Zaterdag 18 februari 2012
Dorpskoerier
Dorpskoerier.
Mijn lichaam gaat nu, als de avond is gevallen;
en mijn dorp slaapt; nog snel een hoekje om;
praalwagens wachten in schuren en stallen.
Ook mijn schaduw weer trouw als een hond.
Mijn schaduw sjokt vermoeid met me mee.
Hoor nu voetstappen lachend weg rennen;
tegen een muur een donkere plek en damp;
ook de damp rent met de luide stappen mee.
Hun lach weergalmt tegen een vensterruit.
Carnavalsmuziek, geluiden zachtjes te horen;
Voorzichtig dit komt de Dorpskoerier ter oren;
dan hebben jullie misschien de leut al verbruid.
auteur:Adrie.18.2.2012.
Zaterdag 18 februari 2012
Hallo lieve keibaandenleuterraars; wens jullie allemaal een heel mooi Carnavalsaweekend; met heel veel liefs en grutekes van Adrie...
Zijn gekwetst hart
Op een dag toen ook alles hem verliet;
verliefd werd op een mooie Doktersmeid;
zag je hun als veulens rollen door de wei;
dat werd voor het dichterke een schone lei.;
s'morgens dichten en vogels observeren;
s'middags gaan ze met hun sport kleren;
dan zwerven over strand en verre zee.;
even kunnen de gedichten hem niet deren
Maar lezers houden scherp in het oog;
hoe het nu met zijn dichten is gesteld.
Lette op dat hij zijn liefste niet bedroog;
nu zijn gedragingen worden opgemerkt!
Maar met bevende hand; en zoete lach;
begraven samen zijn leven gekwetst hart.
Snel nog het laatste blad dat daar lag;
en nu brengt het zonnetje de nieuwe dag..
auteur:Adrie./7.2.2012.
Kinderen hun griezelig roversbos.
Het zonnetje maakte gaatjes door bevroren ruiten;
terwijl de bloemen sierde de ruiten al vele dagen.
En dit niet steeds zonder velen hun kil onbehagen.
maar al snel voelde men het zonnetje daar buiten.
Maar Koning Winters bloemen hielden vele dagen;
met ijselijk patroon; door de winter vast geboeid.
Maar zijn Kunstwerk maakte ook ogen vermoeid.
Nee; zijn kunst kon velen toch niet meer behagen.
Toen maakte het zonnetje zijn bevrijdende schijven;
al waren veel jongeren nog op winterkunst verliefd.
Zag de Winter zijn kunst al snel in de goten drijven.
Heb toen snel het zonnetje wel heel steels bespiedt.
Liet zelfs geen ijspegels meer aan de daken zitten;
zelfs niet meer aan kinderen hun beruchte roversbos.
Nee; ook hier wist het zonnetje zijn stralen te richten;
tot in de bomen met hun met pegels versierde top.
auteur:Adrie.15.2.2012.
Hierbij krijgen jullie allemaal een heel lieve Valentijnsgroet van mij.
Een koude winternacht.
Hoorde de kille wind gierend in het gebint
Ook de wind ijzig kil door het kamerraam;
je warme lijf in gedachten onvervangbaar;
voelde me dan koud; verlaten zonder zicht.
Een lief warm woord; kon je al beminnen;
of een lieve luide lach en haar oogopslag.
Herinneringen warm opstijgend wat was;
toen ontwaken met warm en zoet minnen.
Maar deze liefde in eeuwigheid gevangen;
als deze nacht; waaruit de kilte ontwaakt.
En mijn liefdes dromen ijselijk gevangen;
in kou en kilte als de nacht weer vervaagd.
auteur:Adrie.
Zaterdag 11 februari 2012
Buur zijn schalkse verhalen.
Zat met Buur te genieten van een borrel bij de haard;
het vuurtje knorde en morde wat stilletjes binnensmonds.
Buur vertelde verhalen die in de leugenboeken staan.
Dat allemaal vertellend met een eerlijke snuit en mond.
Vertelde veel van zijn ondeugden die hij vroeger bezat;
wat die lieve God en zijn Ouders niet hadden verdiend.
Wist dat hij hier voor vagevuur en hel niet ontlopen zal;
zeker als hij bedacht, nog veel meer schalkse verdiensten.
