NIEUW: Blog reclamevrij maken?

 

Actueel
Gemeenschapsraad
Nieuwsblad regio

Vers van de pers

Rollo spreekt

Informatie

Het Buurthuis

Kalender

Dokter - Tandarts - Kine
De Lijn
Handelaars
Containerpark

Verenigingen

ACW
Crescendo
Chiro
Historie Folklore
Folkloreraad
Harmonie
Gezinsbond
Gulden Leeftijd
KAV
KVLV
KWB
Landelijke Gilde
NEOS
Okra
Pimpeloentjes
St.-Antoniusfeesten
Toneel Trees
Verbroedering
Ziekenzorg
Parochie

Kerk en leven

Vormsel

Mededeling

Cultuur

Kerkbezoek

Verken Rollegem

Wandelgids
Noord            Kaart  
Zuid              Kaart

Historie

St.-Antonius Abtkerk
St.-Antoniusfeesten
Rond de kerk

Sporthal Weimeersen

Parochiezaal

Basisschool

Varia

Ne Rollo

Rollshausen
Foto
Foto
Foto
Hoofdpunten blog belleman
  • stabroekse roepsteen
  • Historiek van de roepsteen
  • De roepsteen te Rollegem
  • Gemeentelijke bekendmaking in den oude tijd
  • De wieg
    AAA
    Zoeken in blog


    Archief
  • Alle berichten
    Archief per jaar
  • 2018
  • 2017
  • 2016
  • 2015
  • 2014
  • 2013
  • 2012
  • 2011
  • 2010
  • 2009
  • 2008
  • 2007
  • 2006
  • 2005
  • 2000
  • 1999
    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Laatste commentaren
  • Dom Demuynck (Degeest Jan)
        op doodsprentjes, bidprentjes
  • Oudstrijders Rollegem (denucé andré)
        op oud rollegem
  • bidprentje Cecile-Mireille-Joseph-Dina Hoornaert (Philippe Dekyvere)
        op doodsprentjes, bidprentjes 1943
  • Onderbouw van de kimpemolen (Philippe Dekyvere)
        op gehuchten
  • prent kerk 1872 (ilse dewitte)
        op Interieur kerk
  • prent kerk 1872 (ilse dewitte)
        op Interieur kerk
  • Armand Carbonné (Kurt Van Camp)
        op gesneuvelden
  • Rollegem wordt door zijn bewoners geliefd (alfacinha)
        op stond in min gazette
  • De huiskamer van B.Z.N. (Dirk)
        op stond in min gazette
  • Goedemorgen (Dirk)
        op stond in min gazette
  • Foto
    Schepenhuisstraat 68
    Foto

    Bellegemseweg ( Roll) nr. 4

    Foto

    Rollegemplaats nr. 5

    Foto
    Klijtbergstraat nr. 4
    Foto
    Rollegemseweg nr. 20
    Foto

    Tombroekstraat 43

    Foto
    Tombroekstraat 45
    Foto
    Tombroekstraat 66
    Foto

    Tombroekstraat 249

    Foto
    Rollegemkerkstraat nr. 7
    Foto

    Rollegemkerkstr. nr. 21

    Foto

    Rollegemkerkstr. nr. 109

    Foto

    Schreiboomstr 104

    Foto

    Schreiboomstr nr.54

    Foto

    Schreiboomstr 53

    Foto

    Schreiboomstraat, 36

    Foto

    Schreiboomstraat, 1

    Foto

    Schreiboomstraat,2

    Foto

    Muynkendoornstraat 125

    Foto

    Lampestraat 113

    Foto

    Muynkendoornstraat 230

    Foto

    Lampestraat 173

    Foto

    Rollegemknokstraat 20

    Foto

    Het hof van Odo

    Walleweg 115

    Foto

    Walotex

    Foto

    Binnenstr nr. 8

    Foto

    Muynkendoornstraat 117

    Foto

    Lanteweg 12

    Foto

    Kwadebrugstraat 171

    Rolleghem en het werelds bestuur

    1146 heerlijkheid die bestond uit een

    monoir(soort kastel) gebouwd op een

    mote rondom in wallen.

    D'Halluins eerste heren van Rolleghem.

    eerste Heer Wulferius D'Halluin

    akte 1202- heerlijkheid kasteel van Kortrijk

    Aangifte te Wevelgem bij kanselier Gerard

    aan Balduin van Ronslo.

    1289 Fressende Vrouwe Van Rolleghem.

    1560 Bezit in handen van Carolus de Croi

    1635 Adrien Desmet Cinsheer van Porte-Ferèe

    (zie geschiedenis van Rolleghem)

    1735 Bezit in handen van Engelbert

           Frederik d' Ennetières

    1768 Pieter-Roger Joinville

            Baljuw(grafsteen aan de sacristie)

    1798 Franse Republiek Rollegem was deel

            van kanton Bellegem

    Joseph Jacquart was voorzitter en

    Constant de Brabander secretaries

     

    Foto

    Het schijnt dat de oude groote hofstede  een overblijfsel dier heerlijkheid is of dezelve vervangt

    Burgemeesters 1799

    of Maire de Rolleghem

    In 1769 werd te Moorsele Constantin France Vandermeersch geboren, hij trad in het huwelijk met Marie Theese Everaert en woonde op de plaatse. Hij bleef burgemeester en wierd lid van den Provincieraad, en stierf in 1849.

    Van 1849 tot 1866

    De zoon Constantin Vandermeersch

    Van 1866 tot 1870

    Joseph Warrot hij gaf onmiddelijk ontslag en August Herbau was dienst doende burgemeester.

    1870 tot 1872

    August Salembier

    1872 tot 1899

    Casimir Herbau

     

    Foto
    Foto

    van 1900 tot 1918

    Herbau Léon

    Foto

    van 1922 tot 1937

    Everaert Eugène

    Foto

    van 1937 tot 1747

    Everaert Maurice

    Foto

    Van 1941 tot 1944

    Tijdens de Duitse bezetting

    Castelain Maurice

    Foto

    Van 1947 tot 1970

    Polydoor Declercq

    Foto

    Van 1970 tot 1976

    Laatste burgemeester

    van onafhankelijk Rollegem

    Gerard Vandenberghe nu

    Nieuw in Kortrijk | Stad Kortrijk

    Rollegem blogt ...

    30-03-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    Het is naar dat we gelezen hebben in de gazette dat een zeker Alfons Claes zou een of meerdere boeken geschreven hebben over de attributen die behoren bij de heiligen, zoals b.v. kerk of klooster op de hand dragen. Of Drachten van kloosteroorden, mijter staf of hermelijn. Of nog Palmtak, staf of witte sluier en zo kunnen er nog meer van die dingen zijn welke bij de heiligen behoren. Zoek het maar uit.

    Op 25 december viert de wereld Kerstmis. Kristenen herdenken de geboorte van Jezus Christus. De kans dat Jezus opdien dag ter wereld kwam is echter niet groot, het is echter geen toeval, dat men dit viert in volle winter. De winter is ook in Palestina geen periode om de dieren ’s nachts in openlucht onbeschut buiten te laten. Tijdens de laatste dagen van het jaar heeft de mens steeds feest gevierd. In de donkere en lange herfstavonden lag het werk stil op de akkers. Op 22 december echter lengden de dagen, een minuutje slechts, maar de zekerheid van een nieuwe lente zat er al in. De Romeinen vierden hun Saturnalia, de Germanen hokten samen bij de geboorte van de nieuwe zon. Het Joelfeest de overgang van donker naar licht. Dat alles werd verchristelijkt omstreeks 330; Rome koos toen 25 december als de geboortedatum van de Heiland. Creccio was daarvan slechts een uitstraling, eeuwen later. De Oosterse kerk herdacht de geboorte van Christus oorspronkelijk op 6 januari.

    En wie weet het nog? Die ouwe kerstvieringen, zo echt. Met de twaalf galmende slagen van de klok op middernacht? Dan de grote processie in brokaat en kant, waarna een eerbaar schrijdende pastoor het wassen Jesukindje in het kribbetje “lei” vooraan in de kerk. “Vlaamse” kerstliedjes gezongen, die wij verstonden. Van “Stille Nacht” en “Suza Nina” zo schoon dat de nonnekens op de eerste rij ontroerd geraakten. En daarna lieten we de herdekens liggen en stormden huiswaarts. Warme cacao, of suikerbrood, leverworst. En pas veel later worstebrood of “Petit jesu” .Maar het smul gedoe kwam pas veel later, de eerste kerstliederen en kribbe kwamen uit den tijd van Sint Franciscuis. De eerste stal dateert van 1223, in een rotsholte bij Creccio.

    Sint Frans die van Assië en van de vogeltjes, die van Timmermans, liet het hele kerstverhaal spelen door levende “beelden” Immers vanuit Assië verspreidde zich het verhaal en de legende. Overal vind je vandaag de levende kerstkribbe, rond elke kerktoren hangt de onwezenlijke sfeer, zelfs overal ter wereld zwijgen kanonnen en geweren dan eventjes zoals honderd jaar terug aan den ijzer.

    De gewoonte om hulst en andere groen als kerstversiering te gebruiken, gaat terug op de Keltische riten van de druïden die maretakken afsneden. Aan het winterse groen schreven ze magische krachten met eeuwigheidswaarde toe. Planten die groen blijven terwijl de meeste bomen hun bladeren verliezen beschouwden ze als een symbool van eeuwig leven.

    Ook hier boog de kerk een heidens gebruik om tot een christelijke gewoonte: uit het Keltische wintergroen ontstond onze adventskrans.

    De kerstboom die is jonger en Duits van origine. Hij wordt bij ons pas in het begin van de vorige eeuw gebruikt. Volgens een oud bijgeloof mag je kerstversiering niet eerder aanbrengen dan op de 24ste, en moet alles wat naar Kerstmis verwijst op 6 januari Driekoningen verwijderd worden.

    De Kerstman is een Amerikaanse bastaard zoon van Sint- Niklaas. De Nederlanders immigranten brachten hun St –Niklaas mee naar Amerika. De andere inwijkelingen veramerikaniseerden hem tot Santa Claus. Tussen Sint- niklaas en Kerst liggen maar twintig dagen en de ruige kerels in de nieuwe wereld konden voor de twee feesten met een figuur stellen. Dat de Kerstman zijn bestaan te danken heeft aan St- Niklaas blijkt ook uit zijn garderobe; net zoals de grote kindervriend draagt hij ook rood en wit. Je mag Santa Claus niet verwarren met Father Christmas, die ouder en Engelser is.

