Naar de inhoud

Bezoek Tienen 09/12/2010

Welkom op 9 december 2010
akke.beakke.be
in de zoetste stad van het ganse land.

Berichten van 8 november 2010

Zè gèè ràp oep eur pejàd (ben je snel geïrriteerd)

Als tussendoortje nog een liedje van "De Tiense Straatmuzikanten" met als boodschap het leven niet te zwaar op te nemen en niet te snel geïrriteerd te geraken. De boodschap is het leven steeds langs de lichtste kant opnemen.

Het liedje heeft als titel "Zè gèè ràp oep eur pejàd" of in het Nederlands "Ben je snel geïrriteerd".

Ben je snel geïrriteerd
U te snel opwinden: doet dat niet
Smijten met borden: doet dat niet
Altijd  maar opspelen: laat dat zo
Altijd uw karkas opvreten: laat dat zijn

Ben je snel geïrriteerd  (Ben je rap op uw paard)
Wel, dat is niet de moeite waard
Wat ik heb zelf eens gehoord
Als je u te snel opwind
zit je zelf met een erwt

Ben je snel geïrriteerd
Wel, dat is niet de moeite waard
Wat ik heb zelf eens gehoord
Als je u te snel opwind
zit je zelf met een erwt

Altijd disputeren: laat dat zijn
Altijd discuteren: laat dat zo
Al die vieze woorden: laat die zijn
Woorden maar geen noden: laat dat zijn

Ben je snel geïrriteerd  (Ben je rap op uw paard)
Wel, dat is niet de moeite waard
Wat ik heb zelf eens gehoord
Als je u te snel opwind
zit je zelf met een erwt

Ben je snel geïrriteerd  (Ben je rap op uw paard)
Wel, dat is niet de moeite waard
Wat ik heb zelf eens gehoord
Als je u te snel opwind
zit je zelf met een erwt

Ben je snel .....

Bijlagen
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Het 13 maal en de paardenprocessie te Hakendover

De bouwlegende van Hakendover werd in 1432 voor het eerst 'officieel' opgetekend door drie kerkmeesters. Naar alle waarschijnlijkheid combineerden ze verhalen uit de mondelinge overlevering met een aantal andere verhaalmotieven en historische elementen om hun verhaal wat kracht bij te zetten.
Volgens het verhaal werd de kerk van Hakendover gesticht in 690  In dat jaar zouden drie vrome maagden besloten hebben een kerk te bouwen voor de Goddelijke Zaligmaker. Nadat de kerk tweemaal bij nacht was afgebroken door engelen  (sommige verhalen spreken over de duivel), gebeurde er op de dertiende dag na Driekoningen  een wonder. Een engel leidde de maagden naar een plaats waar de natuur -ondanks de wintertijd- in volle bloei stond. In een boom zat een vogel met een brief van God in zijn rechterpoot: "Op deze plaats wil ik mijn kerk bouwen." Tijdens de werkzaamheden waren er telkens dertien werklieden aanwezig, bij de uitbetaling slechts twaalf. Die dertiende werkman was God zelf.
Middeleeuwse mirakelverhalen vertellen dat vele 'bedevaarders' hier wonderbaarlijk genazen en dat mensen zelfs uit de dood opstonden.

Ter ere van de "Goddelijke Zaligmaker" (god zelf) gaat jaarlijks op 16 en 17 januari de winterbedevaart, genaamd het "Dertienmaal". Dit is een tocht dwars door de akkers tussen de kerk van Hakendover en de O.-L.-Vrouw-ten-Steenkapel te Grimde (waar de drie maagden zouden begraven liggen), dertien keer heen en weer, in totaal ongeveer 40 km. Gelijkaardige bedevaarten vond men vroeger o.a. in Zepperen.

Op de eerste zondag volgend op 16 januari wordt het feest van de kerkwijding gevierd, in de volksmond vervormd tot "Hakendoverwijn".

