Zaterdag 2 april 2011
Lentezegen

Mooier sprak nog nooit voor mij U lentezegen,
die nu al bloemrijk geurde langs mijn wegen.
Heel de Natuur juichte mij een welkom toe.
Koesterend juichende mensen; hulde doend.
Ontleen nu mijn lied aan natuur zijn taferelen.
Vele melodietjes te horen uit vogels hun kelen.
Laat nu het mooie lentegroen in het Bergdal;
in mijn ogen samenvloeien met een waterval.
Mogen jullie scharen nu vallen midden in de hagen,
zodat de Lentegeur me tegenmoet blijft dragen.
Klaag niet langer; nu de Lente weer tot ons komt;
zijn schoonheid; maakt dat dra mijn lied verstomt.
Voel weer, dat dichterswoorden zinnen baarden,
een grote gevoelensklont; gemaakt met de aarden.
Begon mijn wandeling; al badend in zonne-glans;
hoofd en neus fors omhoog; naar deze hemelkrans.
Met Toon Hermans zijn mooie woorden gesproken;
Zo heeft hij heel lang aan het raam gezeten;
de tuin werd groen en toen weer grijs;
tot dat hij Godzijdank heeft begrepen;
dat er geen teken kwam; dat hij het zelf moest doen.
auteur:Adrie.2.4.2011.©
Geschreven door Adrie van Gansen om 13:20
Reageer op dit bericht