    De kerststal en het kerstspel ontstonden uit de christelijke bekommernis om het kerstgebeuren zo aanschouwelijk mogelijk aan het ongeletterde volk voor te stellen.

    Het kerstekind( zonder “n” ) is niet noodzakelijk een kerstenkind (met een “n “) Een kerstekind of een kerstkind is een kind dat op 25 december werden geboren. Deze kregen dan meestal de naam Noël.

    Met kerstenkind bedoeld men niet den boreling, maar een onervaren jongeling, een groentje. ’t Maar een lettertje verschil, maar toch.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    23-03-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    Een “zwarte kraai” noemde haar jaloerse schoonmoeder de mooie zwartharige Godeliph of Godelieve toen Bertulf omstreeks 1070 zijn jonge bruid naar Gistel bracht. Het was” het huwelijk met de handschoen” iets die toen in gebruik was een huwelijk bedisseld door de vaders. Bertulf had een mooi bruidsgeschenk mee en dat viel blijkbaar in de smaak van Godelieve haar vader. Bertulf was “ forestier van de duinen” een burgerlijk -militair ambt dat hij verkregen had de Graaf van Vlaanderen. Het liep reeds mis met het huwelijk van bij het begin Bertulf zou zelfs nooit op het feest aanwezig geweest zijn, laat staan dat hij met haar het bed zou gedeeld hebben. Vooral op aanstoken van de boosaardige schoonmoeder. Godelieve werd op het neerhof als een dienstmeid behandeld en aan allerlei plagerijen bloot- gesteld. Uit eindelijk werd ze oplast van haar man door zijn dienaars Lantbert en Hacca gewurgd en in een poel ondergedompeld. Zij simuleerden een zelfmoord. Tal van wonderen van bij haar dood deden spontane verering ontstaan. Het “putken” waarin het lichaam van Godelieve werd ondergedompeld werd de uitgang van een levende volksverering. Van ouds beleeft Gistel hoogdagen van volksdevotie van 6 juli, de feestdag van de h. Godelieve tot 30 juli, de datum van haar gewelddadige dood. Ze wordt voorgesteld met een vierkronen motief gewijd aan “ virgo – conjugata – relicta – martyrizata . Het is een eigenaardige combinatie van : maagd- gehuwd – verstoten vrouw en martelares.

    Te Gistel herinneren een viertal kapelletjes aan het kraaiwonder, het wonderbaar naaisel en het mirakel van de houtspander. Het “Godelievewater” wordt als geneeskrachtig beschouwd tegen oog en keelziekten. Te Gent verkochten men in vroegere tijden een “Godelieffoor” een Godelievedrank: een thee van zoethout met bruine suiker die de eigenschap bezat dronkaards voor een gans jaar van hun kwaal te genezen. Voor kleine kinderen waren er koekjes Godelieve schaapjes, opdat de kinderen een gans jaar “ zacht en zoet als schaapjes zouden blijven”.

    Om terug te keren bij den veilige Christofoor ( feestdag op 25 juli) geniet het vertrouwen van de reizende die zowel te water, ter land of in de lucht in levensgevaar verkeren. Een oersterke heiden die een vastberaden verkondiger werd van het christendom. Hij heeft gediend in het leger, en viel op door zijn reuzengestalte. Hij stierf de marteldood nadat hij weer een van zijn wapenmakkers had bekeerd.

    Hij wordt aanroepen tegen een plotse dood, zweren, beenderziekten, gezwellen, wenende kinderen en kinderziekten in het algemeen. Hij werd vooral de schutsheilige voor reizigers en wandelaars en vooral voor de automobilisten. Onmiddellijk voor de tweede wereldoorlog kwam de autozegening tot stand en breide zich vooral uit in de jaren veertig.

    Vroeger was 22 februari een belagerrijke dag vooral op het platte land. Het was de lotdag wat het weerverloop betreft. Sint-Pietersdag werd reeds in de 7de eeuw beschouwd als de eerste lentedag. “Sankt Petri Stuhl dem Frühling winkt” Volgens het oude volksgeloof paren de patrijzen in de St Pietersnacht, en komt de ooievaar zijn oud nest opzoeken. In vroegere tijden gingen de boeren voor zonsopgang driemaal met een kruishamer rond het huis, schuur en stal terwijl hij tegen de posten en balken sloeg. Deze rituele handeling had tot doel muizen, raten, vlooien vlinders en alle ander ongedierte te verdrijven.

    Sint- Maarten en Sint Niklaas de kindervrienden genaamd, den eersten onafscheidelijk verbonden met de dag van den wapenstilstand 11 november. En Sint Niklaas 6 December

    St Maarten is misschien minder populair dan St Niklaas, maar minstens even heilig, zo niet nog heiliger. Hij verwierf zijn faam door het delen van zijn mantel met een bedelaar.

    Rond 11 november wordt ook nog het St Maartensvuur ontstoken, als dankoffer voor de oost en de vruchten van de landbouw en veeteelt.

    St- Joris staat aangeschreven zoals ook St-Maarten een regen heilige. St Joris warm en schoon, heeft ruw en nat tot loon. Met andere woorden, als kikvorsen in de lente te vroeg kwaken, zal het weer spoedig omslaan en volgt er nog een koude periode. Wellicht schuilt er toch waarheid in het gezegde “ Liefst rijdt er langs de wegen Sint Joris in de regen”.

    Hij staat bekend als een draken doder. Hij is bij de boogschutters zeer bekend als hun patroon heilige.” Sente Joris die Mette speere sloegh den dracke” was reeds in de 12de en 13de eeuw algemeen gekend. Van in de verste oudheid wordt de draak voorgesteld als een goede of als een kwade geest. In de h. schrift wordt hij vaak beschouwd als de duivel zelf. De draak verzinnebeeldt de vijanden van het christendom.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    16-03-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    En de Elooi wie ooit een smid was, edelsmid. Hij was een handig kunstenaar die de gunst verwierf van koning Chlotarius II voor wie hij een gouden zetel smeedde.

    De Heilige Willibrord een misschien wat minder bekende, een Ierse monnik geboren in 658 in Northumberland in de buurt van York, welke na de dood van zijn vrouw een kloostertje bouwde Hij wordt beschouwd als de grondlegger van de eenheid der Nederlanden. Hij staat vermeld als de voornaamste bronnenheilige. In vele kerken die zijn patroonschap dragen bevond zich een put of bron. Deze moeten beschouwd worden als vroeger doopputjes, “ “Kerstputten” volwassenen werden gedoopt door indompeling.

    In Wulpen gaat men op pinkstermaandag naar het Willibrorduskapel en het putje waar volgens de legende de heilige een bron deed ontspringen. Het water wordt beschouwd als een heilmiddel tegen koorts en hete brand. Hij stierf op 7 november 739 te Echternach.

    Wie rekent nog op Sint Plone bij tandpijn, veel oudere mensen zullen hun gedachten nog wegdromen naar de h. Apollonia welke in hun tijd er nog druk voor vereerd werd. Men trok naar Meldert, je kon er je ter plaatse laten inschrijven in het broederschap. En wie ingeschreven was en toch in de loop van het jaar tandpijn kreeg, dacht daarvan verlost te worden door “ een noveen te houden “

    Vandaag zijn het vooral moeders, of grootmoeders die hun kinderen of kleinkinderen in het register van Apollonia laten inschrijven “…opdat de wisseling van melktanden naar definitieve tanden niet al te pijn lijk zou verlopen.

    En wat moeten we dan denken bij het zien van enkele jaren terug toen uit de kerken vele heiligen beeltenissen werden weg genomen. En naar het schijnt was dat nog niet het ergste. Een kloosterzuster die de kloosternaam droeg van Apolline welke in 1937 geprofest werd, schreef jarenlang honderden kiespijnlijders in de broederschappen, tot zij door haar overheid werd aangemaand om dit achterwege te laten. Zij diende de geïnteresseerden te vertellen dat Apollonia nooit bestaan heeft en dat ze beter naar de tandarts zouden gaan in plaats van op bedevaart.

    Dat de fantasie eertijds wel eens hoge toppen kon scheren, is wel waar maar was deze ingreep dan wel nodig, mogen we geen heiligen aanroepen? Is dat goddeloos? Waarom kunnen wij ons op hen niet toevertrouwen, of was alles een overdrevenheid van de kerk?

    En wat dan zeggen van Valentijn de verliefde harten. Valentijn zou volgens een legende tijdens een razzia tegen de christenen zijn opgepakt en in de gevangenis gegooid. Een vader cipier had een blinde dochter. En tussen dit kind en Valentijn ontstond een diepe vriendschap. Toen het bekend geraakte dat Valentijn zou moeten sterven door steniging bezocht het meisje hem een laatste maal, waarna het kind genas. Voor hij stierf stuurde hij het meisje een brief en vanaf dat ogenblik zou het een gebruik geworden zijn dat verliefden elkaar op Sint Valentijn een wenskaart sturen.

    In de middeleeuwen geloofde men dat de vogels op 14 februari paarden. Bij ons is het pas na de tweede wereldoorlog dat het feest een vast gebruik geworden is.

