Naar de inhoud

Bezoek Tienen 09/12/2010

Welkom op 9 december 2010
seniorennet.beseniorennet.be
in de zoetste stad van het ganse land.

Oude postkaarten (2)

Nog een reeks oude postkaarten hoe Tienen eruit zag midden vorige eeuw.

Als begeleiding zingen "De Tiense Straatmuzikanten "Mè vowader és nen Tienenejer"
(Mijn vaders was een Tienenaar)
Bijlagen
Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Stuur door Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

8. De geschiedenis van de suiker - Riet of biet?

Onder keizer Napoleon werden in ons land de eerste bietsuikerfabrieken gebouwd. Maar het duurde nog tot 1848 vóór de bietsuiker echt doorbrak. In dat jaar werd namelijk de slavernij afgeschaft . De suikerrietplantages verloren op slag hun gratis arbeidskrachten en de prijs van de rietsuiker schoot pijlsnel de hoogte in. Hierdoor werd de bietsuikerproductie meteen zeer rendabel.

Sinds die tijd volgden de technische verbeteringen in de productie elkaar in hoog tempo op. De productie-eenheden werden steeds groter en de bietenteelt leverde steeds meer en betere grondstoffen op. In onze landen is de bietsuiker sindsdien de zoete smaakmaker gebleven.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

7. De geschiedenis van de suiker - Bieten voor de keizer

De Franse revolutie en de veldslagen van Napoleon Bonaparte waren niet bevorderlijk voor de handel in Europa. Tijdens de Continentale Blokkade onder Napoleon, in 1806, viel de Europese handel in rietsuiker helemaal stil. Vooral de Fransen vonden dat niet prettig. Het was dus tijd voor een alternatief.
In 1747, was Andreas Margraff, een Duitse chemicus, er al in geslaagd suiker te produceren uit bietensap. Veertig jaar later ging zijn leerling, Karl Achard, nog een stap verder. Hij verbeterde de bietencultuur en zette in 1802 een eerste experimentele suikerfabriek op. De resultaten waren uitstekend en weldra verrezen in Duitsland de eerste echte fabrieken voor de verwerking van suikerbieten.

De Fransen namen het procédé al gauw over en het gemor in Parijs verstomde. Keizer Napoleon haalde opgelucht adem en gaf de landbouwers in zijn rijk het bevel ettelijke duizenden hectaren landbouwgrond voor suikerbietenteelt aan te wenden. Maar toen keerde de rietsuiker terug…

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

6. De geschiedenis van de suiker - Suiker verovert de wereld

Na zijn ontdekking van Amerika maakte Christoffel Columbus verscheidene reizen heen en weer tussen Spanje en de Nieuwe Wereld. Omdat hij op zijn Caraïbische eilanden graag ook beschikking had over suiker, introduceerde hij al tijdens zijn tweede reis het suikerriet op San Domingo. Dat was het begin van een bloeiende suikerrietteelt in alle Spaanse, Portugese, Engelse en Franse kolonies in Noord- en Zuid-Amerika.

Tegelijk startten de Nederlandse kolonisten een intensieve suikerrietteelt op Indonesië en diverse eilanden in de Stille Oceaan. De wereldreis van het suiker eindigde met de introductie van het suikerriet op de Filippijnen, Hawaï en in Oceanië.

Tot in het begin van de 19de eeuw probeerden alle Europese landen aan de binnenlandse vraag naar suiker te voldoen met de opbrengst uit hun koloniën. En dankzij de vlotte aanvoer werd suiker een alledaagse lekkernij. Maar toen wierp Napoleon Bonaparte zijn schaduw over Europa…

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

5. De geschiedenis van de suiker - Europese suikersteden

In de middeleeuwen was suiker een belangrijke koopwaar. Eerst zorgde Venetië voor de bevoorrading vanuit landen in het Nabije Oosten en Oost-Indië. Zo groeide deze stad uit tot het Europese centrum van de suikerhandel én bereiding. Maar tegen het einde van de middeleeuwen was Lissabon al tot de nieuwe suikerhoofdstad van Europa uitgegroeid. 

