Naar de inhoud

SALA - FAMILIE SALA - FAMIGLIA SALA - FAMILLE SALA

SALA familie Sala - Visino - Pognana - Tavernerio - Roveredo - Pusiano
akke.beakke.be

Archief

Huwelijk Joseph Louis Sala en Antonia Catharina Oosterman - 1874

Den derden November achttien honderd vier en zeventig, zijn voor ons, Ambtenaar van den burgerlijken stand te Breda,  in het openbaar ten gemeentehuize alhier verschenen, ten einde hun voorgenomen huwelijk te voltrekken Joseph Louis Sala, oud vijf en dertig jaren, rijksambtenaar, geboren te ’s-Hertogenbosch, wonende te Sint-Oedenrode, weduwnaar van Antonia Boonhoff, meerderjarige zoon van wijlen Jean Baptiste Louis Sala en van Josepha Jacoba Muskeijn, zonder beroep, zijne echtgenoot, wonende te Sint-Oedenrode; En Antonia Catharina Oosterman, oud vier en dertig jaren, zonder beroep, geboren en wonende alhier, meerderjarige dochter van Johannes Hendrikus Oosterman, winkelier en van Pieternella Voeten, zonder beroep, echtelieden, wonende alhier. De afkondigingen van dit huwelijk hebben zonder stuiting plaats gehad alhier en te Sint-Oedenrode, op zondagen den achttienden en de vijf en twintigsten October dezes jaars. De aanstaande echtgenooten hebben aan ons overgelegd hunne geboorteacten, de overlijdensacte van de vorige echtgenoot van den bruidegom, en het bewijs der gedane huwelijksafkondigingen te Sint-Oedenrode. Vervolgens is door ons aan de comparanten afgevraagd, of zij elkander aannemen tot echtgenooten, en of zij getrouw al de pligten zullen vervullen, welke door de wet aan den huwelijken staat verbonden zijn, hetwelk door hen bevestigend is beantwoord, waarop wij in naam der wet hebben verklaard, dat zij door den echt aan elkander verbonden zijn. In tegenwoordigheid van Cornelis Oosterman, oud zeven en zestig jaren, zonder beroep, oom van de bruid; Rodolphe Deswert, oud vijf en twintig jaren, koopman, behuwd broeder van de bruid; beiden wonende alhier, Cornelis de Hoon, oud zeven en zestig jaren, kleermaker, oom van de bruid, wonende te Ginneken; en Emanuel van der Ven, oud twee en vijftig jaren, leeraar aan de hogere burgerschool, wonende te ’s-Hertogenbosch. Voorlezing dezer acte is door ons gedaan aan de comparanten en de getuigen, die met ons hebben onderteekend.
Reageer op dit bericht

Huwelijk Jean Baptiste Joseph Goutière en Maria Anna Josephine Spierenburgh - 1874