     En wat gezegd van St Maarten, de zoon van een Romeins officier in het Romeinse leger en zeker geen christen. Martinus werd op 15 jarige leeftijd opgenomen bij de ruiterij der keizerlijke garde. Hij kwam in contact met Hilarius, de latere bisschop van Poitiers. Op 18 jarige leeftijd werd hij gedoopt en ontslagen uit het leger wegens zijn bezwaar om medemensen te doden. Hij vestigde zich in een kluis nabij Poitiers, en werd verkozen tot bisschop van Tours, hij werd op 11 november in Tours begraven. Wegens zijn militaire activiteit in zijn jeugd werd hij beschermer van soldaten. Hij is tevens de heilige welke aanroepen wordt door de “ bedwateraars” . Hij is tevens bekent als een beetje de tegen hanger van St- Niklaas


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    09-03-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    Zo las ik nog in mijn gazette: den H. Gregoor van plezier, hij was paus, kerkleraar en naar het schijnt de grondlegger van de Gregoriaanse kerkzang. Hij was het die aanleiding gaf tot schoolfeesten en heel wat kindervermaak. Dat zal zeker maar weinigen meer weten. Hij zorgde er voor dat de scholieren in de kerkzang werden ingewijd. Hieraan heeft hij wellicht te danken dat zijn gedenkdag vooral een schoolfeest werd. Welke in 840 ter zijner ere werd ingesteld. Hij was tevens de patroon van geleerden, leraars, musici , zangers en koorknapen. Van de vele voorbeelden halen we er een paar naar voor; het feest te klerken eindigde doorgans op een smulpartij met sint Gregoorke van plezier wij drinken Leuvens bier. Of te Tisselt; het klaslokaal werd versierd met lover en geleurde papieren kransen, de primus werd ingehaald; hij moest trakteren en men zong, De primus zal trakteren, kom mijn liefje, kom, kom, kom, de primus zal trakteren kom mijn liefje kom van den jambon, bon, bon, bon, van den jambon. Heel wat dorpen en gemeten deden aan die feesten mee.

    En wie kent de 25ste november niet Catharina en kaatje. De H.Catharina van Alexandrië vooral bekend rond het feestgebeuren in Parijs, en sinds 1934 navolging kende te Brussel, waarbij alle meisje welke in de mode wereld werken betrokken werden. Ze behoorde tot de 14 noodhelpers. In vele kerken treffen we nog haar beeltenis aan. Meestal staat ze afgebeeld met een kroon op het hoofd, en met een zwaard, een palmtak of een boek in de hand. Naar het schijnt was het een zeer mooi meisje, welke zich verdiepte in wijsbegeerte en natuurlijke wetenschappen. Op 18 jarige leeftijd verweet ze de keizer Maxentius zijn dwaasheid in het vereren van valse goden. De keizer kon zich tegen haar welsprekendheid niet optornen en was daardoor zo verbolgen hij liet ze in het vuur werpen. Het vuur deerde haar evenwel niet. Wrede folteringen werden haar deel en gedurende elf dagen werd ze zonder voedsel opgesloten. Met onuitputtelijk ijver bleef ze het woord Gods verkondigen. Daarmee was de maat vol. Ze werd veroordeeld tot het rad. Toen ze op het wiel met ijzeren pinnen gebonden was, sprong het stuk, dan werd ze onthoofd. Volgens de legende vloeide geen bloed maar melk uit de wonde ten teken van zuiverheid. De legende verhaalt ook dat haar lichaam door engelen naar de Sinaï gebracht werd, waar het in het in het begin van de 8ste eeuw zou terug gevonden zijn. Er werd alleszins een kerk en een klooster gebouwd. Ze wordt aanroepen tegen ringworm in de volksmond het rad van St Katrien of St Katrienwiel. Het waren vroeger vooral de ongehuwde meisjes van 25 jaar en ouder die op 25 november een dag “vol jolijt en spijt” doorbrachten.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    Heiligen bestaan ook voor de armoede, denk maar aan St- Antonius van Padua, welke ook hier in de kerk vereerd werd. Rond de jaren 1890 ontstond het gebruik om brood uit te delen aan armen en behoeftige, ergens rond zijn feestdag. Het zou de gewoonte geweest zijn als men iets kwijt was geraakt, of een waardevol iets opnieuw in zijn bezit wilde, kon men bij het bekomen er van in ruil brood geven welke dan aan de armen of behoeftige werd gegeven. Tevens wordt ook hij aanroepen tegen plotse dood.

    Ook in onze kerk vinden we nog den H.Donatius, reeds eerder vermeld, hij wordt tevens aanroepen tegen rampen en oorlogsdreiging, aardbevingen, welke zich gelukkig hier bij ons zich maar weinig voordoen.

    Mensen welke een bazige vrouw hadden konden zich beredderen bij den apostel “Simon de ijveraar”

    Wanneer er zich huwelijksproblemen voordeden of voordoen kan men terecht bij de H.Godelieve te Gistel. Eveneens voor wat echtscheidingen, en lastige schoonmoeders betreft.

    Wanneer we de verschillende bidprentjes welke toen te vinden waren bekijken, staan we bewondering te kijken wie en voor wat er allemaal heiligen bestonden.

    Zo vonden we voor hopeloze zaken de H. Rita, voor langdurige regen St- Medar, voor een lange doodstrijd den H. Jozef.

    Wat moedloosheid en depressie is ga men te rade bij Jean-Marie Vianney beter bekend onder de Pastoor van Ars. Wanneer we naar Oudenaarde gaan en met ratten en muizen geplaagd zitten, spring maar even binnen in de Walburgakerk daar bij de H. Walburga.

    En wie kent niet den H.Kristoffel, voor wanneer we op reis vertrekken. Nog zo een gekend iemand is de H.Maria Magdalena tegen de verleiding en de onkuisheid.

    Ook geen onbekende is de H.Hubertus tegen hondsdolheid en hondenbeten, ook hier met zijn afbeelding.

    Heilig overtuigt zijnde weten we allen, zonder het aan anderen te verklappen doen we op hen zeker nog altijd, of nog meer dan ooit beroep op hen, ook al durven we het niet openlijk zeggen. We houden nog veel van die Heiligen of was het maar omdat we op die dag of een dag verlof hebben.

    Heden ten dage proberen we ons voor alles en nog wat te verzekeren, en de heiligen van toen, opzij te schuiven, maar ergens diep vanbinnen kunnen we ze nog altijd aanroepen, en met volle vertrouwen denk ik dat ze ons zeker bijstand kunnen bieden. Ook al denken we dat dit ook bij de nostalgie behoord.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    02-03-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    Heiligen werden aanroepen om allerhande problemen op te lossen, zelfs op vandaag, hoeveel kaarsen zouden er niet gebrand hebben om de kinderen of kleinkinderen door het examen te helpen loodsen?

    We hadden geneesheiligen, die het reuma genazen, zweren, tandpijn en kolieken, aan hun voeten werden verlamde kinderen neer gelegd. Blinden konden terug zien. Er was geen ziekte of een of ander heilige kon er worden aanroepen.

    Was het niet zo dat Jezus ons geleerd heeft: “dat ons geloof ons kon redden”?

    Is het niet zo dat men soms van hier boven uit, het anders met ons voor heeft, dan wat wij denken?

    Heeft Jezus ook zijn lijden niet moeten onder gaan? Stelde ook Hij niet de vraag aan zijn Vader; “mag deze kelk niet aan mij voorbij gaan”?

    Waarom zouden onze ouders of voorouders het niet proberen bij de heiligen, waren er voor hen andere mogelijkheden, hun geloof was sterk, sterker dan nu?

    Voor alle kwalen kan men nu naar een dokter of veearts, eventueel naar de verzekering, of de rechter.

    Maar toen waren het de heiligen, bij onweer of andere natuur elementen.

    Enkele voorbeelden: tegen noden, de H. Barbara in het stervensuur, De H. Christopher tegen ongevallen, H. Dionysius tegen Syfilis en men kan zo maar verder gaan.

    Tegen Brandgevaar de H.Agatha, Bliksem inslagen de H.Donatius, Familie ruzie de H.Roza, Hagel inslag de H.Marcus, voor een goede oogst den H.Bavo, Slecht weer denk maar aan de H.Clara en de eieren. Zonder dan nog maar te denken welke schade de vorst kan meebrengen,daartoe waren de IJsheiligen, zeker verantwoord om u geloof en vertrouwen aan hen te schenken.

    De gevreesde ijsheiligen “ vriesheiligen” of “koude santen genoemd, staan van 11 tot 15 mei op den kalender. Ze zijn gelijk de drie musketiers ze zijn ook met vier. De gestrengde heren noemen Mamertus 11 mei Pankratius 12 mei, Servatius 13 mei en Bonifatius 14 mei. In het Duitstalig Zwitserland zijn de koude santen vergezeld van een even koud aandoende dat de naam draagt van “ die kalte Sophie”15 mei “de ijsvrouw” of “Eisweible”. De ijsheiligen worden door de wijn bouwers de “wijndieven “ genoemd. Ze worden door boer en tuinder zeer geducht. Na 16 mei moet men immers geen nachtvorst aan grond verwachten

    Ook tegen hagelinslag zocht me zijn toevlucht, daarvoor was de evangelist Marcus de aangewezen heilige.

    Ook voor een goede oogst werd er gebeden en zocht men zijn toevlucht tot hier boven, denk maar aan de kruisdagen, de processie voor de vruchten der aarde.

    Zelfs tegen aardappelplagen, vlas ziekten en branden, kon men te Kooigem terecht bij den h. Laurentius. Voor een rijke hooioogst was men aangewezen bij Moeder de H. Anna. Voor het zaaigraan, Kan men terecht bij den H. Dionysius, te St Denijs.

    Het was voor hen zeker niet uit den bozen, om hun smeekbede of een kaars te laten branden.

    Nu is men overtuigd dat, dat alles superstitie of bijgeloof was, en dat we het niet meer nodig hebben, maar met hoe velen branden we stiekem, een kaarsje en denken er bij: “ baat het niet schaad ook niet” Indien we er zelf van overtuigt zijn kan het wonderen doen, echt geloven en vertrouwen!

    Wist u dat er heiligen waren tegen alle soorten angsten, slaaploosheid en slaapwandelen. Zelfs tegen kindergeschreeuw, het schijnt dat men hem in de volksmond de “Krijs Gilles” noemt. Er zijn bedevaartsoorden waar moeders “Sint-Egidiuswater” kregen om aan hun kinderen te geven. Heiligen bestaan tevens voor bij schaamte, het niet durven naar de biecht gaan en je zonden belijden. Denk hierbij maar aan onzen Antonius.

    Kijk tot wat de Valentijn uit gegroeid is. Al lang voor de handelszaken er zich gingen in mengen, werd zijn hulp ingeroepen door verliefden ter bescherming van hun liefde of verlovingen, en hoeveel koppeltje kenden de H. Katrien niet?


