Woensdag 18 februari 2009
Een fontein


Een Fontijn
Aan de rand van het bos zag ik bloemen staan
Waarbij de wind langs hun stengels gaat.
Bloemen al waren het boden, gezonden door de Goden.
Of was het de min, die zich oprichten onder de wind.
Als je dat nog niet bijzonder vindt.
Een kring van mooie paarse violen,
al waren het een fontein, zo teder en klein.
En in het midden heft zich een enkele narcis,
die treurt van droefenis.
De viooltjes smachten van minne,
brandend vol liefde van binnen.
Dit alles voor die treurende narcis.
Zij geuren hun zoetste geuren,
en laten zien; hun mooiste paarse kleuren.
En de Narcis boog zich steeds meer zieliger voorover,
steeds meer naar het verdoem.
Misschien dat hij in die plas met water,
komende tot hem als een zilveren spiegel,
zijn eigen treurende beeltenis ziet.<
Zo koud, kil en eenzaam over het water.
Zijn zoenen prangt,
de bloemen in het beeld ,
waar minnend hij overhangt.
En de viooltjes lispelen droevig,
dat nog steeds met het enige wat de narcis lust,
hij zijn eigen beeltenis kust.
auteur:Adrie.dd.18.3.09.©
uit mijn bundel
Geschreven door Adrie van Gansen om 00:00
Reageer op dit bericht


























