Naar de inhoud

Rollegem blogt ...

seniorennet.beseniorennet.be

wist u



1908341-b460eba365bbd37a0ced1fc03ca4dec8.JPG

Hier stond het eeuwen oude o zo trotse cafe " De Lampe" De trots van Rollegem

Dat de heer Egied Vanhoonacker, een boek geschreven heeft in 1986, met als titel “Duizend Kortrijkse straten” en dat hij, de toelating heeft gegeven om uit zijn boek gegevens te mogen gebruiken, mits te vermelden dat het uit het boek genomen werd.

Er bestaat naar het schijnt op facebook iets als zijnde als je van Rollegem bent dan ken je … Die of dat.

Welnu ik ben geen Rollegemnaar maar ik weet dat

Het afgebroken café “De lampe” ook in de volksmond “De Lante” genoemd, reeds bestaande was van in de jaren 1600. En inderdaad al snuisteren in het boek van Egied, vind men: Dat dit café gelegen is in de Lampestraat, Van Sint-Anna tot de Tombroekmolenstraat, en in die straat zouden 75 woningen staan met in 1986, 208 bewoners. In 1901 was het de Lerberstraete en in 1628 de strate van den lerberchboom nar leugne. De lerbergboom stond op den hoek van de Lampestraat -Smokkelpotstraat. Echter de meest voorkomende benaming was de Cruepelstraete naar de aloude herberg “den creupelen “. In 1650 was het Chemin allant de Coutraij à la Creupele en in 1762 Creupelstraete. Volgens den Atlas van de buurtwegen van 1864 was het in Rollegem buurtweg 5 of Kreupelstraat, in Marke buurtweg 7 of Kreupelstraat en in Aalbeke buurtweg 9 of Lampestraat, naar de herberg “De Lampe” op de hoek van de Aalbeeksestraat. In Rollegem was vanaf 1900 Lampestraat voor het gedeelte ten zuiden van de Aalbeeksestraat terwijl ten noorden van de Aalbeeksestraat de Kreupelstraat bleef. Van af ca 1930 werd de Kreupelstraat Sint-Annastraat en vanaf 13/3/1981 is de hele straat Lampestraat aldus Vanhoonacker.

Deze straat is een grensstraat voor Rollegem, Marke en Aalbeke, en heeft een lengte van 3,5 km. Deze weg was in de 18de eeuw een aardeweg welke deel uitmaakte van de weg Kortrijk-Roubaix. In 1959 werd het een betonnen wegdek, vooraf gegaan door een grintweg. De brug over de A 17 dateert van 1980.

Er zou nog een oude en een Nieuwe Lante zijn geweest. Lante komt van lampte en betekent “Lamp”

Gelegen aan de grens tussen Rollegem-Aalbeke-Marke langs de Aalbeeksestraat, is het voornaamste huis de herberg “De Lampe” Naar het schijnt was vroeger dit huis altijd verlicht. Het diende tot verlichting van de smokkelaars, daar hier is juist de grensstreek(douaniers) (bron instituut voor onthaal en public relations)

En nu sinds het begin 2016 is het café met de grond gelijk gemaakt. Wat in de plaats komt zullen we later wel zien.


1908341-fc61a82ad280d7e19ac150c140ba20c0.jpg

Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

toponiemen

E. Openbare orde en rust, gedoogbeleid

1250. Stukken betreffende aanvragen voor het houden van manifestaties, 1954-1974. 1 omslag

1251. Reglement op de drankhuizen, vergader-, dans- en speelzalen, 1884. 1 stuk

1252. Stukken betreffende verbod op het houden van stoeten, paramilitaire manifestaties, meetings, 1929-1937. 1 omslag

1253. Stukken betreffende toelatingen voor wielerwedstrijden, 1933-1954. 1 omslag

1254. Stukken betreffende loterijen, tombola's en omhalingen, 1933-1941. 1 omslag

1255. Stukken betreffende wapendracht, 1933-1934. 1 omslag

1256. Stukken betreffende verbod tot lossen van duiven tijdens de prijsvluchten, 1935. 2 stukken

1257. Beteugeling van openbare dronkenschap, 1940. 2 stukken

N.B. Lijst van herbergen.

1258. Stukken betreffende prostitutie, 1940-1944. 1 omslag

1259. Stukken betreffende toelating voor het uitwerpen van prospectussen, 1948. 2 stukken

1260. Bevelen voor de handhaving van de openbare orde, 1948-1949. 2 stukken

N.B. Burgemeester.

1261. Reglementering betreffende de verhuur van logeerkamers door particulieren, 1958. 1 omslag

1262. Stukken betreffende aanvragen tot het plaatsen van uithangborden en lichtreclames, 1962-1971. 1 omslag

F. Vreemdelingen

1263. Briefwisseling betreffende vreemdelingen, 1946-1962. 1 omslag

1264. Stukken betreffende bijzonder register van de vreemdelingen, 1926. 1 omslag

G. Landelijke politie

1265. Dossier van veldwachter A. Moreau, 1916-1919. 1 omslag

1266. Dossier van veldwachter Lesaffre, 1942-1946. 1 omslag

1267. Dossier J. Wyckaert, 1942-1943. 1 omslag

1268. Dossier van tijdelijke veldwachter A. Vangheluwe, 1946-1947. 1 omslag

1269. Dossier van veldwachter G. Defoort, 1947-1948. 1 omslag

1270. Dossier van veldwachter A. Vermote, 1949-1976. 1 omslag

1271-1272. Registers van de veldwachter, 1948-1961. 2 pakken

N.B. Zakboeken.

1271. 1948-1953.

1272. 1954-1961.

1273-1275. Briefwisseling van de veldwachter, 1942-1972. 3 omslagen

1273. 1942-1957.

1274. 1958-1965.

1275. 1966-1972.

1276. Stukken betreffende register van de briefwisseling, 1966-1971. 1 omslag

1277. Stukken betreffende de jachtwachter, 1941-1950. 1 omslag

Reageer op dit bericht

Toponiemen

B. Verkeer

1219. Stukken betreffende het verkeer, 1931-1967. 1 omslag

1220. Stukken betreffende wegwijzers, 1940. 1 omslag

1221. Stukken betreffende aanvragen van een rijbewijs, 1967. 1 omslag

N.B. Modellen B.

1222. Stukken betreffende aanvragen van een leervergunning, 1967-1971. 1 omslag

1223. Stukken betreffende toezicht en bezuiniging op motor- en ander brandstoffen, 1955-1965. 1omslag;

C. Pro-justitia's, processen-verbaal

1224. Processen-verbaal, 1941. 1 omslag

N.B. Door Duitsers.

1225-1229. Processen-verbaal, pro-justitia’s 1942-1974. 5 omslagen

1225. 1942-1955.

1226. 1956-1962.

1227. 1963-1967.

1228. 1968-1970.

1229. 1971-1974.

1230. Repertorium van processen-verbaal, s.d. 1 deel

D. Gerecht

1231-1232. Omzendbrieven van het parket, 1918-1966. 3 omslagen

1231. 1918-1949.

1232. 1949-1963.

1233. 1963-1966.

1234. Briefwisseling met de procureur, 1942-1954. 1 omslag

1235. Briefwisseling met het vredegerecht, 1946-1952. 1 omslag

1236. Briefwisseling met de kinderrechter, 1947-1948. 1 omslag

1237. Dossiers dossiers van veroordeelden, 1945-1950. 1 omslag

1238-1244. Registers van veroordelingen, 1825-1952. 7 delen

1238. 1825-1912.

1239. 1878-1906.

1240. 1912-1942.

1241. 1942-1945.

1242. 1945-1948.

1243. 1949-1950.

1244. 1949-1952.

1245. Staten van veroordelingen, 1919-1935. 1 omslag

1246. Stukken betreffende maandelijkse afbetalingen van geldboeten, 1957. 3 stukken

1247. Verzoekschriften om genade of strafvermindering, 1938-1949. 1 omslag

1248. Stukken betreffende eerherstel van P. Carette, 1947. 1 omslag

1249. Register van deurwaardersakten, 1957-1976. 1 deel

N.B. Ontvangen bij afwezigheid van de belanghebbenden,

Reageer op dit bericht

Toponiemen

B. Verkiezingen van de Werkrechtersraad en de Rechtbank van Koophandel

1191-1192. Lijsten van de werknemers en de bedienden voor de verkiezingen van de werkrechtersraad, 1914-1923. 2 delen

1191. 1914-1917.

1192. 1920-1923.

N.B. 3 exemplaren.

1193-1194. Lijsten van de werkgevers voor de verkiezingen van de werkrechtersraad, 1914-1923. 2 delen

1193. 1914-1917.

1194. 1920-1923.

1195. Stukken betreffende herziening van de kiezerslijsten voor de verkiezingen van de werkrechtersraad, 1927. 1 omslag

1196. Lijst van de kiezers voor de Koophandelsrechtbank, 1931. 1 deel

1197. Lijst van de mannelijke kiezers voor de Koophandelsrechtbank, 1932-1938. 1 deel

1198. Lijst van de vrouwelijke kiezers voor de Koophandelsrechtbank, 1932-1938. 1 deel

1199. Lijst van de kiezers voor de Koophandelsbank, 1937-1941. 1 deel

N.B. 5 exemplaren.