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    20-02-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    Is het werkelijk zoals men zegt dat:” De tijd waarin mensen de heiligen kennen definitief voorbij is”

    Is het omdat diegenen die tandpijn hebben naar den tandarts gaat, dat we de H; Apollonia niet meer moeten kennen. Zijn we niet geïnteresseerd in het hoe en waarom onze ouders of grootouders zich van alle kwaaltjes lieten beschermen door de heiligen.

    Vinden we op rommelmarkten of in antiekzaken geen beelden terug waarvan we gaarne zouden weten wie is hij of zij, welke attributen dragen zij.

    Zijn de heiligen uit ons dagelijks leven verdwenen of zouden we nog stiekem ergens in een hoekje een kaarsje branden, voor het een of het andere welke we gaarne zouden willen bekomen?

    Of is het alleen den toerist, de fietser, wandelaars of museumbezoekers, die er mee geconfronteerd worden. Is het ook niet interessant voor de jonge mensen die tot de generatie behoren die de godsdienst van thuis of op school niet meer meekregen, laat staan de heiligen verering, die voor hen een complete onbekende is.

    Het ligt niet in de bedoeling om al de heiligen en hun attributen hier uit de doeken te doen. Nee, de bedoeling is dat waar we gaan langs Rollegemse wegen, en we komen een kapelletje tegen, dat we weten welke heilige hier vereerd word en zoveel mogelijk waarom het er is.

    Aan de meeste boerhoven of landbouwbedrijven vinden we een verering van O.L.Vrouw, het zij van Lourdes of andere, we proberen ze in kaart te brengen.

    Na het concilie ontstond de leegloop van de heiligen beelden in de kerk, is het toen dat men als gelovige zelf is gaan twijfelen, of was het een goede reden om het op te geven?

    Hier geven we de:

    Concilietekst

    Dit is de relevante Concilietekst:

    "In haar herderlijke bekommernis wekt (...) [het Concilie] tevens al degenen op die met die taak belast zijn om de misbruiken, tekorten of overdrijvingen die rechts of links zouden zijn binnengedrongen te weren en trachten te verbeteren en alles tot meerdere lof van Christus en God in te richten. Aan de gelovigen moeten zij dus leren, dat de echte heiligenverering niet zozeer in de vermenigvuldiging van de uitwendige praktijken, als wel veeleer in de meer werkzame toeleg van onze liefde gelegen is; daardoor verwachten ons, tot groter nut voor onszelf en voor de Kerk, van de heiligen 'het voorbeeld van hun gedrag, de weldaad van hun gemeenschap en de hulp van hun voorspraak'. Anderzijds moeten zij aan de gelovigen duidelijk maken, dat onze omgang met de hemelingen, als hij in het brede licht van het geloof wordt gezien, de latreutische eredienst die wij door Christus in de Geest aan de Vader brengen geenszins verzwakt, maar deze integendeel aanzienlijk verrijkt." (Dogmatische Constitutie over de Kerk, VII, 51)


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    16-02-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    Enkele voorbeelden; Ter genezing van witte mond of spruw (ontsteking van het mondslijmvlies van zuigelingen) kan je o.a. citroen met honing vermengen en met een doekje doordrenkt van dit mengsel de wonde reinigen. Men kan ook roze siroop van rozen geven of op de fopspeen in zouthout of boorwater drenken.

    Er werd gediend bij St.-Petrus in Zulte of bij O.L.Vrouw te Dadizele of Oostakker.

    Diarree, helpt het geven van rijstwater of sap van wortelen. Het innemen van korreltjes of het eten van geraspte appel. Veel radicaler was de volgende oplossing; een gloeiende pook in de melk houden.

    Op het religieuze vlak is het hier wel veel gemakkelijker, men kan bij de heilige Brixius terecht.

    Geelzucht: een eerste vereiste het kind warm houden. Karnemelk en geraspte wortelen kunnen het genezingsproces bevorderen, maar uiterst gevaarlijk eieren eten.

    Tegen betaling- zich laten inschrijven in het register van den heiligen Dionysius te Geluwe.

    Bij stuipen de uiteinden bedekken met in azijn gedrenkte doeken. Of afwisselend warme en koude doeken gebruiken. Ook kan men overschakelen op zetpillen of tee.

    Ter bestrijding kan men ook naar Aalbeke bij de H. Cornelius, die overigens met kinderziekten wel raad weet. Of bij de H. Margriet te Geluveld.

    Bij verlamming probeer het met mosterdbaden, maar meestal weet men dat hier weinig tegen aan te vangen is. Men kan naar het Kelderke Gods in Kortrijk in de Kortrijkse St-Maartenkerk. Naar Bavikhove of naar Elverdinge bij de H. Livinus.

    Melkkoorts of moedermelkgeelzucht, kwam vroeger veel voor. In dergelijke gevallen smeerde men kamfer of lijnzaadpap op de borst, die men in ieder geval warm moest houden. Tee drinken kon geen kwaad.

    Voor dit ongemak , evenals voor alle soorten ander verzwering, kon je bij St-Job in Heule terecht.

    Rachitis of Engelse ziekte (Bot aandoening) die ontstaat door een tekort aan vitamine D en calcium


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    09-02-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostagie

    De kersverse moeder was eigenlijk nauwelijks van tel bij al deze plechtigheden. Zij moest zich beperken tot de kerkgang enkele dagen na de geboorte. Blijkbaar een nogal bevreemdende gebeurtenis aangezien deze kerkgang tegenwoordig volledig naar de achtergrond is verdrongen en haast niet meer bekend.

    De kerkgang was zowat het eerste officieel “ heroptreden” van de moeder. Dat was ongeveer een veertien dagen na de geboorte, of zodra de vrouw niet meer bedlegerig was.

    De kerkgang had een drievoudige bedoeling: in de eerste plaats, een zuivering, Ten tweede: het was een dankzegging aan God voor het nieuwe leven. Ten derde; het was ook het eerste publieke optreden van de moeder na de bevalling.

    Hoe verliep deze plechtigheid? De vrouw ging van achteraan in de kerk naar voor met een kaars ter ere van O.-L.-Vrouw in de hand. Vooraan werd ze door de priester belezen, terwijl ze zijn stola vasthield. Nadat ze met wijwater besprenkeld was, ging ze naar de offerande. Op bedevaart ging men niet alleen zo als hier boven reeds aangehaald, niet alleen wie geen kinderen kon krijgen. Soms diende een bedevaart als dank voor de goede afloop. Of was er ook de bedoeling bij om geen kinderen meer te krijgen. Want sommige vrouwen zoals men toen zei: “ kweekten gelijk konijnenmoeren”

    Hier in de streek ging men naar O.L.Vrouw van Groeningen, of het kelderke Gods, Dadizele of Oostakker, vooral voor een miskraam. Iets uitgebreider is een offergang of een rozenkransbedevaart, of nog een novene. Meestal liet de vrouw zich bovendien in de kerk van het bedevaartsoord zegen.

    Er zijn zoals het nu nog altijd kan verschillende manieren van devotie, naargelang de behoefte. Men kan zich laten belezen, het kan ook als bedanking driemaal rond de kerk gaan, denk maar zelf waar zo een plaats bestaat. Een koek kopen laten zegenen en opeten. Doch iets uitgebreider een rozenkransbedevaart, een noveen, een kapellen tocht, of de vijftien mysteries overlopen.

    Voor al de verschillende ziekten van kinderen en volwassen te voorkomen of om te genezen grijpt men bij afwezigheid van den dokter - al dan niet gewild- naast religieuze, ook naar volksgeneeskundige middeltjes ter bestrijding ervan.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    30-01-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    In Hongarije wierpen trouwlustige meisjes op oudejaarsavond week gekookte erwten tegen de wand; wier erwt bleef kleven, zou komende jaar trouwen.

    En hier in Vlaanderen trof men in de 18de eeuw nog wel paartjes aan die met erwten tussen de lakens hun eerste liefdesnacht beleefden.

    Erwten zijn volgens de volksgeneeskunde een afdoend middel tegen wratten. Middeleeuws is wellicht het wassen van kinderen met erwtenafkooksel tegen de mazelen.

    Of nog, wanneer men op Goede Vrijdag erwten at bleef men van koorts gespaard.

    Kiespijn kan men kwijt door op het kerkhof erwten stuk te bijten.

    In de middeleeuwen was het urineren op een zakje erwten dat daarna in de schouw werd opgehangen, een remedie tegen geelzucht.

    Hildegarde van Bingen schreef dat erwten eten de longen belast. Zieken en zwakken werden dan ook het verbruik van erwten afgeraden.

    Erwten worden voorgeschreven in het dieet voor mensen met bloedarmoede en voor herstellende. Ze bevorderen de spijsvertering en reinigen de ingewanden.

    Sagen vertellen ons dat erwten een geliefd gerecht is voor dwergen en Kabouters.

    Een peul met 9 en 10 erwtjes bezit een magische kracht. In den tijd werd een dergelijke peul door een huwbaar meisje boven de huisdeur gelegd. De eerst binnen getreden man zou dan haar toekomstige zijn of tenminste de naam van haar geliefde openbare.

    Thuis blijven en voor de kinderen zorgen was het ergste wat een man in dien tijd kon overkomen. Tussen de jaren 1500 en 1800 was het voor de vrouw onmogelijk en ongehoord om zelf amoureuze initiatief te nemen. Zedig, kuis en afwachten is het huwbaar meisje, en naast het goede voorkomen zijn er toch enkele vaardigheden voor de vrouw van belang: goed kunnen zingen, luit of klavecimbel spelen, dansen en kaartspelen, dat alles kan de aantrekkelijkheid vergroten. Ze moesten natuurlijk maagd blijven tot aan het huwelijk, maar in de realiteit pakte dat vaak anders uit.

    Pas rond 1870 komt wit als bruidskleed in de mode. Het populairste geschenk als teken van onderlinge trouw waren ringen. Huwelijksgeschenken varieerden van een nachtpot tot prachtige gegraveerde glazen.

