bedaard
met schuifelende voeten
in doordacht donker
zocht ze de stilte
om de nacht te doorstaan
dageraad rood te zien opgaan
bedaardmet schuifelende voeten
in doordacht donker
zocht ze de stilte
om de nacht te doorstaan
dageraad rood te zien opgaan
vergat ik mijn verdriettoen ik zag hoe solidago
als royaal gele sluimering
onder vleugels van de herfst
stond te bloeien
vergat ik mijn verdriet
over wat ooit was
in een wankel ogenblikte moeten toezien
hoe schaduwen
zonder hechting
in één wankel ogenblik
zich op aarde uitstrekken
zin van leven
uit verband rukken
doet me dromen volgen
om bij eigen waarheid
te kunnen blijven
snelt leventot de tijd
mij laat ademen
snelt het leven
langs me heen
zal het
tomeloos vertellen
hoe kwetsbaar mooi
het vroeger leek
vereenzaamheidvereenzaamheid
als miezerigheid
gemis
betreurt
wij vereeuwigen
grijs op grijs
vereenzaamheid
hoe kan de horizon
dan nog oplichten
samen
samen de kleine geneugten
van leven beleven
en ervan weten te genieten
tilt ons boven alles uit
dieper dan de kernin samen doorstaan
gaan we
dieper dan de kern
op zoek
naar een waarheid
die groeit
met de hoop
van eeuwige bloesems
twee eenheidwat moet ik met de bekeken
twee-eenheid
die staat te wezen
ga ik oppervlakkig
tijd verdrijven
zoals zij om me heen
of beweegt het mij
naar hunkering
van wat ik als liefde weet
overmeesteringop zoek naar openheid
verruim ik het uitzicht
met bezig zijnde onthullingen
zelfs al zullen ze
in hun ogenblik
dat ik als herinnering meeneem
mij uit beeld verdringen
als liefdeals liefde je helpt
verdergaan
laat ze zien
hoe groot ze is
verslaafdnooit heb jij jezelf
midden ons
een leven gegeven
luidkeels
je helemaal verzwegen
roekeloos
waanzin getroost
in dom overleven
je lichaam benadeeld
grijp toch vast
mijn uitgestoken hand
ik breng je minzaam
naar de overkant
doodsbloeials ze achterblijft met wat
een zomerse bevlieging blijkt
neemt ze haar lot
in eigen handen
gaat verder
tussen doodsbloei
met de wind
als steun in der rug
op zoek naar
geurend weerwerk
waartussen ze zichzelf
helemaal terugvindt
wondere werkelijkheidmet heel mijn wezen
vlij ik de tijd tot langzaamaan
wanneer een doorwrochte bloemknop
van binnenin naar buiten
als een Gods gegeven wondere
werkelijkheid gaat bloeien
verbloemen
bijna niet meer
te onderscheiden
de eenvoudig geel
in de wind flanerende sterretjes
die trachten het dorre
te verbloemen
dat het ter ziele gaan
van Een Zomer verwoord
zal ik ooit zo vergaan
steeds vager
soms nog mij
een glimp waarschijnlijkheid

in een holte van tijd
gestrand
wacht ze
op een open zee
om met haar
traag ritme mee
in ’t licht van vandaag
onder te gaan
immermeerdichtbij de wondere waarheid
van bloeiende bloemen
of volop afstand nemend
van dorre takken die schrammen
zo gaan we dag na dag
langs momenten van herkenning
met nu en dan een traan
mirakel na mirakel
naar de betekenis van immermeer
langs de Vestenin langzame tijd
loop ik langs de Vesten
met hen te praten
over samen verdergaan
of niet misschien
laat ik ze rustig overzien
wijde cirkels vol hoop
ooit door hen gedroomd
sinds hun dood
door de natuur gedragen
een land in de keringmidden teruggetrokken leven
waar ellende hoogtij viert
eeuwige schemer blinde dingen
tussen slecht en kwaad
laat bewegen
ontdek ik een baken van volharding
met geladen betekenis
een aanzet mezelf neer te zetten
in een gedicht dat ik schenk
aan een land in de kering
een eindeloze ommevaart
midden voorbijgangers
wierookwalmen
galmende psalmen
laat het licht zich
met zoveel leven ontdekken
dat het de tijd breekt
tot een eindeloze ommevaart
van kleurrijke ogenblikken
die helpen om me voor het eerst
benevens leven te begeven
zoekt zij de horizonwanneer het denken
wandelt door emoties
hun sterven streelt
ze leegte vreest
zoekt ze de horizon
waar overzij
nieuw avontuur
hun laat herleven