1200. Stukken betreffende verkiezingen voor de Koophandelsrechtbank, 1931-1966. 1 omslag

C. Lijst van de gezworenen

1201. Stukken betreffende vorming en herziening van de lijst van de gezworenen, 1932-1964. 1 omslag

Hoofdstuk XIV. Politie, brandweer

A. Politie

1202. Stukken betreffende samenwerking op gemeentelijk vlak, 1954. 1 omslag

1203. Briefwisseling met het politiecommissariaat, 1947. 4 stukken

1204. Reglement van politie, 1941-1967. 1 omslag

1205-1218. “Gewestelijke signalementblad”, 1963-1976. 14 omslagen

1205. 1963.

1206. 1964-1965.

1207. 1966.

1208. 1967.

1209. 1968.

1210. 1969.

1211. 1970.

1212. 1971.

1213. 1972.

1214. 1973.

1215. 1974.

1216. 1975, 2de semester.

1217. 1976, 1ste semester.

1218. 1976, 2de semester.

Reageer op dit bericht

toponiemen

Hoofdstuk XIII. Verkiezingen

A. Parlements-, provincieraads- en gemeenteraadsverkiezingen

1117. Lijsten van de kiezers voor de parlements- en provinciale verkiezingen, 1861-1869. 1 omslag

1118. Lijsten van de kiezers voor de gemeenteraadsverkiezingen, 1861-1869. 1 omslag

1119. Lijsten van de kiezers voor de parlements-, de provincieraads- en de gemeenteraadsverkiezingen, 1872-1876. 1 omslag

1120. Lijsten van de cijnsgerechtigde en bekwaamheidsgerechtigde kiezers, 1885-1890. 1 omslag

1121-1122. Registers met algemene kiezerslijst, 1892-1894. 2 delen

1121. 1892-1893.

1122. 1893-1894.

1123. Lijst van de kiezers van de gemeenteraad, 1895-1896. 1 deel

N.B. 3 exemplaren.

1124-1126. Lijsten van de parlements-, provincieraads- en gemeenteraadskiezers, 1896-1901. 3 delen

1124. 1896-1897.

1125. 1899-1900.

1126. 1900-1901.

1127. Lijst van de vrouwelijke parlementskiezers, 1921-1922. 1 deel

1128. Lijst van de kiezers voor de wetgevende kamers, de provincie- en de gemeenteraad, 1926-1927. 1 deel

1129-1130. Registers met aanvullende kiezerslijsten, 1927-1929. 2 delen

1129. 1927-1928.

1130. 1928-1929.

N.B. 2 exemplaren

1131. Lijst van de kiezers voor de wetgevende kamers, de provincie- en de gemeenteraad, 1928-1929. 1 deel

1132. Lijst van de vrouwelijke gemeenteraadskiezers, 1932-1933. 1 deel

1133-1134. Lijsten van de mannelijke parlements-, provincieraad- en gemeenteraadkiezers, 1933-1940. 2 delen

1133. 1933-1935.

N.B. 2 exemplaren.

1134. 1938-1940.

N.B. 3 exemplaren.

1135-1136. Lijst van de vrouwelijke gemeenteraadskiezers, 1938-1952. 2 delen

1135. 1938-1944.

N.B. 3 exemplaren

1136. 1946-1952.

1137-1139. Lijst van de parlements- en gemeenteraadskiezers, 1952-1958. 3 delen

1137. 1952-1954.

1138. 1954-1956.

1139. 1956-1958.

1140-1149. Lijsten van de parlements-, provincie- en gemeenteraadskiezers, 1958-1978. 10 delen

1140. 1958-1960.

1141. 1960-1962.

1142. 1962-1964.

N.B. 2 exemplaren

1143. 1964-1966.

1144. 1966-1968.

1145. 1969-1971.

1146. 1970-1972.

1147. 1972-1974.

1148. 1974-1976.

1149. 1976-1978.

1150. Register van kiesaanvragen, 1899-1951. 1 deel

1151-1154. Stukken betreffende de samenstelling van de kiezerslijsten, 1861-1886. 4 omslagen

1151. 1861-1864.

1152. 1866.

1153. 1972-1973.

1154. 1886.

1155-1156. Stukken betreffende herziening van de kiezerslijsten, 1932-1975.

1155. 1932.

1156. 1949-1975.

1157. Stukken betreffende aanvragen tot het bekomen van kiezerslijsten, 1963-1976. 1 omslag

1158-1163.Stukken betreffende kiezers, 1920-1975. 6 omslagen

N.B. Steekkaarten.

1158. 1920-1940.

1159. 1948.

1160. 1948 (vanaf).

1161. 1975 (A-L).

1162. 1975 (L-V).

1163. 1975 (V-Z en speciale gevallen).

1164-1172. Gemeenteraadsverkiezingen, 1869-1976. 9 omslagen

1164. 1869.

1165. 1875.

1166. 1884.

1167. 1946.

1168. 1952.

1169. 1958.

1170. 1964.

1171. 1970.

1172. 1976.

1173-1175. Bewijzen van ontvangst van oproepingsbrieven voor de gemeenteraadsverkiezingen, 1938-1970. 3 delen

1173. 1938.

1174. 1958.

1175. 1970.

1176-1184. Stukken betreffende parlements- en provincieraadsverkiezingen, 1876-1977. 9 omslagen

1176. 1876.

1177. 1949.

1178. 1954.

1179. 1958.

1180. 1961.

1181. 1965.

1182. 1968.

1183. 1971.

1184. 1977.

1185-1188. Bewijzen van ontvangst en oproepingsbrieven voor de parlements- en provincieraadsverkiezingen, 1965-1974. 4 omslagen

1185. 1965.

1186. 1968.

1187. 1971.

1188. 1974.

1189. Stukken betreffende niet-afgeleverde oproepingsbrieven, 1971. 1 omslag

1190. Stukken betreffende colksraadpleging omtrent de Koningskwestie, 1950. 1 omslag

Reageer op dit bericht

toponiemen

 Hoofdstuk XI. Cultuur en vrije tijd

1094. Stukken betreffende culturele aangelegenheden, 1957-1976. 1 omslag

1095. Stukken betreffende openbare bibliotheek, 1929-1975. 1 omslag

1096. Stukken betreffende muziekmaatschappij Sint-Cecilia, 1950-1956. 1 omslag

1097. Stukken betreffende sportinfrastructuur, 1961-1975. 1 omslag

1098. Stukken betreffende toelagen aan verenigingen en bij feestelijkheden, 1951-1956. 1 omslag

1099. Stukken betreffende toelagen aan verenigingen, 1967-1976. 1 omslag

Hoofdstuk XII. Feesten en plechtigheden

1100. Stukken betreffende nationale feesten en plechtigheden, 1930-1954. 1 omslag

1101. Stukken betreffende gemeentelijke feesten en plechtigheden, 1938-1951. 1 omslag

1102-1103. Uitnodigingen van het gemeentebestuur voor feesten en plechtigheden, 1957-1976. 2 omslagen

1102. 1957-1970.

1103. 1971-1976.

1104. Stukken betreffende oprichting vaan het gedenkteken "De Westvlaamse Sjouwer", 1973. 1 omslag

1105. Stukken betreffende inhuldiging van de sociale woonwijk aan de Kerk- en Schreiboomstraat, 1972. 1 omslag

1106. Stukken betreffende provinciale hulde aan de oudstrijders van W.O. I, 1970. 4 stukken

1107-1108. Stukken betreffende kermissen, 1947-1976. 2 omslagen

1107. 1947-1955.

1108. 1956-1976.

1109. Stukken betreffende aanplakbiljetten voor de kermissen, 1932, 1961, 1972. 3 stukken

1110. Stukken betreffende viering van gouden bruiloften, 1974. 1 omslag

1111. Stukken betreffende eretekens, 1907-1969. 1 omslag

1112. Briefwisseling met de Dienst van de Eervolle Onderscheidingen, 1950-1954. 1 omslag

1113. Stukken betreffende laureaten van de arbeid, 1952-1962. 1 omslag

1114. Stukken betreffende muziekverbond van België, 1949-1950. 1 omslag

1115. Stukken betreffende gouden jubileum van Vandeghinste A., als voorzitter van de muziekmaatschappij Sint-Cecilia, 1955. 1 omslag

1116. Stukken betreffende vereremerken van Lesaffre A., als lid van de maatschappij Sint-Cecilia, 1960. 1 omslag

Reageer op dit bericht

toponiemen

Financiën

 

1074. Begrotingen van de lagere gemeente en aangenomen scholen, 1909-1919. 1 omslag

1075. Stukken betreffende de begrotingen, 1910-1921. 1 omslag

1076. Rekeningen van de lagere gemeente- en aangenomen scholen, 1889, 1914-1921. 1 omslag

1077. Stukken betreffende kosteloze schoolbehoeften (met staten), 1895-1954. 1 omslag

N.B. Staten.

1078. Stukken betreffende werkingstoelagen, 1956-1976. 1 omslag

1079. Stukken betreffende aanvraag voor een geldelijke tussenkomst i.v.m. de Industriële en Handelsschool van Moeskroen, 1922. 1 omslag

1080. Stukken betreffende provinciale toelagen voor de landelijke huishoudschool, 1946-1949. 1 omslag

1081. Stukken betreffende uitbetaling van de vervoerkosten van gehandicapte kinderen, 1970-1974. 1 omslag

 

D. Medisch schooltoezicht

1082-1083. Stukken betreffende maandelijkse geneeskundige verslagen, 1953-1964. 2 omslagen

1082. 1953-1956.