Maar lachend hoopte hij nu; dat het meeste is verjaard;
en veel was er al bestraft; met Vader zijn vele klappen;
en die waren feller en harder dan van de Open haard.
Maar zelfs bij de Wet raakt alles toch ook eens verjaard.
Gooi hier mijn ondeugden als een papiertje in de haard.
auteur:Adrie.11.2.2012.
De naderende Lente.
De naderende Lente liet zich al geweldig voelen;
leek te naderen, het einde van het Winterseizoen.
Ook zag je aan bo…
De naderende Lente.
De naderende Lente liet zich al geweldig voelen;
leek te naderen, het einde van het Winterseizoen.
Ook zag je aan bomen, heesters het eerste groen.
Zachtjes naar buiten mijn tafel en de zomerstoel.
Dronk met buur een glas wijn als de Lente-zegen;
blij dat ik ook geen bladeren meer hoef te vegen.
Tot de Winter,dra boos weer ten tonele verscheen.
En hoe hard hij dat deed; zo is er toch geen een.
Zet maar eens op de ijsvloer uw zware beentjes;
laat zien hoe vrolijk wij dan toch nog kunnen zijn.
Wat dacht gij; zouden we die lof nog waard zijn.
Ach; laat kriebelen in de schaatsen uw teentjes.
Beter zo; dan dat het Voorjaar wat gaat knoeien;
laten we niet het weermannetje gaan verfoeien.
“Ach kom,,; de Lente is al lang weer onderweg;
Of zit steels lachend achter de bocht in de weg.
auteur:Adrie.10.2.2012.
Etalageraam
Zat met make-up aan de balie gezeten,
kon innerlijke pret; niet met haar delen;
zo aan haar balie gezeten; met zo velen.
Eerst een etalage met andere zien delen;
als andere aangeklede poppen; als velen.
Zag ze ook bij Mis Etam staan te pronken;
met een ander stil achter het etalageraam.
Ze leken te lokken als in een Kermiskraam.
Keken strak; wat kan de wereld me schelen,
hoef alleen mijn strak zijn met jullie te delen.
Met strak poppengezicht alles is nu van mij;
nu aan de balie; had ze een metertje bij drie,
geen sterveling die dan haar wanhoop ziet,
wil nu met de wolken weg uit deze grijze tijd,
weg uit die tijd van wat vrijen en dan slaven,
of dat ze als bij Mis Etam aan mij vergapen.
auteur:Adrie.9.2.2012
Je lot leren te begrijpen. De Filosofie Leert ons ons lot te begrijpen, De relegie leert ons, Het met vertrouwen Te dragen, De kunst leert o…
Je lot leren te begrijpen.
De Filosofie
Leert ons
ons lot te begrijpen,
De relegie leert ons,
Het met vertrouwen
Te dragen,
De kunst leert ons,
Er de schoonheid
van te ervaren.
auteur:Ernst v Feuchtersleben.7.2.2012
Vermoeiend aangezicht.
Het dagelijks zo vermoeiend aangezicht; een schrijver noest op zijn papier gericht; tot de maan schuift; gordijnen …
Vermoeiend aangezicht.
Het dagelijks zo vermoeiend aangezicht;
een schrijver noest op zijn papier gericht;
tot de maan schuift; gordijnen weer dicht,
en ziet verflauwen zijn olielampjes-licht.
Schrijft niet alleen over politieke heden;
maar schrijft soms ook over het verleden.
Of hij antwoord mist in zo triest verleden,
of iemand dat toen wist te ontvreemdden.
Zie soms een diepe pijn achter in zijn ogen;
dieper dan 't schrijven hem heeft bewogen
Man; welk vuur en pijn heeft jou gedreven;
dat je hart en ziel nu in stukken zijn gereten.
auteur:Adrie.29.1.2912.
Verachterlijk slijk.
In het Park stond een verdrietige oudere dame,
haar ogen, en wangen nat geweend met tranen.
was eens te zien op de omslag van elke krant.
moet zich nu heel ongezien en ellendig wanen;
omdat de mensen nu langs en over haar staren.
Zagen haar nu als een oude stuk gelezen krant,
De mooie bloem; door ouderdom neer geslagen.
Verschrompeld, verdord van de steel geslagen;
streelde nu van vele mannen het oog niet meer.
Maar bedacht nu voor haar hart een wrede straf.
Ze verachtte nu nog meer alles van hier beneden,
verachtelijk slijk; waarin ze huiverend wil treden.
