|
Ten 3 ure werd het congres geopend, waaraan bijna 400 leden deelnamen, bijeengekomen uit schier alle oorden van Europa, uit de Nederlanden, België, Frankrijk, Groot-Brittanje, Spanje, Italië, Zwitserland, Pruissen, Oostenrijk, Beijeren, Hannover, Saksen, Mecklenburg, Baden, Sleeswijk, Luxemburg, Weimar, Hessen, Nassau, Hamburg, Frankfort, Zweden, Denemarken en Rusland.
Bij zoo groote verscheidenheid van gasten, kon de verwelkoming bezwaarlijk, anders dan in 't fransch geschieden. En verdienstelijk kweet de voorzitter der Tuinbouwmaatschappij, de hoogleraar C. A. J. A. Oudemans, zich van deze taak. Na herinnerd te hebben, dat het plan tot het houden van internationale tentoonstellingen van Planten van België was uitgegaan, betoogde hij het historische regt van Amsterdam om binnen zijne muren de tweede internationale vergadering te houden. Een der tijdperken toch van de wedergeboorte der kruidkunde dagteekent van den tijd, toen men reizen ondernam om in verre gewesten de schatten van het plantenrijk te gaan inzamelen; toen men de middelen uitvond om aan die voortbrengselen van vreemden grond een kunstmatig tweede vaderland te verschaffen.
Amsterdam nu kon onder al de steden van Europa in het algemeen en onder die van Nederland in het bijzonder in dit opzigt het hoofd verheffen en te regt op de eer aanspraak maken, daartoe het krachtigst te hebben bijgedragen. Men verwondere zich daarover niet, want die, wedergeboorte had plaats, ten tijde, dat Amsterdam reeds eene koninklijke plaats onder de eerste koopsteden der wereld bekleedde, en zijne vloten alle zeeën beploegden. Daarbij moet ten ere der Nederlandsche hoofdstad getuigd worden, dat, terwijl zij schatten inzamelde, zij nimmer het belang der wetenschap uit het oog verloor. Hetgeen Amsterdam toen deed en later nog kon doen als koningin der handelsteden, was aan de andere steden en landen onmogelijk. Daarom kan Neerland's hoofdstad sedert meer dan anderhalve eeuw te regt aanspraak maken op de hulde van allen die belang stellen in de kruidkunde.
De plaats waar sedert 1682 de nieuw-ingevoerde planten bewaard werden, is dezelfde Hortus, welke nog ten huidigen dage tot sieraad strekt van onze stad en ingezetenen, zoowel als zij onderhouden is, niet op kosten van den staat, maar van de stad; een bewijs te meer van de onafhankelijkheid, welke hier steeds heeft geheerscht, wanneer het gold de bevordering, der kruidkunde. Om die verzameling vruchtbaar te doen zijn voor de wetenschap, heeft Amsterdam niet teruggedeinsd voor de kosten om een leerstoel der kruidkunde aan deze, inrigting te verbinden, die, dank zij dit blijk van vrijgevigheid, de eer heeft zich te beroemen op mannen als Jan en Gaspard Commelin, Blasius, Ruysch, Hotton, de beide Burman's, Vrolik, de Vriese en Miquel.
Te Amsterdam is ook de eerste maatschappij van landbouw ontstaan, Amsterdammers zijn de stichters geweest der schoonste hoven en villa's die ter verbreiding der kruidkunde in Nederland aanmerkelijk bijdroegen, en binnen Amsterdam werden talrijke en onschatbare werken over botanie gedrukt, die nergens elders konden worden uitgegeven. De erkentelijkheid vordert de IJstad daarvoor te huldigen, die ook nu weder door het opofferen van belangrijke sommen tot liet welslagen dezer tentoonstelling heeft medegewerkt. Hij wenscht, dat, wanneer de Congresleden naar hunne haardsteden zullen teruggekeerd zijn, zij eene aangename herinnering zullen medenemen aan de hoofdstad van dit land der vrijheid.
't Was een schoon denkbeeld der talrijke vreemdelingen, om dezen feestgroet in liet Nederlandsch ie beantwoorden, en 'hij die deze taak vervulde, de heer L. Piron, hoogleeraar aan 't Koninklijk Atheneum te Brussel en afgevaardigde van wege 't Belgische gouvernement, toonde zich haar en zijnen beroemden naam waardig.
|