), waarbij het onder de keizerin verzette hervormingswerk vaak onderschat wordt. Na de dood van haar echtgenoot in 1765 benoemde Maria-Theresia haar oudste zoon Jozef tot keizer-mederegent.  Omdat zijzelf de touwtjes strak in handen hield en hij stond te trappelen om verdere vernieuwing door te voeren, leidde dit meermaals tot onenigheid tussen moeder en zoon. Toen Jozef II de macht volledig in handen kreeg, voerde hij zeer tegen de zin van zijn ministers en raadslieden, een aantal verregaande hervormingen door. Als volwaardig verlichtdespoot voerde hij het geluk en welzijn van zijn onderdanen in zijn vaandel, zonder echter het spijzen van de staatskas en de daarmee gepaard gaande gebiedsuitbreiding uit het oog te verliezen. Hierdoor moest hij een aantal maatregelen treffen die niet steeds in goede aarde vielen. Deze politiek was ook in Tienen voelbaar. Het edict op de afschaffing van de ‘onnutte kloosters’ van 17 maart 1783 en het decreet op de begraafplaatsen van 24 juni 1784, met het expliciete verbod om nog langer in het centrum van de stad te begraven, hadden de meest verstrekkende gevolgen. Toch was Jozef II een zeer gedreven bestuurder die oprecht begaan was met het lot van zijn onderdanen en zich intens informeerde over wat er in zijn erflanden en de rest van Europa leefde. In 1781 bezocht hij de Nederlanden om zich ter plaatse van de situatie te vergewissen. Op 21 juli bracht hij een bliksembezoek aan Tienen, waar hij In het hotel ‘het Groot Hert’ (foto links) op een ongedwongen wijze de magistraat te woord stond. Het bezoek nam niet meer dan twee uur in beslag, maar was voldoende om de Tiense gezagsvoerders van de positieve instelling van de vorst te overtuigen. Zijn bewind zou echter een andere indruk nalaten .

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

2.9 Keizerlijke telgen van Oostenrijkse bloede (1)

Ook in de 18de eeuw beïnvloedden internationale conflicten het plaatselijke politieke leven. Toen Maria-Theresia (1740-1780) (foto links) in 1740 haar vader Karel VI opvolgde, kreeg zij af te rekenen met een coalitie van Europese vorsten die haar de opvolging betwistten. Dit resulteerde in de Oostenrijkse Successieoorlog. Met de steun van Engeland en van haar Hongaarse onderdanen wist zij de schade te beperken en de macht te behouden. In 1745 liet zij haar man Frans I tot keizer verkiezen, waardoor zij keizerin werd. Na de Zevenjarige Oorlog (1756-1763), waarin de vorstin met de hulp van haar vroegere vijand Frankrijk verloren gebieden probeerde te recupereren, legde zij zich voornamelijk toe op de politieke en bestuurlijke organisatie van haar erflanden. Zij verbeterde het rechtswezen en het onderwijssysteem en beknotte de autonomie van de kerk en het gezag van Rome. Traditioneel wordt de aanvang van de regeringsperiode van Maria-Theresia gezien als een periode van voorspoed en economische herleving. Toch was niet alles rozengeur en maneschijn. De frequente inkwartiering van eigen en vreemde troepen dwongen de overheid tot onpopulaire maatregelen die de lasten op de inwoners verzwaarden en tevens de kiemen legden voor een nieuwe opstand.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