Nee; was een bloem die prachtige kleuren tekend.
Terwijl haar diepste van het hart nu zoveel biedt;
maar geen mens die nu liefde in haar hart weer giet.
Nee, haar verleden zo; zal het nu niet meer wezen,
ouder worden betekend niet het droevig afweren;
van ogen die je nu in ouderdom zouden bezeren.
Nee, nu de ontstane eenzaamheid zal je doen leren;
harten worden alleen samen met u in liefde geheven.
auteur:Adrie.28.1.2012.
Verrassend en zacht.
De tranen vallen me verassend en zacht;
je kunt er eerst alleen maar bij treuren;
verbijsterd; dit had je nu nooit verwacht.
Dit was het laatste wat je kon gebeuren.
Het leven wordt als een stilstaand water;
op maat gemeten;"gehandicapt' ja kom!"
Eerst veel geschrei; je acceptatie later;
mijn troost viel onder verwijt en getater.
Gekomen op een kruispunt van mijn pad;
dacht even, dat ik me hierin had vergist;
niet dat helpende handen nu mijn pad is.
Het pad van de loge die steeds alles wist.
Verdrietig als ik nu in de vreemde tuur;
naar verloren dromen; dat peinzen doet;
mooie dromen; zonder die liefdesgloed.
Of ik nu verstoten ben uit het liefdesvuur.
auteur:Adrie.25.1.2012.
Velden vol met dauwnatte rode rozen.
Zie de avond; de dag doen sterven met het licht;
de nacht doet mijn dromen op de toetsen slaan.
Terwijl de Maan spiedend ziet door het raam.
Ook stiekem kijkend; een griezel met wit gelaat.
Hoor de wind nu op een harp met feerieke toon;
om tonen uit mijn schrijverspen te laten vloeiien..
Zie nu op het Maantje zijn gezicht een rode koon.
Vraag nu niet van waar; nu dit mooie avondrood;
misschien dat hij mijn geest en hart wil boeiien;
en zo voor mijn hongerige gedichtenlezers koos.
Als deze nacht, het zonnetje op staat met blozen;
het dichterke weer moe op de heide ziet dolen;
hoor je elfjes weer overal zachtjes fluisteren;
hoe ze wind en harp hoorde door het duister;
er weer dauw ligt op velden vol met rode rozen.
auteur:Adrie.24.1.2012.
Rode roos.
Zat in gedachten in de Winter dromend op mijn bankie,
zag in die droom al een van dauw lekkende rozenknop;
van naar het lieve zonnetje zoekende rode rozenrank.
De stilte werd verstoord door wat klokkenspel en brom.
'O de nu al zo genietende droom was toch zo machtig;
de vele ineen gestrengelde klimrozen dan zo prachtig,
' O die naar Zomer verlangende droom; nu zo krachtig.
Ontwijk werkelijkheid van deze droom heel aandachtig.
Droom; nu al een rode roos in volle liefde te ontvangen,
wilde zien, voelen ,en ruiken haar liefde in mijn armen;
schoonheid; liggend in door de Winter verkildt hartje.
Al nachten lang van gedroomd, gesmacht; nu zo machtig.
auteur:Adrie.21.12.2012.
Snel gedichten lezen. Klinken woorden van mijn Pastor of Arts wat stiller; of jaren die dan wat sneller wit aan de slapen grijst, gedachten …
Snel gedichten lezen.
Klinken woorden van mijn Pastor of Arts wat stiller;
of jaren die dan wat sneller wit aan de slapen grijst,
gedachten die dan wat in zijn herinneringen grijjnst.
Schrik alleen; als mijn gelaat wordt stijver en witter.
omdat dan de dood mijn leven verfoeit en misprijst.
Ziet dan vervliegen gedachten als orkaan der tijden;
de Dood werdt wakker en kreeg dan eindelijk zijn zin.
Te zien aan mijn uiterlijk; wat verbitterd, ijselijk en wit.
Maar dat ijselijk reptiel; die zal me nooit zien lijdden.
Al ben ik ziek en moe; en ziet de Dood het nu wel zitten;
en kom ik nu nog met moeite; omhoog uit bed of stoel;
dan zie je me nog dagelijks door vele gedichten spitten;
zoek dan de Dichters die steeds door mijn dichten woelde.
