Dinsdag 13 maart 2012
Statig en stijf.
Statig en stijf
Zonnetje; zag mensen al speuren naar lentegroen.
Hopen op het weg gaan van het kille winterseizoen.
Nu, in de Winter leek alles zo statig stijf, ijzig en kil,
zag nu de ijzige wind zich al wat weg gaan spoedde.
Ach lief zonnetje; er is zo heel veel voor je te doen.
U stralen; laat ontluiken mensen liefde en het groen.
U warme stralen, doet mensen en dieren nu zo goed.
Waardoor vele hun harten vragen om wat spoed.
Ik zoek nu in mijn war eenzaam en kil rond zwerven;
weer heel verlengend het zonnetje wat stralen schiet.
Zag; hoe lief je gisteren, warme stralen nu achter liet,
maar vandaag lijkt er even niets van u te verwerven.
auteur:Adrie 13-3-2012.
Het zonnetje zijn zonnehoed.
Zie bij het ontwaken; buiten van die mooie dingen;
zingende mensen en het zonnetje met zonnen-hoed.
Snel vergeten; dat Artsenpraatjes mij sterven doet.
Zie nu Voorjaars dingen; en het zonnetje zijn gloed.
Nee; waag niet om nog eenmaal om mij te wenen;
al lang voor het Dichterkerke's geest gestorven is.
Dan hoop ik dat Lieverds gaan staan om mij henen;
snel verdriet ruilen; voor moois dat op de Aarde is.
Dan nog te horen ver daar ginds in de sterrenhemel;
zingen over Korenvelden en de boeren aan het werk.
Kraaien die notenbalken schrijven op telefoonlijnen;
voor de Engelen in het mooie blauwe sterrengewemel.
auteur:Adrie.1 1.3.2012.
Onze kinderharten.
Zat te mijmeren over de ontwakende kinderliefde;
mijn eerste kinderliefde tot mooie droom gemaakt.
Vlinders in je buik; waardoor je nog verder raakt.
Steeds die blikken die onzer harten dan weer zendt.
Van haar kwam dan; dat zwemerige zoete gevoel;
je blik die me dromend van de lessen af liet dwalen.
Ik zag de sterren en de engeltjes dan al gaan dalen;
naar harten; waar de liefde vol verlangen in bloeit.
In mijn droom ligt daar nu weer; kil bloot en kaal;
dek haar snel toe;voor dat kou haar doet ontwaken;
door de Winter met zijn griezelige ijzige verhelen.
Was het mijn oude kinderdroom?Of was het waar?.
auteur:Adrie.7.3.2012.
Tranen en ogen die neerslaan. Deze stad voelt steeds als een graf lieverd; voel hier steeds de geest van loerende ogen; het voelt of de duiv…
Tranen en ogen die neerslaan.
Deze stad voelt steeds als een graf lieverd;
voel hier steeds de geest van loerende ogen;
het voelt of de duivel me aan komt gevlogen;
om zijn nagels in te slaan als scherpe nieten.
Probeer steeds monter en gezond te kijken;
wil niet onder hun loerende ogen bezwijken.
Maar mijn levenslust wil de vlag nu strijken;
me toch gaan melden bij de gieren en lijken.
Steeds met mijn ziekte gevochten en geleefd,
maar mijn kracht wordt minder en vervliegt;
zie in mijn geest soms al het uitvaartritueel;
de wind komt woest en trekt me met zich mee.
Nee; wil zo graag het stervensuur overslaan;
gewoon als sterren wemelend stil overgaan;
dat lijkt me zo mooi, stil, vrolijk en charmant;
geen tranen en ogen die dan droef neerslaan.
auteur:Adrie.5.3.2012.
Donderdag 23 februari 2012
Ben de komende week vanaf a.s. Vrijdagmiddag tot volgende week zondag
weer op bezoek in Maasland Midden-Delftland om daar weer even
tot mezelf te komen...Er is even teveel gebeurd..
Wens jullie een heel mooie Vrijdag, weekend en weer
een heel mooie nieuwe week...Met heel veel liefs
en knuffffies van Adrie.
Woensdag 22 februari 2012
Lieve rode blosjes. Zie in gedachte weer haar kil en strak gelaat; de mijne met onbegrijpelijke rimpels getooid. Zij waarschijnlijk met winn…
Lieve rode blosjes.
