Het Sociaal monument.
' O mensen, zie U Geest en fatsoen nu toch zo zakken,
alleen mensen die nu tegen u fatsoen aanschreeuwen.
Zij kunn…
Het Sociaal monument.
' O mensen, zie U Geest en fatsoen nu toch zo zakken,
alleen mensen die nu tegen u fatsoen aanschreeuwen.
Zij kunnen nu kennelijk alleen, laf en dom berekenen;
wat nu voor hun fatsoen; minimale voorzieningen zijn.
'O mensen nu zo klein, wil en kan niet meer met u zijn.
U voelt tussen u vingers, uw geld steeds meer kriebelen,
maar het laffe en lage deel waar jullie af gaan rekenen,
het deel waar je nu gaat raken; was onze sociale strijd.
De storm loeid nu al door het holler wordende bouwval,
hij beukt, breekt nu tegen sociale-wetten reuzensterk.
Zie zwarte wolken; zweven langs de resten van het verval;
nu verstard, tot monument; een heilsoldaat met zwarte pet.
auteur:Adrie.29.7.2011.
Soms als een vleugelwiek. Soms is het moeilijk tot een einde van ruzie te komen, ook niet nadat er vele woorden pijnlijk blijven stromen. So…
Soms als een vleugelwiek.
Soms is het moeilijk tot een einde van ruzie te komen, ook niet nadat er vele woorden pijnlijk blijven stromen. Soms een punt of komma als einde achter iets te plaatsen; zonder dat het wordt steeds met woorden bijven kaatsen.
Vaak verstard; even vanuit een onbegrepen moment,
die zich dan versteend in hun geheugen hebben vast gezet.
De reden is dan; bij zijn geboorte al onvindbaar overleden,
en vaak als een mythe door roddelende tante's voortgezet.
Soms een moment of woorden die zo hebben gegriefd.
Ik spreek dan, van in de ochtend pijnlijke vleugelwiek. En toch weet men dat deze pijn vele jaren kan duren,
te horen en voelen als schepen die die langs kade schuren.
auteur:Adrie.28.7.2011.
Spiegels zich gaan stellen. Probeerde nooit meer aan "ons" huis te denken, maakte het samen met "onze" tuin tot verleden. Wilde steeds dat i…
Spiegels zich gaan stellen.
Probeerde nooit meer aan "ons" huis te denken,
maakte het samen met "onze" tuin tot verleden.
Wilde steeds dat ik snel kon zeggen het is verleden,
dat ik ook snel kon zeggen; alle leed dat is geleden.
Toch blijft mijn hart steeds zeggen; ik houdt van haar,
ook na; dat velen naar ons hart en dingen gingen haken.
Zien en ruiken van een tuin zet mijn hart op springen.
Ook al draait God dan zijn mooie lampen plagend laag,
voel ik toch steeds weer; de oude liefde bij me wringen.
Ik weet het; je hebt mij vast niets meer te vertellen.
Onze jaren zijn voorbij; nu ook spiegels zich gaan stellen,
al ga je steeds tegen waarheid vertellende spiegels te keer.
Als je dood bent; wordt alles weer vertrouwd en van jou.
auteur:Adrie.20.7.2011.
Een Arts Haar nors gezicht en strak gevormde mond, nooit tot lach of warme woorden bewogen. Grote machtige en bijna kwetsende ogen; steeds p…
Een Arts
Haar nors gezicht en strak gevormde mond,
nooit tot lach of warme woorden bewogen.
Grote machtige en bijna kwetsende ogen;
steeds peilend hun hart en ziel hun grond.
Waakte er voor; dat ze hun hart verstond.
Steeds spiedend naar verdriet uit het hoge.
Lachend werd hun alleen trots toegeworpen.
Haat omdat je alleen haar spot bij ze vond.
Vriendelijk woord bijna honend toegeworpen.
Voor zichzelf hield ze haar gevoel omsloten;
keek steeds of zelf hun licht uit wilde doen.
Voelde en zagen in haar hart toch wat gevoel.
Tussen hun een kloof waar ieder steeds voor stond;
een kloof; niet te overbruggen; dieper dan de hel.
Te horen haar machtige stem als uit een intercom;
een macht staande als op een betonnen fundament.
auteur:Adrie.18.7.2011.