2.8 Een burenruzie met gevolgen (1)

Vanaf 1697 raakte Europa vrijwel volledig in de ban van de Spaanse successiekwestie. Na de dood van de laatste Spaanse Habsburger, Karel II, ontstond er een hardnekkige politieke twist met de Spaanse troon als inzet. Filips van Anjou, kleinzoon van de Franse koning Lodewijk XIV, en Karel, zoon van keizer Leopold I van Oostenrijk, pretendeerden de opvolging. Aanvankelijk werd de zeventienjarige Filips als nieuwe koning van Spanje naar voren geschoven. Omdat hierdoor een te sterke machtsconcentratie in Franse handen tot stand kwam, verklaarde Leopold I bijgestaan door Engeland en de Verenigde Provincies de oorlog aan het Frans-Spaanse blok. Deze oorlog werd grotendeels in onze gewesten uitgevochten. Om problemen te voorkomen, herstelden de Tienenaars in 1704 de omheining die op bevel van de Fransen gedeeltelijk was ontmanteld. Dit zou echter niet baten. In 1705 hadden de Frans-Spaanse troepen zich verschanst achter de Getelinie. Generaal Marlborough (foto links)  wist nabij het dorpje Wange een doorbraak te forceren en nam vervolgens zonder veel moeite Tienen in. Op 2 april brandde de oude Gareelmakerijstraat vrijwel volledig af. Vanuit Tienen vertrokken de geallieerde troepen naar het Waals-Brabantse Ramillies waar zij de Fransen op 23 mei 1706 een beslissende nederlaag toebrachten. Brabant en Vlaanderen werden hierdoor definitief aan de Frans-Spaanse heerschappij onttrokken en aan de Duitse partij toegewezen. Ondertussen zag het ernaar uit dat Karel zijn oudere broer Jozef I ging opvolgen in de Oostenrijkse erflanden. Om een te grote machtsontplooiing langs Oostenrijkse zijde te voorkomen, werden de veroverde Zuid-Nederlandse gebieden tot in 1713 bestuurd door een Engels-Hollands condominium. Bij de vredesonderhandelingen te Utrecht kwamen de grote mogendheden in 1713 uiteindelijk tot een vergelijk. De Zuidelijke Nederlanden gingen naar de Oostenrijkse Habsburger Karel, die als Karel VI (1713-1740)  de keizerlijke troon besteeg. Dit betekende voor onze gewesten de aanvang van de Oostenrijkse periode.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 21:07 Reageer op dit bericht Stuur door

2.8 Een burenruzie met gevolgen (2)

Na het verdrag van Munster was de oorlogstoestand nog niet volledig van de baan. De Nederlanden vormden voor Spanje immers het uitgelezen terrein om Frankrijk langs noordelijke zijde te bekampen en de aartsvijand in de tang te nemen. Het groeiende Franse imperialisme was tevens een doorn in het oog van de andere West-Europese mogendheden. Om de toenemende internationale invloed van Frankrijk te beknotten, schaarden Engeland en de Verenigde Provinciën zich aan de zijde van Spanje. Andermaal werd dit internationale conflict in Tienen uitgevochten. Ook het omringende platteland had sterk te lijden onder constante troepenbewegingen en opeenvolgende schermutselingen. Eén van de beroemdste veldslagen uit deze periode is wel de slag bij Neerwinden in 1693 (foto links), waar eens te meer de superioriteit van de Fransen troepen werd bevestigd.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 07:24 Reageer op dit bericht Stuur door

Pensioenliejke (Pensioenliedje)

Ook nu weer vergeten we de ludieke noot niet.
In de volgende bijdrage treden "De Tiense Straatmuzikanten" nogmaals op, doch nu zeer specifiek van alle senioren waarvan de meesten wel gepensioneerd zullen zijn.

Zij zingen het "Pensioenliejke" als een parodie op "Nine Million Bicycles" van Kate Malua.
Het is één van mijn favoriete liedjes omdat de tekst zoveel diepgang heeft. Daarom probeer ik ook nu weer de tekst te vertalen, zodat jullie alles goed kunnen begrijpen.

Pensioenliedje
Er zijn duizenden mensen gepensioneerd.
Dat is een feit.
Dat hebben ze mij voor waarheid gezegd.
En ik ben daar zelf nu ook aangekomen.

Ik heb heel veel in vriendschap geïnvesteerd.
Dat is een feit.
Ik heb heel wat laten liggen.
En ik zou liegen als ik zeggen zou dat ik er spijt van heb.

Ik heb het graag gedaan. (de zanger is een gepensioneerde leraar)
met mijn hart en met mijn ziel.
Het is zeer snel gegaan
Het was veel meer, veel meer, als een stiel

Ik heb veel van mijn leerlingen geleerd.
Eerst en vooral over.
wat ik denk dat ik weet.
en steekt af en toe eens iets in een nieuw kleed.

