vredig
stoeis warrelend
met de wind mee
komen ze uit de hemel vallen
om de aarde
als witte fascinatie
toe te bedekken
welke me met stilte
aan het zwijgen
leert wennen
te genieten
van een sfeer
die ik vredig heet
vredig
stoeis warrelend
met de wind mee
komen ze uit de hemel vallen
om de aarde
als witte fascinatie
toe te bedekken
welke me met stilte
aan het zwijgen
leert wennen
te genieten
van een sfeer
die ik vredig heet
begerig speels
in aanwezigheid
van beweging
ontdoe ik mij
van wat is geweest
om met
wat zal zijn
aarzelend naakt
begerig speels
schaamteloos
verwachting te beleven
wijl liefde
zich gegrondvest weet
volle maan
eindeloos aanwezig
maak ik haar mee
als een nachtelijk wenken
welke doet leven
het donker
uit mijn hoofd flonkert
lichtwoorden geeft
waarmee ik mijn lief verleid
om samen te gaan liggen
van koestering te genieten
weg van ongedurig leven
vrij
zonder haast
hak met woorden
buitensporigheid los
tot drift verbleekt
roekeloos gebazel
gebroken lijnen trekt
naar een schaduwrijke einder
waar sluimering
zijn onvolmaaktheid
woelt
zoekt naar
een oase van rust
een ruiseling
die me de verpozing biedt
één te worden
met stilte
zonder haast
mijn dag pluk
fluisterende wemeling
wijl je uit
eigen beweging
jezelf verdwenen geeft
zwijg me dan neer
als fluisterende wemeling
die je ook dan nabij blijft
uitkristalliseert
hoe graag kies ik
de kleur van mijn vleugels
mijn lotsbestemming
midden een zachte deining
verlicht met strepen
winters zicht
waar alles uiteindelijk eindigt
met een vermoedelijkheid
die zich blauw uitkristalliseert
door gekoosd tegenlicht
in cirkels
soms heb ik meer
dan je woorden nodig
wil ik dat het sensuele
lijf en leden dirigeert
in cirkels boven
samenzijn zweeft
in een moment van leven
me volledig aan jou overgeef
je hart
als de stilte
ons inhaalt
ga ik met mijn hoofd
op je borst liggen
om je hart
te horen bonken
als stroomgebied
van verlangen
welke ik zozeer begeer
jouw gllmlach
omdat ik van je houdt
altijd al
leeft mijn bestaan
zich uit
geef ik toe
aan verlangen
dat ik in
jouw glimlach ontmoet
beleef stil
innerlijke innigheid
dat uitgroeit tot een droom
waaruit ik nooit wil ontwaken
leven
toen mijn emoties
werden overspoeld
door warme gedachten
ontstonden er gevoelens
waarover ik niet alleen wou
praten ook intens ervaren
want zij betrachtten
een leven met liefde
in eindeloos perspectief
liefde
midden winterse eentonigheid
gaan mijn gedachten zingen
omdat er na elke bocht
mooie herinneringen liggen
voorbij de kerk rechtsaf
een ommetje
langs de burcht waar
passie mij heeft verrast
verder naar de linde die reeds in
zijn winterse omwenteling naar lente
volmaakt geurende hunkering
van destijds laat herbeleven
mee met de zon
in de schaduw van jonge populieren
het bos dat eens is geweest
terug voel bewegen
als een zee van tere koestering
onze lichamen heeft gestreeld
liefde heeft vereeuwigd
kijkend naar de zon
gaan we sterren
ontdekken, exploreren
en leren te overleven
gewichtloos vrijheid smaken
zielen raken en mekaar met
hartveroverende doelwitten raken
chaos scheppen en creëren
om op de juiste manier
verhaal aan ons leven te geven
om daarna kijkend naar de zon
te genieten van onze levenskracht
en na te denken over hoe het begon
dromen
omdat ik niet weet
waarover ik ga dromen
neem ik een verhaal mee
warm van verlangen
met gensters vol passie
momenten die oplichten
van intimiteit
uit eigen beweging
hartstochtelijk ontwaak
naast een waarheid die mij
in zijn armen verkoesterd
tot een lentebloesem
midden winter
een sluimering
mijn wachten
een pijnlijke
ervaring
tot ik mezelf
te slapen leg
in een ontkomen
zonder ook maar
een gerucht
van ongedurigheid
met enkel opgebloeide stilte
en innerlijke innigheid
ik een sluimering wordt
de tijd met mij
naar de hemel
weer naar de aarde
voorbestemd om
de nacht te overleven
zon in ogenschouw
te nemen
de tijd met mij
zonder haast
morgen weer
een wiebelkontje
een wiebelkontje
zo wordt zij door hem genoemd
wil zij blijvend zijn
van dichtbij voelen
hoe zijn passie haar verleidt
tot intensiteit
een beleven
hun dicht bijeen zijn
een donker dreigen
om mijn wereld er als
onheilspellend te laten uitzien
tot ik met één stap voorwaarts
erin slaag hen
als donkere wolk
te laten vandoor gaan
helemaal vrij weet te genieten
van een uitgelaten zon die
mijn tuin openwerpt als een
wondergegeven door leven getekend
sluit de deur
omdat je
onder mijn huid zat
valt het zwaar
dat jij je eigen weg
wil gaan
lopend naar huis
schud ik
eenzaamheid van me af
sluit de deur
wijl ik mezelf verbied
nog op de vlucht te gaan
wij
reeds bezig met herinneren
neem ik je
in mezelf mee
nazinderend van genot
tot jouw gezicht
terug het mijne raakt
verlangen weer
wordt aangewakkerd
samen met het besef dat
onze liefde tijdloosheid onderschrijft
wij
reeds bezig met herinneren
neem ik je
in mezelf mee
nazinderend van genot
tot jouw gezicht
terug het mijne raakt
verlangen weer
wordt aangewakkerd
samen met het besef dat
onze liefde tijdloosheid onderschrijft