in lichterlaaie
als blikseminslagen het zicht
van duisternis
in lichterlaaie zet
kruip ik
helemaal in mezelf
voor een lange adempauze
tot woede krimpt
in de uitgestrektheid van leven
die mij opnieuw laat bewegen
in lichterlaaie
als blikseminslagen het zicht
van duisternis
in lichterlaaie zet
kruip ik
helemaal in mezelf
voor een lange adempauze
tot woede krimpt
in de uitgestrektheid van leven
die mij opnieuw laat bewegen
als een open boek
na te hebben genoten
van elkaars nieuwsgierigheid
willen wij samen verder dromen
op beider benen staan
en oud worden
in een boeiend leven
want als een open boek
zijn we voor elkaar
lezen wij de eigen ogen
schaduw ik de sterren
en als Nux
me laat verdrinken
in de chaos van eindeloos
schaduw ik de sterren
die zo ver van leven staan
hoop ik slaapdronken
dat Morheus
me laat wentelen in dromen
die mij de omarming
van Hypnos beloven
tot het licht
me terug zicht geeft
en Eos mij
laat verder bouwen
aan vertrouwen
wanneer jij me schoonheid vertelt
wanneer jij
lief teder wezen
als licht ontvlambaar verrijst
en jouw zwoele geur
in luchtstroom mee laat zweven
leg ik mij
bij werkelijkheid neer
en beleef
tot jij uitgebloeid verbleekt
de zomer met je mee
innigheid schittert
zij zoekt de nacht
waar haar verwachting
door tederheid
wordt opgewacht
innigheid ademloos schittert
in een spel
dat haar zodanig verwent
zij weer passie kent
vol overgave
het leven beleeft
dat haar eindeloos
laat zweven
samen beleven
en omdat ervaren
van schoonheid
zo belangrijk is
laat ik mij
in jou verdwalen
geef ik mij over aan verrukking
om zo een glimp te krijgen
hoe het zou zijn om me
door mijn hart te laten leiden
en te beseffen dat
samen beleven
mij deelgenoot maakt
van een rijk leven
waait gemeen
zwaar trekt hij
langs me heen
waait gemeen
in mijn vertrouwen
toont mij
in de deining
van de tijd
mijn nietigheid
tot hij zoekend
naar ruimte
mijn zielenroerselen honend
een laatste maal vermoord
zacht openbloeien
boven de tijd
streelt hij
bloedwarm de groei
van een bescheiden bloem
laat haar
in het middelpunt van waarheid
in zwevende geur en wondermooie kleur
zacht openbloeien
om eindelijk
na zoveel jaren
haar breekbare schoonheid
aan de wereld te openbaren
de ontmoeting
op het ogenblik
ze in de spiegel durft te kijken
laten verborgen herinneringen
naar haar zelf grijpen
en al doet de ontmoeting
met het kind in haar pijn
ze spreidt
de armen wijdt open
beseft eindelijk dat
om graag te kunnen zien
eerst haar eigen gevoel
moet durven omvatten
hoe teder gevoelens zijn
heel dichtbij
vertel je mij
hoe teder gevoelens kunnen zijn
ze laten me ervaren
dat verlangen
naar liefde smaakt
en droom
realiteit kan maken
in bezitterige klemwanneer hij
paraderend in bewegingsvrijheid
aast naar prooi
als hebzuchtig despoot
in een ommezien beslist
over leven of dood
zijn nog naar adem
snakkende buit aanvreet
in bezitterige klem
laat hij mij kennen
dat zijn kwelling slechts
de zwakste treft
zij
ze golft zich zacht in mij
met dromen
breekt de tijd
en laat me drijven
in haar zijn
raakt me urenlang
met schoonheid
die me laat verzinken
in onbevattelijke eindeloosheid
tot ze doordringt
in mijn dag
mij voortstuwend laat weten
elk moment
vervoering brengt
zwerfzoekend
zwerfzoekend
in het heden
kwam ik hem
toevallig tegen
wist mij
zozeer te behagen
dat ik mij
door zijn schoonheid gedragen
durfde wentelen
in de zeldzaamheid
van zijn kleuren
die mijn eenzaamheid
liet verdwijnen
ze wil slapenze wil slapen
en de schaduw
waarmee ze zomer deelde
is verdwenen
het spoorloos zoeken
maakt haar zo moe
oud en week
wil ze slapen
maar alleen daar
waar zweem
herinneringen raken
nestel ik mij
nestel ik mij
als zijn adem zacht
rondjes tuimelt
door mijn tuin
met niet te vatten siddering
bloemen in aangrijpende vertolking
wirwarkleurig laat bewegen
losgeplukte blaadjes
ongrijpbaar hoog in streelzacht licht
tijdloos laat dwarrelen
nestel ik mij
tussen onontdekte schoonheid
en kleur mezelf er eindelijk bij
in een waaier van kleuren
in een waaier van kleuren
grenzend aan fantasie
leiden wij de tijd
naar een intens spelen
waar het sensuele
in een waaier van kleuren
ademloos lang wordt beleefd
ons zielenreizend laat zuchten
naar een werkelijkheid
die naar eindeloos reikt
zomerzonnewendezomerzonnewend
(21 juni)
en terwijl er spanning heerst
tussen donker en licht
leven en dood
eer ik tot bij dageraad
met ontzag en offerande
de zon geboren op midwinter
tot bij middaguur
de wisseling van getij
is een feit
zomer verslapt zijn greep
en winter kruipt
stil dichtbij
droom ik mijn lente
Droom ik mijn lente
wanneer wind
zegevierend lacht
grijs heersend neerkijkt
in tollende onwerkelijkheid
zomer zich spoorloos
heeft verschanst
onder dekkend groen
en geduldig wacht
droom ik mijn lente
waar open schijn
en werkelijkheid
geurend mezelf laat zijn
alles of niks
alles of niks
verzin een teken van leven
wil je zien bewegen
in plaats van je te verankeren
in een teruggetrokken moment
speel het bewegend spel
te worden herboren
met alles of niks
in ’t verschiet
geniet met lef
van jouw ontwaken
en raak in vertrouwen
het immer blauwe
als zomers groen me bekoort
als zomers groen me bekoort
kan genieten bij windstil
van het donkergroene
dat als dichtgewolkt groeit
rimpelt het door een zacht ruisen
zijn het de stukjes blauw tussendoor
waar ik van hou
bruskeert de wind
gezwind mijn droombeeld
dan nog is er de geur
die mijn zomer fleurt