In het jaar een duizend acht honderd vier en zeventig, den dertigsten der maand April, zijn voor ons, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente Heusden, provincie Noordbrabant, in het huis der gemeente in het openbaar verschenen Jean Baptiste Joseph Goutière, jongman, oud vier en dertig jaren, geboren te Haspres Frankrijk den zes en twintigsten der maand Februarij een duizend acht honderd veertig, van beroep scherper, wonende te Gorinchem, meerderjarige zoon van de echte lieden Jean Baptiste Goutière en Catharina Dubois, zonder beroep, wonende te Haspres en Maria Anna Josephine Spierenburgh, jonge dochter, oud drie en twintig jaren, geboren te Heusden, den drie en twintigsten der maand december een duizend acht honderd vijftig, van beroep zonder, wonende te Heusden, meerderjarige dochter van Gerardus Franciscus Mathias Spierenburgh overleden en van Maria Louise Josephine Sala, zonder beroep, wonende te Heusden, die ons verzocht hebben tot de voltrekking van hun voorgenomen huwelijk over te gaan, daartoe overleggende: a Het bij de wet gevorderde bewijs dat de eerste der verschenen personen aan zijne verpligting ten aanzien van de nationale militie voldaan heeft. b De geboorte-akte van ieder der aanstaande echtgenooten. c De bewijzen dat de bij wet vereischte huwelijks-afkondigingen in de gemeenten Gorinchem en Heusden zonder stuiting hebben plaats gehad. d De overlijdens akte van de vader van de bruid waaruit blijkt dat hij te Heusden is overleden den negentienden Julij achttien honderd vijf en zestig. Gehoord de mondelinge toestemming tot dit huwelijk door de moeder der bruid alhier tegenwoordig, gegeven. Dien ten gevolge is door de aanstaande echtgenooten ten onzen overstaan, in tegenwoordigheid der na te noemen getuigen, de verklaring afgelegd ”dat zij elkander aannemen tot echtgenooten en dat zij getrouwelijk alle pligten zullen vervullen, welke door de wet aan den huwelijken staat verbonden zijn” en hebben wij, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand, in naam der wet verklaard, dat de personen van Jean Baptiste Goutière en Maria Anna Josephina Spierenburgh bovengenoemd, door den echt aan elkander zijn verbonden. Deze huwelijks-voltrekking heeft plaats gehad in tegenwoordigheid van a Stephanus Gerardus Spierenburgh, oud zes en zestig jaren, van beroep smid, wonende te Gorinchem, b Johannes Marinus Spierenburgh, oud acht en twintig jaren, van beroep smid, wonende te Heusden, c Josephus Marinus Spierenburgh, oud zes en twintig jaren, van beroep smid, wonende te Heusden, d Henricus Spoor, oud veertig jaren, van beroep winkelier, wonende te Heusden. De getuigen hebben verklaard te zijn sub a oom der bruid, sub b en c broeders der bruid, sub d bekenden van partijen. En hebben wij hiervan opgemaakt deze akte, die aan de verschenen personen en de getuigen voorgelezen en geteekend is door ons, de verschenen personen, de moeder der bruid en de getuigen. Goedgekeurd de doorhaling van twee en twintig woorden druk  in deze akte.

Reageer op dit bericht

Huwelijk Johannes Marinus Spierenburgh en Geertruij Marijnen - 1870

In het jaar een duizend acht honderd zeventig, den acht en twintigsten der maand April, zijn voor ons Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente Heusden, provincie Noordbrabant, in het huis der gemeente in het openbaar verschenen: Johannes Marinus Spierenburgh jongman, oud vier en twintig jaren, geboren te Heusden, den twintigsten der maand July een duizend acht honderd vijf en veertig, van beroep smid, wonende te Heusden, meerderjarige zoon van Gerardus Franciscus Mathias Spierenbugh, overleden en van Maria Louisa Josephina Sala, zonder beroep, wonende te Heusden; en Geertruij Marijnen, jonge dochter, oud acht en twintig jaren, van beroep zonder, geboren te Heusden, meerderjarige dochter van Jan Marijnen, overleden en van Antoinia van den Broek, zonder beroep, wonende te Heusden, die ons verzocht hebben tot de voltrekking van hun voorgenomen huwelijk over te gaan, daartoe overleggende: a Het bij wet gevorderde bewijs dat de eerste van de verschenen personen aan zijne verpligting ten aanzien der Nationale Militie heeft voldaan.  b De geboorte-akte van ieder der aanstaande echtgenooten. c De bewijzen dat de bij wet vereischte huwelijks-afkondigingen in de gemeente Heusden zonder stuiting hebben plaats gehad. d De overlijdens akte van de vader des bruidegoms waaruit blijkt dat hij te Heusden is overleden den negentienden July achttien honderd vijf en zestig. E De overlijdensakte van de vader der bruid waaruit blijkt dat hij overleden is te Heusden op tien July achttienhonderd twee en zestig. Gehoord de mondelinge toestemming door de moeder des bruidegoms en de moeder der bruid, beide hier aanwezig, gegeven. Dien ten gevolge is door de aanstaande echtgenooten, ten onzen overstaan, in tegenwoordigheid der na te noemen getuigen, de verklaring afgelegd dat zij elkander aannemen tot echtgenooten en dat zij “ getrouwelijk alle plichten zullen vervullen, welke door de wet aan den huwelijken staat, verbonden zij.” en hebben wij, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand, in naam der wet verklaard dat de personen van Johannes Marinus Spierenburgh en Geertruij Marijnen bovengenoemd, door den echt aan elkander zijn verbonden. Deze huwelijks-voltrekking heeft plaats gehad in tegenwoordigheid van a Josephus Marinus Spierenburgh, oud drie en twintig jaren, van beroep smid, wonende te Heusden, b Leendert de Wilt, oud acht en veertig jaren, van beroep bouwman, wonende te Herpt, c Petrus Engelen, oud twee en dertig jaren, van beroep verwer, wonende te Heusden, d Jan van Oudheusden, oud vier en vijftig jaren, van beroep tuinman, wonende te Heusden. De getuigen hebben verklaard te zijn sub a broeder des bruidegoms, sub b en c zwager der bruid, sub d oom der bruid. En hebben wij hiervan opgemaakt deze akte, die aan de verschenen personen en getuigen voorgelezen en geteekend is door ons, de verschenen personen, de moeder des bruidegoms en alle de getuigen, verklarende de moeder der bruid niet te kunnen schrijven noch haar naam teekenend als zulks niet geleerd.

