openbloeiend
wordt ze zacht
met licht omkleed
streeft ze verrijkend verder
groeiend in haar waarde
openbloeiend als
een wonder
openbloeiend
wordt ze zacht
met licht omkleed
streeft ze verrijkend verder
groeiend in haar waarde
openbloeiend als
een wonder
met voldoeningals onhergzaamheid
geen raad met me weet
donker laat gaan
terwijl ik
nog volop leef
zal ik haar
tot doem denken
en begraven
in mijn geest
met voldoening
zitten wachten
tot bloei als
mijn enige waarheid
weerkeert
als wondere beheersing
naar hun schaduw
zijn ze gaan uitgroeien
tot leven stuwend stroomt
met glanzend blad
hun eigenheid oplichten
als wondere beheersing
mijn heuvelland
rijk aanzien geeft
tijdloos
binnen de grenzen
van gevoel
waar schaduwen bezwangerd
van het intieme
een glimp van hoop
stralen
geniet het hart
tijdloos
voleindiging
heb me ingeburgerd
midden een slaap
met dromen
waarin ik
onder een andere zon
die sluiers oplicht
de voleindiging heb ontdek
geluk te scheppen
met handenvol
herbelevende realiteit
immer
de kunde van het memoreren
brengt me steeds weer
naar dat veld
vol klaprozen
waar wij iedere bloem
met zachte vingers aanraken
om ze als vorm van vervoering
in onze ziel op te bergen
tot een immer
bloeiende gelukzaligheid
een verhaal met gaveweet diep in je ziel
liggen woorden te wachten
tot gedachten
ze naar bovenhaalt
als een verhaal met gave
dat hoopt het hart
van toehoorders te raken

wijl een gutsende regen
’t verdriet van de wereld
op mijn venster neerslaat
stormwind het landschap
in gruizel waait
schimmig leven zich met
kwel en kommer verrijkt
zal ik wakker blijven
zorgelijk de kille donkerte
onder ogen zien
middels gerustgesteld
door innerlijk weten dat
warm mijn hart streelt dra
de zon weerkeert
eenig leven
zich een weg zoekend
in zelfgesponnen web
ontdekt ze
eenig leven
als gezelschap
op zoek naar openheidwanneer ik ijsbloemen beadem
die als illusie op de vensters hangen
dan is het om het winterlandschap
met heldere hemel dat muren afbreekt
binnenkamers te halen
begenadigdin het licht van de zon
strooit ze een zondvloed
van kleuren over me heen
zo opzienbarend dat ik
aan haar gehecht raak
met scheppingsdrift mee
dieper ga zoeken naar de parels
op de bodem van de zee
mokt grijzigde hemel mokt grijzig
spartelt tegen
wanneer de zon
door de wolken
wil breken
gunt een
onschuldige dromer
geen kleurrijk verhaal
wil dat hij zichzelf verliest
in het schrale
mijn horizon verruimbang me tussen waarheid
te begeven ben ik naar
de sterren blijven kijken
ze als herinneringen herschikt
tot het pijnlijke is verdwenen
terug vleugels heb gekregen
mijn horizon verruim
winter opruim
lente zonder remming uitdraag
de kracht van zijn

hoe beschrijft
openbloeien
de kracht van zijn
maanden later nog
in wintertijd
op weegs wereldliefde draait
om en om
leven
om onzelf
op weegs wereld
als je mee
met licht en duister
tijd voor lief neemt
geheel rijk
wanneer midden stilte
rust over mij komt
als uitdaging
met bevallige wendingen
gedachten als hunkering
naar binnenkeer
om in mijn zo-zijn
diep te laten doordringen
voel ik mij geheel rijk
stillere stiltewanneer stilte stiller lijkt dan
de herinnering die ik van haar heb
dan duik ik dieper weg in mezelf
om morgen te horen kloppen
liefde
In de palm van je hand
wil mijn lijf
zich klein plooien
door vingertoppen gekoesterd
genieten van het zoetste
onderkomen
terwijl tijd zich in dromen twijnt
dicht bij zijn waarheid
naar de afgrond starend
waar diep beneden
dreigend water
gedachten verdicht
smeekt zij hem met haar
een brug te bouwen
die een houvaste
overkomst biedt
om in onontkoombare
zonverlichte dagen
dicht bij zijn waarheid
zich als herboren terug te vinden
in een nieuwe ochtendbinnen het veel te grote bed
heeft ze zich toegedekt
met herinneringen
tot ze beseft
dat deze geborgenheid
enkel pijn laat groeien
in een nieuwe ochtend
met durende dagen
dwingt op te staan
om een volmaakte horizon
tegemoet te gaan