Blauw oog!

Blauw oog…
Een stotteraar komt bij een goede vriend aan. Deze bekijkt hem en ziet
dat zijn vriend stotteraar een ket van een blauw oog heeft.
Awel zegt de vriend, hoe komt gij aan dat blauw oog?
Da da_da 's van mijn sch_sch schoonva_va_vader!
Amai zegt de vriend, toffe schoonpa hebt gij.
Waarom doet hij nu zoiets?
Pppff, zegt de stotteraar, we w_waren n_n_naar d_de TV aan het k_k_k_kijken en de h_hoond licht v_v_voor m_m_mijnnen neus en is zich m_m_met z_z_zijnen a_a_achterp_p_poot in zijnen n_n_n_nek aan het k_k_ krabben.
En ik vraag a_a_a_aan m m_m_mijn s_s_s_schschoonv_v_vader o_of hij dat ook k_k_kan.
En hij kl_kl_klopt op mijn oog.
Ja, zegt zijne maat, dat is toch geen reden om iemand een blauw oog te kloppen zeker!
I_i_ind_d_derdaad, zegt de stotteraar, m_m_maar tegen d_dat i_i_ik dat g_g_gevraagd had, was den h_h_hooond al aan zijn b_b_ballen aan het likken.
L.L.




















