adem mijn kreten
neem me teder
laat me innemende
geborgenheid weten
zacht ogend kijken
naar de storm van leven
in de weelde van ‘t minnen
mezelf terugvinden

adem mijn kreten
neem me teder
laat me innemende
geborgenheid weten
zacht ogend kijken
naar de storm van leven
in de weelde van ‘t minnen
mezelf terugvinden
gelukkig wezen
elke veertiende
van de tweede maand
blijf ik
in verkenning van mezelf
even voor de spiegel stilstaan
om daarna
ondanks het ontdekken
van een rimpeltje meer
volmaakt gelukkig
verder te gaan
met nu te leven
en hoe
tussen fantasie en werkelijkheid

toen ik
bij de aanblik
van uitgestrektheid
op de stilte stootte
ging ik ergens
tussen fantasie en werkelijkheid
mijn kijk
op de wereld herzien
in zichzelf

In hun kennen
van aarde
en hemel
staan ze
in zichzelf reeds
groot te wezen
nog voor het
bloesemende
wit
hen naar
welig sappige
volmaaktheid draagt
komen er nieuwe dagen


in de volheid van zomers leven
toen zij tijdens herfst
dor en broos wegkwijnden
dacht ik
de wereld donker
wist ik veel
dat verborgen in de schaduw
kracht diepgeworteld
zijn tijd wachtte
om in volheid
van zomers leven ons
in een telkens anders beleven
zijn eindeloze rijkdom te geven
verbloemd

de zachtheid
van warm verlangen
zit zo diep
verbloemd
in haar hart
dat het nooit
de dag zal vinden
oorsprong

nu reeds ligt oorsprong
diep onder de aarde
in zichzelf besloten
zwaar te ademen
omdat er weldra leven
schoorvoetend traag
als gebarsten ziel
uit vergetelheid zal kiemen
tussen hemel en aarde
in uitdagend groen
tot sterk gewortelde bloem
zal voortbewegen
in feeërieke schijn

het grillige dat
zwarte schaduwen
tegen de grijze lucht tekent
lokt de avond
in de hoop
dat het licht van de maan
met wolkjes koude adem
de hemel openbreekt
omdat het liever
in feeërieke schijn
het nabije
wil opwachten
morgen

dwarrelen ze licht
zuiver winterse betekenis
op d'aarde neer
dan nog
zal er morgen
lente wezen
met kleur op de wangen
het bleke stille
van mezelf
deed me
mijn ogen sluiten
lichaam
aan dromen
weggeven
tot ik het
ging doorzien
en ze wegrilde
zelf ging beslissen
om verder te slapen
of met kleur op de wangen
op te staan
schitterende helderheden
vertel hen overdag
tot ik ze
aan de hemel zie
als onvervalste magie
besef dat
schitterende helderheden
uitdrukking geven
aan verheven gedachten
zelfs al wordt
tijd en ruimte
in zijn wijdheid
vaag gehouden
gedeeltelijke zonsverduisteringnadat zon en maan
in elkaars
warme omarming
me urenlang
meenamen
tussen de wolken
kwam ik veel te snel
in de luminatie
van de dag terug
realiteit
een kouder gegeven
dan de droombeelden
waartusen ik zweefde
volle maan

over de beemden
strooit volle maan
beelden uit
die verhalen geven
zodat zij niet langer
nevel nodig hebben
om indrukwekkend te zijn
bij winterse waarheid
rek de tijd
hou me vast
in het gevoel
dat niet
tot bedaren komt
rek de tijd
van het blijvende
laat me
telkens weer genieten
zelfs wanneer we moe
naar elkaar handen tastend
de slaap
voelen komen
tot het juiste momentbehoedzaam
voor voortijdig
wil hij
nog even stil zijn
onpeilbaar
vaag blijven
waarheid
van binnen houden
tot het moment waarop
de wind gaat liggen
wolken
de zon verzachten
om met onthulling
vervulling te bereiden
slapen zonder wetenhoe kan ik
slapen zonder weten
verdriet vergeten
wanneer ik
moet opstaan
in de dag
waar 't licht
nog glimt
als toen
ontluiken

geef haar de tijd
te ontluiken
pas dan
zal je geboeid worden
door een bloem
in groei
zal je rijker oogsten
dan ooit gedacht
naar de verste verte

bij licht verval
glinstert
troebel leven
heel even
om in verdere loop
de gedachte eraan
mee te nemen
naar de verste verte
waar het overkomen
in het blauwe
zal stromen
1 reactie op dit bericht
laatste strofe
juist daarin mogen geliefden elkaar maar juist ook zichzelf winnen
of terug winnen
je raakt me meid met dit gedicht
dank je