Reageer op dit bericht

Huwelijk Joseph Louis Sala en Antonia Boonhoff - 1872

Op heden den zestienden der maand Augustus achttien honderd twee en zeventig, zijn voor ons, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand te Grave, in het huis der gemeente, verschenen Joseph Louis Sala, jongman, oud drie en dertig jaren,  Rijksambtenaar, geboren te ’s-Hertogenbosch den achtsten Maart achttien honderd negen en dertig, wonende thans te Sint-Oedenrode, doch voor minder dan zes maanden alhier, meerderjarige zoon van Jean Baptiste Louis Sala, overleden en van Josepha Jacoba Muskeyn, zonder beroep, alhier woonachtig, in leven echtelieden. En Antonia Boonhoff, jonge dochter, oud vier en twintig jaren, zonder beroep, geboren te Gorinchem den achttienden January  achttienhonderd acht en veertig, wonende alhier, meerderjarige dochter van Laurens Boonhoff, overleden en van Willemina van Herpen, zonder beroep, mede alhier woonachtig, in leven echtelieden, welke ons verzocht hebben, tot het voltrekken van hunlieder voorgenomen huwelijk, over te gaan, waarvan de afkondigingen in deze gemeente, overeenkomstig de wet, zonder eenige verhindering zijn geschied, te weten: de eerste op zondag den acht en twintigsten July jongstleden en de tweede op zondag den vierden dezen maand Augustus. En hebben zij tot dat einde aan ons overgelegd, voor eerst hunne geboorte akten, ten tweede de verklaring van de Heer Commissaris des Konings in de provincie Noord Brabant, dat de bruidegom zijne pligten ten aanzien der militie heeft volbragt, ten derde de verklaring van de Heer Ambtenaar van den Burgerlijke Stand der gemeente Sint-Oedenrode, dat de afkondigingen van dit huwelijk op de daarin vermelde zondagen in den vorm als bij de wet is voorgeschreven, aldaar hebben plaats gehad, zonder dat stuiting daartegen is beteekend geworden, en ten vierde de akte van overlijden van den vader der bruid. De moeder van de bruid, bij de voltrekking dezes tegenwoordig zijnde, heeft ons verklaard hare toestemming tot dit huwelijk te geven. Waarna wij hun in het openbaar hebben afgevraagd, of zij elkander tot echtgenooten aannemen en getrouwelijk al de pligten zullen vervullen, welke door de wet aan den huwelijken staat verbonden zijn, hetwelk door hen uitdrukkelijk met JA beantwoord zijnde, hebben wij, in naam der wet, uitspraak gedaan, dat zij door den echt aan elkander zijn verbonden. In tegenwoordigheid van Gottfried Anton August Veronij, van beroep horlogiemaker, oud twee en zestig jaren, Wilhelmus Jacobus Hageman, van beroep kleermaker, oud twee en vijftig jaren, Josephus Quintinus Gerardus van der Ven, rijksambtenaar, oud zeven en veertig jaren en Arnold Cremer, van beroep kleermaker, oud acht en twintig jaren, zijnde geen van vier bloedverwanten van den bruidegom of van de bruid, en alle vier te Grave woonachtig. En is hiervan door ons opgemaakt deze acte, welke, na voorlezing, door ons en de comparanten is geteekend.