Het is voorbij gevlogen
Het is nu tijd om te stoppen
Want  alleen voor het geld is het toch, is het toch, ook niet meer.

Er zijn duizenden mensen gepensioneerd.
Dat is een feit.
Dat hebben ze mij voor waarheid gezegd.
En ik ben daar zelf nu ook aangekomen.

En ik ben daar zelf nu ook aangekomen.
En ik ben, maar dat heb ik al gezegd.
Bijlagen
Hoe vind je dit bericht? 7 stemmen
Geschreven door jcob1374 om 05:13 Reageer op dit bericht Stuur door

Nog enkele oude postkaarten van Tienen rond 1900.

De stadskern van Tienen, meer dan 100 jaar geleden verschilt niet erg veel van het hedendaagse Tienen.
Het stratenbeeld is nagenoeg hetzelfde, vele huizen  op de postkaarten zijn weinig veranderd en zijn dus ook nu nog goed te herkennen.

Op de foto hiernaast kunt u het station van Tienen zien zoals het een eeuw geleden eruit zag.  Ook nu ziet het station er nagenoeg hetzelfde uit, enkel het centrale torentje is verdwenen. Tienen heeft  één van de oudste stationsgebouwen van ons land.. Het station verkeerd nog nagenoeg volledig in haar originele toestand.  Het station van Tienen werd gebouwd in 1842 in Neo-Romaanse stijl, slechts zes jaar nadat de eerste trein op het Europese vasteland reed van Brussel naar Mechelen.

In bijlage twee PPS bestanden waarvoor u "PowerPoint" of "PowerPointViewer" nodig hebt om ze te kunnen bekijken.
Bijlagen
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Het wapenschild van de stad Tienen

In het wapenschild (foto links) van de stad Tienen staan twee schapen op de achterpoten aan weerszijden van een banier met de stadskleuren (wit en blauw). Enkel de kleur wit en blauw kon in de Middeleeuwen goedkoop geproduceerd worden. De schapen leverden de wol voor de vervaardiging van het laken. Dit laken kon uitgevoerd worden en bracht rijkdom in de stad.

"De Tiense Straatmuzikanten" bezingen in hun lied de "Tinse Kwêêkers" dit wapenschild.
In hetzelfde lied bezingen zij ook hoe de Tienenaars aan hun spotnaam "Kwêêkers" zijn geraakt.
Langs de volgende link kunt u hun lied beluisteren.

http://detiensestraatmuzikanten.hetklikt.be/liedjes/liedjeszingen10.html

Omdat het Tiens dialect niet voor iedereen even toegankelijk is, heb ik een poging gedaan om het lied te vertalen. Ik hoop dat mijn poging gelukt is en dat jullie de inhoud van de tekst zullen begrijpen.

Tinse Kwêêkers

(Tiense kwakers)

Minse vàn d'Ardènne tot àn de zieë

(Mensen van de Ardennen tot aan de zee)

laastert gélle noo ne kieë!

(luister jullie nu een keer)

De Tîenenéërs dà zén schoopekoppe,

(De Tienenaars, dat zijn schapenkoppen,)

doveur moet g' ins oan gon kloppe

(daarom moet je een aan gaan kloppen)

bé ons steidelèk woopeschild!

(bij ons stedelijke wapenschild!)

In de Slag và Woewringe

(In de slag bij Woeringen)

kwàmpe de Tîenenéërs in de geunst

(kwam de Tienenaar in de gunst)

vàn Hèrtog Jàn den Ieëste

(van hertog Jan de eerste)

dank zêê heun kraasbougsch'atterskeunst

            (dank zij hun kruisboog schieterskunst)

Den Hèrtog wàs verschrikkelèk mild

(De hertog was verschrikkelijk mild)

èn gaaf ons dus dà woopeschild ...

(en jaf ons dus dit wapenschild…)

bé twieë rechtstoënde schoope ...

(met twee rechtopstaande schapen…)

Vwalla, noo koent g'oep twieë oeëre gon sloope.

(Zie hier, nu kunnen jullie op twee oren slapen.