In Noord-Europa was Brugge lange tijd de aanvoerhaven van de suiker, maar toen het Zwin verzandde, nam Antwerpen die rol over. Tijdens de godsdienstoorlogen verhuisde de suikerhandel en productie dan weer naar Amsterdam. De handel in deze stad ondervond echter veel hinder van de maritieme conflicten tussen de Nederlanders en de Engelsen, waardoor Amsterdam zijn overwicht snel verloor. Maar de suiker zelf stond toen op het punt de wereld te veroveren…

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Oude postkaarten (1)

Nog een reeks oude postkaarten van Tienen zoals de stad er aan het begin van de 20ste eeuw uitzag.

Rond 1900 kwam de fotografie meer en meer bereikbaar voor de gewone sterveling.
Het was de gewoonte rond de eeuwwisseling om verschillende stadsgezichten te fotograferen en van deze foto's  postkaarten te maken. Deze postkaarten konden aan de toeristen verkocht worden om een berichtje naar het thuisfront te sturen.

Nu vormen deze oude postkaarten voor ons een schat aan informatie.
Ze brengen heel wat gebouwen en stadsgezichten die nu ofwel verdwenen of wel zwaar gerenoveerd zijn opnieuw tot leven .

In bijlage een "wmv" bestand met enkele postkaarten met een begeleidend een muziekje van "De Tiense Straatmuzikanten. Om dit audio bestand te kunnen bekijken en te beluisteren dienen jullie wel "Windows Media Player" of een gelijkaardig programma op de PC geïnstalleerd hebben staan.
Bijlagen
Hoe vind je dit bericht? 7 stemmen
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

4. De geschiedenis van de suiker - Karamel, kalk en kruisvaarten

In de 7de eeuw veroverden de Arabieren Perzië en viel de hele suikerrietteelt en suikerhandel in hun handen. Zij exporteerden meteen het suikerriet naar Egypte, Rhodos, Noord-Afrika, Zuid-Spanje en Cyprus.

Arabische zoetekauwen ontdekten al gauw hoe zij de suikerstroop konden zuiveren. Zo ontstond een donkerbruin, kleverig product dat zij Khurat al Milh noemden. Deze naam leeft nog voort in ons woord ‘karamel’.

Maar daar bleef het niet bij. De Egyptenaren gingen nog een stapje verder en gebruikten kalk om de suikerstroop te zuiveren. Zo bleef suiker eeuwenlang een strikt Arabische specialiteit, tot de kruisvaarders arriveerden… Via die middeleeuwse vechtjassen belandde de suiker ook in Europa, waar het aanvankelijk enkel bij de apotheker werd verkocht tegen duizelingwekkend hoge prijzen.

Europeanen bedachten allerlei koosnaampjes voor de verschillende suikervariëteiten. Zij hadden het over suiker in brood, suiker in steen, rotssuiker, sucre caffetin, casson, muskarraatsuiker, kandij, suiker uit Barbarije, Madeirasuiker en Crac uit Montréal. En de kooplui? Die sloegen munt uit al dat zoets.

De termen ‘Suiker in brood’ of ‘suiker in steen’ verwijzen allebei naar geraffineerde suiker die in kegelvorm is gegoten en heel sterk lijkt op wat suikerproducenten vandaag nog steeds ‘suikerbrood’ noemen. Een suikerbrood heeft traditioneel een afgeronde top en is veelal ongeveer een halve meter hoog. Het suikerbrood van suikerproducenten is dus niet te verwarren met een uit suiker, eieren en bloem gebakken brood.

Caffetin-suiker ontleende zijn naam aan de Genuese kolonie Caffa. Deze suiker werd in palmbladen gewikkeld die in het Arabisch ‘Caffa’ worden genoemd.

Sucre casson is een broze, makkelijk te verpulveren suiker. Wanneer deze suiker helemaal is verpulverd, spreken wij van crac, de voorloper van de moderne poedersuiker.

Muskaraatsuiker is suiker die met muskus is geparfumeerd. De naam is van Arabische oorsprong.

 Kandijsuiker is samengesteld uit grotere kristallen dan gewone witte suiker. Op het einde van de 15de eeuw moest een goede apotheker minstens vijf soorten kandij in voorraad hebben: gewone kandij en kandij geparfumeerd met rozen, viooltjes, citroen of aalbessen.

