Sommigen noemen me een kommaneuker (muggenzifter). Of ik die bijnaam verdien, moeten mijn bezoekers maar beoordelen. Op dit blog wordt in elk geval niet geneukt, misschien wel geluld (voor het eerste bestaan andere wipsites, pardon, websites).
Op dit blog schrijf ik zowel persoonlijke “dagboek-notities” als commentaren, ernstig of luchtig, op uiteenlopende onderwerpen. De afbeeldingen zijn – tenzij anders vermeld – meestal geschilderd of op computer getekend door mijn echtgenote, waarbij haar 12 jaar academie-opleiding en workshops goed van pas komen. Tot eind 2008 toonde ze haar creaties trouwens op een eigen blog: https://blog.seniorennet.be/computeroma maar ze ziet meer in één gezamenlijk blog voor ons beiden.
Neen, die uitspraak komt niet van mij, ik zou niet durven, en trouwens ook niet willen. Het is niemand minder dan de beroemdste man uit onze nationale wielergeschiedenis Eddy Merckx die zich tegenover de pers (GVA 4.7) in die kwetsende bewoordingen uitliet over de tennissport, waarin onze landgenoten Kim Clijsters, Justine Henin e.a. op wereldniveau de hoogste ogen scoren. Roland Garros winnen, een finaleplaats in Wimbledon (wie weet met een Belgische winnares?), het is niet niks. Eddy steunt zijn uitspraak op zijn overtuiging dat (alleen) wielrenners echt afzien, in tegenstelling tot tennissers, die om de zoveel spelletjes mogen uitrusten, een massage of sanitaire stop mogen vragen of andere faciliteiten genieten. Nog afgezien van het feit dat het altijd riskant is om totaal verschillende sporten met elkaar te vergelijken, heb ik niet het gevoel – integendeel - dat tennissers inderdaad zo weinig fysische inspanning leveren. Bovendien vind ik de verwijzing naar bepaalde groepen medemensen niet erg geslaagd en ook niet meer passend in deze tijd. Ik wil niets afdoen aan de grote verdiensten van Eddy Merckx voor onze Belgische wielersport, maar uitgerekend op een moment dat de zuiverheid van die sport zwaar bediscussieerd wordt (doping…) zouden (ex-)wielrenners zich beter discreet onthouden van negatieve commentaren op andere sporten. Kortom, uitspraken als die van Merckx vind ik in één woord gewoon DOM, eigenlijk té dom om er woorden aan vuil te maken. Ik hoop dan ook dat Kim, Justine en andere tennissers er niet op zullen reageren; eigenlijk is het al te veel dat ene kommaneuker er – bij gebrek aan beter - een blog aan verspilt… TOE(kom)MAATJE “Ik noem mezelf een retro-futurist: iemand die vasthoudt aan de goede kanten van het verleden, en die aanvult met het beste van vandaag” Alex Callier, (Hooverphonic) De VOLGENDE KOMMA wordt een verrassing, ook voor mij...
Eén keer per jaar heb ik het twijfelachtig genoegen enkele uurtjes door te brengen in een gevangenis. Om misverstanden te voorkomen: mijn tijdelijk ‘verblijf’ is volledig vrijwillig en heeft te maken met mijn lidmaatschap van een gemengd zangkoor, dat eens per jaar door de gevangenisaalmoezenier wordt uitgenodigd om in de kapel een religieuze viering muzikaal op te luisteren. Gewoonlijk zijn er zo’n 20 à 30 gedetineerden die – uiteraard geheel vrijwillig – de dienst bijwonen; hun uitgesproken waardering voor ons ‘speciale’ repertoire is verrassend. De gesproken teksten worden bovendien voor een deel door de gevangenen zelf verzorgd, wat een bijzondere sfeer schept, zoals trouwens het hele gebeuren vanaf onze aankomstmelding bij de portier, het afgeven van onze identiteitskaarten, het passeren van allerlei detectiepoorten (inclusief het afgeven van piep-piep-piep veroorzakende voorwerpen), luid galmende metalen trappen en gangen en in het midden van het stervormig gebouw een controle-unit met een reeks tv-schermen. Kortom, het geheel ademt een zeer beklemmende sfeer. Hier werken als bewaker moet volgens mij bijna even erg zijn als het gedwongen verblijf voor de gevangenen zelf. Sommige koorleden kunnen die speciale sfeer trouwens niet aan – ook al is het maar voor enkele uren - en doen aan dit jaarlijks ‘optreden’ dan ook niet mee. Ik zelf daarentegen zou de confrontatie met dit milieu juist niet graag willen missen: ze doet me telkens weer dankbaar beseffen in wat voor een paradijs ik mag leven.
