Dagboek
Dus er was vreugde er was gezongen muziek spelen er was zooveel plezier en ik zegde voor mij begint de oorlog voor goed alles is voorbij is mijn man gevallen? ? Leeft hij en elk zegde morgen om 3 uur staan wij op en gaan naar huis, ik zegde we moeten wagten naar mijn broeder we moeten weten hoe het in het dorp is neen we gaan naar huis, hebben wij een huis is het niet in gruis , we gaan al te zamen in de fabriek is ze nog geheel ewel in ’t klooster , betstaat het nog , in de kerk bestaat het nog vroeg ik als aan, laat ons wagten zegde ik , nu alle male op laden pakken maken en vooruit naar Grimbergen, mij kindjes op die kortewagen geladen zoo koud geijseld, als ik bij de boer kwam hij zegde dat ventje zal niet overleven hij is bijna versteven en zo mager zoo teeder enfin we gingen, er waren nu geen soldaten mede die zegden die mensen moeten hier binnen me stonden alleen, we zien als maar soldaten, soldaten van wat volk zeide gij vroeg ik eerste saseur tweede ssaeur , geen derde sarseurs waarom vraagt gij dat zegde er een omdat mijn man soldat is,, soldat is soldat neemt een ander soldat, dus ik werd bespot