1083. 1956-1964.

1084. Briefwisseling betreffende het medisch schooltoezicht, 1964. 1 omslag

E. Goederen

1085. Stukken betreffende de schoolgebouwen, 1873-1874. 1 omslag

N.B. Met plannen.

1086. Stukken betreffende werken aan de schoolgebouwen, 1908-1951. 1 omslag

N.B. Met plannen.

1087. Stukken betreffende bouw van een keuken aan het schoolhuis, 1930-1934. 1 omslag

N.B. Met plannen.

1088. Stukken betreffende schilderwerken aan de gemeenteschool, 1960-1964. 1 omslag

1089. Stukken betreffende voorontwerpen voor de bouw van een nieuwe school, 1974-1976. 1 omslag

1090. Inventaris en staat van de meubilering in de gemeenteschool, 1914. 1 omslag

1091. Stukken betreffende materiële toestand van de gemeenteschool, 1956-1960. 1 omslag

1092. Stukken betreffende gebruik van de school voor het examen van de autoschool, 1945. 1 omslag

1093. Stukken betreffende huur van het schoolhuis, 1960-1966. 1 omslag

Reageer op dit bericht

toponiemen

Hoofdstuk X. Onderwijs

A. Algemeen

1049-1051. Omzendbrieven van het Ministerie van onderwijs,

1049. 1942-1943.

1050. 1960-1966.

1051. 1966-1969.

1052. Stukken betreffende het lager onderwijs, 1910-1976. 1 omslag

1053. Stukken betreffende aanneming en heraanneming van scholen, 1920-1954. 1 omslag

1054. Reglement van de lagere school, 1922 . 1 stuk

N.B. Model; 3 exemplaren; N.B. Ontbreekt! Zie RA Kortrijk, Kaarten en plattegronden, 688.

1055. Stukken betreffende herziening van het schoolreglement, 1958. 1 omslag

1056. Lijst van leerplichtige kinderen, 1966-1970. 4 Reg.

1057. Stukken betreffende fonds van de meestbegaafden, 1949-1953. 1 omslag

1058. Stukken betreffende aanvragen voor het verkrijgen van studiebeurzen, 1957-1962. 1 omslag

1059. Stukken betreffende Vakantiedagen, 1960-1965. 1 omslag

1060. Stukken betreffende levering van chocolade aan de school, 1941. 1 omslag

1061. Stukken betreffende verzekering tegen schoolongevallen, 1946-1947, 1973. 1 omslag

1062. Stukken betreffende de plannen van onderwijsminister L. Collard, 1955. 1 omslag

N.B. Notie tegen deze plannen.

1063. Stukken betreffende dienst voor voorlichting bij beroepskeuze, 1947-1953. 1 omslag

B. Personeel

1064-1065. Stukken betreffende het personeel, 1935-1976. 2 omslagen

1064. 1935-1955.

1065. 1955-1976.

1066. Stukken betreffende interim-leerkrachten, 1957-1971. 1 omslag

1067. Stukken betreffende op pensioenstelling van leerkrachten, 1912-1948. 1 omslag

1068. Stukken betreffende weddeberekeningen van waarnemende onderwijzers, 1933-1956. 1 omslag

1069. Stukken betreffende weddebijslagen, 1955-1962. 1 omslag

1070. Stukken betreffende loonstroken, 1940-1964. 1 omslag

1071. Stukken betreffende vergoedingen, 1940-1964. 1 omslag

1072. Briefwisseling omtrent de betaling van het aandeel in de kosten veroorzaakt door ziekte van leerkrachten, 1940. 1 omslag

1073. Stukken betreffende Maatschappelijke Zekerheid, 1969-1972. 1 omslag

Reageer op dit bericht

toponiemen

B. Landbouw, tuinbouw, bosbouw

1021. Briefwisseling betreffende de landbouw, 1949-1965. 1 omslag

1022. Stukken betreffende landbouwtelling, 1929. 1 omslag

1023-1024. Stukken betreffende landbouwtellingen, 1934-1941. 2 omslagen

1023. 1934-1939.

1024. 1940-1941.

1025. Lijst betreffende land- en tuinbouwtelling, 1943. 1 stuk

1026. Stukken betreffende landbouwtelling, 1950. 1 omslag

N.B. Exploitantfiches.

1027-1028. Stukken betreffende Land- en tuinbouwtelling, 1955-1960. 2 omslagen

1027. 1955.

1028. 1958-1960.

1029-1030. Stukken betreffende tellingen van de winterbezaaiingen en het vee, 1948-1959. 2 omslagen

1029. 1948-1949.

1030. 1959.

1031. Stukken betreffende aanstelling van tellers, 1942 en 1949. 1 omslag

1032. Stukken betreffende toelagen aan landbouwers, 1956-1972. 1 omslag

1033. Stukken betreffende toelagen aan vlastelers, 1960-1972. 1 omslag

1034. Stukken betreffende tabaksteelt, 1941-1950. 1 omslag

1035. Lijst van producenten en van niet-eetbare tuinbouwproducten, 1962. 2 stukken

1036. Stukken betreffende bestrijding van de aardappelwratziekte en de coloradokever, 1938-1948. 1 omslag

1037. Stukken betreffende bomen en bossen, 1940-1942. 1 omslag

C. Dieren

1038-1039. Stukken betreffende telling en keuring van geitenbokken, 1934-1968. 2 omslagen

1038. 1934-1955.

1039. 1956-1968.

1040. Stukken betreffende keuring van runderen, 1934-1956. 1 omslag

1041. Stukken betreffende keuring van beren, 1949-1959. 1 omslag

1042. Stukken betreffende prijskampen voor paarden, 1934-1936. 3 Stukken.

1043. Briefwisseling betreffende toelagen voor hoornveeprijskampen, 1949-1950. 1 omslag

1044. Stukken betreffende dierenziekten, 1956-1965. 1 omslag

1045. Stukken betreffende mond- en klauwzeer, 1939-1962. 1 omslag

1046. Stukken betreffende hondsdolheid, 1937. 2 stukken

1047. Stukken betreffende rattenverdelging, 1967 en 1972. 1 omslag

1048. Stukken betreffende mussenverdelging, 1941-1942. 1 omslag

Reageer op dit bericht

st-Antonius

Antonius, oud en grijs, voelt zijn einde naderen. Voor een laatste maal wil hij al zijn kloosters en alle discipelen nog eens bezoeken voor een laatste aanmoediging en om zijn aanstaande dood te voorspellen. Hij strompelde, schragend op zijn stok van klooster naar klooster om afscheid te nemen.

Hij keerde terug naar zijn cel, en vroeg uitdrukkelijk aan zijn naaste medewerkers, Macarius en Amathas, om hem na zijn dood op een geheime plaats te begraven en het als een geheim mee te nemen in hun graf. Hij wilde niet gebalsemd worden, want dat was een heidens gebruik.

De schrijver vervolgd met zijn laatste woorden in de vorm van een spreuk: “ Ik vrees de dood niet, want ik vrees God niet omdat ik hem bemin. De liefde tot Hem werpt alle vrees buiten” (32ste spreuk)

Op 17 januari 356 stierf Antonius vredig in de armen van zijn twee medebroeders. Hij had de gezegende leeftijd van 105 jaar bereikt. In alle discretie werd het dode lichaam in de woestijn begraven.

Grootse dingen heeft hij echter nooit gedaan, aldus de schrijver, en toch wordt hij “Antonius de Grote genoemd. Hij was wel een wijs en beminnelijk man, een nederige monnik. Gedurende zijn leven is hij veel beproefd geworden maar dank zij zijn sterke wil kon hij alle duivelse hinderlagen ontwijken. Antonius is geen verzonnen persoon maar een historische figuur van uitzonderlijke grootheid op geestelijk gebied. Een Heilige! Hij heeft gezocht en heeft gevonden “De weg naar de stilte” God is niet te vinden in de drukte! Dat is zijn boodschap!

Twee eeuwen na zijn dood, in 561, werd de geheime begraafplaats van de H.Antonius toch ontdekt. Met grote plechtigheid werd zijn gebeente overgebracht naar de basiliek van de bisschoppelijke stad Alexandrië. Maar in 638 werd Egypte veroverd door heidens Muzelmannen: de Saracenen. Uit vrees voor ontheiliging vluchtte men met het lichaam naar Constantinopel. In 980 kon de Frans baron Jocelin de Châteauneuf( zijn afbeelding vind men terug in een galsraam in de abdijkerk Isère.) bekomen van Keizer Constantinus van Constantinopel dat het gebeente van Antonius overgevaren werd van Vienne in Dauphiné aan de Isère, ten zuiden van Lyon. Nog later werden de stoffelijke resten overgebracht naar de priorij van Motte Saint Didier. Sindsdien heet deze plaats Saint-Antoine.

In een sarcofaag rust het stoffelijk van St-Antonius in de abdij van St-Antoine, Isère.

Deze priorij werd het hoofd klooster van de “Orde Van de Heilige Antonius”

Tussen le Vercors en les Chambarands, op enkele kilometer van de Vallei de l’Isère en de route de Grenoble à Valence, te midden de zachte valleien, draaien en kerend, omringd door het oude dorp, vind je de gebouwen van de abdij en de basiliek, een van de oudste kerken van Antonius van zuidwest.

