
"Boudewijn en Fabiola wilden troonopvolger adopteren"
In het midden van de jaren zestig speelden koning Boudewijn en koningin Fabiola met de idee kinderen te adopteren. Het kinderloze koningspaar wilde daarmee niet alleen hun kinderwens vervullen, ze wilden ook een troonopvolger.
Weesjes van kolonialen
In 1964 wilden Boudewijn en Fabiola twee weesjes adopteren. Het paar kon geen kinderen krijgen, maar Boudewijn wilde toch een troonopvolger. Boudewijn wilde Belgische kinderen adopteren die hun ouders hadden verloren bij de oproer in Congo.
Geen recht op troon
Boudewijn legde zijn voornemen voor aan de toenmalige regering van premier Theo Lefèvre (CVP, 1961-1965). Lefèvre zag er geen graten in, integendeel: kinderen zouden de koning dichter bij het volk brengen. De regering won het advies van de Raad van State in, die geen wettelijke bezwaren tegen adoptie zag maar waarschuwde dat een adoptiekind geen aanspraak zou kunnen maken op de troon.
Erfeniskwestie
Dat stelde Boudewijn voor een paleizenhoog probleem. Het was hem immers om de troonopvolging te doen en bovendien wilde hij koste wat het kost dat zijn familiefortuin naar de kroonprins zou gaan. Dat zou niet gebeuren met adoptiekinderen, want die en niet de kroonprins zouden de 'reservataire' erfgenamen worden. "Hoe graag Boudewijn ook kinderen wilde, dat had Boudewijn er niet voor over", stelt Debels.
Tegen het advies van artsen in probeerden Boudewijn en Fabiola alsnog kinderen te verwekken. Fabiola kreeg echter drie miskramen, die haar ei zo na het leven kostten. (lb)
Boudewijn en Fabiola tijdens een kinderfeest op het paleis van Laken in 1979.





















