vrij
er zullen altijd woorden zijn
al hebben zij zich
zin voor zin
geborgen verborgen
onder aanhoudend streven
zullen zij zich vereeuwigen
tot een verhaal dat
tot in dromen doordringt
als één ieders waarheid
vrij
er zullen altijd woorden zijn
al hebben zij zich
zin voor zin
geborgen verborgen
onder aanhoudend streven
zullen zij zich vereeuwigen
tot een verhaal dat
tot in dromen doordringt
als één ieders waarheid
vol overgave
met hoogst menselijke uiting
ween ik
de hemel terug blauw
schuif sterfelijkheid
ver voor mij uit
omdat ik zo graag leef
tussen goud en geel
gespreid zonlicht
om me heen
waar kwistig met
aardse kleuren
wordt gestrooid
met zo’n sprankeling
dat ik bewegend leven
vol overgave tegen glim
nog een keer
mijn leven te leven
nog een keer
zoals voorheen
werkelijkheid en fantasie
met verbeeldingskracht
verweven
als dromer
naar onbestemd
mijn schaduw meedragen
voorbij gevlogen
voorbij gevlogen zijn de jaren
vol wondere momenten
vol levenskracht
nu schudt hij stil de wereld af
kijkt met een laatste glimlach
de verte in
naar waar zijn ziel
zich naar het licht
zal verheffen
eeuwige liefde huist
gegrepen door geluk
wijl wij niet uitgestaard raken
naar wat de hemel ons als
verstilde waarachtigheid meegeeft
stranden wij op
een uitgewaaide witte vlakte
gedachten bij elkaar
gegrepen door geluk
in tal van
vreugdevolle ogenblikken
verwelkomen wij
liefde tot eeuwigheid
afscheidverdroom me
tot een illusie die
zijn vleugels uitslaat
voorbij begrenzing
doorheen verdwaling
omgeven door geheimzinnigheid
met afgekeerd gezicht
vol kille wind mijn lot
in handen van de maan leg
liefde wacht mijhoef niet
langer achterom
te kijken
waar de zon ondergaat
langgerekte
schaduwen werpt
over onwaarheden
die stil in de grond zinken
liefde wacht mij
met alle kleuren van leven
en een lach vol levenslust
midden eeuwigdurende betovering
onder een nieuwe maan
met verder
niemand anders
dan mezelf
kijk
beleef ik
hoe leven zich uit
geef me over
aan wat mij
zo lief is
tot schaduwen
een duistere droefheid
werpen over late najaarsdagen
aangedaan op zoek ga
naar waar
de aarde de hemel raakt
onder een nieuwe maan
het oude
laat gaan
afscheid
gingen wij ooit
hand in hand
door ’t leven
nu zwerf ik alleen
de lege velden over
geremd door droefheid
om het verleden
vind onder ieder afgevallen blad
gewezen dromen
waarop ik mij
niet langer durf te verlaten
een zoekende ziel
op zoek naar afsluiting
waarbij het onbekende
zich manifesteert
de dood voor ogen
vol bewondering
pas wanneer ik
ging observeren
schoonheid
liet praten
verwonderd
vol bewondering
het mysterieuze dat
zich zo moeilijk laat kennen
als één en al groene
werkelijkheid tot mij nam
werd mijn diepe gepeins
verzacht