De relikwieën van St-Antonius werden in kleine fragmenten wijd en zijd verdeeld. Een groot deel bevind zich in de abdij van Montmajour bij Arles. De verering begon al zeer vroeg na zijn dood. Al vlug werden de grenzen van Egypte overschreden en breidden zij zich uit van Palestina tot Rome en van Spanje tot Gallië. De verering kende een ware explosie met het optreden van de Antonieten. (Daar komen we dan op terug.) Tussen de 11de en de 15de eeuw zijn door zijn voor spraak heel wat miraculeuze genezingen gebeurd te Saint-Antoine en te Montajour.

Halverwege de Middeleeuwen brak een besmettelijk ziekte uit: “de roos of het “heilig vuur” ook genoemd het “antoniusvuur” De symptomen zijn hevige pijnen alsof een vuur u opbrand.

De huid verschrompeld en krijgt de vorm van donkerrode moerbeziën. Ledematen verrotten, drogen uit en vallen ten slotte af. Als men deze tijdig amputeert volgt gewoonlijk de genezing.

Deze ziekte veroorzaakte verschrikkelijke verwoesting in verschillende provincies in Frankrijk. Om deze vreselijke gesel af te weren stelde men openbare gebeden en processies in. Heel Frankrijk smeekte om bescherming van St-Antonius. De bevolking heeft nooit te vergeefs haar vertrouwen gesteld op de dienaar Gods. Hij kreeg dan overal een uitbundige verering.

Reageer op dit bericht

toponiemen

G. Vervoer

997. Stukken betreffende de buurtspoorwegen, 1891-1902. 1 omslag

N.B. Met plannen.

998-999. Stukken betreffende de N.M.V.B., 1946-1972. 2 omslagen

998. 1946-1955.

999. 1956-1972.

1000. Stukken betreffende autobusdiensten, 1930-1939. 1 omslag

1001. Stukken betreffende elektrificatie van de buurtspoorweg lijn Kortrijk-Moeskroen, 1932-1944. 1 omslag

1002-1003. Stukken betreffende vrijkaarten voor de N.M.V.B., 1943-1974. 2 omslagen

1002. 1943-1954.

1003. 1971-1974.

N.B. Vervallen annuïteitentitels.

1004. Omzendbrieven van de Nationale Federatie van Autobus- en Autocaruitbaters, 1951-1952. 1 omslag

1005. Stukken betreffende schuilhuisjes, 1970-1975. 1 omslag

N.B. Met plan.

H. Posterijen

1006. Stukken betreffende de posterijen, 1950-1968. 1 omslag

Hoofdstuk IX. Economische activiteiten

A. Handel, nijverheid

 1007-1009. Stukken betreffende onderrichtingen over handels- en nijverheidstelling,1930-1947. 3 omslagen

1007. 1930.

1008. 1941.

1009. 1947.

1010. Stukken betreffende telling van industriële bedrijven, 1948-1968. 1 omslag

1011. Stukken betreffende Leiedal, 1961-1964. 1 omslag

1012. Omzendbrieven van Hoofdgroeperingen Ambachtswezen, 1943-1944. 1 omslag

1013. Lijst van landbouwers, handelaars en ambachtslui, s.d. 1 stuk

1014. Briefwisseling betreffende activiteitsattesten, 1962-1964. 4 Stukken.

1015. Stukken betreffende leurhandel, 1940-1941. 1 omslag

N.B. Onderrichtingen.

1016. Stukken betreffende aanvraag van een leurkaart, 1962. 2 stukken

1017. Stukken betreffende herbergiers, 1946-1952. 1 omslag

1018. Stukken betreffende wekelijkse rustdag, 1961-1967. 1 omslag

1019. Stukken betreffende ijking van maten en gewichten, 1927-1969. 1 omslag

1020. Stukken betreffende Orde van de Architecten van West-Vlaanderen, 1964. 1 omslag

Reageer op dit bericht

St-Antonius

Paulus de eenvoudige: was de naamdat H. Hiëronimus later zou geven aan deze heilige.

De eerste christenvervolging brak uit in 243 in de streek van Thebe. Paulus, welke in 228 werd geboren was toen 15 jaar en vluchtte in de woestijn en ging er voor de rest van zijn leven wonen. Hij verbleef in deze afzondering gedurende ongeveer 100 jaar

De Heilige Paulus van Thebe, de eerste eremiet of heremiet, kluizenaar, anachoreet, iemand die in afzondering leeft in een kluis, kluisenarij of hermitage, buiten de bewoonde wereld wonen, ook nog woestijnvaders genoemd, Christelijke monniken.

Op wonderbare wijze bracht een raaf hem dagelijks een half brood. Antonius is hem een paar keer gaan bezoeken? Hij moest telkens smeken om binnen gelaten te worden in de cel van Paulus. Na de begroeting en een onderhouden gesprek bracht die zelfde raaf nu een heel brood. De eremiet stierf in 324, terwijl onze Antonius bij hem was. Paulus had indertijd een prachtige mantel ontvangen van bisschop Athanasius, en Paulus had vroeger de wens uitgedrukt om daarin begraven te worden. Antonius wikkelde hem er in.

Antonius, vond volgens de legende geen gereedschap om een kuil te graven, en er kwamen twee leeuwen uit de wildernis om het zand weg te graven. Toen de put voldoende groot en diep genoeg was, werd Paulus er in begraven. Zijn naamfeest wordt op 15 januari gevierd.

Het onderkleed welke Paulus, voor zichzelf had geweven uit palmbladeren, bewaarde Antonius als aandenken. Enkel op hoogdagen trok hij het kleed aan als piëteitsvol, liefdevolle gedachtenis jegens de overleden vriend.

De grote ketter en priester Arius(256-325) loochende de eenheid van Christus met God de Vader. Hij en zijn leer, het Arianisme, werd veroordeeld in het jaar 325 door het concilie van Nicea of Nikaua, stad in klein-Azië.

De bisschop van Alexandrië verzocht in het jaar 355, Antonius om in de stad te prediken om door zijn invloed de ketters te bestrijden en in te dijken. In kerken en zelfs langs de straten predikte hij de ware leer. Het volk wilde de man Gods zien, naar hem komen luisteren, of zijn kleed kunnen aanraken. Hij straalde warmte en genegenheid uit. Veel sekteleden lieten zich bekeren en stilaan verdween deze dwaalleer.

Daarop poogde aldus onze schrijver; de landvoogd de invloedrijke Antonius met allerlei beloften in Alexandrië houden, doch met een van zijn spreuken antwoordde hij,” Een monnik is gelijk een vis. De vis sterft uit het water. Een monnik gedijt niet als hij de eenzaamheid verlaat.”

Tijdens zijn verblijf verrichte Antonius verschillend wonderen: onder andere genas hij zieken, kreupelen, gebrekkige en deed duivelbezwering. Hij was beroemd en een vermaard man geworden, maar hij ontvluchte alle eer door te verklaren dat niet hij, maar wel Christus de genezingen en de duiveluitdrijvingen bewerkt.

Reageer op dit bericht

toponiemen

E. Elektriciteit, openbare verlichting, gas

 

983. Stukken betreffende elektriciteit, 1911-1955. 1 omslag

N.B. Met plannen.

984-985. Stukken betreffende Interwest, 1951-1965. 2 omslagen

984. 1951-1965.

985. 1959-1965.

986. Statuten van Gaselwest, 1975-1976. 1 omslag

N.B. Documentatie.

987. Stukken betreffende elektrische hoogspanningslijn Kortrijk-Moeskroen, 1963-1965. 1 omslag

N.B. Met plannen.

988. Stukken betreffende verplaatsen van elektriciteitspalen in de Kerkstraat, 1966. 3 stukken

989. Stukken betreffende bouw van een transformatorhuisje, 1949. 1 omslag

N.B. Met plan.

990. Stukken betreffende elektriciteits- en gasnet in verkavelingen, 1971-1976. 1 omslag

991-992. Stukken betreffende openbare verlichting, 1944-1976. 2 omslagen

991. 1944-1968.

N.B. Met plannen.

992. 1944-1976.

N.B. Met plannen.

F. R.T.T. en kabeltelevisie

993. Stukken betreffende de R.T.T., 1925-1955. 1 omslag

N.B. Met plan.

994. Stukken betreffende aanleg en uitbreiding van het telefoonnet, 1956-1969. 1 omslag

N.B. Met plannen.

995. Stukken betreffende uitbreidingen voor het telefoonnet en oprichting van telefooncellen, 1970-1976. 1 omslag

996. Stukken betreffende kabeltelevisie, 1975-1976. 1 omslag

N.b. programma’s; gunsttarieven.

Reageer op dit bericht

toponiemen

 C. Kerkhof

 

966. Stuk betreffende prijsberekening voor het plaatsen van een ijzeren afsluiting rond het kerkhof, 1950. 1 stuk

967. Stukken betreffende onderhoud, reglementering en lijst van kerkhofvergunningen, 1962-1966. 1 omslag

968. Stukken betreffende afschaffing van het kerkhof rond de kerk, 1962-1969. 1 omslag

969. Stukken betreffende aanleg van een nieuw gemeentelijk kerkhof, 1963-1970. 1 omslag

N.B. Met plannen.

970. Stukken betreffende aanleg van een nieuw gemeentelijk kerkhof, 1963-1964. 1 omslag

 

D. Riolering, waterleiding, waterlopen

N.B. Voor rioleringswerken zie wegenis.

