storm
in warme habitat
van omstrengelde armen
verhoop ik
de donkere hemel open
om niet in verhevigde
ogenblikken van storm
terecht te komen
die tederheid benijdt
morgen verbiedt te zijn
storm
in warme habitat
van omstrengelde armen
verhoop ik
de donkere hemel open
om niet in verhevigde
ogenblikken van storm
terecht te komen
die tederheid benijdt
morgen verbiedt te zijn
als een bloem
met jouw passie als drijfveer
leerde ik mezelf kennen
ontdekken hoe ik in elkaar zat
wat ik nodig had
bloeide helemaal op
als een bloem
aangetrokken door de zon
hoger steeds hoger
waar ik mijn hemel
blauw terugvond
je dood voorbij
dat stilte
ons samenhoudt
jij stukjes van jezelf
erin achterlaat
ontdek ik
je dood voorbij
immer dichtbij
neen
ik ga niet weg
bij jou
maar bij mezelf
zoekend naar
een nieuw uitzicht
niet in mijn maar
in jouw hemel
bestaan doe je nog
je bent enkel gestorven
beschildert immer
mijn verbeelding
HET
HET
houdt op
wanneer ik wil
voor altijd
word ik een doler
wanneer ik niet meer
mag uiten wat ik hoop
word ik een doler
met opgekropt verdriet
die een leven opgeeft
allemachtig
jij
legt schemer
de dag
traag open
dan wakker jij
met je hartslag
avontuur aan
dat ons naar het toppunt
van leven draagt
als een druppel hoop
midden een oase
van koesterend verlangen
waarin liefde als zacht
golvende werkelijkheid gedijt
wil ik als een druppel hoop
dat nimmer
het keren van tij kent
herboren worden
de vrouw die met vuur speelde
omdat ze veel te verliezen had
wou ze gisteren niet nadenken
over dat wat haar vandaag
is overkomen een verloop
naar morgen kent
waar ze met spijt zal beseffen
dat ze alles is kwijtgeraakt
door met vuur te spelen
en toch zou alles haar vreemd
gebleven zijn had ze de hitte van
het ogenblik niet aangeraakt
eindelijk de kracht binnen zichzelf
wist te ontdekken