Suiker uit Barbarije werd uit Marokko en Tunesië naar Brugge aangevoerd.

Madeirasuiker kwam uit Portugal

Crac uit Montréal werd in een Syrische stad aan de Dode Zee bereid.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

3. De geschiedenis van de suiker - De Persische connectie

Omstreeks 510 vóór Christus vielen de Perzen India binnen. Zij leerden er de Indische sarkara kennen en besloten meteen zelf suikerriet te gaan verbouwen aan de oostkust van de Middellandse Zee. Dat werd een enorm succes. Alle volkeren in het Midden-Oosten raakten meteen verlekkerd op de Perzische suiker. De Perzen, die altijd al een neus voor zaken hadden, monopoliseerden onmiddellijk de suikerrietteelt en eigenden zich het alleenrecht toe op de suikerhandel.

Maar op de schepen en karavanen die de suiker tot bij de kopers brachten, werd ook al eens een suikerrietplant meegesmokkeld. En weldra werd de suikerstengel verbouwd van de Indus vallei tot de Zwarte Zee en van de Perzische Golf tot aan de grenzen van de Sahara.

Omstreeks het jaar 600 slaagden de Perzen erin de suiker kristallisatie aanzienlijk te verbeteren. Zij goten de vloeibare massa in kegelvormige dozen en zo ontstond het zogeheten suikerbrood. De Perzen noemden het Tabarseth. Dat gaf hen weer een voorsprong op de concurrentie. Maar niet voor lang…

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

2. De geschiedenis van de suiker - Sarkara

Het gebeurde in Melanesië, een eilandengroep ten noordoosten van Australië. Zo’n 10.000 jaar geleden gingen de mensen er zich interesseren voor een rietachtige zoete plant, het suikerriet. Geregeld plukten ze een stengel om er genoeglijk op te kauwen. Al gauw dook er ook suikerriet op in China. Even later bleek deze plant in heel Zuidoost Azië te woekeren als onkruid.

Hoe ze erbij kwamen, weet niemand, maar op een dag besloten de Hindoes rietstengels uit te persen en te koken. Zo ontstond er een zoete massa die ze lieten uitkristalliseren. Dit product noemden ze sarkara. Uit deze Sanskriet stam hebben nagenoeg alle talen ter wereld hun woord voor suiker afgeleid.

De Hindoes ontdekten zij dat vruchten heel lang in sarkara konden worden bewaard. Hiermee legden zij de basis voor onze jam. Maar toen kregen de Perzen lucht van al dat zoets bij hun oosterburen…

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

1. De geschiedenis van de suiker - De goddelijke dauw

Mensen onderscheiden slechts vier basis smaken: zoet, zuur, zout en bitter. Maar wij worden allemaal geboren met een uitgesproken voorkeur voor wat zoet is. Logisch dus dat onze voorouders in de prehistorie al gingen experimenteren met zoete planten en vruchten. Toen zij de honing ontdekten, konden zij hun geluk niet op. Ook al ging de oogst vaak gepaard met venijnige bijensteken.

Bij de oude Grieken werd honing het basisingrediënt voor zoete gerechten en dranken Het was wellicht onder invloed van de licht alcoholische hydromel dat de dichters uit de oudheid de honing bezongen als ‘goddelijke dauw’ of ‘straling der sterren’.

Honing had echter één groot nadeel: het was een schaars product. Bijgevolg was het ook duur. Een halve liter honing kostte in het oude Athene even veel als een schaap. Het lag dus voor de hand dat de mens op zoek zou gaan naar een alternatief. Dat werd sarkara…

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door jcob1374 om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

Tienen en zijn bestuurders

Tienen heeft meer dan 100 jaar een onafgebroken liberaal bewind gekend. De stad werd meer dan een eeuw beheerd en bestuurd door de suikerbaronnen van de suikerfabriek.

Tot in het midden van de twintigste eeuw was de liberale partij oppermachtig in Tienen. Van enige oppositie was er toen nauwelijks sprake. De suikerfabriek gaf en nam. In ruil voor loyaliteit  zorgde de fabriek niet alleen voor zijn personeel, doch ook familie en kennissen genoten van de gunsten van de fabriek indien men zich achter de visie van de suikerbaronnen  schaarde.