    Tot slot nog dit, het was niet al pret wat de trouwklok sloeg, soms waren er voor de huwelijksnacht dikke tranen geschreid van de bruid, doch kon men het relativeren zoals in dit schrift: “Nu Schreyt de bruyt, nochtans ik wedde, sy sal weder lachen, als sy is te bedde”.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    23-01-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Ook trouwen met den tekst in goede in kwade dagen lezen we vanuit de gazette, zette voor sommige heren een danige bekommernis dat ze zelfs kuisheidsgordels bedachten. Deze dingen werden aan de vrouwen opgelegd om bij een lange afwezigheid van de brave man of vriend “onaangeroerd” te blijven. Dat “ding” was dus een beveiligingsmiddel tegen overspelige “inbraak”

    Het object bestaat uit een in leder of smeedijzer gemaakte lendengordel, die voorzien was van wel bepaalde al dan niet versierde openingen voor de dagelijkse behoeften. Het instrument in kwestie werd met behulp van een kogelhangslot beveiligd, waarna de man met een gerust gemoed vandoor ging.

    Dit object zou rond het jaar 1400 uitgevonden zijn in Italië, vandaar de benaming Florentijse gordel.

    Ook heel wat sprokkelingen rapen over vruchtbaarheid uit onze gazetten, onder ander: dat in de Haute Marne mag een schotel dorperwten op een huwelijksmaal niet ontbreken. Het gebruik zou zijn oorsprong hebben in de Keltische vruchtbaarheidssymboliek, waarbij “erwtenkorrels” voor “ sperma” staan. In Duitsland behoren erwtenschotel in 1274 tot het bruidsmaal, want het zou de vruchtbaarheid aanzwengelen.

    Korrels werden over het bruidspaar uitgestrooid, wat wel eens vergezeld ging van de niet mis te verstane wens van “ Geluk en rijke kinderzegen”.

    Op Goede vrijdag was een oud gebruik dat men met een zak erwtenkorrels tegen de stam van de fruitbomen te slaan. En met kerstnacht liet men de hoenders erwten pikken, want ze zouden meer eieren leggen.

    De Peulerwten werden in verband gebracht met het liefdesspel. Het genot van deze culinaire gewaardeerde groente werd spreekwoordelijk met minnelust vergeleken. Zo zegt een spreekwoord: “ Groene peulen en jonge vrouwen is een zachte spijze om te verdouwen”.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (1)
    16-01-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    Ook vanuit mijn gazette kan ik meespreken over de ooievaar.

    Kindertjesboom en ooievaar, kool en geboorteschip zijn symbolische voorstellingen die het in de verruimde geboortegrafiek het nog steeds doen. Zoethoudertjes voor kleine vraagstaartjes zijn het allang niet meer. Onze kleuters weten reeds best dat het kindje uit moeders buik groeit. Vroeger in mijn tijd kwamen uit de kool. Jongens uit de rode, meisjes uit de witte kool. In het Limburgse kwamen ze naar het schijnt uit de koolmijnen evenals in het Luikse. Aan de kust en langs de waterwegen kwamen ze per kinderboot. Maar de kinderbrenger bij uitstek dat was de ooievaar. Afgebeeld met in zijn snavel een doek waarin hij de baby vervoerd. Het zou zo ontstaan zijn rond het einde van de 18de eeuw in Duitsland en bij ons overgewaaid begin de 19de eeuw. Ooievaar, lepelaar, lepeldief breng ons kindje in de wieg.

    De verbeterde communicatiemiddelen zorgden ervoor dat ook trein, wagen en vliegtuig de kindjes konden meebrengen.

    Het geslacht werd sinds de oudheid bepaald volgens het gedrag van de moeder. Naargelang de vrouw rechts of links draagt is het een jongen of een meisje. Men trachtte zelfs het geslacht van het kind bij de geslachtsgemeenschap te beïnvloeden. Zo moest de vrouw haar linkerheup iets hoger houden als men een jongen wilde. Een kindje bij nieuwe maan verwerkt, zou volgens het volksgeloof gegarandeerd een meisje zijn. Wilde men absoluut een jongen dan zei men al gekscheren “ ge moet te bed gaan met de laarzen aan de voeten”, of “ ge moet u muts aanhouden”. De familie welke een meisje wilde beloofden en indien de wens vervuld was , dat hun dochter zeven jaar blauw zou gekleed worden. En dan was nog de proef met de zoutkorrel. Men hield een zoutkorrel tegen den tepel van de aanstaande moeder. Indien het zout niet smolt, mocht ze een jongen verwachten.

    Het gezegde dat iemand “ heet gebakerd is” herinnerd aan de bakermat of –mand, waarin moeder en kind konden plaatsnemen en dicht bij het haardvuur kon worden geschoven. De vuurmand kwam later en was voorzien van een rooster waarop kolen werden gelegd. ( de bakermat is gemaakt van stro en kertelen van gekloofde bramen en ze is gevlochten volgens de wereldwijd bekende spiraaltechniek.) In de 18de eeuw moest de bakermat het afleggen tegen het vuur- en luiermand of het laag bakerstoeltje met hoge rugleuning.

    De vroedvrouw was eerst louter uit hulpvaardigheid, later tegen betaling. Van een opleiding was er zeker geen sprake, er golden wel speciale regels. Zo moest de vrouw zelf kinderen gebaard hebben. Ze mocht zich zeker niet bedrinken. Het beroep had eerder een slechte reputatie, doch keek iedereen in het dorp met ontzag naar haar op. Men noemde haar de “ vroede” de wijze vrouw. Ook gebruikte men “ vroemoer” of nog “goede vrouw” of kortweg “moer” .

    Het gebruik van geboorte kaartjes zou ontstaan zijn in de eerste helft van de 19de eeuw. Aanvankelijk kwamen ze allen voor in het Frans. De Nederlandstalige verschenen pas vanaf 1900. Het oudst bekende dateert uit 1846. Tot 1928 bleven beperkt tot een gedrukte tekst geboorteaankondiging, later duiken motieven op. Het is pas vanaf 1950 dat de namen van de peter en de meter vermeld worden samen met de kraaminrichting.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    05-01-2015
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Nostalgie

    De vrijer vindt zijn lief altijd de mooiste.

     

    Rond vrouw en lief zijn duizenden spreuken, spreekwoorden en fabels geweven. Allen bevatten zij een kern van waarheid, maar vaak doen zij alleen maar glimlachen, omdat de vrouw, ook in het verleden, niet zelden het mikpunt was van spot.

    Zo zei men “jonge peulen en jonge vrouwen zijn licht verteerbaar.” Of zoete peren en jonge vrouwen blijven niet duren”

    Dan hadden we nog “ De vrouw bouwt het huis of slaat het in gruis”

    Guido Gezelle schreef: “ Vrouwen en peerden, niets preutser op de eerde” of zo schreef hij ook “ Van vroeg opstaan en late trouwen doet niemands hoofd pijn.”

    Toen zei men:” een man zonder vrouw is een paard zonder teugel”. En naar de al oudere man durfde men nog te zeggen: “Oude mannen en jonge wijven, geeft veel kinderen en veel kijven”.

    Een vrijgezel kreeg op zijn dertigste de sleutel van de ossewei. Die mocht dus wel bij de ossen gaan staan in de wei, maar een vrouw was er voor hem niet meer bij.”

    Onze voorouders kenden zoveel spreuken, zoals bijvoorbeeld nog dit: “ men mag bij het zoeken niet te veeleisend zijn. Want, wie een paard of een wijf zoekt zonder gebreken, mag het werk wel laten steken”.

    “Geld zoekt geld” of “ de liefde doet veel, maar geld doet de rest”. Maar als het teveel opviel, werd wel eens gemompeld: “ het is om het goed maar niet om het bloed”.

    Om nog maar eens Gezelle te citeren; “ een vuile moeder heeft zelden propere dochters”.

    En zoals de juffer is, is ook haar hond.

    Laat dit U intussen een troost wezen; “ Hebt u u intussen een Boze griet, schiet u nooit voor de kop; maar stop bedaard een pijp, en lees het boek van Job.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    30-12-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    Ook de man was niet gespaard, hij moest de wieg maken. Ze was van hout of riet en moest kunnen schommelen, want de kleine zou beter inslapen. Vaak kwam de wieg via overlevering in het gezin terecht.

    Bij de bevalling kwam dan de “achterwaring” ze werd gehaald door de vader wanneer “het water brak” maar vaak was ze op dat ogenblik in huis. Dat betekend dan ook die “de geboorte geschiede thuis”

    De vader was bij het gebeuren niet aanwezig, het zou ongepast gewezen zijn.

    De vader reed met de fiets het dorp rond voor de bekendmaking en meestal kwam hij niet meer nuchter thuis. Veelal werd het ook “doorgezegd” het duurde niet lang of heel het dorp wist het. Doopkaartjes waren slechts voor de hele rijke klasse van toepassing.

    Den boreling kreeg uiteraard ook een peter en meter. Het was een ernstige aangelegenheid, het gebeurde volgens een strikt hiërarchische normen, en der werd zeker niet aan getornd. Bij het eerste kind waren de vader van de vader en de moeder van de moeder, peter en meter. Bij het tweede kreeg de moeder van de vader en de vader van de moeder het toegewezen. Bij de volgende kinderen ging het naar de ooms en tantes volgen in de volgorde, van de oudste naar de jongste en daar werd zeker niet aan geraakt. Er was geen sprake van een voorrecht, maar gewoon van een recht.

    Het was de peter of de meter om een naam te geven aan het petekind. Bij gebrek aan inspiratie werd de heiligenkalender er bij gehaald en dan gaf vaak de dag van de geboorte de doorslag om een naam te geven. Kon de peter of de meter door ziekte of iets dergelijks op het doopfeest niet aanwezig zijn, dan werd er een plaatsvervanger gezocht. Die werd dan “Peetje of meetje lap” genoemd.

    Het doopfeest was zeer formeel, er werd enkel op zondag gedoopt. Meestal na de hoogmis of na de vespers. De plaats van dopen was de dorpskerk, hij die doopte was de parochiepriester of een familielid priester. De doopviering was een aparte, vrij korte plechtigheid, welke niet in een mis werd ingekleed. Het doopkleed ging vaak van moeder op dochter over. Was er geen, dan werd dat door de moeder zelf gemaakt. Slechts zelden werd een kleed gekocht. De priester kreeg een kleine vergoeding, welke niet verplicht was, dat door peter en / of meter werd gegeven.