Refrèèn  

(Refrein)

Wélle zén twieë èchte Tinse Kwèèkers,

(Wij zijn twee echte kwakers)

wêê ons ni kan zîen, zeit: dà zén zèèkers!

(ons niet kan zien, zegt: dan zijn zeikers!

Mà bé e békke simpathîe

(Maar met een beetje sympathie)

komt ter vànzèlleves harmonîe...

(komt er vanzelf harmonie…)

èn saaikermànne, dà komt vàn d'industrîe.

(en suikermannen die komen van de industrie)

Mà ge vroogt oech ieëst messchins nog àf,

(Maar u vraagt zich misschien af,)

verwà noo schoope, verwà gin wolleve?

(waarom nu schepen, waarom geen wolven?)

Và ne wollef heit e schoop allieën mar de wol ...

(Van een wolf heeft een schaap alleen maar de wol…)

mà wàd ich noo vertél, dàd és mar brol ...

(maar wat ik nu vertel, dat is maar brol…)

Ge moet wieëte: an deis kànte,

(U moet weten: in deze streken,)

in de middelieëfsen têêd,

(in de middeleeuwen,

wéëre wolbedrêêven èn laakemaakers

(waren wolwevers en lakenmakers)

tààmelèk fél versprêêd ...

(tamelijk verspreid…..)

Doë moete dêê bisjkes oech doewn an pààze

(Daar moeten deze beestjes u aan doen denken)

Schoope koennen och wél blèète,

(Schapen kunnen ook wel blaten,)

mà de spotnààm "Tinse Kwèèker"

(maar de spotnaam “Tiense Kwaker”)

komt vàn 'n hiël ànder bieëst èn

(komt van een heel ander dier en)

heit te màake bé den Hêêlegen Gieëst!     

(te maken met de Heilige Geest!)

Was't in Ten Poewl of in Sint Germàànus?  

(was het in Ten Poel of Sint-Germanus?)

't makt nid aat wa doë vàn oan és

(het maakt niet uit, wat daar van aan is)

In îeder gevàl, bé 't Sinksefieëst loste z'heun daaf

(In ieder geval, bij het feest van Pinksteren lieten zijn een druif vrij)

- simboul vàn den Hêêlegen Gieëst –

(symbool van de Heilige Geest)

Uiver de kop và menieër pestoeër

            (over het hoofd van mijnheer pastoor)

vàn oep 't daksoal tot in het koeër ...

            (van op het doksaal tot in het koor…)

Ma soems gebuire ter keriuize dinge:

            (maar soms gebeuren er curieuze dingen:)

dà joër koste ze gi daîfke vinge ...

            (dat jaar konden zij geen duif vinden…)

De k'aster zén vràà zei: pakt 'n èng

            (De vrouw van de koster zegde: neem een eend)

in den hof thaas néffe, bé ons tèng.

            (in de tuin naast thuis bij onze tante.)

Het bisjke wédden ingeschaakeld

            (Het beestje werd ingeschakeld)

èn 't hei mich ewa àfgekaakeld!

            ( en het heeft wat af gekakeld)

In den "Etoile de Belge" vàn 1880

            (In de “Etoile de Belge” van 1880)

léës ich dàn nog - O God Allemachtig –

            (lees ik dan ook nog  - o God Almachtig -

dàt de k'aster zén vràà het hàà gevoenge –

            (dat de vrouw van de koster het had gevonden)

het simboul vàn de vujrige toenge.

            (het symbool van de vurige tongen)

Ze staak katoewnplaas in de fik

            (Zij stak katoenpluis in brand)

èn smeit dà no beneie zonder éllentrik ...

            (en smeet dat naar beneden zonder elektriciteit…)

èn mieënige vwàlle vàn ne kommujnekànt,

            (hierdoor vloog de voile)

vloug zoeë fieëstelèk in brànd.

            (van menig communicant in brand)

En bé dà sout simboule

            (En met dit soort symbolen)

hèmme ze dus mar oepg'houve.

            (hebben ze dus maar opgehouden)

Wit gélle het noo, 'zieëveréërs èn zèèkers',

            (Weten jullie het nu, zeveraars en zeikers)

Tîenenéërs zén: 'Tinse Kwèèkers!!!!'