Zie in gedachte weer haar kil en strak gelaat;
de mijne met onbegrijpelijke rimpels getooid.
Zij waarschijnlijk met winnaarspluim getooid.
Als hare Majesteit;die daar trots voor me staat.
Strak gelaat; ooit met lieve blosjes geweest;
maar die lijken ergens anders rond te zweven.
Haar mooie ogen ooit zo lief en open lezend;
maar achter ons net als de weidse kim en zee.
Onze liefde toen steeds een mateloos verlangen;
zet me niet meer met dat verlangen bij haar neer;
nee; kille aanwezigheid; verwondt me nu te zeer.
Als rode rozen toen altijd blozend van je wangen.
In mijn gedachte; nog onze gelukkige stap en dag;
het bleef wringen dat ik je nog zo heb lief gehad.
Nu dool ik nog wat ;met leeg hart en lege aktetas.
bid weer dat ik nooit meer voor je liefde bezwijk.
auteur:Adrie.22.2.2012.
Een Arts Haar nors gezicht en strak gevormde mond, nooit tot lach of warme woorden bewogen. Grote machtige bijna kwetsende koude ogen; steed…
Een Arts
Haar nors gezicht en strak gevormde mond,
nooit tot lach of warme woorden bewogen.
Grote machtige bijna kwetsende koude ogen;
steeds peilend hun hart en ziel hun grond.
Waakte er voor; dat ze hun hart verstond.
Steeds spiedend naar verdriet uit het hoge.
Lachend werd hun alleen trots toegeworpen.
Haat omdat je alleen hun spot bij ze vond.
Vriendelijk woord bijna honend toegeworpen.
Voor zichzelf hield ze haar gevoel omsloten;
keek steeds of zelf hun licht uit wilde doen.
Voelde en zagen in haar hart toch wat gevoel.
Tussen hun een kloof waar ieder steeds voor stond;
een kloof; niet te overbruggen; dieper dan de hel.
Te horen haar machtige stem als uit een intercom;
een macht staande als op een betonnen fundament.
auteur:Adrie.21.2..2012.
Het verlaten van de Kerk. Mijn hemel;steeds meer gelovige verlaten de kerken; en worden steeds meer Kerken een bouwvallig pand. Straks op ma…
Het verlaten van de Kerk.
Mijn hemel;steeds meer gelovige verlaten de kerken;
en worden steeds meer Kerken een bouwvallig pand.
Straks op markten te zien; kandelaars, gouden kelken;
in Cafés; straks de kruisweg van Jezus aan de wand.
Ja, men ziet; met deze onrustige geluiden en dagen;
dat de mens soms gedreven wordt bij tijd en vlagen.
Van zekerheid beroofd; worden weer zakdoekjes nat.
Tijden veranderen vaak als het vallen van het blad,
Maar nog velen horen in het hoofd klokken luidden;
na het verstommen van de vele gebiechte geluiden.
Laat vele gelovige; toch niet naar Goden begeven;
geloof dat vele zuiverheid en de kracht moet geven.
auteur:Adrie.20.2.2012.
Zaterdag 18 februari 2012
Dorpskoerier.
Mijn lichaam gaat nu, als de avond is gevallen;
en mijn dorp slaapt; nog snel een hoekje om;
praalwagens wachten in schuren en stallen.
Ook mijn schaduw weer trouw als een hond.
Mijn schaduw sjokt vermoeid met me mee.
Hoor nu voetstappen lachend weg rennen;
tegen een muur een donkere plek en damp;
ook de damp rent met de luide stappen mee.
Hun lach weergalmt tegen een vensterruit.
Carnavalsmuziek, geluiden zachtjes te horen;
Voorzichtig dit komt de Dorpskoerier ter oren;
dan hebben jullie misschien de leut al verbruid.
auteur:Adrie.18.2.2012.
Zaterdag 18 februari 2012
Hallo lieve keibaandenleuterraars; wens jullie allemaal een heel mooi Carnavalsaweekend; met heel veel liefs en grutekes van Adrie...