Mijn nieuwe woning.
De eisen waar mijn nieuwe woning aan moest voldoen;
was het smeden van een ruwe bolster tot een blanke pit.
Maar had op een dag; ook mijn mooie parel bijna goed;
maar besefte dat ik mistte; het leven waar muziek in zit.
Wilde me weer begeven tussen de mensen en hun gedrang.
Mijn nieuwe leven werd nu te rustig te puur en onbewogen.
Ook bezie ik weer in mijn eentje de zons onder en opgang,
Vormen zich weer eenzame tranenslootjes onder mijn ogen.
Beleef nu weer alleen het mooie avondrood en ochtenstond,
waarbij soms mijn handen eenzaam tussen de sterren waren.
Ervaar nu vaak, relaties als omgaan met een kreupele hond.
Heb ik dan mijn bootje teveel op rustiger water laten varen?
Maar mijn eenzaamheid; dieper dan zichtbare eenzaamheid;
het is die eenzaamheid die mijn hart vaak doet verkrampen,
is een erfenis uit de mij nooit geaccepteerde scheidingstijd.
Wil ook niet; somber tegen de mooie Wereld aan blijven kijken!
auteur:Adrie.17.7.2011.
Weerklank. De wind en woeste regen is weer snel gaan liggen. Bloemen weer open gegaan als een bruidsboeket. Als ik nu iets tot de bloemen en…
Weerklank.
De wind en woeste regen is weer snel gaan liggen.
Bloemen weer open gegaan als een bruidsboeket.
Als ik nu iets tot de bloemen en het zonnetje zeg,
zegt het zonnetje; voel stromen;geluk bij je binnen.
Met mijn gedichten kan ik overal onbekommerd wonen,
maar zonder dicht vindt mijn hart nergens onderdak.
Met mijn dicht en gevoel, is nooit een dak een zwak,
maar alleen met woorden en dicht kan ik overal wonen,
zo lang ik weet, dat woorden komen tot een weerklank.
Denk niet aan de tijd die ooit tot me zal komen,
dat voor mijn woorden dan de kracht ontbreekt.
Alles is dan tevergeefs, als ik om woorden smeek ,woorden waar ik mijn woning mee kon bouwen.
Eens de tijd, dat mijn graf als woning openbreekt.
auteur:Adrie.7.7.2010.
Kleur en glans gegeven. Er gebeuren zo van die dingen in je Leven, geven gijn; en sommige dan weer sjagrijn. Zit ik te gieren van het lachen…
Kleur en glans gegeven.
Er gebeuren zo van die dingen in je Leven,
geven gijn; en sommige dan weer sjagrijn.
Zit ik te gieren van het lachen in de regen,
drijfnat te denken; ook regen moet er zijn.
Ja ik heb uit de mond van moeder gehoord,
als bij een huwelijk; ook bij zon regen hoord.
Zat daar nu na-lekkend in mijn stoel gezeten,
te denken; Ma ik heb je lesje goed begrepen.
Ja het is zoals ons aller Toon ons steeds zei;
dat ik de bloemen zie; zo blij en bont,
komt door de kleuren van de achtergrond.
Daar staan verdriet en armoe,
al de sores van mijn leven,
zij hebben aan de bloemen kleur en glans gegeven.
auteur Adrie.16.6.2011.
Mistery Mijn leven lijkt doortrokken met de loerende dood. En toch houdt ik nog niet van zeuren en klagen. Vraag mijn ziekte soms wel om wat…
Mistery
Mijn leven lijkt doortrokken met de loerende dood.
En toch houdt ik nog niet van zeuren en klagen.
Vraag mijn ziekte soms wel om wat mildere dagen.
Bij pijn en verdriet houdt ik me misschien te groot.
Als ik later afvraag wat me daar door overschoot?
Ook ik heb ze van die vervelende nachten en dagen,
dat mijn gevoel verdrietig vraagt; om een wisse dood,
toch wil ik niets weten van dat jammeren en klagen.
Ja, er is teveel in me; wat in me is blijven knagen,
dat verloren liefhebben wat maar is blijven vragen,
maar alles bleef voor me; heel misteryeus en doof!
En daar blijft alles mee doortrokken; tot mijn dood.
auteur:Adrie.4-7-2011.