4.3 Brouwerijen en stokerijen

De leemstreek rond Tienen leent zich uitstekend tot de teelt van graangewassen, granen die verwerkt werden tot meel en brood, maar ook tot bier en jenever. In de kadastrale atlas van Popp uit het midden van de 19de eeuw werden nog zes brouwerijen en acht jeneverstokerijen opgenomen. Van de 19de -eeuwse Tiense brouwerijen zijn er nog wat relicten bewaard. De acht Tiense stokerijen overleefden de Duitse koperopeisingen tijdens de Eerste Wereldoorlog en de wetten tegen het alcoholisme niet. Vooral de wet Vandervelde (1919) ter beteugeling van de openbare dronkenschap, betekende de doodsteek voor deze bedrijven.
De brouwerij ‘Den Anker’ was oorspronkelijk gelegen op de hoek van het Torsinplein en de Hoegaardenstraat en werd later geïncorporeerd in de brouwerij Pieraerts. Deze brouwerij werd in de volksmond ook wel de ‘Brouwerij der Dokters’ genoemd en brouwde het populaire ‘Zoegbier’. De sluitsteen van de inrijpoort van de oude brouwerijgebouwen bevindt zich nu in de St.-Katharinastraat. Hoe deze steen hier terecht kwam, is tot op heden een raadsel. Vermoedelijk werd hij in de gebouwen van de brouwerij Vandenschrieck ingemetseld na de overname van het bedrijf door Theophile Pieraerts in 1926.
De oorspronkelijke gebouwen van de brouwerij Vandenschrieck dateren uit de zeventiger jaren van de 19de eeuw. Brouwer Eugène Janssens liet hier tussen 1870 en 1873 een biermagazijn optrekken in de typische 19de-eeuwse Rundbogenstil (foto links). In het vroegere biermagazijn werd later het bedrijf van de gebroeders Vandenschrieck gevestigd. Deze brouwerij bezat bij het begin van de 20ste eeuw depots in Brussel, Antwerpen en Luik. Omstreeks 1928 werd de Tiense vestiging opgeslorpt door het Leuvense Artois.




