De fabriek had reeds voor de tweede oorlog eigen vakantiehuizen aan zee waar haar loyaal personeel en hun familie naar toe konden. De suikerfabriek zorgde voor ontspanning en cultuur vooral dan in de zaal “Het Patronaat” in de Beaudiunstraat (=straat die het stadscentrum met de suikerfabriek verbind en vroeger de Lange straat genoemd werd).

De invloed van de fabriek op de bevolking was tin die dagen enorm. In cafés van de andere (socialistische of katholieke strekking) gezien worden stond gelijk met een doodzonde en zette direct heel wat voorrechten op de helling.

In de jaren zestig werd de bevolking mondiger en verloor de fabriek geleidelijk aan haar invloed op stad en haar bevolking. Het stadsbestuur veranderde van een liberaal gingen we naar een socialistisch bewind. En dit tot op de dag van vandaag, met slecht één kort liberaal intermezzo rond de millenniumwisseling.

Momenteel is de suikerfabriek een bedrijf zoals een ander en heeft nog erg weinig invloed op het stadsbestuur en op de Tienenaars.

In bijlage een "pdf" met de leden van het huidig Schepencollege met telkens hun naam, hun strekking en hun bevoegdheden.

Bijlagen
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Tienen en zijn bevolking

Net zoals de meeste stedelijke kernen kende Tienen in de periode 1981 – 1991 een  achteruitgang in de bevolking  Deze terugloop van de bevolking deed zich echter ook voor in de onmiddellijke omgeving van Tienen (Hageland en Haspengouw).

De gemeenten ten zuiden en ten oosten van Leuven kenden in die periode wel een omvangrijke bevolkingsaangroei.
Deze suburbanisatiegolf zette zich verder in de periode 1992 – 1997 en dit vooral  in oostelijke richting en in de richting van Waals-Brabant .

Sinds 2000 kenden de meeste stedelijke kernen een lichte aangroei van de bevolking, een tendens die zich echter merkelijk minder voordeed in Tienen. Tienen kende een lichte stijging van de  bevolking toch minder dan in de andere centrumsteden van de regio.
Dit fenomeen kan tekenend zijn voor het (vooralsnog) ontbreken van een betekenisvolle centrumfunctie van Tienen voor de omliggende regio.

Tienen kampt met een snel verouderende bevolking zoals blijkt uit de bevolkingspiramide in bijlage. De basis (0 - 15 jaar) van de piramide (zie eerste bijlage) wordt wel erg smal en zal naar de toekomst toe problematisch kunnen worden.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

'T leëve es zoeë schoeën

Ook vandaag weer brengen "De Tiense Straatmuzikanten" wat leute op de blog.

Zij zingen een liedje over hoe mooi het toch wel leven is.


De titel  van hun lied in het Tiense dialect  is "'T leëve es zoeë schoeën" op de muziek van de bekende Italiaanse film "La vita è bella"

Nog even in de marge het verhaal van de film "la vita è bella"

Toscane, 1939. De joodse Italiaan Guido Benigni is een grenzeloze optimist met grote dromen. Op zoek naar liefde en fortuin sluit hij zijn ogen voor het groeiende fascisme en anti-semitisme in zijn land. Vijf jaar later wordt Guido met zijn vrouw Dora en hun zoontje gedeporteerd naar een concentratiekamp. Om de gruwelen draaglijk te maken, hangt Guido de clown uit. Hij maakt zijn zoontje wijs dat het kampleven een ingenieus spel voor volwassenen is, waarmee punten te verdienen zijn. Vooral je goed verstoppen levert veel punten op.

Deze absurde, groteske benadering van de Holocaust is de kracht van La vita è bella. Het zoontje gelooft de leugens van zijn vader, maar de toeschouwer weet wel beter. De wreedheden komen zodoende extra pijnlijk aan het licht. Tegelijkertijd toont Benigni dat het leven ook mooi en ontroerend kan zijn

http://www.youtube.com/watch?v=w_CGSeOMa9g

Bijlagen
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

De geschiedenis van het zwembad van Tienen (2)

Het oude zwembad van Tienen voldeed in het begin de van 21-ste eeuw niet meer aan de moderne vereisten en kon slechts met hoge kosten gerenoveerd worden. Het zwembad verloor zijn vergunning en werd gesloten. Door de afwachtende houding van het stadsbestuur zat Tienen plots zonder overdekt zwembad.