            (Tienenaars zijn “Tins Kwèèkers!!!!)


Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Bekende Tienenaars

Tienen heeft heel wat bekende Vlamingen in haar rangen zoals:
1. Tony Corsari,
Deze  legendarische televisiefiguur uit de jaren zestig woont nog steeds in Tienen.
Hij zong in die tijd ook het bekende liedje "Waarom zijn de bananen krom?"
In het volgende filmpje kunt u het liedje nog eens beluisteren.

http://www.youtube.com/watch?v=fp6WQLcW36I&feature=related

Hierna nog filmpje met een recent interview met de maestro.

http://www.youtube.com/watch?v=yIVFEvD4fuw

2. Ben Crabbé
Is sinds jaren de presentator van het populaire programma "Blokken" op VRT1.
Daarnaast is hij de drummer van de bekende pop groep "De Kreuners"
Hierna een kort filmpje van de fratsen die hij geregeld uithaalt op de televisie.

http://www.youtube.com/watch?v=KlcY1_xDtok

Ben is van geboorte een Tienenaar doch woont momenteel in Leuven.
Wat hem niet belet voortdurend de stad Tienen in het zonnetje te zetten op TV.

3. Johny Voners
Deze zeer gekende acteur die al jaren de rol van Xavier speelt  in de populaire reeks over een café voetbalploeg met bar slechte resultaten is ook geboren in Tienen doch woont er niet meer.
Hierna een kort filmfragmentje uit "de Kampioenen"

http://www.youtube.com/watch?v=uTjmsGbfPjg

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

2.7 Tienen, 1635

Twee machtsblokken begonnen zich af te tekenen. In het Zuiden volgde de jongere broer van Filips IV, de kardinaal-infant Ferdinand (foto links), zijn oude tante Isabella op als landvoogd. Ondertussen werd in het Noorden toenadering gezocht tot Frankrijk als nieuwe bondgenoot tegen de Spaanse monarchie. Het verdrag tussen Frankrijk en de Verenigde Provinciën resulteerde uiteindelijk in de invasie van de Zuidelijke Nederlanden. Vanuit de ontmoetingsplaats nabij Maastricht zette het 60.000 man sterke geallieerde leger de veldtocht in. De troepen van de kardinaal-infant verschansten zich achtereenvolgens achter de Gete en de Dijle, om zich vervolgens op de hoofdstad Brussel terug te plooien.

Op 7 en 8 juni werd het Frans-Hollandse leger met de prins van Oranje aan het hoofd in de onmiddellijke omgeving van Tienen gesignaleerd. Frederik-Hendrik, die van Franse zijde werd bijgestaan door de maarschalken de Châtillon en de Brézé, vestigde zijn hoofdkwartier in de abdij van Opheylissem van waaruit hij de militaire acties tegen de stad leidde. Op zaterdag 9 juni werd Tienen zonder veel weerstand ingenomen. De inwoners werden gemolesteerd en gevangen genomen. De stad werd totaal leeggeplunderd en uiteindelijk op 10 juni in brand gestoken. De ravage die de Frans-Staatse troepen achterlieten, was nefast en het zou decennia duren alvorens de stad zich wist te herstellen. Bovendien had Tienen in de daarop volgende jaren herhaaldelijk af te rekenen met militaire raids vanuit Maastricht. In 1636, 1641 en 1646 werd de stad telkens opnieuw ingenomen en gebrandschat. Tot overmaat van ramp brak ook nog de pest uit. Voor het Frans-Hollandse leger zou dit débacle eveneens verregaande gevolgen hebben. Tijdens de brand ging immers het grootste deel van de in Tienen verzamelde graanvoorraden in vlammen op. Hierdoor verloor het invasieleger de mogelijkheid om aan proviand te raken en werd de verdere opmars ernstig in het gedrang gebracht. Noodgedwongen moesten de Frans-Hollandse troepen het beleg van Leuven staken. Zo keerde het tij ten gunste van het leger der Spaanse Nederlanden.

