2.11 In een nieuwe verpakking

Het mandaat van Goossens vormde de aanzet tot meer dan 150 jaar liberaal bewind. Het liberale overwicht werd pas doorbroken met de aanstelling van de socialist Rik Boel in 1965. Deze sterke politieke tendens had zonder twijfel te maken met het ontstaan van de Tiense Suikerraffinaderij, waarvan de directeurs, beheerders en commissarissen een uitgesproken liberale voorkeur hadden. Deze figuren speelden bovendien een vooraanstaande rol op gemeentelijk vlak. De belangrijkste vertegenwoordiger van dit fenomeen was Victor Beauduin (foto links). Hij werd op 14 april 1845 geboren te Rosoux-Crenwich in de provincie Luik en overleed te Elsene op 9 november 1904. Van opleiding was hij doctor in de rechten. In zijn geboortedorp was hij tevens landbouwer en oprichter van de Sucrerie de Rosoux. Na de dood van Henri-Antoine Vinckenbosch in 1874 kwam hij samen met Louis-Joseph-Henri Vinckenbosch aan het hoofd van de Société en nom collectif Vinckenbosch et Cie. In 1887 werd Beauduin afgevaardigd-beheerder van de nieuw opgerichte N.V. Tiense Suikerraffinaderijen. Hij zou dit trouwens tot aan zijn dood in 1904 blijven.
Victor Beauduin was een zeer verdienstelijk politicus. Op 29 oktober 1878 werd hij voor de eerste maal tot gemeenteraadslid van de stad Tienen gekozen. Toen Louis Vinckenbosch in 1892, na een mandaat van amper één jaar kwam te overlijden, werd hij bij Koninklijk Besluit als plaatsvervangend burgemeester aangeduid. Bij de volgende verkiezingen werd hij herverkozen. Hij zou de burgemeesterssjerp tot aan zijn dood dragen. Binnen het stadsbestuur genoot Beauduin de steun van de volledige liberale achterban. Door zijn toedoen werd de stad zowel op sociaal-economisch, als op cultureel vlak volledig gemoderniseerd. De waterleiding werd aangelegd, het wegennet werd uitgebreid, de straten werden gesaneerd en er werd aan woningbeleid gedaan. Daarnaast stimuleerde hij het culturele leven door de oprichting van een stadsbibliotheek en een stadsmuseum. Tevens stond hij in voor de wederopbouw van de afgebrande stadsschouwburg.
Via de imposante persoonlijkheid van Beauduin kende het liberale gedachtegoed ook weerklank op nationaal en internationaal vlak. Van 27 mei 1900 tot 9 november 1904 was Beauduin volksvertegenwoordiger voor het arrondissement Leuven. Zijn tussenkomsten en redevoeringen in de kamer waren legio. Zij hadden vooral betrekking op het landbouwvraagstuk en droegen bij tot de oprichting en vorming van landbouwcommissies. Hij was tevens voorzitter van het ‘Beschermcomité voor werkmanswoningen van Tienen, Glabbeek, Zoutleeuw en Diest’, ondervoorzitter van de provinciale landbouwcommissie, voorzitter van de ‘Provinciale kas tegen veesterfte’ en voorzitter van de ‘Volksbank van Tienen’. Gedurende beperkte tijd maakte hij ook deel uit van de provincieraad van Brabant.
Het vroegere hotel de ‘Tinnen Schotel’ op de Grote Markt, waar tegenwoordig de muziekacademie en de dienst Cultuur van de stad zijn ondergebracht, was een tijd lang de woning van burgemeester Victor Beauduin . Toen hij zich in 1875 met zijn gezin te Tienen vestigde, bewoonde hij oorspronkelijk de directeurswoning van de Tiense Suikerraffinaderij. In 1894 kocht hij het prachtige herenhuis op de Grote Markt. Zijn erfgenamen zouden het goed in 1909 aan de stad verkopen. Later werd hier een nijverheidsschool gevestigd die een tijd lang zijn naam zou dragen.