Versneld werden plannen gemaakt voor een nieuw zwembad vlak naast het oude. In 2003 kwam het nieuwe zwembad  “De Blyckaert” klaar is nu weer één van de modernste uit de streek (foto links). Het zwembad heeft naast acht 25 meter banen ook nog een kinderbad met een glijafbuis en een wildwaterbaan en een broebelbad. Als neusje van de zalm hebben wij hier in Tienen nu ook een 10 m diepe duikput. Deze duikput is te zien wanneer jullie een “Tattepoem” zullen verorberen in de cafetaria van het zwembad.

In 2004 werd het oude zwembad gesloopt en de vrijgekomen ruimte deels ingericht als parking voor het nieuwe zwembad. De ingang van dit deel van de parking is nog steeds langs de oude ingang van het zwembad langs de Beauduinstraat.

In bijlage het grondplan van de zwembadomgeving met aanduiding van de parkeermogelijkheden voor auto's.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

De geschiedenis van het zwembad van Tienen (1)

Reeds voor de tweede wereldoorlog was er in de Tiense Suikerraffinaderij de mogelijkheid om te gaan zwemmen in de zogenaamde “bak van ‘t fabriek”. Een echt zwembad kon je het niet noemen. Het was een groot verwarmd waterreservoir met ernaast een metalen wateroren.

De Tiense Suikerfabriek had deze installaties aangelegd in het interbellum (=periode tussen de beide wereldoorlogen) om in haar productieproces te kunnen gebruiken. De installaties hadden tot doel de fabriek steeds te voorzien van voldoende water onder druk. Als extraatje voor haar personeel had de fabriek naast de "bak" ook een grasveld en kleedhokjes aangelegd.

Van zowel  “bak van ‘t fabriek” als van de watertoren van het fabriek is niets meer overgebleven Toen het "nieuw", nu ook al reeds gesloopt, overdekt zwembad in 1958 ingehuldigd werd verloor de "bak" stilaan zijn functie  De watertoren heeft nog verder blijven functioneren tot zowat tien jaar geleden. In bijlage een luchtfoto om alles wat te situeren.

Doordat bij de productie van suiker veel restwarmte overblijft, die toch gekoeld diende te worden voor de lozing in de Grote Gete, had de fabriek een reeks douchecellen aangelegd in eerste instantie om het personeel na hun shift te gebruiken doch in tweede instantie al snel vrijgegeven werden voor gebruik door familieleden van personeelsleden.

Aangezien er in het midden van vorige eeuw nog weinig huizen in de stad uitgerust waren met moderne sanitaire voorzieningen werd door de Tiense bevolking gretig gebruik gemaakt van deze douches. In dezelfde beweging konden zij dan ook  nog een duikje nemen in de “bak van ’t fabriek”. Tot in de jaren zeventig en de laatsten zelfs tot in de jaren tachtig gingen nog heel wat Tienenaars (meestal personeelsleden) gratis douchen in de suikerfabriek.

Midden vorige eeuw besloot het Tiens Stadsbestuur tot de bouw van een overdekt zwembad. Dit kon enkel gerealiseerd worden door de financiële ondersteuning van de Suikerfabriek, die hierdoor haar greep op het stadsbestuur nog kon versterken. Het nieuwe zwembad werd onder de invloed van de suikerfabriek vlak in haar schaduw gebouwd.

Eind de jaren vijftig (1958)  had Tienen reeds een modern overdekt zwembad met acht zwembanen van elk 25 m lang (foto links). De meeste omringende steden, zoals Diest, Aarschot en Sint-Truiden konden hiervan toen alleen nog maar van dromen en hebben nog een paar decennia moeten wachten om een gelijkaardige infrastructuur in hen stade te realiseren. In de jaren zestig kwam men zelfs vanuit Limburg naar Tienen om hier te komen zwemmen in het verwarmd en overdekt zwembad.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

'tNief liejke vàn de moewer

"De Tiense Straatmuzikanten" hebben nog een tweede versie gemaakt op hun bekend liedje "Aà Moeèr". Een liedje dat zij op één van de allereerste bijdragen over de oude Tiense postkaarten reeds ten gehore hebben gebracht.