971. Briefwisseling betreffende het rioolnet, 1965. 1 omslag

972. Stukken betreffende algemeen rioleringsplan, 1971. 2 stukken

N.B. Met plan.

973. Briefwisseling betreffende de waterleiding, 1941. 4 stukken

974. Stukken betreffende de waterleiding, 1963-1976. 1 omslag

N.B. Met plannen.

975. Stukken betreffende onbevaarbare waterlopen, 1882. 1 omslag

N.B. Met plannen; ontbreekt! Zie RA Kortrijk, Kaarten en plattegronden, 687.

976-977. Stukken betreffende onbevaarbare waterlopen, 1877-1971. 2 omslagen

976. 1877-1883.

977. 1951-1971.

978. Stukken betreffende werken aan beken en sloten, 1939-1949. 1 omslag

N.B. Loonstaten.

979. Stukken betreffende onderhoudswerken aan onbevaarbare waterlopen, 1955-1977. 1 omslag

N.B. Met plannen.

980. Tabel van de niet-bevaarbare noch vlotbare waterlopen, 1877.   1 deel

981. Rollen van de verdeling van de uitgaven voor onderhouds- en herstellingswerken aan waterlopen, 1898-1899, 1905, 1911, 1921. 5 delen

982. Omzendbrieven betreffende de sanering van het Gavergebied, 1962-1964. 1 omslag

1 reactie Reageer op dit bericht

St-Antonius

In 311, slechts 6 jaar nadat Antonius de eenzaamheid vaarwel had gezegd om zich aan zijn volgelingen te wijden barste de kerkvervolging los in Alexandrië. Tijdens de regering van de Romeinse keizer Maximinius, de Romeinse soldaten hielden een klopjacht op de christen.

Uit het werk van Vermeulen zien we dat het tijdens de kerkvervolging van Diocletiaan was.

Sinds 286 was er een samenwerking tussen Maximius en Diocletiaan. Uit die samen werking groeide wat door de Christenen: “ Het tijdperk van de martelaren” geheten werd.(303-311)

Het Thebaans-Romeinse legioen bestaande uit Koptische soldaten, weigerde deel te nemen aan de vervolging van hun christelijke landgenoten. Op bevel van de keizer werden deze diensweigeraars allemaal uitgeroeid. Het Romeinse leger zette hun vervolgingswaanzin alleen verder. Onbevreesd, getooid in zijn monnikenkleed trok Antonius er zijn broeders bezoeken die gevangen zaten of veroordeeld tot arbeid in de mijnen en niemand durfde het aan hem kwaad te doen of te hinderen. Hij toonde aan iedereen zijn vurigheid voor het christelijk geloof. Het martelarenschap zat er niet in voor hem.

Petrus, de patriarch van Alexandrië, was de laatste die stierf als martelaar op 24 november 311.

Het jaar daarop was de kerkvervolging, gestopt en keerde onze Heilige terug naar zijn kloostergemeenschap. Eenmaal nog keerde hij terug naar Alexandrië, in 351 om de H. Athanasius bij te staan in de strijd tegen de Arianen, die al veroordeeld waren door het concilie van Nicea in 325. De H. Athanasius (295-373) sedert 328 bisschop van Alexandrië, kwam soms op bezoek bij de kluizenaars. Hij was ten zeerste verwonderd over de levenswijze van de heilige mannen, over hun ascetisch leven van strenge vroomheid.

Wanneer Antonius de streek verliet was het om “buitenkloosters te stichten:” Zo ontstonden nieuwe nederzettingen in Arsinoë, Babylonië in Aphrodita. Het getal kluizenaars in die kloosters groeide steeds aan en bereikte op zeker ogenblik enkele duizenden. Ze baden, vasten, lazen de Bijbel waakten zongen psalmen, en woonden in afzondering in rotsspleten in navolging van hun vader Antonius.

En zo besloot Antonius op zeker dag meer naar het zuiden te trekken, dieper de woestijn in.

Aan de over van de Nijl wachtte hij op een schip dat hem zuidwaarts zou brengen. Terwijl hij daar stond kwam een karvaan met Arabische kooplieden voorbij en deze trokken oostwaarts richting dode zee, en hij sloot zich daarbij aan. Aan den berg Colzinus gekomen op zo’n 25 km van de Rode zee stapte hij van zijn kameel en zocht een geschikte plek om er te verblijven. Ook hier ging hij zich verstoppen om door niemand lastig gevallen te worden, doch na korte tijd vonden zijn discipelen hem opnieuw daar ze wisten dat hij allen spleten en spelonken opzocht. Ze bezorgen hem brood, olijven, bonen en olijfolie. Hij wilde hen niet tot last zijn en vroeg om hem een spade, een bijl en allerlei zaden. Nu kon hij spitten en zaaien en de oogst bracht genoeg op om voor zich zelf te zorgen. Zo was hij niemand tot last.

Doch de dieren kwamen regelmatig zijn groetentuin vertrappelen, en zo verteld de legende: “ Antonius sprak tot de dieren:” Ik heb jullie geen schade berokken. Ga heen en kom hier nooit meer terug!” En ze bleven weg. “Gehoorzaamheid en onthouding temmen wilde dieren!”Dit is een van zijn spreuken. Hij deed ook aan handenarbeid, zoals manden en matten vlechten.

Hij bezocht ook zijn kloosters, en overal werd hij met eerbied en ontzag ontvangen. Bij gelegenheid bezocht hij zijn vergrijsde zuster welke intussen overste was geworden van een maagdenklooster. Zij was begiftigd met een grote wilskracht, was zachtmoedig, innemend en opgeruimd van aard, ruimdenkend en moedig. Wellicht moet ze uit het zelfde hout gesneden geweest zijn aldus onze schrijver.

Zijn leerlingen wilden dichter bij den ouder worden abt komen wonen, uiteindelijk kregen er twee de toestemming om hem regelmatig te komen bezoek op de berg Colzinus, deze heeft thans de naam de berg van den H.Antonius te Deir Mâr Antonius, waar nog steeds een klooster staat. De leerlingen bouwden dicht bij een klooster te Pisper aan de Nijl nu Dar-el-Memum.

1 reactie Reageer op dit bericht

toponiemen

VIII. Openbare werken

A. Stedebouw, B.P.A.’s

895. Stukken betreffende documentatie en onderichtingen over stedebouw en ruimtelijke ordening, 1970-1971. 1 omslag

896. Stukken betreffende gewestplan Kortrijk, 1970-1976. 1 omslag

N.B. Met plannen.

897. Stukken betreffende B.P.A. nummer 1. "Centrum", 1957-1966. 1 omslag

N.B. Met plannen.

898. Stukken betreffende aankopen en onteigeningen van gronden voor de verwezenlijking van B.P.A. nummer 1 “Centrum”, 1958-1965. 1 omslag

N.B. Met plannen.

899. Stukken betreffende aankopen en onteigeningen van huizen voor de verwezenlijking van B.P.A. nummer 1, 1960-1974. 1 omslag

N.B. Met plannen.

900. Stukken betreffende B.P.A. nummer 2, "Tramstatie", 1957-1974. 1 omslag

N.B. Met plannen.

Ontbreekt. Vastgesteld op 22-06-2011.

901. Stukken betreffende wijzigingen B.P.A. nummer 2, 1957-1972. 1 omslag

N.B. Met plannen.

902. Stukken betreffende aankoop van onroerende goederen voor de verwezenlijking van B.P.A. nummer 2 , 1963-1966. 1 omslag

N.B. Met plannen.

903. Stukken betreffende aankoop van onroerende goederen voor de verwezenlijking van B.P.A. nummer 2, 1973-1975. 1 omslag

N.B. Met plannen.

B. Wegenis

904. Omzendbrieven betreffende wegeniswerken, 1956-1966. 1 omslag

905. Briefwisseling betreffende wegeniswerken, 1937-1952. 1 omslag

906. Briefwisseling betreffende wegeniswerken, 1957-1965. 1 omslag

N.B. Klachten, processen-verbaal.

907. Stukken betreffende de toestand van de wegen, 1948-1976. 1 omslag

908. Akten van verkoop van grond aan de gemeente voor de aanleg van de steenweg Moorsele-Rollegem, 1867-1970. 11 delen

909. Stukken betreffende wegeniswerken, 1904-1914. 1 omslag

N.B. Met plannen.

910. Stukken betreffende aankoop van grond voor de verbreding van de buurtweg nummer 2 , Tombroekstraat, 1934-1935. 1 omslag

911. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de wegen nummers 2, 4, 1935-1939. 1 omslag

N.B. Met plan.

912. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de scheidingsweg nummer 7/5 tussen Marke en Rollegem, 1936-1938. 1 omslag

N.B. Met plannen.

913. Stukken betreffende riolerings- en wegeniswerken aan de wegen van groot verkeer naar Aalbeke, nummer 147, naar Kortrijk en naar Tombroek, nummer 150, aan de wegen nummers 3, 21, 1938-1959. 1 omslag

N.B. Met plannen.

914. Stukken betreffende asfalteren van de weg nummer 6, Munkendoornstraat, 1951-1960. 1 omslag

N.B. Met plannen.

915. Stukken betreffende onteigeningen voor het verbreden en rechttrekken van de Kerkstraat, 1952-1960. 1 omslag

N.B. Met plannen van rooilijnen.

916. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de buurtwegen, gemeenzaam met Kortrijk, Elleboogstraat en Rollegemsesteenweg, 1953-1956. 1 omslag

N.B. Met plan.

917. Stukken betreffende asfaltering van de weg nummer 4, gemeenschappelijk met Luingne, 1953-1954. 1 omslag

918. Stukken betreffende betonverharding voor de wegen nummers 6, 10, gemeenschappelijk met Dottignies, 1953-1957. 1 omslag

N.B. Met plannen.

919. Stukken betreffende riolerings- en wegeniswerken aan de weg nummer 3, genaamd Kerkstraat en Oude Aalbekestraat, 1955-1963. 1 omslag

N.B. Met plannen.

920. Stukken betreffende verbeteringswerken in de buurtwegen nummers 4, 8, 20, genaamd Moeskroensestraat, 1955-4963. 1 omslag

N.B. Met plannen.

921. Stukken betreffende de buurtweg nummer 4, genaamd Moeskroensestraat, 1957-1958. 1 omslag

N.B. Met plannen voor onteigening en rooilijnen.

922. Stukken betreffende de buurtweg nummer 15, Bellegemsestraat, voetweg nummer 27, Sint-Cornelisweg, 1957-1960. 1 omslag

N.B. Met plannen voor onteigening en rooilijnen.

923. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de weg 7/5, genaamd Lampestraat, 1957-1959. 1 omslag

924. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de buurtweg nummer 10, genaamd Knokstraat, 1957. 1 omslag

925. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de buurtweg nummer 15 en aan voetweg nummer 27, 1957-1961. 1 omslag

N.B. Met plannen; aanleg van een nieuwe weg tussen de buurtwegen van groot verkeer nummer 147 en nummer 150.

926-928. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de buurtweg van groot verkeer, nummer 150, Kortrijksestraat, 1958-1974. 3 omslagen

926. 1958-1962.

N.B. Met plannen.

927. 1965-1967.

N.B. Met plannen.

928. 1964-1974.

N.B. Met plannen.

929. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de buurtweg nummer 10, Knokstraat, 1959-1967. 1 omslag

N.B. Met plan.

930. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de buurtweg nummer 13, 1959-1960. 1 omslag

N.B. Met plannen.

931. Stukken betreffende
verbeteringswerken aan de buurtwegen nummers 11, 12 en 14, 1959-1961. 1 omslag

932. Stukken betreffende verbeteringswerken aan landbouwwegen nummers 7 en 16, 1939-1961. 1 omslag

933. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de wegen nummers 26, 30, 34, 36, 39, 41, 42 en 43, 1959-1960. 1 omslag

N.B. Met plan.

934. Stukken betreffende verbeteringswerken aan buurtweg van groot verkeer nummer 150 en aanleg van een nieuwe weg naar Moeskroen, 1959-1962. 1 omslag

N.B. Met plan.

935. Stukken betreffende onteigeningen voor verbeteringswerken aan buurtweg nummer 15 en voetweg nummer 27, 1960-1961. 1 omslag

936. Stukken betreffende verbeteringswerken en onteigeningsplan van de weg van groot verkeer nummer 150, Kortrijksestraat, 1961-1967. 1 omslag

N.B. Met plan voor onteigeningen en rooilijnen.

937. Stukken betreffende buurtweg van groot verkeer nummer 156, “Kwabrugstraat”, 1962-1964. 1 omslag

N.B. Met plan voor rooilijnen.

938. Stukken betreffende aanleg van de autosnelweg Brussel-Kortrijk A 9, 1962-1969. 1 omslag

N.B. Met plannen.

939. Stukken betreffende aanleg van de rijksweg Kortrijk-Roubaix nummer 903, 1963-1976. 1 omslag

N.B. Met plannen.

940. Stukken betreffende buurtweg nummer 3, Oude Aalbeeksestraat en Marksestraat, 1963-1965. 1 omslag

N.B. Met plannen rooilijnen.

941. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de landbouwwegen nummers 5 en 20, 1963-1971. 1 omslag

N.B. Met plannen.

942. Stukken betreffende wegenis- en rioleringswerken in de wijk Oude Aalbekestraat en voetweg nummer 34, “Kerkstraat”, 1964-1967. 1 omslag

N.B. Met plannen.

943. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de landbouwwegen nummers13, 14 en 15, 1965-1970. 1 omslag

N.B. Met plannen.

944. Stukken betreffende de buurtweg nummer 6 Munkendoornstraat, 1965-1968. 1 omslag

N.B. Met plan met rooilijnen; onteigeningen.

945. Stukken betreffende verwerving van gronden voor de aanleg van een nieuwe straat, uitmondend in de Groene Dreef en voor de verbreding van de Kortrijksestraat en de Groene Dreef,

1965. 1 omslag

N.B. Met plannen.

946. Stukken betreffende aankoop van gronden ter verwezenlijking van het rooilijn- en onteigeningsplan voor de buurtweg nummer 34, Kerkstraat, 1966. 1 omslag

N.B. Met plan.

947. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de landbouwwegen nummers 3 en 7, 1967-1973. 1 omslag

N.B. Met plannen.

948. Stukken betreffende wegenis- en rioleringswerken aan de Kerk- en Schreiboomstraat, 1970. 1 omslag

N.B. Met plannen.

949. Stukken betreffende wegenis- en rioleringswerken aan de buurtweg van groot verkeer, nummer 156, Moeskroensestraat, 1971-1976. 1 omslag

950. Stukken betreffende wegenis- en rioleringswerken aan een deel van de buurtweg nummer 150, gemeenschappelijk met Luingne, 1971-1976. 1 omslag

951. Stukken betreffende aanleg nieuwe rijksweg Deerlijk-Moeskroen, 1971. 1 omslag

N.B. Met plan.

952. Stukken betreffende wegenis- en rioleringswerken in de wijk Tombroekstraat en Weimeersbeek, 1972-1973. 1 omslag

N.B. Met plannen; aanbesteding.

953. Stukken betreffende wegenis- en rioleringswerken in de wijk Tombroekstraat en Weimeersbeek, 1972-1976. 1 omslag

N.B. Met plannen; aanbesteding.

954. Stukken betreffende wegenis- en rioleringswerken aan de buurtweg van groot verkeer nummer 150, 1972-1976. 1 omslag

N.B. Met plannen.

955. Stukken betreffende verbeteringswerken aan de buurtweg van groot verkeer nummer 505, tussen de grens Bellegem en de buurtweg van groot verkeer nummer 147 te Rollegem, 1972. 1 omslag

956. Stukken betreffende aanleg autoweg A 17-A 71, Zeebrugge-Doornik, 1973-1976. 1 omslag

N.B. Met plannen.

957-958. Stukken betreffende onderhoudswerken aan wegen, 1919-1954. 2 omslagen

957. 1919-1940.

958. 1941-1954.

959. Stukken betreffende onderhouds- en besproeiingswerken aan landbouwwegen, 1964-1968. 1 omslag

N.B. Met plannen.

960. Stukken betreffende verlegging van voetwegen nummers 37 en 39, 1931-1933. 1 omslag

961. Stukken betreffende voetwegen, 1944-1961. 1 omslag

N.B. Met plannen.

962. Stukken betreffende verbeteringswerken aan het Marktplein, 1973-1977. 1 omslag

N.B. Met plannen.

963. Stukken betreffende aanleg van stoepen, 1953-1955. 1 omslag

964. Stukken betreffende opgave van de bestaande fietspaden, 1974. 2 stukken

965. Stukken betreffende aanleg en zorg voor beplantingen, 1971-1974. 1 omslag

N.B. Met plan.

Reageer op dit bericht

St-Antonius

Den Duivel, zou den spelbreker worden, hij was jaloers over deze volmaaktheid, hij zou alles in het werkstellen om Antonius ten onder te brengen.

De schrijver vervolgt:” Met listen en allerlei vleierijen, trachtte de duivel hem enkele aantrekkelijke drogredenen wijs te maken; hoeveel goede werken hij had kunnen doen met zijn grote rijkdom, En daarbij zou de vervelende eenzaamheid hem eindelijk fataal worden!”

De ene bekoring na de andere diende zich aan, maar Antonius verweer was onmiddellijk breken met alle aanlokkelijke voorstellen en gedachten. Naar mate Antonius groeide in innerlijke rust en vrede, hoe meer de duivel hem onrustig wilde maken.

Hij gebruikte alle middelen om Antonius ten val te brengen. Onder verschillende gedaanten verscheen hij: als zeemonster, huiveringwekende dieren, naakte vrouwen, griezelende wezens, vreemde gedrochten, kwelgeesten, angstaanjagende behaarde misvormende ondieren, lopende bokkenpoten, met klauwen spookverschrikkingen met stierkoppen, met reptielenstaarten met horens en veel solferen zwavel, kortom echt vreeswekkend. Doch Antonius hield stand, hij richtte zijn ogen ten hemel en bleef bidden tot de Heer.

Bij een aanval kreeg onzen Antonius zoveel stokslagen dat hij voor dood op de grond bleef liggen. Zij die hem vonden brachten hem tot bij een kapel, waar ze de ganse nacht bij hem bleven. ’s Morgens kwam hij terug tot het bewust zijn en hij vroeg hem terug te brengen naar zijn cel. Daar aangekomen riep hij tot de duivel: ”Ik Antonius, ben er weer! Ik deins voor u niet terug”Na die stoere taal bleef hij dubbel waakzaam door nog strenger te vasten, nederigheid en gebed.

