vergiftigd maal
als honger tussen
schraalheid opdaagt
kringen ze samen
tot een wollige schaduw
lopen door de poort heen
waar uitdaging
en kennis hen naar
de voorraadschuur troont
waar ze zich dood vreten
vergiftigd maal
als honger tussen
schraalheid opdaagt
kringen ze samen
tot een wollige schaduw
lopen door de poort heen
waar uitdaging
en kennis hen naar
de voorraadschuur troont
waar ze zich dood vreten
gelukzaligheidtoen donker
haar aardse kijk
van de wereld verdrong
trachtte
ze zich te keren
naar het helderzachte
om in resterende tijd
te verzinken
in oplichtend
in schijn van schoonheid
mijn lief
nog kronkelt
het pad zich
van donker
naar schilderachtig mooi
ontdek ik de bloemenwei
waar wij
in schijn van schoonheid
gehecht raakten
aan elkaars aanwezigheid
elk voorbij momentieder jaar ontdek ik
in de kortstondige
roze werveling
van bloemblaadjes
dat leven
het verlangen kent
om in eeuwige stroom
verder te groeien
elk voorbij moment
ons een verder ademen schenkt
doorgaan
wanneer een vergetelheid
terug gaat leven
loert op realiteit
is het aan mij
om niet te bezwijken
het te bestrijden
met een gedrevenheid
die me vroeger
onmogelijk leek
want zolang men de kracht
van het verleden
niet breekt
blijft het
zich herhalen
telkens weer
overheersen duistere gedachtenwaar mysteries
visoenen laten spelen
wordt stralend gloeien
ontluisterd door troebelheid
overheersen duistere gedachten
leven zo intens dat de mens
enkel nog het noodlot
op zijn schouders torst
buiten mezelf gaan leven
ik hou mijn ogen gesloten
om te voorkomen
dat gedachten worden uitgelicht
buiten mezelf gaan leven
in lichtflitsen
die afstand creëren
laat me evenlaat me even
wil eigen dromen
eigen keuzes
eigen leven
heb er nooit
bij stilgestaan
tijd bepaalt ook
mijn mogelijkheden
verder kijjken
struikel niet
over wat heel
dichtbij ligt
door verder
te willen kijken
dan eigen horizon
ongecompliceerdbruisend en speels
ongecompliceerd
ontdek ik pril leven
onder een staalblauwe hemel
zonder zweem
van verstikkend
de leegte
warm opvullend
met zoveel tedere kleuren
en zoete geuren
dat ik gelukkig ben te zijn
tussen die schoonheid
hoe ik ook trachtzie je van ver bewegen
wou lijk vroeger
met jou komen spelen
maar hoe ik ook tracht
nergens vind ik de dag
die me naar jou bracht
want vandaag
kleurt zich nimmer
met de liefde van gisteren
elkaar zacht strelen
ze opent de hemel
vlijt langgerekte schaduwen
op de wereld neer
laat ze bewegen
elkaar zacht strelen
met gebaren
die de zwaarte verjagen
net zolang tot ze
ineengestrengeld tonen
wat kwetsbaar maakt
uitgewoondvandaag heb ik
helemaal verloren
wat ik
stilaan miste
door mezelf
te hebben uitgewoond
voor ik in eigen nest
kon wegdromen
beeldend mooi
lijkt het of mist
het waarnemen hindert
toch wil ik verder
om te zien
of binnen beslotenheid
schoonheid zich handhaaft
als dwazen azen
wanneer wolven
zich groeperen
als dwazen azen
op een prooi
om te overleven
vertelt ’t geheim
binnen ’t geheim mij
dat deze wereld
veel te onzeker is
om me bloot te geven
uitzichtloos
het brakke
verzwaard
zodanig
dat uitzichtloos
zelfs het grensstellende
grimmig krijgt
haar verborgen waarheid
de leegte van mijn hart vultwordt het
tot op de bodem
koud doorschijnende
door warme sereniteit
ondergesneeuwd
lijkt het
of klaarte
samen met
volstrekte stilte
mij naar fantasie leidt
hoe graag
geef ik mij dan over
aan dit stilleven
dat de leegte
van mijn hart vult
verrukking slagen
vrijheid proeven
op zijn vrijest
laat je behaaglijk
lang uitgerekt
gebaar voor gebaar
naakt de vaart nemen
uit de tijd
met de deining mee
verrukking slagen
naar open zee
in de stilte
hun zwijgen
blijft ademhalen
in de stilte
van eenzaamheid
omdat ze verder kijken
dan de blinde muren
waar leven deint
in pril herontwaken