Snel voor de alles ontdekkende jonkheid gaat verbleken;
de zorg-handen; kussens schudde, recht trok mijn dekens.
Die Jonkheid; die dan sneller vervliegt dan een Lentedag.
Snel nu; gedichten lezen als ik straks niet meer lezen mag.
auteur:Adrie.20.1.2012.
Gevoelloze stilte. Wil nog vaak de tijd weer even doen herleven, dat het Leven niet getekend werd door verlies. Ook nog niet die avonden met…
Gevoelloze stilte.
Wil nog vaak de tijd weer even doen herleven,
dat het Leven niet getekend werd door verlies.
Ook nog niet die avonden met gevoellozen stilte;
die bleke als door de Dood dan geschapen kilte.
Avond; en ijzig stil lag liefdeswoorden te spinnen,
spin dan van elk woord;woordenspinsel tot spinsel.
en schrijf die dan van liefdesaccoord tot accoord.
maar vaak trekken woorden dan een bitter spoor,
het spoor waar ik eens verdrietig de weg verloor.
Soms in die kilte volg ik dan een mij wenkend licht,
kom dan bij een deur met het woord; liefdes dromen,
een mooie Engel maakt die deur dan voor me open,
vraagt me dan, of ik zijn Liefdesdromen wil kopen,
haar vraag houdt dan iets verlokkelijks voor me in.
Ik die mijn liefste dan steeds op mooie rozen droeg,
langs de sterren voer en de Maan naar Amor vroeg,
met het liefdesengeltje dan op de Maan was gezeten,
als hij weer door het blauwe; de zomerliefdes na voer.
auteur:Adrie.18.1.2012.
Onze jeugd Vaderlijke naar alcohol ruikende zoenen, gegeven met door bier bedwelmende geest. liefde wat tot zijn dood nog moest groeien, was…
Onze jeugd
Vaderlijke naar alcohol ruikende zoenen,
gegeven met door bier bedwelmende geest.
liefde wat tot zijn dood nog moest groeien,
was dat wel echt Vaderliefde te noemen?
Hand vol met bedriegelijke kindervreugd,
bedriegelijk met het kinderhart van genoten.
en in verdrietige uren in mijn hart gegoten.
Was dat wel een warme ouderlijke jeugd?
Je zou beter doen zwijgen; zei ze hem dan.
Wel nee, waarom; ik deel hun liefde mee.
Omdat alleen maar je vloeken leren kan?
Sta hier niet bij stil. deelt hij ons dan mede,
mogelijk; spreek eens iets uit met ouderhart!
Soms diep in Moederhart en gezicht gedoken,
sreelde ze dan vaak liefelijk en warm onze wang.
"Hun" liefde nooit zichtbaar aan ons ontloken.
in haar stem en gedachten alleen Lourdesgezang.
auteur:Adrie.17.1.2012.
Opgelegde zorgen.
Iets in mij zei; Maatschappij ik wordt moe,
blijf met je opgelegde zorgen van me af;
dicht en Verzet brandt in mij;dat het vlamt
Het lijkt net of ik gehaaldt wordt vannacht.
Maar gooi bij jullie toch die droefenis toe.
auteur:Adrie.14.1.2012.
Donderdag 12 januari 2012
Naar het Leven smaakt.
Wil niet alleen leven met ziekte en dood,
dat geeft me nu soms reden tot klagen,
ook ik heb als een koe meerdere magen.
wat ook vraagt om romantiek en avondrood.
Als ik me nu afvraag wat de dag me boodt,
zien en horen van zieken hun levensvragen.
Verliezen van tijd door piekerende dagen.
Blijft weinig wat aan leven me overschoot.
Ik wil gewoon wat anders aan mijn hoofd.
Dagen die me niet ziek en eenzaam maakt.
En zoals Toon zei; naar het leven smaakt,
Een vlam die brand en niet wordt gedoofdt
Wil geen Leven met alleen tranen vergieten,
wroegingen die aan tijd van leven knagen.
Met zieken, hopen en om wat liefde vragen.
Ik wil gewoon met jullie; ook het leven zien.
Dagen, die weer voor me naar leven smaken.
auteur:Adrie.12.2012.
6 reacties op dit bericht
adrie
hallo adrie
Lieve groetjes dikke knuffel mooi geschreven lieverd
mooi verwoord adrie
aangename avond maatje
...