Zijn gekwetst hart
Op een dag toen ook alles hem verliet;
verliefd werd op een mooie Doktersmeid;
zag je hun als veulens rollen door de wei;
dat werd voor het dichterke een schone lei.;
s'morgens dichten en vogels observeren;
s'middags gaan ze met hun sport kleren;
dan zwerven over strand en verre zee.;
even kunnen de gedichten hem niet deren
Maar lezers houden scherp in het oog;
hoe het nu met zijn dichten is gesteld.
Lette op dat hij zijn liefste niet bedroog;
nu zijn gedragingen worden opgemerkt!
Maar met bevende hand; en zoete lach;
begraven samen zijn leven gekwetst hart.
Snel nog het laatste blad dat daar lag;
en nu brengt het zonnetje de nieuwe dag..
auteur:Adrie./7.2.2012.
Kinderen hun griezelig roversbos.
Het zonnetje maakte gaatjes door bevroren ruiten;
terwijl de bloemen sierde de ruiten al vele dagen.
En dit niet steeds zonder velen hun kil onbehagen.
maar al snel voelde men het zonnetje daar buiten.
Maar Koning Winters bloemen hielden vele dagen;
met ijselijk patroon; door de winter vast geboeid.
Maar zijn Kunstwerk maakte ook ogen vermoeid.
Nee; zijn kunst kon velen toch niet meer behagen.
Toen maakte het zonnetje zijn bevrijdende schijven;
al waren veel jongeren nog op winterkunst verliefd.
Zag de Winter zijn kunst al snel in de goten drijven.
Heb toen snel het zonnetje wel heel steels bespiedt.
Liet zelfs geen ijspegels meer aan de daken zitten;
zelfs niet meer aan kinderen hun beruchte roversbos.
Nee; ook hier wist het zonnetje zijn stralen te richten;
tot in de bomen met hun met pegels versierde top.
auteur:Adrie.15.2.2012.
Hierbij krijgen jullie allemaal een heel lieve Valentijnsgroet van mij.
Een koude winternacht.
Hoorde de kille wind gierend in het gebint
Ook de wind ijzig kil door het kamerraam;
je warme lijf in gedachten onvervangbaar;
voelde me dan koud; verlaten zonder zicht.
Een lief warm woord; kon je al beminnen;
of een lieve luide lach en haar oogopslag.
Herinneringen warm opstijgend wat was;
toen ontwaken met warm en zoet minnen.
Maar deze liefde in eeuwigheid gevangen;
als deze nacht; waaruit de kilte ontwaakt.
En mijn liefdes dromen ijselijk gevangen;
in kou en kilte als de nacht weer vervaagd.
auteur:Adrie.
Zaterdag 11 februari 2012
Buur zijn schalkse verhalen.
Zat met Buur te genieten van een borrel bij de haard;
het vuurtje knorde en morde wat stilletjes binnensmonds.
Buur vertelde verhalen die in de leugenboeken staan.
Dat allemaal vertellend met een eerlijke snuit en mond.
Vertelde veel van zijn ondeugden die hij vroeger bezat;
wat die lieve God en zijn Ouders niet hadden verdiend.
Wist dat hij hier voor vagevuur en hel niet ontlopen zal;
zeker als hij bedacht, nog veel meer schalkse verdiensten.
Maar lachend hoopte hij nu; dat het meeste is verjaard;
en veel was er al bestraft; met Vader zijn vele klappen;
en die waren feller en harder dan van de Open haard.
Maar zelfs bij de Wet raakt alles toch ook eens verjaard.
Gooi hier mijn ondeugden als een papiertje in de haard.
auteur:Adrie.11.2.2012.
De naderende Lente.
De naderende Lente liet zich al geweldig voelen;
leek te naderen, het einde van het Winterseizoen.
Ook zag je aan bo…
De naderende Lente.
De naderende Lente liet zich al geweldig voelen;
leek te naderen, het einde van het Winterseizoen.
Ook zag je aan bomen, heesters het eerste groen.
Zachtjes naar buiten mijn tafel en de zomerstoel.
Dronk met buur een glas wijn als de Lente-zegen;
blij dat ik ook geen bladeren meer hoef te vegen.
Tot de Winter,dra boos weer ten tonele verscheen.
En hoe hard hij dat deed; zo is er toch geen een.
Zet maar eens op de ijsvloer uw zware beentjes;
laat zien hoe vrolijk wij dan toch nog kunnen zijn.