Reageer op dit bericht

Huwelijk Fredericus Arnoldus Ludwig en Henrica Sala - 1865

In het jaar een duizend acht honderd vijf en zestig, den een en twintigsten der maand February, zijn voor ons Antoon van Oss, Wethouder, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente Lith, provincie Noordbrabant in het huis der gemeente in het openbaar verschenen: Fredericus Arnoldus Ludwig, jongman, oud zeven en dertig jaren, geboren te Mechelen Koninkrijk België, den negen en twintigsten der maand October een duizend acht honderd en zeven en twintig, van beroep kapitein paardenarts, wonende te Breda, provincie voornoemd, meerderjarige zoon van de echtelieden Josef Ludwig, overleden en Henrica Rooss, zonder beroep, wonende te Oss, en Henrica Sala, jonge dochter, oud acht en twintig jaren, geboren te ’s-Hertogenbosch den zeventienden der maand Juny een duizend acht honderd zes en dertig, van beroep geen, wonende te Lith, meerderjarige dochter van de echtelieden Jean Baptiste Louis Sala en Josepha Jacoba Muskeyn, beide zonder beroep alhier wonende, die ons verzocht hebben tot de voltrekking van hun voorgenomen huwelijk over te gaan, daartoe voorleggende: Het bewijs, dat de eerste der verschenen personen zijne pligten ten aanzien van de nationale militie vervuld heeft. De geboorte akte van ieder der aanstaande echtgenooten. De bewijzen dat de bij wet vereischte huwelijks-afkondigingen in de gemeenten Lith en Breda zonder stuiting hebben plaats gehad. Mondelinge toestemming tot het aangaan van dit huwelijk van Jean Baptiste Louis Sala en Josepha Jacoba Muskeyn, ouders van de bruid, beide bij het verlijden dezer tegenwoordig. Dispositie van de Heer Minister van Oorlog van den een en twintigsten van January laatstleden nommer zeventig P, daarbij, krachtens daarin aangehaald Koninklijk Besluit, de toestemming verleenende tot het aangaan van des bruidegoms tegenwoordig huwelijk. Dientengevolge is door de aanstaande echtgenooten, ten onzen overstaan, in tegenwoordigheid der nagenoemde getuigen, de verklaring afgelegd, “dat zij elkander aannemen tot echtgenooten en dat zij getrouwelijk al de pligten zullen vervullen, welke door de wet aan de huwelijken staat verbonden zijn”, en hebben wij Ambtenaar van den Burgerlijken Stand, in naam der wet, verklaard dat de personen van Fredericus Arnoldus Ludwig en Henrica Sala bovengenoemd, door den echt aan elkander verbonden zijn. De huwelkijksvoltrekking heeft plaats gehad in tegenwoordigheid van  1e Casper Johan Engelbert Ludwig, oud vijf en dertig jaren, van beroep Rijks Ontvanger, wonende te … den berg, 2e Frederik Franz Ludwig, oud twee en veertig jaren, van beroep koopman, wonende te Lith, 3e Willem van Kress, oud zeven en veertig jaren, van beroep geen, wonende te Lith, 4e Johannes Vogels, oud een en zeventig jaren, van beroep broodbakker, wonende te Lith. De getuigen hebben verklaard te zijn de eerste broeder der bruid, de tweede broeder van den bruidegom, de derde en de vierde geen bloedverwanten of nabestaanden van partijen echtgenooten. En hebben wij hiervan opgemaakt deze Akte, die, na aan de verschenen personen en de getuigen te zijn voorgelezen, geteekend is door ons met hen.