TOE(kom)MAATJE Mijn krant heeft nog steeds een kolom die ze vroeger de ‘rubriek van gebroken armen en benen’ noemden. Soms lees ik daarin zoiets als “een dame werd rond 13.27 u. beroofd van haar handtas” en denk dan: wat vaag!, “rond 13.27u”?, had die madam dan geen secondewijzer op haar horloge?… Vergelijkbare vragen komen bij mij op als ik lees dat een of ander project ongeveer 198.796,79 euro heeft gekost…
Een van onze zoons droomde er al op zijn vierde van, om ‘later’ viool te spelen. Toen hij acht was, mocht hij eindelijk naar de muziekschool. Het eerste jaar, uitsluitend notenleer, vond hij gelukkig niet saai en had het er graag voor over als hij maar ‘ooit’ een instrument mocht bespelen. Wat uiteraard geschiedde. Hij zal een jaar of 10 geweest zijn toen we het ventje een keer op zijn slaapkamer (waar hij zijn vioollessen oefende) aantroffen, in eigenaardige houdingen heen en weer bewegend achter zijn lessenaar: half door zijn knieën gezakt, rug gebogen, hoofd krampachtig schuin, schouders afwisselend omhoog en omlaag, kortom: volgens ons een onmogelijke houding voor viooloefeningen. We keken hem verwonderd aan en vroegen waarom hij daar zo raar stond te kronkelen. Zijn ‘antwoord’ was niet bepaald verhelderend, integendeel: “Ja papa en mama, mijn leraar heeft gezegd dat ik mijn houding moet verbeteren (!!??) en dat ik die moet oefenen voor een spiegel…” -“Ja maar manneke, hier heb je toch helemaal geen spiegel!” -“O jawel hoor, kijk maar, hier op mijn ‘pupiterke’!” En inderdaad: op de hoek van zijn muziekstandaard had hij een …zakspiegeltje gezet!! We hebben hem dan maar naar de badkamer gestuurd, waar hij zijn musicerende spiegelbeeld ‘levensgroot’ kon beoordelen. Toen we zijn leraar het verhaal vertelden, kon die er uiteraard hard om lachen. Intussen verdient onze zoon al weer ettelijke jaren zijn boterham als professioneel violist in orkesten, als solist en als leraar. En zijn eigen verleden indachtig raadt hij zijn leerlingen aan om hun houding steeds ‘voor een GROTE spiegel’ te controleren!
TOE(kom)MAATJE. Het is voor niemand een geheim dat de beruchte groene milieubox uit 1992 een kolossale flop was, behalve dan voor enkele handige jongens die er een flinke duit aan verdiend hebben. Het kinderslot werkte zo “goed” dat ook volwassenen het niet open kregen. Ik heb het onding al meerdere keren bij het “groot vuil” gezet maar zelfs die mannen willen (mogen?) het niet meenemen!
De VOLGENDE KOMMA (komend weekend?): nog geen flauw idee (heeft iemand een tip?)
In lezersbrieven (onlangs nog in Humo) duiken ze af en toe nog op: chauffeurs die er prat op gaan dat ze ondanks hun vele kilometers “steeds braaf de verkeersregels respecteren”. Welnu, ik beweer dat ze ofwel bewust liegen ofwel naïevelingen zijn. Als zelfs de zgn. “bevoegde overheden” erkennen dat ons land krioelt van onduidelijke, misleidende, tegenstrijdige en zelfs onwettige verkeerstekens, dan is het per definitie gewoon onmogelijk om je steeds te houden aan wat er op een welbepaalde plaats en tijdstip precies verplicht, toegelaten of verboden is.
Bij een dubieuze signalisatie probeer ik te handelen naar wat in de concrete situatie het meest logische lijkt, hopend dat ik in mijn goede trouw geen boete oploop. Soms maak ik foto’s voor mijn “plakboek”, als illustratie voor de slordigheid waarmee de verkeers”deskundigen”(?) te werk gaan. (voorbeeld: het bord op de foto betekent gewoon dat je moet betalen om te parkeren; het bordje ‘met geldige bewonerskaart’ dat ze eronder hebben gehangen slaat uiteraard nergens op; misschien hadden ze er een over?)
TOE(kom)MAATJE. Ik probeer meestal zo correct mogelijk Nederlands te schrijven (en te spreken). Mijn vrouw vindt me soms een echte … kommaneuker; voor haar geldt min of meer het principe: ‘als je mekaar maar begrijpt’. Maar ik geef toe dat haar spontaan taalgebruik wel eens tot verrassende vondsten leidt; ze werd onlangs getroffen door een pijnlijke zona en zei dat haar ene dij het ‘getroffenste’ lichaamsdeel was! Voor de VOLGENDE KOMMA (misschien pas tegen het volgend weekend?) heb ik nog niks; ik aarzel tussen enerzijds een reeks losse flodders en anderzijds iets over astronomie (niet te verwarren met astrologie a.u.b.!).
