mijn berk
midden romantiek geworteld
houdt hij zomer
zo lang mogelijk vast
opdat ik in een zee
van dromend geel
met de floers van mysterie
geborgen zal weten
als ongedurig leven
zich koud schreiend
rondom mij opdringt
mijn berk
midden romantiek geworteld
houdt hij zomer
zo lang mogelijk vast
opdat ik in een zee
van dromend geel
met de floers van mysterie
geborgen zal weten
als ongedurig leven
zich koud schreiend
rondom mij opdringt
vol van verwachting
je vlugge hartslag
kloppend
onder mijn hart
vertelt me
met vonken van vroeger
en hartverwarmende voel
jou zo dichtbij
in ontzaglijk mooie
momenten samen
beiden verlangend
naar elkaars realiteit
herinnering
het zijn mijn gedachten
die terugdwalen
naar waar wij dansten
zonder muziek
in een wondermooi lied
onder de indruk
van elkaars lichtvoetigheid
onafscheidelijk
in een onmogelijke liefde
met elkaar vrijend
de tijd uit het oog verliezend
het houden van ervoeren
tot jij wegging
en ik achterbleef
in een levenslange strijd
met elkaar verbonden
de zon zagen ondergaan
liefde wetend
door je speelse
liefkozingen
laait verlangen op
een tintelend zijn
op weg naar
verhoopte siddering
een zweven boven mijn horizon
om met eindeloos genot me helemaal
aan je liefde over te geven
zonder kracht
hoe moet ik
leren van mijn fouten
als ik herinneringen kwijtraak
roerloos
blind verdoofd
lig te staren midden leven
dat ik niet langer weet
ga ik dan dood
als de dag
niet wil beginnen
bomen wazig
staan te verzinken
zo anders dan
wanneer mijn droom
zich uitvergroot om
tot een beschrijving te komen
waarbij ik
het hele landschap beschilder
met de kleuren
van een regenboog
ga ik dan dood
een sprong in het duister
donkere vleugels
dragen donkere woorden
wantrouwen
in een nacht
op zijn donkerst
nachtmerries
worden uitvergroot
een volle maan
verschanst zich
midden alle indrukken
wijl ik doe
wat van mij wordt verwacht
een sprong in het duister
om op eigen benen
alleen te staan
zonder leven te verdringen
kleuren van de wind
dat ik
geen moment verspil
door stil te staan
midden rumoerigheid
na te denken
over dood en leven
vechten of opgeven
keuzes maken
omdat mijn hart
je blijft zien
passie voelen
die we hebben gekend
liefde gedeeld
kleuren van de wind als
blikseminslag van belang weet
het terug gelukkig zijn
wijl ik het
had kunnen zijn
tracht neer te schrijven
droomt het landschap
zich voor mijn ogen open
wil het net of ik stil
met mezelf alleen
ga neerzitten
om midden het vertrouwde
mijn glimlach terug te vinden
vlucht in woorden
ik zwijg de gedachte
waarin ik je vond
dicht mij toe
met mijn geheim
en vlucht in woorden
die waan toveren
een ogenblik
dacht tijd te hebben
om haar te vragen
waarom ze vreemd
onbewogen
mij alleen liet
maar leven
is zo vluchtig
even
een ogenblik
steeds verder van elkaar
door je kreet naar bevrijding
voel ik het alleen zijn
met mezelf aan
als een heel witte bloem
met eigen dromen
die aan de rand van bestaan
tranen vonkend
schuld vindt
de kracht van liefde
omdat ik liefde weet
waag ik de sprong
in het donker
ervan overtuigd uiteindelijk
de reeds lang vermoede
hemel te zien
waar zilveren stilte me
bijlicht tot voorbij
de grenzen van gemis
mijn waarheid
mijn waarheid
zij laat zich
niet opsluiten
grijpt kansen
schat hen in
beleeft de klanken
desnoods
zonder lied
doodstil
nu ik me
durf inleven
binnen het moment
waar de ene bloem
zacht gehaast
open bloeit
wijl de andere
wezend stil
verwelkt
wacht ik
doodstil geraakt
op eindeloos meer
zoekend
zoekend
naar een nabijheid
waar midden
een kolkende vlammenzee
het verlangen troont
dat liefde verwoord
ben ik mezelf kwijtgeraakt
terwijl ik jou meemaak
nieuw licht
nu ik vanuit het grijs en grauwe
het diepe zilver
heb ontdekt
dat een heel
nieuw licht
op het heden werpt
kan ik het voorbije
zonder schuldgevoel
loslaten
mijn blik gericht naar overzij
een milde najaarszon
omarmen
ik heet je liefde
de zachte klank van een hart
dat verlangt
heeft ons samengedreven
deint nu verder zachtjes
vloeit in jou en mij
als stille zee
geeft extase
kleur en luister
aan ons leven
berusting
als een slapeloze nacht
schrikt van mijn gedachten
die trachten om te gaan
met pijn
schenkt hij mij
een opbloeiende stilte
zodat ik een gedicht over
berusting kan neerschrijven
waarbij hoop als droom
verscholen zit
aanhankelijkheid
vertel
dat je me weet
hoe ik als zwerver
beweeg
langs de straten
van vandaag
me verbaas
hoe drift verbleekt
wanneer de avond
met stille lijnen
stillevens tekent waarin
ik me geborgen weet
de weg naar jou
tracht te verlengen