Zijn dagelijkse maaltijd bestond uit wat weinig brood, wat zout en een paar dadels, hij dronk alleen water. Volgens Butler: Het schrale voedsel dat hij tot zich, en dit voor de rest van zijn dagen, was zes oncen, in water gedoopt brood, een beetje zout en van tijd tot tijd enkele dadels. Later, toen hij oud geworden was gebruikte hij van tijd tot tijd een beetje olie. Hij sliep weinig, verdubbelde zijn gebeden en regelmatig kastijdde hij zijn lichaam. Het ging zelfs zover dat hij ging wonen ineen oude graftombe. Nu ging den duivel tekeer met ijselijk getier, en hem te slaan en te verwonden. Toch Antonius gaf niet toe, en vertrouwde volledig op Gods hulp. God zou hem voortaan meer bijstaan en beloofde zelfs zijn naam “Antonius” vermaard te maken over gans de wereld. Van dan af liet de duivel hem meestal met rust.

Dat de bekoringen door heel wat kunstenaars werd op doek gezet is niet verwonderlijk, denken we maar aan Pieter Breugel te bewonderen in Paleis Balbi te Genua, of James Encor in het museum of Modern Art in New-York, of nog Salvator Dali in het koninklijk museum Schone kunsten te Brussel om er maar enkele te noemen.

Toen Antonius 35 jaar oud was stak hij de oosterarm van de Nijl over en ging wonen in een oud verlaten kasteel op de berg Pisper. Gedurende 20 jaar zou hij daar in volledige afzondering geleefd hebben. Af en toe brachten vrienden hem wat brood, welke maanden lang goed eetbaar bleef. Hij verbleef er in volledige afzondering. Niemand liet hij nog bij zich toe en zelfs de vriend die hem voedsel bracht moest dat over de muur werpen zonder Antonius te benaderen.

Aangetrokken door de verhalen over zijn heiligheid, kwamen asceten zich in grotten en hutten rond het kasteel vestigen. Het is op hun aandringen geweest dat hij uiteindelijk toegaf aan hun verlangen om onder zijn leiding te mogen leven, en zijn eenzaamheid opgaf.

Butler schrijft over de periode dat Antonius in zijn rotsgraf leefde:’ .. de demon, jaloers over de vooruitgang die Antonius dagelijks miek op weg naar zijn volmaaktheid, stelde alles in het werk om hem te overwinnen.” In den beginnen beproefde hij het met bekoringen die echter geen vat hadden op de kluizenaar en toen kwam hij met de grote middelen voor den dag. Hij verscheen onder de meest afgrijselijke gedaanten. Maar daarmee was Antonius nog niet overwonnen Plots echter aldus opnieuw Butler: “ daalde een hemels lichtstraal op Antonius neer en de demonen namen beschaamd de vlucht! Toen riep Antonius vertwijfeld,” Waar waart Gij, meen Heer en Meester? Waarom zijt u niet gekomen van bij de aanvang van het gevecht? Helaas, Gij zoudt mijn tranen gedroogd en mijn pijnen gestild hebben! En een stem antwoordde hem: Antonius, ik was dicht bij je. Ik heb jouw strijd gadegeslagen en omdat je zo moedig weerstaan hebt aan de aanvallen van je vijanden zal ik je nu beschermen voor al de dagen van je leven en je naam beroemd maken over heel de wereld.”

Rond het jaar 305 besloot hij zich te wijden aan het onderricht van die mensen en hun levensregel voor te schrijven.

De eerste commune, die men het klooster “Phaïum” heette, verdiende bezwaarlijk de naam “Klooster” Het was eigenlijk alleen een verzameling van hutten en grotten die overal in het rond verspreid stonden.

Dit kleine groepje groeide echter stilaan uit tot een bloeiende gemeenschap van eremieten die onder een gezamenlijke regel leefden en waardoor Antonius terecht de naam kreeg van “Stamvader der monniken.”

Gerard vervolgt”Hij legde daar als eerste de grondvesten van het kloosterleven. Hij zelf verbleef meestal alleen in zijn cel om te bidden en streng te vasten en bleef verstoken van ieder contact met de buiten wereld. Niet tegenstaande al zijn strenge wetten en ontbering zag Antonius er kloek en gezond uit, was nooit ziek en leefde gelukkig en tevreden. Een gezonde geest in een gezond lichaam. Zo werd hij vergeleken met een machtige oude beuk. Hij was in alle opzichten een echt voorbeeld voor al zijn discipelen.

Hij die in zijn jeugdjaren niet naar school wou gaan, gaf nu zelf regelmatig les en onderrichtingen in brieven gericht aan zijn leerlingen.

Hij herhaalde vaak hetzelfde, soms in de vorm van vaderspreuken” Denk gedurig aan de eeuwigheid. Waak altijd tegen de bekoringen. Stel u steeds te weer tegen de aanvallen van de duivels. Breng uw dagen door in gebed, met strenge vasten en doe goede werken”.

Van een twintigtal brieven welke hij schreef zijn er slechts zeven bewaard gebleven.

Van de H. Hiëronimus kon men later vernemen dat Antonius inderdaad schriftelijk connecties onderhield met al zijn kloosters in de vorm van onderrichtingen en spreuken.

Reageer op dit bericht

toponiemen

5. Ravitaillering en rantsoenering

853. Registers betreffende de rantsoeneringsdienst, 1914-1918. 6 delen

854. Briefwisseling van de diensten voor ravitaillering en rantsoenering, 1940-1948. 1 omslag

855. Stukken betreffende personeel van de diensten voor ravitaillering en rantsoenering, 1940-1942. 1 omslag

856. Stukken betreffende het gebruik van de landbouwopbrengst, 1940-1942. 1 omslag

857. Stukken betreffende richtlijnen betreffende de prijzen, 1940-1941. 1 omslag

858. Lijsten van de ravitailleringsdienst, 1944. 1 omslag

859. Stukken betreffende rantsoenering van aardappelen, 1940-1941. 1 omslag

860. Lijsten betreffende levering van slachtvee, 1942-1943. 1 omslag

861. Stukken betreffende rantsoenering van eieren, 1940-1941. 1 omslag

862. Stukken betreffende levering van koolzaad, 1943. 1 omslag

863. Stukken betreffende rantsoenering van graan en brood, 1940-1944. 1 omslag

864. Stukken betreffende verdeling van boter en melk, 1940-1941. 1 omslag

865. Stukken betreffende zoutbevoorrading, 1940. 1 omslag

866. Stukken betreffende levering van huiden en wol, 1941-1942. 1 omslag

867. Stukken betreffende bevoorrading van steenkool, 1941-1945. 1 omslag

868. Stukken betreffende inlevering van non-ferro metalen, 1940-1941. 1 omslag

869. Stukken betreffende inlevering van afvalgoederen, 1941-1944. 1 omslag

870. Stukken betreffende inlevering van rubber, 1941-1942. 1 omslag

871. Stukken betreffende inlevering van prikkeldraad, 1944. 4 stukken

872. Stukken betreffende bevoorrading van papier, 1941-1943. 4 stukken

873. Inlichtingen en briefwisseling betreffende plagerijen, 1940 en 1947. 1 omslag

874. Registers betreffende boekhouding van de rantsoeneringskaarten voor eetbare producten, 1943-1944. 11 delen

N.B. “Geboorten-vestiging van hoofdverblijf”.

875. Registers betreffende boekhouding van de rantsoeneringskaarten voor eetbare producten, 1943-1944. 5 delen

N.B. "Overlijdens-verandering van hoofdverblijf".

876. Registers betreffende boekhouding van de rantsoeneringskaarten voor eetbare producten, 1944-1945. 2 delen

N.B. “Vertrek voor meer dan dertig dagen”.

877. Briefwisseling en onderrichtingen betreffende ravitailleringszegels, 1940. 1 omslag

878. Stukken betreffende aanvullende rantsoeneringszegels voor arbeiders en zwangere vrouwen, 1940-1941. 1 omslag

879. Briefwisseling en onderrichtingen betreffende rantsoeneringskaarten, 1941. 3 Stukken.

880. Register met de gegevens van de uitgifte van rantsoeneringskaarten, 1947-1948. 1 omslag

881. Lijst van de rechthebbenden op rantsoeneringskaarten, april-juni 1946. 1 omslag

N.B. April-juni.

882. Borderellen van rantsoeneringszegels, 1941-1946. 1 omslag

883. Stukken betreffende rantsoeneringszegels, 1941. 1 omslag

884. Stukken betreffende rantsoeneringskaarten, 1939-1940. 1 omslag

885. Register betreffende zeep, 1947-1948. 1 deel

N.B. Zegelbladen.

886. Inventarissen van de zeepkaarten, 1941-1944. 1 omslag

887. Stukken betreffende de machtigingen tot bevoorrading voor zeep, 1941-1944. 1 omslag

888. Stukken betreffende machtigingen tot bevoorrading van zeep, 1946. 1 omslag

889. Stukken betreffende meelkaarten, 1947-1948. 1 omslag

N.B. Niet-verhandelbare dubbels.

890. Stukken betreffende de aangiften van de aardappelvoorraden, 1940. 1 omslag

N.B. November-december.