In mijn vorig bericht zag u een foto van mijn vrouw zonder tanden. Om aan te tonen dat ze er MET tanden toch iets voordeliger uitziet, ziet u hierbij een andere foto (hoewel ze daar nog een jaar ouder is), waarop we samen met een van onze 13 kleinkinderen naar het vogeltje kijken.
TOE(kom)MAATJE. “Er werd niet geschoten maar er ging een schot af”, las ik in GVA 19.6 ivm een per ongeluk op een vluchtende man afgeschoten politiekogel.
Mijn vrouw en ik delen heel wat hobby’s maar op andere terreinen lopen onze voorkeuren vaak sterk uiteen. Zij houdt b.v. van contacten met vreemde volkeren en culturen. Ze kan enthousiast vertellen en schrijven over haar ‘alternatieve’ reizen (met ‘Vreemde Kontinenten’) naar Egypte, Nepal, Marokko, India, Mongolië … maar ik ben telkens blij dat ik ‘niet mee hoef’: doodsbang om daar ‘iets’ tegen te komen en dan aan plaatselijke ‘dokters’ of andere medicijnmannen overgeleverd te zijn. Haar laatste grootste reis (2002) was een drie weken durende trektocht door de steppen van Mongolië met 7 andere Vlamingen.
Haar dagboek bevat heel wat interessante details, foto’s en leuke anekdotes. Zo schrijft ze over een ontmoeting met een tandenloze ‘eenzame oude cowboy: hij had mijn leeftijd. Toen hij me zag, vroeg hij of ik nog al mijn tanden had! Ik heb het moeten demonstreren, zie de foto; we lagen plat van het lachen!’ Nu moet u weten dat ze al ettelijke decennia valse tanden draagt, die bij het tafeltennissen al eens tot grote hilariteit hebben geleid (zie mijn blogje van 6.5 ‘een huppelend kunstgebit’). De vraag van de Mongoolse paardendrijver naar haar tanden-arsenaal werd dan ook op zeer aanschouwelijke wijze beantwoord: zie de (helaas nogal vage) foto waar ze zit met het losse kunstgebit in de rechterhand. Dat zij er ‘mét’ al haartanden’ wel wat gezelliger uitziet, wilde ik u laten zien op een andere foto maar het lukt me niet om twee foto’s in eenzelfde bericht toe te voegen (kluns die ik ben…). Kijk daarom alstublieft (alstublieft!) naar het afzonderlijk blogje dat ik onmiddellijk hierna toevoeg!
Enkele dagen geleden was zangeres Natalia betrokken in een enorme verkeerschaos op de E313. Volgens een trucker zou zij door plots te remmen aan de basis hebben gelegen van de problemen. Natalia zelf beweert dat ze, na een tijdje in de linkerrijstrook achter een vrachtwagen gereden te hebben, inderdaad moest afremmen om via het rechter rijvak een uitrit te kunnen nemen.
Ik ben uiteraard niet bevoegd om in dit geval wie ook te (ver)oordelen – dat is een taak voor degerechtsdeskundigen – maar het verhaal van Natalieke doet me sterk denken aan wat ik zelf ook eens op die E313 heb meegemaakt. Ook ik reed in de linkerrijstrook achter een vrachtwagen, zeker vijf km vóór een afrit die ik wilde nemen. Die vrachtwagen passeerde op zijn beurt een collega maar hun snelheden waren bijna gelijk, gevolg: kilometers lang reden de twee truckers naast elkaar en ik besefte dat ik de rechtse niet meer tijdig zou kunnen passeren en moest dus proberen achter hem in te voegen. Pas op het allerlaatste moment, dus vlak voor de afrit, kreeg ik daarvoor eindelijk wat ruimte zodat ik in extremis de snelweg kon verlaten. Het verhaal van Natalia leek me dan ook niet zo ongeloofwaardig
TOE(kom)MAATJE Het 'Duits' van de grote Belgische doelman Jean-Marie Pfaff, die ooit aan Bayern München was verbonden, was hilarisch. 'Hij hast dahr viele penalties geschtopt en die Härte van die Mensche schneller doen slaan.' De mediagenieke doelman geeft (gaf?) vanaf 9 juni les in Duitse voetbalterminologie op een blog ter gelegenheid van het WK. Ganz toll!(kijk op http://nieuwsbrief.taalpost.nl/r/tp.plx?1362-546 .bron: Taalpost 9.6.2006
De VOLGENDE KOMMA (21.6?) is geïnspireerd op het dagboek van mijn vrouw, toen ze in 2002 een trektocht ondernam in de steppen van Mongolië; daar horen wel twee foto’s bij en ik hoop dat het mij lukt om die aan de tekst toe te voegen.