Wat dacht gij; zouden we die lof nog waard zijn.
Ach; laat kriebelen in de schaatsen uw teentjes.
Beter zo; dan dat het Voorjaar wat gaat knoeien;
laten we niet het weermannetje gaan verfoeien.
“Ach kom,,; de Lente is al lang weer onderweg;
Of zit steels lachend achter de bocht in de weg.
auteur:Adrie.10.2.2012.
Etalageraam
Zat met make-up aan de balie gezeten,
kon innerlijke pret; niet met haar delen;
zo aan haar balie gezeten; met zo velen.
Eerst een etalage met andere zien delen;
als andere aangeklede poppen; als velen.
Zag ze ook bij Mis Etam staan te pronken;
met een ander stil achter het etalageraam.
Ze leken te lokken als in een Kermiskraam.
Keken strak; wat kan de wereld me schelen,
hoef alleen mijn strak zijn met jullie te delen.
Met strak poppengezicht alles is nu van mij;
nu aan de balie; had ze een metertje bij drie,
geen sterveling die dan haar wanhoop ziet,
wil nu met de wolken weg uit deze grijze tijd,
weg uit die tijd van wat vrijen en dan slaven,
of dat ze als bij Mis Etam aan mij vergapen.
auteur:Adrie.9.2.2012
Je lot leren te begrijpen. De Filosofie Leert ons ons lot te begrijpen, De relegie leert ons, Het met vertrouwen Te dragen, De kunst leert o…
Je lot leren te begrijpen.
De Filosofie
Leert ons
ons lot te begrijpen,
De relegie leert ons,
Het met vertrouwen
Te dragen,
De kunst leert ons,
Er de schoonheid
van te ervaren.
auteur:Ernst v Feuchtersleben.7.2.2012
Vermoeiend aangezicht.
Het dagelijks zo vermoeiend aangezicht; een schrijver noest op zijn papier gericht; tot de maan schuift; gordijnen …
Vermoeiend aangezicht.
Het dagelijks zo vermoeiend aangezicht;
een schrijver noest op zijn papier gericht;
tot de maan schuift; gordijnen weer dicht,
en ziet verflauwen zijn olielampjes-licht.
Schrijft niet alleen over politieke heden;
maar schrijft soms ook over het verleden.
Of hij antwoord mist in zo triest verleden,
of iemand dat toen wist te ontvreemdden.
Zie soms een diepe pijn achter in zijn ogen;
dieper dan 't schrijven hem heeft bewogen
Man; welk vuur en pijn heeft jou gedreven;
dat je hart en ziel nu in stukken zijn gereten.
auteur:Adrie.29.1.2912.
Verachterlijk slijk.
In het Park stond een verdrietige oudere dame,
haar ogen, en wangen nat geweend met tranen.
was eens te zien op de omslag van elke krant.
moet zich nu heel ongezien en ellendig wanen;
omdat de mensen nu langs en over haar staren.
Zagen haar nu als een oude stuk gelezen krant,
De mooie bloem; door ouderdom neer geslagen.
Verschrompeld, verdord van de steel geslagen;
streelde nu van vele mannen het oog niet meer.
Maar bedacht nu voor haar hart een wrede straf.
Ze verachtte nu nog meer alles van hier beneden,
verachtelijk slijk; waarin ze huiverend wil treden.
Nee; was een bloem die prachtige kleuren tekend.
Terwijl haar diepste van het hart nu zoveel biedt;
maar geen mens die nu liefde in haar hart weer giet.
Nee, haar verleden zo; zal het nu niet meer wezen,
ouder worden betekend niet het droevig afweren;
van ogen die je nu in ouderdom zouden bezeren.
Nee, nu de ontstane eenzaamheid zal je doen leren;
harten worden alleen samen met u in liefde geheven.
auteur:Adrie.28.1.2012.
5 reacties op dit bericht
Een stille groet op deze dag van nationale rouw
Vreselijk wat er is gebeurt in Zwitserland. Groetjes en tot een volgende keer.
Lieve groetjes dikke knuffel lieverd
Lieve groetjes dikke knuffel mooi geschreven lieverd
Laatavond groetje stuur ik door het kabelke naar jou Adrie.
Mooie avond en een fijne en aangename midweek
met de lieve groetjes van...
Bompa Harry