Tweede feestdag voor de parochie is paasmaandag, dan gaat de beroemde paardenprocessie eveneens dwars door de velden. Op de Tiense Berg verzamelen duizenden bedevaarders (sinds eind vorige eeuw vooral Nederlanders)zich en de circa 200 (soms meer)  paarden  beginnen hun stormloop rond het volk. De paardenprocessie is in deze tijd ook lang geen puur 'religieus' gebeuren meer. De pelgrims van weleer ruimen stilaan plaats voor dagjesmensen en toeristen. Midden jaren '90 werd in Turnhout officieel een punt gezet achter de organisatie van de bedevaart van Turnhout naar Hakendover. De bedevaart vanuit het katholiek zuiden van Nederland (omgeving van Tilburg, Breda, Boxtel...) houdt vooralsnog stand.
De paardenprocessie op zich is niet uniek in Europa, maar toch is het stormloop van de paarden ronduit spectaculair te noemen.

Hierna nog een filmpje van de paardenprocessie te Hakendover.

http://www.youtube.com/watch?v=D4rVIrBkL38&feature=related


Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

2.9 Keizerlijke telgen van Oostenrijkse bloede (4)

In 1789 stelde de Brabantse Omwenteling een einde aan het Oostenrijkse bewind. Tienen werd meegesleurd in de ongeregeldheden. Brouwer Jan Windelinckx stond aan het hoofd stond van een zelf opgericht 'Vrijwilligerskorps der Patriotten'. Zijn acties lagen aan de basis van het feit dat de Oostenrijks bevelhebbers Tienen een haard van onrust noemden. Gedurende één jaar bleef het roer in handen van de opstandelingen. Ondertussen was Jozef II opgevolgd door zijn jongere broer Leopold II (1770-1792) (foto links) die er alles aan deed om de opstandige Nederlanden opnieuw onder controle te krijgen. Bij de tijdelijke terugkeer van de Oostenrijkers in 1790 zou de stad boeten voor haar rebelse houding. Om te voorkomen dat er zich opnieuw onlusten zouden voordoen was de Oostenrijkse repressie bijzonder streng. Uiteindelijk was de (r)evolutie niet meer te stuiten.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

2.9 Keizerlijke telgen van Oostenrijkse bloede (3)

Op 12 januari 1781 benoemde Jozef II zijn zuster Maria-Christina (foto links) en haar echtgenoot Albert-Casimir van Saksen-Teschen (foto links) tot landvoogden van de Oostenrijkse Nederlanden. Omdat de aartshertogen de hervormingsplannen van de keizer niet erg genegen waren, werden zij door hem zo veel mogelijk buiten het eigenlijke bestuur van de Nederlanden gehouden. Toen het ongenoegen over het bewind van de keizer zich begon te manifesteren, vervulde Albert de rol van bemiddelaar. Tijdens de troebelen van de Brabantse Revolutie verliet het echtpaar tijdelijk het land. Even keerden zij naar de Nederlanden terug, maar de overwinning van de Fransen noopte hen uiteindelijk om definitief naar Wenen te verhuizen. De aartshertogen Albert en Maria-Christina bezochten Tienen verschillende malen. De eerste maal passeerden zij bij hun Blijde Intrede in juli 1781 en overnachtten in de herberg ‘het Groot Hert’. De magistraat deed alle moeite om hen op een passende manier te ontvangen. Het stadhuis was prachtig versierd en op de pui werd de erewijn gedronken. Tien jaar later, op 4 juni 1791, keerden zij terug in een poging om de Nederlanden na de Brabantse omwenteling opnieuw aan de Oostenrijkse monarchie te koppelen. Ook toen passeerden zij Tienen op weg naar Brussel. Enkele maanden later, op 29 september, waren zij er opnieuw, ditmaal vergezeld door aartshertog Karel Lodewijk. Het gezelschap verbleef in de herberg de ‘Tinnen Schotel’. Vier dagen na het verblijf van de aartshertogen brandde het gebouw af.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door jcob1374 om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van Bezoek Tienen 09/12/2010

↑ Terug naar de berichten