De wisselende successen en de complete oorlogsmoeheid resulteerden uiteindelijk in een vredesovereenkomst. Spanje en de Verenigde Provinciën stelden op 30 januari 1648 te Munster een einde aan een conflict dat tachtig jaar geduurd had.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

2.7 Tienen, 1635

In de twintiger jaren van de 17de eeuw deden zich echter een aantal politieke verschuivingen voor die een belangrijke weerslag zouden hebben op het verdere verloop van de geschiedenis der Nederlanden. Ook in Tienen waren de gevolgen niet te overzien.

Onder Filips IV (1621-1665) (foto links) in Spanje en Lodewijk XIII in Frankrijk, kreeg het vorstelijk absolutisme  vaste vorm. Beide vorsten consolideerden hun machtspositie steeds nadrukkelijker binnen de internationale krachtlijnen. Deze politieke ontwikkeling zou verstrekkende gevolgen hebben voor de rest van Europa.

Na de kinderloze dood van aartshertog Albrecht in 1621 keerden de Zuidelijke Nederlanden naar de Spaanse monarchie terug. In het Noorden volgde Frederik-Hendrik in 1625 zijn oudere broer Maurits op. Aanvankelijk werden er in beide kampen pogingen ondernomen tot een verlenging van het bestand. De onderhandelingen zouden echter op niets uitlopen. Met het mislukken van deze besprekingen werd in 1633 de laatste fase van de Tachtigjarige Oorlog ingezet.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

2.5 Keizer Karel en de zijnen

Omdat Maximiliaan sinds de dood van zijn eigen vader, Frederik III, te zeer begaan was met het Duitse Rijk en de keizerskroon, liet hij zich in de Nederlanden bijstaan door een landvoogd. Tot in 1515 werd de voogdij waargenomen door Karels tante, Margaretha van Oostenrijk.

Gedurende deze periode kreeg het sterk gecentraliseerde Habsburgse wereldrijk vorm. Toch probeerden plaatselijke heren van de herhaalde machtsverschuivingen gebruik te maken om tegen het centrale gezag te revolteren. In september 1507 had Tienen zwaar te lijden onder de opstand van Gelderland. Dit voorval lag aan de basis van het plan om een beter verdedigbare omheining aan te leggen. Na zijn meerderjarigverklaring nam de vijftienjarige Karel (1515-1555) het bewind over de Nederlanden op zich. In 1516 werd hij als Karel I tot koning van Spanje en zijn aanhorigheden gekroond. Hierbij hoorden ook de nieuw verworven overzeese koloniën. Na de dood van zijn grootvader, Maximiliaan van Oostenrijk, stelde hij zich in 1519 kandidaat voor de Duitse troon en het keizersschap. Zijn grootste rivaal, de Franse koning Frans I, wist hij handig buiten spel te zetten. Hierdoor werden de kiemen gelegd voor een eeuwenlange vete met verstrekkende gevolgen voor de toekomst. In 1520 werd hij als Karel V tot keizer gekroond. Tienen zou in de daaropvolgende decennia trouw haar vorst bijstaan in zijn oorlogen tegen de Franse aartsvijand.

Margaretha van Oostenrijk, die na het vertrek van Karel naar Spanje in 1517, de belangen van de Nederlanden opnieuw behartigde, probeerde een vredespolitiek te voeren. Via enkele verdragen wist zij de prins-bisschop van Luik aan haar zijde wist te scharen wat resulteerde in een tijdelijke adempauze voor de inwoners van de grensstad Tienen. Tot een wapenstilstand met Gelderland kwam het echter niet. Bij het overlijden van de landvoogdes in 1530 hadden de stellingen van Luther in de Nederlanden algemene ingang verworven. Daarnaast groeide de ontevredenheid betreffende het binnenlandse en buitenlandse beleid van de keizer. Verregaande financiële inspanningen voor de aanhoudende oorlogen, een doorgedreven centralisatiepolitiek en een strakke houding tegenover de reformatie vormden een prima voedingsbodem voor de daaropvolgende malaise.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 10:34 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van Bezoek Tienen 09/12/2010

↑ Terug naar de berichten