Reageer op dit bericht

Huwelijk Johan Caspar Engelbert Sala en Maria Jacoba de Bruijn - 1868

Het jaar achttien honderd acht en zestig, den twintigsten November, zijn voor ons Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente Balgoij en Keent, provincie Gelderland, in het Gemeente-huis, in tegenwoordigheid van 1e Wouter Kuppen van beroep landbouwer, oud zeven en veertig jaren, wonende te Wijchen, die gezegd heeft te zijn kennis van den bruidegom, 2e Jan Dominicus de Kleijn, van beroep bierbrouwer, oud drie en veertig jaren, wonende te Wijchen, die gezegd heeft te zijn kennis van de bruid, 3e Jan Arts van Wezel, van beroep landbouwer, oud een en vijftig jaren, wonende te Wijchen, die gezegd heeft te zijn kennis van den bruidegom, 4e Antonius de Bruijn van beroep landbouwer, oud vier en dertig jaren, die gezegd heeft te zijn broeder (van) de bruid; verschenen ten eenre Johan Caspar Engelbert Sala, van beroep rijksontvanger, oud negen en dertig jaren, wonende te Wijchen, meerderjarige zoon van Jean Baptiste Louis Sala, overleden en Josepha Jocoba Muskeyn, zonder beroep, wonende te Lith, Noord Brabant,  en ter andere zijde Maria Jacoba de Bruijn, zonder beroep, oud een en dertig jaren, wonende te Balgoij, meerderjarige dochter van Hermanus de Bruijn en Antonet Thoonen, beide overleden, die ons verzocht hebben tot het voltrekken van hun voorgenomen huwelijk over te gaan, daartoe aan ons ter hand stellende: de akte van geboorte van den bruidegom voornoemd, waaruit blijkt, dat hij geboren is de zes en twintigsten September een duizend achthonderd negen en twintig te ’s-Hertogenbosch, provincie Noord Brabant, 2e de akte van geboorte van de bruid voornoemd, waaruit blijkt, dat zij geboren is den achtsten September een duizend achthonderd zeven en dertig te Keent gemeente Balgoij, 3e een certificaat van de Nationale Militie door den Heer Commissaris des Konings in de provincie Noord-Brabant den 4 November 1868 afgegeven, 4e dat de afkondigingen van dit voorgenomen huwelijk in de gemeenten Balgoij en Wijchen op twee achtereenvolgende zondagen ingevolge de wet zonder stuiting hebben plaats gehad. Eindelijk nadat én bruidegom én bruid, aan ons, in tegenwoordigheid der bovenvermelde getuigen, hadden verklaard, dat zij elkander aannemen tot echtgenooten, en dat zij getrouwelijk alle pligten zullen vervullen, welke door de wet aan de huwelijken staat verbonden zijn, hebben wij Ambtenaar van den Burgerlijken Stand, in naam der wet verklaard, dat Johan Caspar Engelbert Sala en Maria Jacoba de Bruijn door den echt  zijn verbonden. Van al hetwelk wij deze akte hebben opgemaakt, welke wij, na gedane voorlezing, met den bruidegom en de bruid  en de getuigen hebben geteekend.

Reageer op dit bericht

Huwelijksakte Marta Maria Sala en Giuseppe Frigerio - 1794

Transcriptie huwelijksakte Marta Maria Sala – 1794

Mille sette cento novanta quatro alli vent’otto di Gennaio
Premesse le tre solite publicazioni dentro la messa parochiale nel maggior concorso del popolo cioè la prima il giorno dodici, la seconda il giorno diecinove e la terza il giorno ventisei di Gennaio giorni tutti di domenica, essendosi fatte le sudette  publicazioni ne sudetti giorni anche nella Parocchiale di Corneno, come d’attestato che si conserva in filza, ne essendo stato opposto alcun impedimento, previo l’assenso del padre della sposa, e la dispensa della Pretura di Brivio per la minor ettà dello sposo che si conserva in filza, è stato celebrato il matrimonio per parole di Presente in questa Chiesa Parocchiale di S. Michele Arcangelo di Vicino, trà Giuseppe Frigerio figlio del fù Carlo della cura di Corneno pieve d’Incino, e Marta Maria Sala figlia di Giuseppe Maria di questa cura di Vicino alla presenza ed interrogazioni di me infrascritto curato secondo comanda il Sacr. Con. di Trento. Furono presenti per testimoni a tale effetto chiamati Bono Sala figlio di Giuseppe Maria di questa cura di Vicino, e Miro Anzani figlio di Giovanni Antonio di Canzo pieve d’Incino. Il sudetti sposi si sono prima confessati e comunicati
In fede io Reverendo Signore Giuseppe Antonio Erra Curato di Vicino