Het nieuwe liedje hebben zij dan ook erg toepasselijk "'tNief liejke vàn de moewer" genoemd.

In bijlage staat de MP3 versie om eens rustig te kunnen beluisteren.
Bijlagen
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Hotelschool Ter Veldborn

De hotelschool van Tienen is een onderdeel van de Provinciale School voor technisch en beroepsonderwijs PISO.

Om te kunnen oefenen in een reële omgeving beschikt de hotelschool over een didactisch restaurant waar het publiek, mits 24 uur vooraf te reserveren, kan komen proeven van de schotels die de leerlingen klaar maken.

Op maandag en dinsdag serveren de leerlingen van de eerste graad  iets eenvoudiger couverts.
Op de donderdag en vrijdag maken de leerlingen van de tweede graad wat culinair verfijnder gerechten klaar.

In bijlage het menu dat de hotelschool voor ons op 9 december 2010 heeft voorzien.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Het Suikermuseum

Het gebouw werd in 1846 door François Drossaert, toenmalig stadsarchitect, opgetrokken. Op dezelfde plaats bevond zich het "Corps de Garde‟ (in de volksmond "'t Kottegoar‟ genoemd), de huisvesting van de burgerwacht..
 
In dit gebouw werd later het Vredegerecht ondergebracht, maar huisvestte ook het politiekantoor, het bureau van de Burgerlijke Godshuizen (voorloper van het huidige OCMW) en het Bureau der Octrooien.  Het gebouw heeft tevens ook dienst gedaan als Tekenschool en als Bureau voor Openbare Werken.

De neoclassicistische voorgevel werd door Drossaert voorzien van een zuilengalerij die doorgang verleent naar het Torekesplein en museum “het Toreke”. Oorspronkelijk was deze galerij bedoeld als overdekte marktplaats. Daarom werd het volledige gebouw vroeger ook wel de stadshalle genoemd, niet te verwarren met de lakenhalle die achter het stadhuis gevestigd was.

In 2002 werd het verbouwde gebouw geopend als het Suikermuseum. De idee hiervoor kwam tot stand toen men in 1988 het 150-jarig bestaan vierde van de Tiense Suikerraffinaderij.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Museum het Toreke

He museum "het Toreke" is gelegen aan een pleintje achter het suikermuseum

In 1847 stelde stadsarchitect François Drossaert een dossier samen voor de bouw van een nieuwe gevangenis. Die werd voorzien op het binnenplein achter het Corps de Garde, het wachthuis van de burgerwacht. De architect recupereerde materialen afkomstig van de gesloopte Gevangenenpoort aan de Borggracht. Het torentje, waaraan het gebouw zijn naam ontleent, ontbrak bij het oorspronkelijke ontwerp.

Tot in 1972 hielden politie en brandweer „het Toreke‟ en het „Corps de Garde‟ in gebruik. In 1978 werd „het Toreke‟ gerestaureerd, uitgebreid en ingericht als museum. De tweede uitbreiding vond plaats in 1999. In 2007 kreeg het museum een opmerkelijke nieuwe inrichting. Onder de titel „Doodgewoon! Rituelen van leven en dood in de Romeinse tijd‟ worden de resultaten getoond van jarenlange archeologische opgravingen o.a. op het Tiense Grijpenveld.

In 2010 staan er enkele zeer leuke projecten en tentoonstellingen op stapel in de cellen van deze voormalige stadsgevangenis. Aarzel niet ons te contacteren voor meer info! De tentoonstelling 'Doodgewoon! Rituelen van leven en dood in de Romeinse tijd' wordt in het voorjaar in een nieuw kleedje gestoken. Het gedeelte 'Rituelen van leven' kan je blijven bezoeken. De volledige tentoonstelling rond de Gallo-Romeinen in Tienen kan je opnieuw bewonderen vanaf 18 juni 2010

In bijlage een luchtfoto van de belangrijkste gebouwen in de omgeving van de Grote Markt van Tienen
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van Bezoek Tienen 09/12/2010

↑ Terug naar de berichten