dankbaar
met een aangereikte papfles
gaf je het samenzijn
met je dochter
even uit handen
liet me toe
mijn ogenblik
met haar
te koesteren
met een tederheid
in je ogen
waarin je me
over liefkozen vertelde
dankbaar
met een aangereikte papfles
gaf je het samenzijn
met je dochter
even uit handen
liet me toe
mijn ogenblik
met haar
te koesteren
met een tederheid
in je ogen
waarin je me
over liefkozen vertelde
als liefde
als liefde je helpt
verdergaan
laat ze zien
hoe groot ze is
verhoop ik
met een tot morgen fluistering
verhoop ik een nieuw begin
waarbij je nooit meer
pijn door mij ontmoet
maar liefdevolle waarachtigheid
vol passionele momenten
die jouw begeerte
intens vervult
stel me gerust
nu jij
wijl het nog zomert
reeds winter meedraagt
sterven laat horen telkens
als jouw niet volgroeide vruchten
te haastig de grond raken
stel me gerust dat
je doorgaat met leven
beloof me in een nieuwe lente
een rijke oogst
ik mag je zo
oh jij
weet je al denk je
dat leven weg rimpelt
loop je moe om me heen
nog schrijf ik
je niet
in mezelf neer
met één pennentrek
haal ik je uit
verloren dagen
beleven we
weer samen
je lach
schoonheid
hoef niet uit te vliegen
om verrast te worden
door schoonheid
kijk om me heen
en beleef haar genietend
als een begrensd stukje
blauwe hemel
waarin ik de beweging van
heden naar een eeuwigdurende
wondere toekomst ontdek
stilte
wanneer stilte stiller lijkt dan
de herinnering die ik van haar heb
dan duik ik dieper weg in mezelf
om morgen te horen kloppen
groei
in een wereld van
grijstinten en schaduwen
ontdekken wij samen
het verloren gewaande
als ondeelbare eenheid
brengen wij het met
voordeel van ervaring
weg van de dood
naar het herboren worden
waar het onder Gods zicht
kan uitgroeien tot een
vonkende verrukkelijkheid
welke onze harten
met inspiratie spijst
wegen scheiden
besef dat wanneer
liefde zich
in je wereld reveleert
het nooit te laat is om
het verhaal af te maken
tenzij je de moed niet hebt
het hart te volgen en
wegen scheiden
een gedicht dat dromen sluiert
niks kan zachter golven
dan een lied
dat dromen
sluiert en zeer edele
klanken biedt
zo toverend zweverig
geheimen fluistert
dat zinnen
in tijdloos glijden
spelend licht
hemel en aard
laat samenvloeien
in een beweging
dat liefde toonaardt
immer samen
en of ik je nog weet
binnen mezelf wanneer
ik ogenblikken lang moet
berusten in het alleen zijn
koestering
zij sluimert slechts
tot je weer
met mij beweegt
in een nooit
uitgeademd raken
die er ooit was
wijl ik midden het vergeefse
tast naar leven
word ik een zucht
een vervreemding
die in een diepe schaduw
vol weemoed
een zachtheid sluimert
die er ooit was
stil heel stil
alleen
gun ons een eindeloosheid
vraag me niet
iedere klaproos op de wereld
voor jou te plukken
ze verwelken veel te gauw
maar gun ons een eindeloosheid
waar bloei telkens weer
de kans krijgt
zichzelf te vervullen
alles blijft zoals het was
cocooned
een stilgekomen
ongedurigheid
neemt ruimte in
met de hoop
als aarzeling
terug op te leven
ergens in de tijd
samen vrij
houdt me niet tegen
met omstrengeling
laat me uitdrukken
mijn drang naar
een wereldwijde volkomenheid
die zich weerkaatst
onder een zon
zonder ook maar één schaduw
ons liefdeslied
in een lied van ongereptheid
komt ons beeld tot leven
kennen gevoelens tedere gedachten
bewegen heel zachtjes
in een eeuwigdurend refrein
naar een innig samenzijn
uiteindelijk
van onstuimige hunkering
tot verstilde golving
werpt ze zichzelf met
een woordeloos verhaal
op het strand
waarin ze
vrede vindt
tot de wind
deze zwoele zomerdag
houdt mijn gevoelens
stil
tot de wind
met vederlicht gespeel
bloemblaadjes
zo bevallig laat zweven
dat ik het passionele
welke geurt naar houden van
diep in mezelf terugvind
vervulling
stadig voed je
met warme
behaaglijke handen
de zekerheid
dat zacht verlangen
leidt naar een volkomenheid
die vervulling biedt
zuchtjes
in de warmte
van het ogenblik speel ik
enkel met beelden