    Na de doopplechtigheid ging de familie( beperkt tot het gezin, aangevuld met peter en meter) meestal op café, er werden zoveel mogelijk herbergen met een bezoek vereerd. Deze drink gelagen werden meestal betaald door de meter en / of de peter, minder vaak door de vader. Uiteraard was de moeder bij deze plechtigheid en viering niet aanwezig, zij moest geduldig wachten en hopen.

    Wanneer men dan thuis kwam werd er dan toch iets gegeten. Bij de rijken een feestmaal, bij de werkende klasse veel minder. Het ging hem over een broodmaaltijd, bijvoorbeeld “Koekebrood” met kaas of hesp. Ook witloof met ham, konijn of kip. Men dronk daarbij bier of borrels, soms ook wel wijn.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    22-12-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    Uit de Leie gouw Jg. XXIV afl. 3-4 December 1982

     

    Men zegt dat vandaag de jeugd niet meer te worden voorgelicht over de herkomst van de “Kleine kindjes” Vroeger was de geboorte omgeven met vele taboes. Men zocht ze duidelijk buiten het huis, in de “Lochting” (moestuin) daar waren soorten kolen genoeg waar aan de kinderen konden ontspruiten. Denken we maar aan de bloemkolen en savooikolen.

    Wie geen “Lochting” had, ging zich beroepen op de bevaarbare rivieren of wateren waar een bevlagd schip voorbij kwam. Of was het de ooievaar die het kind van verre streken meebracht.

    Sommigen kwamen van een groot warenhuis, een achterwaring( iemand die de rol vervulde van vroedvrouw, maar was niet gediplomeerd) of het was de dokter welke het meebracht. Het was zeker niet denkbaar dat men aan een kind zou vertellen hoe de vork aan de steel zat.

    De volwassen wisten het natuurlijk maar al te goed, op alle soorten manieren wisten ze de zwangere vrouw te beschrijven. Zoals die vrouw is in “Positie” of “ ze doet mee”. Nog andere z’é(d) eur loaten goan, z’es (van) alzo, ze spoart, z’e (s) in verwachtinge, ze moe ne kliênen kopen of z’é verschoten.

    Als het toen minder fatsoenlijker en volkser er aan toeging klonk het zo: ze zit vul, z’e(s) é/ tegen een poale gelôpen, ze zit dikke, z’e(s) tegen de noek van de toafel gelôpen, z’e(s) in dracht, z’è’t angen z’è(d) eur gat verbran(d) of z’è’t were zitten of nog straffer j’es/èt er bleuven ipzitten.

    Juist zo als nu is wil men ook weten welke het geslacht is, ook vroeger was het zo, zou er een opvolger zijn; ga het een jongen of een meisje zijn.

    Zo had men het direct beet, een zwanger vrouw heel dik met goede eetlust was gegarandeerd ne jongen.

    Was het gebeurd in de roste moane, gegarandeerd ne jongen.

    Ook het kleur van de urine speelde een rol. Zelfs na de geboorte van het vorige kind kon men reeds voorspellen wat het geslacht van de volgend kon zijn.

    En dan waren er de zaken die bij een zwanger vrouw kwamen kijken. Zo mocht de zwanger vrouw zeker niet te hoog reiken, ander zou de navelstreng rond de hals van het kindje raken.

    De vrouw mocht zeker niet schrikken, en zeker niet bij volle maan. Oppassen voor de nefaste gevolgen bij het eten van aardbeien, het kind kon hierbij “geboorteplekken” hebben.

    Wat wel moest, was, dat de vrouw alles waar ze zin in had te eten, zeker niet mocht geweigerd worden want dan zou ze “verwateren” of “ankeren” wat zeker uit den boze is.

    Zware zaken tillen was logischerwijze gevaarlijk, maar zeker was gevaarlijk naar gehandicapten en “mismaakte” kinderen kijken, of naar een man of vrouw uit het gebuurte te lonken.

    Boter zeker niet zouten, geen lijken gaan begroeten en zeker de benen niet kruisen dat was taboe. Heel wat oude vrouwen welke bekend stonden als heksen, konden heel wat schade aanrichten, vooral als die “bes” van een zwarte kat vergezeld was.

    Zij die kinderloos waren stond een zaak vast, het was de vrouw haar schuld, nooit deze van de man. Ze kon zich laten belezen, of op bedevaart gaan.

    Een gezin “in blijde verwachting” had altijd iets om handen. Kleertjes maken, daar kwam heel wat naaiwerk bij te pas, denk aan doopkleedje. Maar opgepast niet te veel want dit kon een miskraam teweeg brengen.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    15-12-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    1981-XXIII maart I terug gevonden in de Leiegauw

     

    Wist u dat in 1424 er een avond klokke bestond welke liet weten dat de inwoners hun haardvuur moesten afdekken met de vuurstolp. Kortrijkse wingeroen.

    Dat de herbergen en teveernen moesten sluiten.

    Avond klok uit het Frans = couvre-feu hier uit ontstond het Engels woord curfew. Een andere naam daarvoor was wingeroen uit het Frans vigneron, wat kon vergeleken worden met winglock.

    De klok die de wijntappers aanmaande om het tappen te staken.

     

    Biografie 1980 blz. 126 nr. 64 P Goussaert “ De Marionetten en omgeving

    Molens: Mattelaer, de voormalige “ Tombroekmolen” te Luingne. Molenecho’s VII 1980 nr3

     

    Jaargang XXIII December 1981 blz. 333, Zij waren ook heren van Komen en van Rollegem PH Despriet , twintig Zuidwestvlaamse hoeven Kortrijk 1920 II 129-132.

     

    De hoogtepunten bij het vieren van een patroonheilige lag voor de jaren 1800 tot 1805 de jaren daarop volgende werden de processies definitief verboden door de bisschop.

    De reden lag voor de hand: Te Moen hadden ze de St-Elooivieringen en die had (aldus de beschrijving van de St Laurentius kroniek in deze uitgave) een wrange nasmaak gekregen, omdat de ruiters met hun paarden in de kerk binnendrongen, waar de vroomheid onder invloed van overvloedige drank in de lokale herbergen, ontaard was tot vecht en scheldpartijen, vernieling en het afvuren van geweren, waarbij gewonden vielen. Aan die te onstuimige devotie werd dan ook kordaat paal en perk gesteld en vieringen beperkt tot een hoogmis met tentoonstelling en verering van de relikwie. Men vind dit ook terug in “Rond den Heerd” VIII 1873

     

    Maart 1997 jg. XXXIX Afl.1

     

    Schepenhuisstraat 53, eigendom van J.M. Foulon-De Puydt. Sedert 1898 eigendom van de Franse groothandelaar Jules Clarysse-Dumortier van Torkonje. Kasteel en park zijn beschermd bij M.B. van 17 juni 1992.

    Het was een Frans edelman welke volgens traditie halverwege de 19de eeuw bouwde. De noordgevel is begrensd door twee octogonale torens met spitsboogvensters. Het muurvlak vertoond raadselachtige geel en rood geschilderde versieringen. (een “Trompe-l’œil)


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    08-12-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    De bruid was in het wit.

     

    De toeschouwers die zich altijd aan den ingang van de kerk in een erehaag opstellen constateren met groot genoegen: “ O kijkt zij is in het wit en in ’t lang”. Maar vanwaar komt het gebruik dat de bruid in ’t wit moet zijn? Het wit is nog maar goed een anderhalve eeuw in de mode lezen we in 1985 in de gazette, ook al is het dragen ervan vele eeuwen in onbruik geweest.

    De Romeinse getrouwde vrouw, droeg als teken van haar gehuwde staat, een rechthoekig lapje, dat los over haar hoofd was gedrapeerd. Het jonge meisje pronkte met lang losvallende haar.

    Deze ziens wijze was algemeen aanvaard tijdens de middeleeuwen. In de 16de eeuw is ze geheel uit de kledij van de getrouwde vrouw verdwenen. Pas in het begin van de 19de eeuw zien we de sluier opnieuw in het modebeeld weer verschijnen. Alle kleren die men op die dag droeg, konden ook op een andere dag worden gedragen. Die situatie duurt voort tot in de 19de eeuw, ze verandert echter met de Franse revolutie. Na die periode wordt de klassieke oudheid in al zijn aspecten tot inspirerend voorbeeld. Zo ontstond de witte bruidsjapon, compleet met sluier. De zedige hooggesloten hals is nog niet in.

    Dat stelde wel problemen in de twintiger jaren van de vorige eeuw. Toen de vrouw zich de gelijke van de man begon te beschouwen veranderde het opnieuw. Ze probeerde zoveel mogelijk in kleding en gebaar Een mannelijk voorkomen te verkrijgen ( dat geldt uiteraard slechts voor de “snobs” uit de wereldsteden van dien tijd.) Arme “garçonne” uit 1925. Alles wat vrouwelijk aan haar mag heten was verborgen: geen charmante coiffure, geen boezem, geen heupen; de rok was kort en de sluier op een hoed vastgepind kwam tot op kniehoogte. De sluier was enkel als sieraad gedragen en bedekte het niet het gezicht. Afgezien van het wit zou men wel enige moeite hebben om in deze kortgerokte modieuze dame van 1925 een bruidje te ontdekken.

    Sinds dien is het bruidstoilet mee geëvolueerd met de mode: langer, korter, wijder, sluiker. Ook de stoffen zijde, rayon, katoen, nylon alles op zijn tijd. Ook de sluier varieerde van meterslang tot enkele decimeter. Er zijn vele moeders en grootmoeders die zelf noodgedwongen zijn getrouwd zonder deze Feeërieke tooi en er alles voor over hadden om hun dochters en kleindochters dit “ wit “ wel te gunnen.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    Vrouw en vrij.

    Pas op 30 april 1958 schafte het Belgische parlement de voogdij van de echtgenoot af. Daarmee werd een einde gemaakt aan wat de code Napoleon uit 1804 was gestipuleerd, namelijk dat de gehuwde vrouw in feite levenslang minderjarig bleef. Met ziel en lichaam was zij volgens de wet het bezit van de echtgenoot. Haar loon kwam hem toe, haar briefwisseling werd streng gecontroleerd en zij mocht slechts scheiden, een recht tijdens de revolutie verworven, om wel bepaalde redenen.