Vertaling huwelijksakte Marta Maria Sala - 1794 –Visino

28 januari 1794

Uitgesproken de drie geboden afkondigingen tijdens de kerkdienst met de grootste volkstoeloop namelijk de eerste op de 12de , de tweede op de 19de en de derde op de 26ste januari telkens op zondag, zijnde door ons uitgevoerd de geboden afkondigingen op de bovenvermelde dagen alsook in de parochiekerk van Corneno, zoals blijkt uit bijgevoegd attest, zijnde aangevoerd geen enkel bezwaar, de voorafgaande toestemming van de vader van de bruid, en de dispensatie van de rechtbank van Brivio voor de minderjarigheid van de bruidegom, die bijgevoegd is, werd ingezegend het huwelijk door de belofte van de aanwezigen in deze parochiekerk van S. Michele Arcangelo van Visino tussen Giuseppe Frigerio zoon van wijlen Carlo van de parochie van Corneno, plattelandsparochie van Incino en Marta Maria Sala dochter van Giuseppe Maria van deze parochie van Visino in de aanwezigheid van en de ondervragingen door mij ondergetekende volgends de richtlijnen van het Heilig Concilie van Trento.

Daarvoor hier aanwezig als getuigen de genaamden Bono Sala zoon van Giuseppe Maria van deze parochie en Miro Anzani zoon van wijlen Giovanni Antonio van Canzo parochiekerk van Incino. De bovenvermelde echtgenoten hebben eerst gebiecht en zijn ter communie gegaan.

Reageer op dit bericht

Huwelijk Louis Joseph Sala en Helena Allegonda Boeracker - 1848

Akte n°6

Op heden den vier en twintigsten der maand October achttien honderd acht en veertig, zijn voor ons ambtenaar van den burgerlijken stand te Reek in het huis der gemeente, verschenen: Louis Joseph Sala jongman van beroep ontvanger van ‘S Rijks Directe belastingen, oud vier en twintig jaren, geboren te ’S Bosch en wonende te Reek, meerderjarige zoon van Jean Baptiste Louis Sala, en van Josepha Jacoba Muskeijn, echte Lieden, zonder beroep, beide wonende te ’S Bosch, ter Eenre- En Helena Allegonda Boeräcker, jonge dochter zonder beroep oud vijf en twintig jaren geboren en wonende te Reek, meerderjarige dochter van wijle Sebaldus Josephus Boeracker en van wijle Agnes van Ham in leven echtelieden thans overleden te Reek ter andere Zeide, welke ons verzocht hebben, tot het voltrekken van hunlieder voorgenomen huwelijk over te gaan, waarvan de afkondigingen in deze gemeente, overeenkomstig de wet, zonder eenige verhindering zijn geschied, te weten: de eerste op zondag den achtsten der maand October en de tweede op zondag den vijftienden October Een duizend achthonderd acht en veertig. En hebben zij tot dat einde aan ons overgelegd, voor eerst, Acte van Geboorte van Louis Joseph Sala, bruidegom, waaruit blijkt dat hij is geboren op den Een en dertigsten October Een duizend acht honderd drie en twintig te ’S-Hertogenbosch Provincie Noord Brabant, ten tweede Acte van Geboorte van Helena Allegonda Boeracker Bruid, waaruit blijkt dat zij is geboren op den tienden der maand Mei Een duizend achthonderd drie en twintig te Reek provincie Noord Brabant, ten derde, dood Extract van bruids vader, ten vierde, dood Extract van bruids moeder, ten vijfde Konvent en toestemming mondelinge verklaard, ten zesde, Certificaat van Zijn Excellentie den Heere Staatsraad Gouverneur van Noord Brabant waaruit blijkt dat de Bruidegom aan zijn verpligting ten aanzien der Nationale Militie heeft voldaan, ten zevenden Certificaat van den Heer Burgemeester der Gemeente Noorbeek Hertogdom Limburg, inhoudende dat de huwelijksafkondigingen aldaar op de twee voorgeschreven Zondagen ook zonder stuiting hebben plaatsgehad. Waarna wij hun in het openbaar hebben afgevraagd of zij elkander tot echtgenooten aannemen en getrouwelijk al de pligten zullen vervullen, welke door de wet aan den huwelijken staat verbonden zijn, hetwelk door hen uitdrukkelijk met JA beantwoord zijnde, hebben wij in naam der wet uitspraak gedaan, dat zij door den echt aan elkander zijn verbonden. In tegenwoordigheid van 1e Leonardus Verkuilen oud zestig jaren van beroep Assessor, 2e Petrus Hermanus De Maré oud vier en zestig jaren van beroep Koopman, 3e Martinus Morlog oud een en vijftig jaren van beroep Kleermaker, 4e Gerardus van Wees oud vijf en dertig jaren van beroep Schoenmaker, alle wonende te Reek voornoemd, verklaren de getuigen geene bloedverwanten te zijn van den bruidegom noch van de bruid. En is hiervan door ons opgemaakt deze acte, welke, na voorlezing, door ons en de getuigen is geteekend.