891. Omzendbrieven betreffende het opmaken en bijhouden van de rantsoeneringskaarten, 1951-1958. 1 omslag

892. Stukken betreffende rantsoeneringskaarten, 1950-1970. 1 omslag

893. Stukken betreffende toelagen voor huishoudelijke wederuitrusting voor het gemeentepersoneel, 1946-1949. 1 omslag

894. Stukken betreffende textielgoederen en schoenen voor het personeel, 1945. 1 omslag

Reageer op dit bericht

St Antonius

De relieken van St-Antonius.

Gretig dier, beestachtige afgrond, wellust van het vlees, smartelijke tweestrijd, vlammende hartstocht, onoprechter trouw, praatzieke tong, gewapende furie, vurige afgunst, baaierd van roddel, bekoorlijke pest, monsterachtige leugen, veroorzaakster van schipbreuk, aanstichtster van haat, eerste zondares, onruststookster, ondergang van koninkrijken, woud van hoogmoed, grimmige tirannie, IJdelheid der ijdelheden, nietsontziende gedrevenheid, beeld van afgoden, jaloerse na-ijver. De bovenstaande vertaling uit het Latijn van een “ alfabet van vrouwenondeugden” uit 1450 is een weinig vrouwvriendelijke voorbeeld van de opvattingen die men in den tijd had over vrouwen. Het is afkomstig uit een moraaltheologisch werk van een zekere Antonius. Het werk is eeuwenlang herdrukt en nam in die tijd een vooraanstaande positie in. Antonius verantwoordt de opname van het alfabet in zijn boek met de noodzaak van een waarschuwing tegen het verderfelijke in de vrouw. Hij verklaart echter ook uitdrukkelijk dat het alfabet niet voor alle vrouwen geldt. Er zijn, zelfs in zijn visie, voortreffelijke vrouwen, waartoe natuurlijk in de eerste plaats de maagd Maria gerekend moet worden.

Het staat vast dat in het alfabet genoemde ondeugden van de vrouw in die tijd zeer bekend waren. Het waren geen vrijblijvende gemeenplaatsen, maar geaccepteerde denkbeelden. Dat leest we in de gazette.(20/1/1983)

We geloven niet dat deze zekere Antonius den onzen zal geweest zijn, want volgens de Gerard was “ het land van onzen Antonius, Egypte een geschenk van de Nijl, het land van de reusachtige piramiden, van dorre woestijn, hij werd er geboren, hij heeft er geleefd en is er gestorven.

En hij beschrijft hier verder, Egypte welke gesitueerd is in het noordoosten van Afrika, westwaarts van Palestina. De Sahara, een onmetelijke woestijn over heel Noord Afrika, welke reikt tot aan de Rode zee. De woestijn welke doorsneden word door een strook van 50 km breed en 1000 km lange landstrook, welke regelmatig overstroomd wordt door de Nijl en daardoor een vruchtbaar gebied afzet en het bewoonbare Egypte vormt. In dit dal van de “hemelse Nijl” bevinden zich steden en dorpen, alsook een enorme schat aan kunsten: reusachtige piramiden, verbazingwekkende sfinxen, monumentale tempels, het artistieke hoogtepunt van de Egyptische kunst! Al deze gebieden rond de Middellandse zee waren in het begin van onze tijrekening bezet door de Romeinen. Het vaderland van onze Antonius een Romeinse provincie bestond toen uit twee delen: Opper Egypte met Thebe als hoofdplaats en Neder Egypte met als hoofdplaats Memphis.

Buiten het Nijldal was enkel wildernis en woestijn. Hier waren de overblijfsels te vinden van de vroegere steengroeven waar de heersende Farao’s stenen lieten houwen om hun piramides en tempels mee te bouwen. Het is precies in dit woest gebied dat de diepgelovige kluizenaars zich kwamen vestigen. Of ze hier lang vertoefden, meestal tijdelijk, zelfs na enkele dagen, hoogstens na een jaar keerden ze al terug naar de bewoonde wereld.

. Zij voor het materialistische of wegens herhaalde christenvervolging. De eerste kluizenaar welke hier langer verbleef was de H. Paulus van Thebe. Hij verbleef in een schamele grot van zijn 15het levensjaar tot aan zijn dood. Hij werd 113 jaar oud!

Hier zou onzen Antonius meestal verblijven en rondzwerven na zijn vertrek uit zijn geboortedorp Come.

Hij werd er geboren in het jaar 251, het dorp noemt thans Keman-el-Arus gelegen bij de stad Heracleen ten zuiden van Memphis.

Zijn ouders waren ontzaglijk rijk en zeer godvruchtige Kopten. Kopten dat zijn Egyptische christenen die de leer van Christus beleden. Ze waren in de minderheid, en daardoor leefden ze meestal in dorpen, ze ontvluchten de steden uit schrik voor vervolging van de Romeinen.

Er waren ook joden, maar de meerderheid waren heidenen. Hun godsdienst was veelgoderij.

Zijn ouders waren zeer bezorgd over zijn opvoeding, hij werd groot gebracht in het vaderhuis, waar weinig tijd werd besteed aan studie of aan andere leervakken of kennis. Hij ging niet naar school daar de leraren heiden waren. Hij sprak alleen Koptich, een vorm van Egyptisch dialect, de taal van de streek. Hij was zeer vroom, spijts zijn grote rijkdom, hij woonde alle kerkelijk diensten mee, beoefende alle deugden van matigheid en versterving. Hij eerde vader en moeder, was onderdanig en hield van de eenzaamheid.

Hij verloor zeer vroeg zijn ouders op amper 20 jaar was hij al belast met de opvoeding van zijn jongere zus. Bij het afsterven van zijn ouders was hij in het bezit van een aanzienlijk erfdeel.

Na het overlijden gedurende een kerkdienst hoorde onzen Antonius volgende aangrijpende woorden: ”Ga, verkoop al uw bezittingen. Geef het geld aan de armen en gij zult een schat hebben in den hemel. Wees nooit verlegen voor de dag van morgen”

Deze evangelische woorden zouden het verdere leven van hem bepalen. Hij trok naar huis en deed wat hij vernomen had. Hij plaatste zijn zus in een maagdenklooster, waar ze later abdis is geworden.( Volgens de meest moderne onderzoekers is dit het eerste vrouwenklooster waarvab men een spoor ontdekt in de literatuur.)

Gerard schrijft als volgt: “Antonius behoorde niet tot het dagelijkse soort stervelingen, zoveel is duidelijk bij alles wat hierna volgt”.

Hij trok hierna na de onherbergzame woestijn, zijn besluit stond vast hij ging leven als de arme Job.

Hij leefde in kleine schamele hut, hij liep ongeschoeid, droeg een haren onderkleed, een mantel van schaapsvel met kap en zwarte lederen gordel. Hij bracht zijn dagen door in gebed en boetedoening, met lezing in de H. Schrift en allerlei handwerk.

Reageer op dit bericht

toponiemen

3. Oorlogsschade

831-832. Stukken betreffende oorlogsschade, 1914-1944. 2 omslagen

831. 1914-1927.

832. 1940-1944.

833. Stukken betreffende schade aan gebouwen, 1940-1946. 1 omslag

834. Briefwisseling van het Commissariaat voor 's lands wederopbouw, 1940-1942. 1 omslag

N.B. Loonstaten.

835. Stukken betreffende vaststelling en schatting van oorlogsschade, 1946-1959. 1 omslag

N.B. Formulieren.

 

4. Oorlogsslachtoffers, oudstrijders

836. Stukken betreffende hulp aan noodlijdende families, 1914-1918. 1 omslag

N.B. Oorlog.

837. Stukken betreffende hulp aan opgeëiste werkers, uitgedrevenen, vluchtelingen, enz. 1919-1924. 1 omslag

N.B. “Zivilarbeiters”.

838. Stukken betreffende oorlogsslachtoffers, 1940-1963. 1 omslag

839. Stukken betreffende weggevoerden en te repatriëren personen, 1940-1954. 1 omslag

840. Stukken betreffende vluchtelingen, 1939-1948. 1 omslag

841. Stukken betreffende het huisvesten van vluchtelingen, 1939. 1 omslag

842. Stukken betreffende Nationaal Steunfonds voor de geteisterden, 1943-1948. 1 omslag

843. Stukken betreffende tegemoetkomingen aan de kinderen van de Oudstrijders W.O. I., 1922-1933. 1 omslag

844. Stukken betreffende oudstrijdersbonden, 1941-1951. 1 omslag

845. Stukken betreffende aangiften van verloren eigendommen door de leden van het V.O.S., 1941. 1 omslag

846. Lijsten van militairen die uit gevangenschap zijn teruggekeerd, 1940-1941. 1 omslag

847. Stukken betreffende verzetslieden, 1944-1950. 1 omslag

848. Stukken betreffende aanvraag van een rente voor frontstrepen, 1947. 1 omslag

849. Stukken betreffende Nationale Kas voor oorlogspensioenen, 1924-1972. 1 omslag

850. Stukken betreffende gesneuvelde soldaten, 1940-1946. 1 omslag

851. Stukken betreffende militaire graven, 1940-1970. 1 omslag

852. Stukken betreffende gerepatrieerde vluchtelingen, krijgsgevangenen, e.d., 1944-1945. 1 omslag

Reageer op dit bericht

Meer van Rollegem blogt ...

↑ Terug naar de berichten