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    01-12-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    Het minnen was vrijmoedig maar het huwelijk kort.

    “ Wat is jongheyd zonder minnen, wat is leven zonder vreugd, hangt aan de liefde uwe zinnen en bemind als ij meugd” (16de en 17de eeuw)

    Toch zou het verkeerd zijn zich voor te stellen dat onze voorouders een leven leidden dat louter een aaneenschakeling was van geneugten en losbandige avontuurtjes. Een gezinstichten, kinderen krijgen was de hoogste betrachting. Overal net als in de natuur, groeide nieuw leven maar de dood is altijd alom nabij. Precies omdat de dood vaak ongenadig was. “Kweken” ‘als konijnen’ deed men in die eeuwen niet en het krioelde zeker niet van de kinderen.. Men trouwde immers vrij laat:25 jaar voor een meisje en voor de jongen nog een paar jaar later. En als je dan weet dat men een gemiddelde leeftijd kende van 35 tot 40 jaar, is het duidelijk dat zelfs bij een bijzondere huwelijksvruchtbaarheid, het aantal kinderen zich in het beste geval 4 tot 5 beperkte. Trouwen deed men ook niet zozeer uit verliefdheid. Niet dat er nooit sprake was van liefde. Vaak bestond dit wel, soms al ten tijde van de verloving, maar vooral pas na het huwelijk. Ze ontstond en groeide door de samenleving(….). In de jaren 1670 tot 1830 zouden er dorpen geweest zijn waar meer dan een kwart van de vrouwen in verwachting waren voor ze trouwden.

    Tot dan had bijna niemand omgekeken naar gewaagde zinspelingen en bij het zien van bloot was niemand geërgerd. In 1457 bij de intrede van Filips de Goede in Gent, zwommen naakte meisjes in de Leie.

    Bij de intrede van Filips de Stoute te Antwerpen in 1494 schreef een getuige:” De stellages, waar met de meeste lust naar keken, waren naar de godinnen, die door naakte levende vrouwen waren voorgesteld”.

    In de 16de eeuw een zuster schrijft: ‘ ’s Zomers, als het mooi weer was, ging de priorin na het bidden van de vespers met de communauteit ver van de abdij wandelen bij de vijver langs de weg naar Parijs, daar kwamen de monniken van Saint Martin de Pontoise, van niet ver uit de buurt om te dansen, wat gold als de normaalste zaak van de wereld. Het zou kunnen dat de indruk gewekt is dat onze voorouders zich voortdurend gedroegen als vrolijke flierefluiters. Niets is nochtans minder waar, zowel bij de elite als bij het merendeel van de bevolking, een gezin stichten en kinderen krijgen bleef de hoogste betrachting.

    “Vruchtbaarheid is van oudsher van grote betekenis geweest. Kinderen waren een hulp in de huishouding of bedrijf en een garantie voor een onbezorgde oude dag”

    In Frankrijk noemde men een vrouw zonder kinderen tussen de 15de en de 18de eeuw vaak een “Brehaigne” (onvruchtbaar) of nagenoeg de zelfde term waarmee een stuk grond werd aangeduid waarop niet te oosten viel. Een onderbreking in de generatieketen werd door een stamfamilie ervaren als een aanval op haar voortbestaan. Voor jonge echtgenoten zonder kinderen was dit een moeilijke situatie; ze voelden zich schuldig omdat ze van geen nut waren. De dood is gemakkelijk te aanvaarden wanneer je de hoop hebt in je kinderen voort te leven; een man en een vrouw zonder kinderen zijn aberratie, ze zijn als het ware dood omdat ze geen toekomst hebben. Geen wonder dat allerlei vruchtbaarheidriten op het platte land de gewoonste zaak van de wereld waren. Er zijn meer voorbeelden bekend waaruit blijkt dat een schoen meer betekenis kan hebben dan alleen die van schoeisel, want als symbool en wens van vruchtbaarheid werden vroeger wel schoenen naar een bruidspaar gegooid. Een schoen in de stad een klomp op het platteland. In Frankrijk ging men na de maaltijd in optocht naar de “bruidssteen” die de echtgenote moest beklimmen: ze ging dan op een klomp zitten en liet zich van de helling glijden en als de klomp bijgeval brak wanneer ze beneden kwam riep man “ ze heeft haar klomp gebroken!” De echtgenoot wist wat het betekende: “zijn bruid was geen maagd meer!”


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)
    25-11-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.nostalgie

    We leven nu in den tijd waarvan we denken dat wij de wereld gemaakt hebben, nochtans met ons honderd jaar dat we hier mogen verblijven zouden we dat zeker niet kunnen realiseren. We mogen dus van geluk spreken dat we elk om beurt mogen meehelpen om iets na te kunnen nalaten. Toen men de oerknal nabootste, klonk het als of nu wisten wie deze wereld in elkaar geknutseld heeft. Maar als men met de telescopen die hebben, en nog altijd bijbouwen, zien ze dat ze onlangs hoe meer niets zien. Men stelt vast dat wat we spotten zeggen: “ Het heelal is zo groot dat zelfs den eersten die gestorven is nog in de hemel niet geraakt is, laat staan dat hij al zou terug zijn om ons te zeggen wat er daar is”.

    En hierbij kun je, je dan de vraag stellen, heeft de mens al iets hier niet gezet wat er niet was? We horen u al roepen hebt u soms de computer uitgevonden? Dan antwoorden wij u welke materie zit er in de computer, die niet van deze aarde was? Je hebt gelijk als je zegt dat je met de materie iets hebt gemaakt, waar we verbaasd van opkijken en zeggen de mens is toch zeer ontwikkeld om zo dingen te maken. Toch het is alsof een goochelaar, die zijn beide handen in de lucht houd en ons duidelijk maak ik heb niets in de handen niets in het mauwen, en hop daar is een duif, of zelfs veel grotere dingen. Toch perslot van de rekening was de duif er! Met ander woorden, wij maken gebruik van de materie, waar we grootse dingen mee maken, doch alles ligt ter onze beschikking. Iets of iemand, heeft het ons om het waardig te gebruiken.

    Iedereen denkt er het zijne over, maar wij zijn het niet, die hier enkele jaren verblijven, die de wereld het heelal laten bestaan. Men zegt dat wij het kapot maken! Hoe, door oorlog te voeren, want vrede, ja hier in het westen herdenken we honderd jaar oorlog, maar is dat vrede? Rijken blijven rijk, armen arm! De ene vecht voor zijn voedsel, de ander werpt het weg. Landen willen onafhankelijk zijn ander verbieden het. Is dat vrede?

    We weten allemaal dat de kerken leeglopen, het begon al toen men de heiligen verbande uit de kerk, vroeger stonden de pilaren, indien het mogelijk was vol met heiligen beelden. Toen dacht men dat de mensen alleen naar der kerk trokken om heiligen te aanbidden. ’t Was misschien wel iets overdreven, doch nu is het langs den anderen kant dat men overdrijft. We lazen onlangs nog in de gazette dat men overdreven veel bloemen zet op het kerkhof en dat alleen met Allerheiligen. Ik had een vriend, en zoals Joris Declercq het zegt: “Ne vriend is lijk ne stekkerdraad, Je kunt er vast aan raken. En ojje weg wilt goan, ’t doe zeer, je los te laten” (Ik hoop dat Menheer Declerq het mij niet kwalijk neemt dat ik het gebruik) maar het is waar. En iedere dag breng ik hem geen bloemen op zijn begraaf plaats, hij staat bij mij thuis in de kast, en iedere dag als ik aan tafel zit zitten we recht over elkaar, en ‘t is alsof hij hier zit zoveel jaren later met zijn “export” van thuis van Bellegem. Allerheiligen, dan herdenken wij al die heiligen die niet ergens vermeld staan, Allerzielen, zij die ons dierbaar zijn, werden zoals de verjaardag van iedereen op een dag echt in de bloemen gezet maar dan allen in een keer.

    Of feestdagen voor sommigen zouden mogen verdwijnen, oordelen wij hier niet, maar wij denken, toen onze ouders of onze voorouders er voor streden om die gebruiken en in voege te brengen dat ze wel ergens gelijk hadden. Echter is dit hier niet wat we willen bereiken, we willen alleen eventjes kennis maken met wat er allemaal zogezegd lang voor onzen tijd bestaande was maar tussen haakjes toch in gebruik is. Denk maar even wanneer we nu de kerk binnen gaan voor wat men noemt de H. Mis, ( eucharistieviering) dan zien we bijna allemaal grijze hoofden of kale koppen, met andere woorden oudere mensen. Bij zeldzame gelegenheden jongeren, wellicht, wanneer ook zij vergrijzen, zien we ze daar opnieuw. (Zoals men spreekt over de vergrijzing de baby boem jaren, zouden er misschien te weinig baby’s nu bijkomen en terug een ander kleur inbrengen dan grijs?) En toch, je zou haast denken dat er kabouters op pad zijn want bij vele heiligenbeeltenissen staan vele kaarsjes te branden. Bij kapellen, bij de verscheidene grotten verdeelt over Vlaanderen. ’t Is echt opvallend. Vandaar onze aandachten om die voorbije dingen eens op te rakelen. Wij gaan snuisteren in oude documenten en dagbladen tijdschriften en van die dingen meer, bij het opkuisen en wegwerpen, dat zij die achter ons komen niet te veel van dien “briel” nog zouden vinden. Maar we konden het over ons hart niet krijgen om niemand te laten mee genieten van die vervlogen tijden. Soms hebben we het zelf meegemaakt, andere van in de verte te horen zeggen, maar met respect voor zij die het meegemaakt hebben. Ontdekken van wat vroeger bestond is een prachtige gelegenheid om even om te kijken. Was het werkelijk alles zo slecht, we denken het niet, dat het soms overdreven was ja, maar is nu alles goed? Denk eens we lezen dat men in Kortrijk de Leie boorden gaan verlagen, ze waren vroeger laag en ze verhoogd het! En zo kan men doorgaan, laten we het gewoon bekijken en elk neemt er het zijne van. Toch is er bij het bekijken van de heiligen welke we volgen, een zeer opvallend iets. Die bekeerlingen gingen aan de mensen zeggen wat er men hen gebeurd was. Nu gaan of de mensen naar de priesters.(kerk) Er zijn weinig priesters die naar de mensen toegaan, of toch? Veel lees genot!