Reageer op dit bericht

Huwelijk Adrianus Johannes Stuijver en Anna Casparine Louise Ludwig - 1893

In het jaar een duizend acht honderd drie en negentig , den zesden Juny zijn voor ons ondergetekende Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente ’s-Hertogenbosch verschenen: Adrianus Johannes Stuijver, tweede Luitenant Kwartiermeester van het Indisch leger, oud zeven en twintig jaren, geboren te Soerabaija (Nederlands Indië), wonende te Roermond, meerderjarige zoon van Willem Stuijver, overleden en van Wilhelmina Lefebre, zonder beroep, wonende te Roermond ter eener, - en Anna Casparine Louise Ludwig , zonder beroep, oud vier en twintig jaren, geboren te Deventer, laatstelijk te Heythuijsen thans alhier woonachtig, meerderjarige dochter van Fredericus Arnoldus Ludwig en van Hendrika Sala, beiden overleden ter andere zijde; welke comparanten ons verzocht hebben tot het voltrekken van hun voorgenomen huwelijk over te gaan, waarvan de twee afkondigingen in deze gemeente, zonder stuiting, zijn geschied overeenkomstig de Wet, op zondagen van de een en twintigsten en acht en twintigsten Mei jongstleden tot welk einde zij aan ons hebben overgelegd de stukken hierna genoemd, als vooreerst de verklaringen waaruit blijkt dat de afkondigingen te Roermond en te Heythuijsen hebben plaats gehad, ten tweede het geboorte extract van den bruigom, ten derde het dood-extract zijns vaders, ten vierde het geboorte extract der bruid, ten vijfde het dood-extract haars vaders, ten zesde het dood-extract harer moeder waarin zij genaamd is Henriëtte Leopoldine Sala. De moeder van den bruigom hier tegenwoordig heft verklaard haar toestemming te geven tot de voltrekking van dit huwelijk. Hebbende de bruid en de hierna gemelde getuigen onder eede verklaard de eenzelvigheid van personen des doodakte harer moeder, waarna wij hun in het openbaar hebben afgevraagd, of zij elkander aannemen tot echtgenooten en getrouwelijk al de pligten zullen vervullen, door de Wet aan den huwelijken staat opgelegd, hetwelk door hen bevestigend  beantwoord zijnde, hebben wij in de naam der Wet, verklaard, dat zij door den echt zijn verenigd. Van al hetgeen wij Ambtenaar voornoemd, hebben opgemaakt de tegenwoordige akte van huwelijk, in bijwezen van na te melden getuigen Richardus Johannes Schouten, paardenarts der eerste Klasse, oud negen en veertig jaren, Adrianus Johannes Jacobus Dumans, tweede luitenant der Infanterie, oud acht en twintig jaren, wonende alhier, Jacobus Rodolph Jans, zonder beroep, oud negen en veertig jaren, wonende te Utrecht en Theodorus van der Zanden, hoofd eener school, oud veertig jaren, … neef der bruid, wonende te Erp en hebben de Comparanten en de getuigen, na gedane voorlezing, deze met en benevens ons geteekend

Reageer op dit bericht

Meer van SALA - FAMILIE SALA - FAMIGLIA SALA - FAMILLE SALA

↑ Terug naar de berichten