op weg
van kracht
tot kracht
langs rechte wegen
voorbij donkere dalen
met armen
om me heen
en gedragen
door wat leeft
bemin ik
wat liefde heet
op weg
van kracht
tot kracht
langs rechte wegen
voorbij donkere dalen
met armen
om me heen
en gedragen
door wat leeft
bemin ik
wat liefde heet
met bezielde rust
luister hoe zacht
de regen
onze voel drupt
helpt loslaten
wat wij ooit
als frustrerend zagen
het kloppen van het hart
met littekens
zodanig had bezwaard
dat het ophield
de nerveuze koorts
van ’t leven te slaan
met bezielde rust
de uitdagingen
wisten te overwinnen
één en al
vrijheid
leven beleven
een ademhalingin ’t groeien
bloeien en vergaan
blijven wij dromen delen
geboren eens
gestorven samen
één ademhaling
dankbaarDankbaar
met de vleugels
die jij mij hebt gegeven
bloemen in mijn hart
vlieg ik de laatste
vlinders achterna die
door mijn leven waaien
om daar waar de lente
altijd is onze tijd samen
eeuwig speels te beroeren
herinneringen
hield ik jouw hand
stevig vast
of jij de mijne
toen wij langs
vele gebeurtenissen
die herinneringen werden
op zoek gingen naar
die ene wereldse glimlach
waaruit vervulling sprak
liefde werd geboren
gestrand
ik dacht je
eindeloos
tot ik gestrand
die droom
naast mij
heb neergelegd
eigen requiemmidden spelingen van licht
roeren zich
schimmige gedachten
houden rouw levend
bedenken hoe doden
met stille storm
hun grafrede omvormen
tot eigen requiem
nooit gaan de bloemen doodSteeds weer bloeit schoonheid zich open
als een vlaag frisse wind
een golf van jubelend tederheid
zoet sidderende uitzwermende verlangens
zelfs wanneer verloedering zich over de aard
van mijn werkelijkheid tracht uit te spreiden
nooit gaan de bloemen dood
die ik als zomer heb geplant
afscheidals schoonheid
bestaan ademt
en zekerheid tekent
tot ze wordt uitgekleed
sindsdien wordt gezien
lijk een levende herinnering
die in dromend schemer leeft
en nooit meer weerkeert
neem me meesluit me de ogen
neem me
in je zacht golvende beweging
doorheen de stilte mee
tot voorbij
golvende nevelsluiers
naar goudomrande wolken
omdat ik in het licht wil zijn
een keerpuntdaar waar de oude eik
een lange schaduw
over de grond werpt
zetten zij zich neer
luisteren stil
eenzaam bij elkaar
naar wie zijn vleugels
uitslaat
een keerpunt in hun leven
zonder afstandZonder afstand
het is mijn gevoel
van vrij zijn
dat me laat stilstaan
kijken
naar wat ik graag zie
zonder het te willen bezitten
als tijdloze herinnering
midden toekomstverwachtingen
meeneem
zonder afstand
liefdewil door jou
gevonden worden
meevliegen
niet langer
met mijn ogen dicht
om de wereld buiten te houden
maar met een glimlach
en geschitter in mijn blik
genieten van een verhaal
waarin heel veel dromerij
onafgebroken licht over
mijn werkelijkheid verspreidt
het vegehet vege
sluipt narrig
over ’t wezen heen
klaagt met
gejaagde adem
het drukkende neer
laat slechts los
wanneer men
om hondsdagen weent
mijn wederhelftwant jij
bent liefde
houdt van mij
zoals ik ben
laat mij
zorgeloos leven
zonder wanklank
scherpe kantjes
zonder schroom
hartstochtelijk liefhebben
genieten van de vlinders
in mijn buik
hou van mijhou van mij
glimlach om mijn onwetendheid
leer me reizen
naar eigen waarheid kijken
laat me mijn lichaam weten
vergeten in de tijd
zijn regenboogIn een oase
van wonderlijke verwezenlijking
waar de ziel
het hart over reikt
met de verste verte
van leven
binnen handbereik
ontdekt men zijn regenboog
als ik sterven moetvindt me
midden een vlucht
onvatbare vlinders
de geur van bloemen
een blauwe stille lucht
waarin vogels een blijvend duren sjilpen
samen
gun me je dromen
dan geef ik jou
de mijne
kunnen we samen
een werkelijkheid ontdekken
die vleugels geeft
alleenAlleen
de nacht bracht
de stilte nog dieper
alle woorden vervaagden
verward in een lege droom
achtergebleven tijd dwong me
tegen een muur van vergetelheid