kussen en kussen is twee
hiernaast: een van de vele door mevrouw kommaneuker beschilderde kussens
Mijn liefhebbende wederhelft, bij sommige (kunstminnende) bloggers beter bekend als “computeroma”, is niet alleen verknocht aan haar tekenprogramma’s op de computer maar jongleert ook regelmatig kwistig (en kwastig) met allerlei “klassieke” schildersattributen in haar atelier. Zowel papier, katoen en zijde als textiel- en andere verfjes zijn bij haar in vertrouwde handen. Was, zout, sterk bleekwater en zelfs een haardroger zijn nooit ver weg.
Er is in ons huis geen zetel of canapé te vinden of er liggen wel enkele door “vrouw kommaneuker” beschilderde zijden of katoenen kussens. Maar na een tijd beginnen die te slijten of zijn om andere redenen aan vervanging toe (het oog wil ook wel eens wat anders). En zo trokken we gisteren naar meubelgigant Morres in Hulst en kochten daar tien “blanco” kussens, die niet lang zullen moeten wachten op een kleurrijke metamorfose in de komende weken.
En nu zou ik het andere “kussen” uit de titel (zeg maar “de kus”) nog bijna vergeten, misschien omdat het niks te maken heeft met het vorige. Toen we ’s avonds achter een van de pingpongtafels in onze club stonden te zweten, passeerde een andere speelster mij vóór mijn neus langs, op weg naar de tafel naast ons. Ik had de indruk dat ze en passant een KUS (!) van mij verwachtte en uiteraard greep ik die kans. Maar blijkbaar had ik haar houding verkeerd geïnterpreteerd (wishful thinking!) want ze was duidelijk verrast. Maar het resultaat was in elk geval een wederzijdse zoen en we hebben er allemaal eens goed om gelachen.
TOE(kom)MAATJE Mensen met een handicap mochten we al jaren geen “gehandicapten” meer noemen, we moesten voortaan “mindervaliden” zeggen, maar later was dat woord ook alweer taboe en werd het “andersvaliden”, of – hou me vast of ik ga gillen – “mensen met een bijzondere uitdaging”. Nu las ik afgelopen week dat ik mezelf ook geen “senior” meer mag noemen: voortaan ben ik – lach niet! – een “medior”. Ik vraag me wel eens af welke eh… kommaneukers zulke dwaze vondsten bedenken.