In het Vlaams/Nederlands cultuurtijdschrift ‘Nederlands van Nu’ las ik de volgende uitspraak van onze Vlaamse ‘Buitenland’minister Geert Bourgeois:“We delen een gemeenschappelijke taal (…) maar zijn op een punt gekomen (…) dat we elkaar nog wel horen maar niet meer begrijpen. Ik ben een voorstander van ondertiteling via teletekst voor doven en slechthorenden, maar vind het verschrikkelijk dat Nederlandse tv-programma’s in Vlaanderen ondertiteld worden en vice versa. (…) Het gesproken woord groeit in Nederland en Vlaanderen al te zeer uiteen. Eenheid in de gesproken taal moet een prioriteit worden. Is hier niet een aanvullende taak voor de Taalunie (…)?” -
Bourgeois heeft groot gelijk, maar IK vind het erg dat sommige programma’s niet zozeer door het ontbreken van ondertiteling onverstaanbaar worden, maar vooral ook door het vaak onduidelijk gebroebel van de ‘Nederlands’(?)talige sprekers (naar mijn indruk zijn vooral tieners en sportbeoefenaars daar ‘sterk’ in).
TOE(kom)MAATJE. In GVA loopt al een tijdje een knap getekende strip ‘Kiekeboe’ met o.a. een jongedame wier vestimentaire uitrusting beperkt is tot enkele mini-lapjes op strategische plaatsen. Die juffrouw rent voortdurend als een wervelwind heen en weer door het beeld en het is me dan ook een raadsel hoe alles toch zo ‘mooi’ op zijn plaats blijft. Ik heb geen flauw idee waar het verhaal over gaat maar hoop iedere morgen (tot nog toe tevergeefs) dat de tekenaar op een goeie dag eens een kommavriendelijke ‘uitschuiver’ maakt…
Voor de VOLGENDE KOMMA (17 of 18.6?) weet ik echt nog niet met wat voor blabla ik de wereld nog eens kan verrassen…
De volgende teksten haal ik letterlijk uit een advertentie van Fortis (getting you there) in de Vlaamse media, waarin het bedrijf sollicitantenzoekt voor de volgende zes domeinen: “”Senior Advisors voor de afd. Reporting Policies; Project Managers voor de afd. Performance, Consolidation & Accounting en Reporting Office; Financials Analysts/Financial Manager voor afd. Structuring en Capital managemant; Manager Compliance Assurance in Financial Reporting voor afd. Reporting Office; Junior/Senior Tax Advisors voor Fortis Tax; Specialists Accounting, Reporting & Control voor afd. Performance, Consolidation & Accounting.””
Elke vacature wordt nader “verduidelijkt” met termen als implementatie van interne policies, mobiliseren van stakeholders, samenwerking met een performant team en commerciële businesses. Fortis noemt zich een community waar professionals het beste uit zichzelf halen met o.m. het managen van tax-issues en compliancebeheer. Ik ben uiteraard al veel te oud om nog te solliciteren, anders zou ik aan Fortis (getting you there!) de vraag gesteld hebben: “ik spreek ook nog Nederlands, is dat een bezwaar?” ….
TOE(kom)MAATJE. Geleerderikken hebben vastgesteld dat de TV-documentaire met en over koningin Paola werd bekeken door 755.738 kijkers (bericht in GVA 8.6); dus geen 755.737 of 755.739! Nooit geweten dat ze de kijkcijfers zó precies konden berekenen.
VOLGENDE KOMMA: Spreken wij Vlamingen wel dezelfde taal als de Nederlanders?
In een van de items in “Taalpost” van 5.4.2006, elektronische nieuwsbrief van het Genootschap Onze Taal, werd mijn aandacht getrokken door het woord … kommaneuker! Ik citeer: <<In het Engels heten ze 'nitpickers': mensen (…) die speelfilms bekijken (…) om er fouten in te ontdekken. Sporen (…) van de wereld buiten de film, inconsistenties in het decor - van die dingen. Ook in het Nederlands is 'nitpicker' een gangbare aanduiding hiervoor. Maar sinds kort worden zulke nitpickers in het Nederlands ook wel omschreven als 'foutspotters'. (…) Het is niet uitgesloten dat dit Nederlandse equivalent het woord 'nitpicker' op den duur zal verdringen, al was het maar omdat 'nitpicker' (kommaneuker, muggenzifter) een nogal negatieve bijklank heeft.>> Waarvan akte…!
TOE(kom)MAATJE. Mijn vrouw herstelt momenteel van een pijnlijke aandoening, nl. een Zona. (het gaat intussen al veel beter, dank u). Een kennis vroeg: “Wablief? een zoon A, hebben jullie soms ook een zoon B?” (Hahaha).
In de VOLGENDE KOMMA (10 of 11.6?) vraag ik me ironisch af of kennis van het Nederlands soms nadelig kan zijn voor Vlamingen die solliciteren voor een job.