    Categorie:Nostalgie
    » Reageer (0)


    Films over Rollegem
  • De bevrijding
  • Het boerenleven anno 1946
  • Het wereldrecord wandtabpijt

  • Inhoud blog
  • Winternacht 2018
  • kerk en leven
  • doodsprentjes, bidprentjes alfabetich (e)
  • doodsprentjes, bidprentjes alfabetich (d)
  • SAMANA
  • okra
  • KWB
  • FEMMA
  • Adem-Tocht
  • doodsprentjes, bidprentjes alfabetich (c)
  • doodsprentjes, bidprentjes alfabetich (B)
  • TREES
  • doodsprentjes, bidprentjes alfabetich (A)
  • doodsprentjes, bidprentjes 1989
  • doodsprentjes, bidprentjes 1988
  • doodsprentjes, bidprentjes 1987
  • Davidsfonds
  • doodsprentjes, bidprentjes 1986
  • doodsprentjes, bidprentjes 1985
  • doodsprentjes, bidprentjes 1984

    Categorieën
  • 100 jaar oorlog (4)
  • Adem-tocht (1)
  • Davidsfons (1)
  • De parochie Pastoors (16)
  • Fatima (8)
  • Femma (1)
  • Folklore historiek (3)
  • folkloreraad (1)
  • gehuchten (24)
  • gesneuvelden (140)
  • gezinsbond (2)
  • handelaars (24)
  • Harmonie (2)
  • historiek Gezinsbond (1)
  • historiek ziekenzorg (1)
  • Kinderopvang (1)
  • koor Crescendo (1)
  • kunst en cultuur (66)
  • KVLV (0)
  • KWB (1)
  • Missiebestuur (1)
  • MPI (1)
  • Neos (1)
  • nieuw (1)
  • nieuw te (3)
  • Nostalgie (23)
  • Okra (1)
  • onderpastoors (10)
  • Oud Rollegem (49)
  • pre Historie (11)
  • Priesters inboorlingen (34)
  • rollegem (39)
  • Rollegem denkt aan zijn missionarissen (18)
  • rollofeesten (1)
  • Rollshausen (10)
  • Rouwprentjes (92)
  • soldaten 14/18 of 40/45 (19)
  • St-Antonius (1)
  • St.-Antoniusfeesten - historie (17)
  • staartje van Antoniuszwijntje (25)
  • Stond in min Gazette (32)
  • straatnamen (9)
  • Tijd van toen (25)
  • Tombroek koerse (2)
  • Toponiemen (272)
  • Tresor jongerentheater (1)
  • veertigdagentijd (1)
  • verdienstelijke persoon (22)
  • winternacht (0)
  • wist u? (9)
  • Ziekenzorg (2)
  • zusters Inboorlingen (4)

  • Mijn favorieten
  • cultuurweb
  • Damesvoetbal Rollegem
  • Basisschool Rollegem
  • De Kindervriend
  • Aid basket Rollegem
  • WTC De Platse
  • NEOS
  • Rollofeesten
  • Seniorenacties Kortrijk Zuid
  • fotosite Chiro Rollegem

    E-mail uw bericht

    Wil je als vereniging activiteiten en nieuwtjes op het blog? Een mailtje volstaat.


  • Harmonie St.-Cecilia
  • Rollegem.be
  • Chiro Tandem
  • Vormelingen

  • Archief per maand
  • 12-2018
  • 11-2018
  • 10-2018
  • 09-2018
  • 08-2018
  • 07-2018
  • 06-2018
  • 05-2018
  • 04-2018
  • 03-2018
  • 02-2018
  • 01-2018
  • 12-2017
  • 11-2017
  • 10-2017
  • 09-2017
  • 08-2017
  • 07-2017
  • 06-2017
  • 05-2017
  • 04-2017
  • 03-2017
  • 02-2017
  • 01-2017
  • 12-2016
  • 11-2016
  • 10-2016
  • 09-2016
  • 07-2016
  • 06-2016
  • 05-2016
  • 04-2016
  • 03-2016
  • 02-2016
  • 01-2016
  • 12-2015
  • 11-2015
  • 10-2015
  • 09-2015
  • 08-2015
  • 07-2015
  • 06-2015
  • 05-2015
  • 04-2015
  • 03-2015
  • 02-2015
  • 01-2015
  • 12-2014
  • 11-2014
  • 10-2014
  • 09-2014
  • 08-2014
  • 07-2014
  • 06-2014
  • 05-2014
  • 04-2014
  • 03-2014
  • 02-2014
  • 01-2014
  • 12-2013
  • 11-2013
  • 10-2013
  • 09-2013
  • 08-2013
  • 07-2013
  • 06-2013
  • 05-2013
  • 04-2013
  • 03-2013
  • 02-2013
  • 01-2013
  • 12-2012
  • 11-2012
  • 10-2012
  • 09-2012
  • 08-2012
  • 07-2012
  • 06-2012
  • 05-2012
  • 04-2012
  • 03-2012
  • 02-2012
  • 01-2012
  • 12-2011
  • 11-2011
  • 10-2011
  • 09-2011
  • 08-2011
  • 07-2011
  • 06-2011
  • 05-2011
  • 04-2011
  • 03-2011
  • 02-2011
  • 11-2010
  • 06-2010
  • 12-2009
  • 10-2009
  • 09-2009
  • 05-2009
  • 04-2009
  • 02-2009
  • 01-2009
  • 06-2008
  • 04-2008
  • 03-2008
  • 02-2008
  • 01-2008
  • 12-2007
  • 10-2007
  • 09-2007
  • 08-2007
  • 07-2007
  • 06-2007
  • 04-2007
  • 02-2007
  • 11-2006
  • 12-2005
  • 11-2005
  • 10-2005
  • 01-2000
  • 12-1999
  • 11-1999
  • 10-1999
  • 09-1999
  • 08-1999

    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Foto

    pastoors vanaf 1448

    Hespeel Philippens

    1448 tot 1452

    Jan Vande Male

    1453 tot  1454

    Pieter Adams 

    1454 tot 1455

    Jan Bronne

    1455 tot 1458

    Jan Boudin

    1458 tot 1476

    Willem Cordier

    1476 tot 1505 

    Andries Noppe


    Foto

    1505 tot 1541

    Philippus Hespeel

    1541 tot 1547

    Jooris Halsberghe

    1547 tot 1549

    Willem Adyn

    1549 tot 1560

    Pieter de Condé

    1560 tot 1574

    Willem Adyn

    1574 tot 1586

    Pieter De Jonghe

    1586 tot 1597

    Jan Reynkens

    1597 tot 1600

    Adriaan Mulier


    Foto

    van 1600 tot 1606

    Corneel Van Boterberghe

    van 1606 tot 1608

    Jan Longovius of Langenhove

    1608 tot 1613

    Bernard de Crudenaere

    1613 tot 1614

    Hubrecht Saba

    1614 tot 1614

    Jacobus Beert

    1614 tot 1656

    Franciscus Seyse

    1656 tot 1668

    Jacobus Caelewaert

    1668 tot1691

    Joos De Boo

    1691 tot 1700

    Hendrik Commacen

     


    Foto

    1700 tot 1703

    Petrus Franciscus Van Biesbroucq

    1703 tot 1714

    Karel Frans Van Eeckhout

    1714 tot 1743

    J. J. Vande Velde

    1743 tot 1751

    J.B. Wasteels

    1751 tot  1761

    Fac. Jos. Fattrez

    1761tot 1762

    P.P.F. Van Haesendonck

    1762 tot 1772

    Jan Francis Cusenelle

    1772 tot 1801

    Joannes J. Rutgeers.

    Begraven voor de Calvarieberg

    Steen links van het kruis. 

     


    Foto

    Van 1801 tot 1803

    Mullier Pieter Jos

    1803 tot 1808

    Verlinden Jean-Bapt

    1808 tot 1809

    Cardoen Steven Frans Jos.

    1809 tot 1842

    Mullier Pieter Joseph

    1842 tot 1852

    Denijs Karel

    1852 tot 1862

    Missu Karel-Louis

    1862 tot 1867

    Lonneville Francis

    1867 tot 1873

    Lietaert Edward

    1873 tot 1879

    Huys Lodewijk

    1879 tot 1903

     


    Foto

    Phillippus Jacobus Bettenhof

    Begraven aanzijds den calvarieberg

    14 mei 1903

     

     

     


    Foto

    Billiau Rijkaart

    Van 1903 tot 1910

    Hij mocht de kerk

    vermeerderen en

    herstellen


    Foto

    VandeWeghe Camiel

    Van 1910 tot 1925


    Foto

    Lelieur Constant

    Van 1925 tot 1938

    blijft te Rollegem

    tot 15/12/1943 +


    Foto

    Ysebaert André

    van 1938 tot 1960


    Foto

    Stemgee Gustaaf

    Van 1960 tot 1974

    + 12 maart 1982


    Foto

    D'Heygere Odiel

    Van 1974 tot 1983

    + 16/10/1986


    Foto

    Duhem Louis

    Van 1983 tot 1993


    Foto

    De Wulf Willy

    Van 1993 tot 2001

    Salisiaan

    Laatste eigen Pastoor


    Foto

    Volgens E.H. Slosse,

    zou er reeds in 1454

    een kapellaan van

    St-Pieter hier zijn geweest,

    ze waren niet verplicht

    op de parochie te wonen

    F. Cordon 1734/38

    Vansteenbrugge 1738/40

    Helluy P.F. 1743/44

    Vandenbroucke 1744/45

    Roussel P. 1746/47

    Ghesquiere P. 1747/48

    Libbrecht F. 1748/50

    Devos G. 1750/1755

    Ghequiere 2x 1751/61

    Courouble P. 1761/62

    Vissens F. 1762/76

    linneau 1776/83

    Storm E. 1783/85

    Everaert J. 1785 zes weken

    Six F. 1785/89

    Vandenbroucke J. 1789/90

    Mullier P. 1790 1801

    Wierd hier Pastoor

    van 1801 tot 03 en van

    1809 tot 1842


    Foto


    Rollegem op de inventaris van het bouwkundig erfgoed


    dorp



    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!