midden oneindigheid
geef me het nachtelijk beeld
van een hemelschittering
dat leidt tot opbloei
van sensualiteit
een broedplaats vol liefde
midden oneindigheid
midden oneindigheid
geef me het nachtelijk beeld
van een hemelschittering
dat leidt tot opbloei
van sensualiteit
een broedplaats vol liefde
midden oneindigheid
standvastigheidlangs oude paden
vol modder
blijf ik zoeken
naar een bedding
waar ik kan aarden
tussen bloei
één en al
standvastigheid
uitgroeien
boos schoon mens
op rotsen geboren verzuurde bekrompenheid
waar geen honing meer uit te halen is
gaat hij willens nillens een voorhamer gebruiken
van lieverlede mooi leven weer opwekken
hartverscheurend tenietgaanomdat de ziel
ons reeds nieuwe
verwachtingen toebedeeld
wenen we niet om
hartverscheurend tenietgaan
maar harken het
met handen herleid tot plicht
onder prille opbloei
midden schemerdonker
een niet te overbruggen nacht
peinzend uitvlakken
brengt haar midden schemerdonker
waar ze één en al schaduw
aan eindigheid friemelend
in slaap valt
dromen droomt waaraan
ze nog nooit heeft gedacht
ondoenlijk
ik ben je kwijtgeraakt
wijl ik je zat te bedenken
een schijnbeweging
midden een verzonnen verhaal
ondoenlijk
als wonderlijke wordingtussen het groen striemende
ver van werkelijkheidsrand
glanzen ze belust om
passie op te werpen
als wonderlijke wording
hun kelken open
belevenhet teder wegijlende
laat de nacht spreken
als een koestering
waarin ik mijzelf
met de ogen gesloten
bewust te ruste leg
tegen een warm lijf
me zo eigen
om te herbeleven
wat eerder is geweest
morgen nog steeds zal zijn

in mijn huidige zondat wat uit de chaos
van vroeger leven
door de tijd
wordt blootgegeven
zal in mijn huidige zon
tot as vergaan
als bron van kracht en creativiteit
tussen schoonheid heropstaan
met krassende pen
in plaats van te gaan zoeken
naar een gedicht
die tussen mij en iedereen
zijn woorden toedicht
wou ik vandaag degene zijn
welke met krassende pen
gedachten doortrokken met weemoed
tussen mij en iedereen neerzetten
in een droomin een droom wakker worden
en het achterliggende verhaal
trachten waar te maken
geeft koude voeten

veel te lang op zoek naar ‘t nut
van haastig verdergaan
dreigt ze te verzinken
in diep gemaakte sporen
tot omgehakte bomen
die ze nooit als
donkerdichte kronen
heeft zien groeien
haar verhalen
tijd te maken
voor verwondering
die vervolmaking
in zich meedraagt

met de stroming mee
heb ik dat wat men
langs de oever ziet
als onbekend gaat
verworpen
om gerugsteund door eigen
verwachting me te richten
naar ’t licht aan de horizon
waar een waarheid ligt
die immer zal schitteren
Gezegendmidden een goud rode dageraad
ontdekken hoe vogels
in het gesluimer van mijn berk
als talmende poses
kopjes in hun vlerken
de stilte zitten te koesteren
doet me zo gezegend voelen
dat ik voor hen dromen verder uitzaai
verademende werkelijkheidin een weer thuiskomen
ontmoet ik
een donkerte die moeite doet
om voor mijn ogen
terug open te bloeien
een verademende werkelijkheid
die in ver reikende verspreiding
als houvaste vorm
zich zal open vlijen
een begeertehartstocht
noem ik
een begeerte die
diep drift
tot zij zich
vol overgave hecht
als prooi welke
de liefde verwoord
verboden liefdeomdat ze hartjes
blijven tekenen
in de palmen
van hun handen
met gebalde vuisten
ervoor zorgen
dat niemand
ze zal zien
zullen ze als
verboden liefde
ooit hun kleur
verliezen
misschien
zonnekant van levenmet opvallend
aanwezige bloei
op de nog kale takken
vraagt hij gezien te worden
als datgene die de dagen
verder doet opengaan
zonnekant van leven
met doordachte weelde
in de kijker zet
wanneer we vertoeven
in warme wind
horen hoe zijn lach
passie vindt
weten wij weelde
kennen wij ’t graaien
in zuchten verdwalen
met zicht gericht
naar betovering
tot de gloed
onze open harten toedekt
en wij dagdromend
de nacht verder waaien