samen
de akkers die zwaar
liggen na te hijgen
van een rijke oogst
herinneren mij
hoe wij samen
begin mei
onze mooiste zomer
ooit zaaiden
samen
de akkers die zwaar
liggen na te hijgen
van een rijke oogst
herinneren mij
hoe wij samen
begin mei
onze mooiste zomer
ooit zaaiden
hij
in een nieuw getij
haar waarheid
lente was het
die haar liet leven
tot zomer haar
met illusies heeft bedrogen
en zij in de herfst van haar leven
alleen nog
door werkelijkheid
laat strelen
een stap verder
een onschuldige dromer
het neerdwarrelende
als koesteringen
midden de warme gloed
van een eeuwig lentegevoel
een neerdwarrelende zomer
die me de schoonheid van herfst
op het hart drukt
vleugjes mysterie
die het onbevattelijke
een naam geeft
zo heb ik het neerdwarrelen
van blaadjes vandaag
ervaren
mijn blik
mijn blik
hij laat geen sporen na
op wat ik ervaarde
zelfs geen omfloerste afdruk
die aan iemand
zal kunnen zeggen
hoe zwaar het was
om op te staan
ver weg te gaan
van wat ik
als vervoering zag
mijn lief
hij
ik stel me voor aan hem
opdat hij zich aan mij
zou voorstellen
een oud gegrijsde stam
met diep gekerfde schors
die me verhaalt over
een voorbij leven terwijl
zijn kroon lijkt op een
opgewekt zacht ruisende wolk
een onweerstaanbare opwelling
in het tere licht
van een opgaande zon
die romantiek uit beleven haalt
een waarheid welke geen versies kent
omdat liefde éénig is
als anker
stuurloos
driftend
tot ik hem
als anker ontmoet
één en al gedrevenheid
mij overeind weet te houden
midden schemerige kwetsbaarheid
net zolang redzaam licht
een streep trekt
naar de overzij
op een zee van frêle
koestering verder drijvend
samen het strand bereiken
dat ons toekomst biedt
ik verlies je nooit
inspiratie
verfomfaaien