Oud Rollegem
Heren van Rollegem of den naam “Van Rollegem”.
De graven bouwden versterkte heuvels die als toevluchtsoorden konden dienen van de bevolking. De abten omringden hun abdijen met stevige wallen en de bisschoppen lieten muren rondom de bisschoppelijke steden optrekken. De afstammelingen van Karel de Grote verloren al zo volledig hun prestige en de plaatselijke leiders namen de kans waar om hun macht in plaats van die van de koning te stellen.De erfgenamen van de grote Keizer eindigden in machteloosheid, zoals de Merovingers die door de hofmeiers van Austrasië onttroond waren. Deze keer was er geen sterke hand om de macht over te nemen: het koningsschap werd verleend bij voorkeur door de groten van het rijk en de macht werd verdeeld onder de grootgrondbezitters. Een nieuwe wereld was geboren: men noemde dit het feodale of leenroerige stelsel.
De feodale tijd, het bewind van de Heren.Nu waren de gronden de enige bron van inkomen, en de koningen namen de gewoonte aan om in ruil van een bewezen dienst een stuk grond van hun domein af te staan.
Ze konden geen geld meer geven daar dit zeer schaars geworden was. Heren die gronden gekregen hadden hielden ze dan ook zoveel mogelijk voor hun nakomelingen. Dat noemde men “Lenen”
Zo konden deze op hun beurt de goede strijders een stuk grond geven. Deze werden dan hun “vazal” of leenman en de grootgrondbezitter werd de “suzerein”of leenheer.
De leenman kon op zijn beurt zijn leen verder verdelen en werd zo leenheer.
Door deze veelvuldige verdeling werd ons land een uitgestrekte legkaart: elk grondgebied behoorde tot een ander groter stuk en elke kleine leenheer was leenman van een grotere heer.
Het feodale contract, werd bekomen, door dat de vazal eerbetuiging aflegde tegen over zijn leenheer. De ceremonie ging als volgt te werk, hij knielde blootshoofd en ongewapend voor zijn leenheer en verklaarde hem manschap(dienstbetoon) te leveren.
Vervolgens hielp de leenheer hem opstaan en deed hem eed van trouw afleggen op heiligen relikwieën.Tenslotte gaf de leenheer hem investituur waarbij hij hem een symbolisch voorwerp overhandigde bv. Een lans of stok.
Wat waren nu zijn verplichtingen tegen over zijn leenheer? Hij moest hem vergezellen naar oorlogen, hem helpen vrijkopen zo hij gevangen genomen werd, Hij moest hem ook bijstaan bij rechtspraak.
Deze verplichtingen waren heilig. Hij die dit niet deed werd meinedig verklaard en verloor zijn leen.
Het was ook in deze tijd dat vele dorpen en steden welke op de kaart kwamen.
Volgens de beschrijver, vindt u de benaming: ’t zij primitief kasteel of heerlijkheid.
Het primitieve kasteel draagt de naam van de heren van de grond. Het is oostwaarts van de gemeenteplaats gelegen en op ‘t einde van een nogal korte hellende dreef die de afwatering van de vermelde plaats tot gevolg heeft in de grachten (sloten) die door de plaatselijke bevolking putten worden genoemd.
De heerlijkheid: het leengoed van Rolleghem-over-Leye bestond uit een brug op een heuveltje(mote) omringt door water, midden zesentwintig “bonniers” landbouwgrond en weiden, een windmolen, grond en ridderrenten.
’s Heren domein dat de meester behoudt voor het onderhoud van zijn huisgenoten.
De rest is over het algemeen verdeeld in een aantal uitbatingen voldoende om te voorzien in het onderhoud van de familie. Volgens de sociale toestand van den boer, die zulk pachthof betrok werd dit vrij manus (pachthof) of dienstbaar manus genoemd.

















Bellegemseweg
