Zot of Narrenkap


Zot of Narren kap.
Als met een vrolijke Narrenkap treed de dichter nu toch op;
al lijkt het, of zijn ziekte en leven nu aan zijn einde begint!
Er is ook een verandering aan het komen in zijn Narrenkap;
voor anderen merkbaar, hij is anders; dan hij als dichter is!
Hij schrijft niet zoals de Poëzie of de rijmelarij dat gebiedt;
zoals men nu al jaren dicht of schrijft sinds mensenheugenis
Zijn dichten waren altijd; of er weer iets aan het groeien is.
Zijn hersens rollen nu misschien als door storm in Zeegebied.
Gedachten en gedichten groeide bij hem altijd als een plant;
een groeiproces, iets wat er ineens als bij geboorte kan zijn;
wat vorm kreeg in gedachten; zoals van een zaadje tot plant;
of het wonder; zaadje en eitje; geboorten uit een Vrouwenlijf.
Zijn Zotskap; geen stralend gezicht vol vreugde of ijdele hoop;
het was; of een hemels licht begon aan een natuurlijk verloop.
Hij meende al te horen; heel zachte muziek van heel erg hoog;
of ze al roepen; Engelen daar ginds van achter die regenboog.
auteur:Adrie.24.11.2016.@

























