Le bonheur de ce monde
Het is wat onrustig, de laatste tijd.
Vooreerst in de politiek, de grote en de kleine. We hollen van de ene crisis naar de andere, geen enkel probleem krijgen we opgelost, niet in Afghanistan, niet in Irak en ook nog altijd niet in Israël en dat zijn slechts de meest in het oog springende conflicten. In eigen land, België draait alles vierkant, en in Vlaanderen raken we het niet eens of er in Antwerpen nu het best een brug of een tunnel komt. Een aswolk houdt de vliegtuigen aan de grond. We hebben de bankencrisis nog niet achter de rug of we horen al dat Griekenland en Portugal afstevenen op het financieel failliet van de staat zelf.
De katholieke kerk in Vlaanderen krijgt een strak denkende nieuwe aartsbisschop te verwerken en een bisschop die zijn neefje jarenlang seksueel misbruikt. De Belgische regering is weer gevallen over problemen tussen Vlamingen en Franstaligen. Hier in Werchter zijn er maandenlange hinderende werken aan het verkeersknooppunt bij de brug waar Demer en Dijle samenvloeien. En nu hebben ze ook nog onze straat voor maanden opengelegd om een gescheiden riolering aan te leggen voor het regenwater.
Lut is druk in de weer voor de Week van de Amateurkunstenaars en voor een tentoonstelling in Boortmeerbeek-Schiplaken. Ze houdt zich ook bezig met de maandelijks wisselende tentoonstellingen in de Universiteitshallen in Leuven en in Aike’s Danscentrum.
Ikzelf word geplaagd door kleine kwaaltjes. Het is nog zoeken naar een gepast medicijn voor mijn onregelmatig kloppend hart, een met zo weinig mogelijk vervelende nevenverschijnselen. Ik neem nu ook iets voor het te hoge suiker- en cholesterolgehalte. Voor het eerst in mijn leven heb ik vrijwel voortdurend last van hoofdpijn. Waarschijnlijk door het vele lezen en computeren heb ik een stramme nek gekregen en ben ik duizelig als ik naar omhoog en opzij kijk. Mijn ogen gaan er ook niet op vooruit, het is zoeken naar een goede leeshouding en de juiste bril. En omdat ik veel te weinig beweeg, is mijn algemene lichamelijke conditie verre van optimaal.
Mijn vrijwilligerswerk in de gemeentelijke bibliotheek in Rotselaar heb ik opgezegd. Men heeft daar nu een elektronisch systeem geïnstalleerd voor het in- en uitchecken van de boeken en voor de betaling en dus is er minder werk voor de vaste bedienden, zodat die het werk van deze vrijwilliger kunnen overnemen.
Ik heb nu geen enkele externe verplichting meer, maar ook geen enkel structureel contact met de buitenwereld. Ik zou me graag inzetten voor een of andere liefdadige of sociale zaak, het liefst iets dat te maken heeft met vrijzinnigheid, maar ik heb geen enkel vooruitzicht of aanbieding in die zin. Ik ging al eens kijken op de website voor vrijwilligers, maar kon niets vinden dat me echt aantrok.
Dat alles maakt dat ik wat op mijn ongemak ben.
Ik heb natuurlijk mijn boeken en mijn blog en daar ben ik zowat de hele dag mee bezig. Maar om te lezen en te schrijven heb je een stevige bodem nodig, vind ik. Je kan wel eens uit je krammen schieten over de politiek of de seksschandalen in de kerk, maar dat is veeleer journalistiek en ik verkies toch iets dieper te graven.
Ik heb soms het gevoel dat ik het allemaal al eens gezegd heb. Ik kan sommige teksten van vorig jaar en van nog langer geleden zo opnieuw aanbieden, ze passen perfect bij de gebeurtenissen van vandaag. Mijn standpunten zijn duidelijk en bekend, heeft het zin om mezelf nog te herhalen? Lezers suggereren wel eens dat ik een synthese maak van teksten rond bepaalde onderwerpen en dat ik die publiceer in boekvorm, maar dat soort werk trekt me niet aan en ik sta ook niet te springen om boeken te schrijven, ik verkies de bescheiden, kosteloze, snelle, efficiënte, onafhankelijke, open en directe vorm van communicatie van de weblog, mijn blog, mijn Kroniek, mijn website.
Onlangs gaf ik nog uiting aan mijn desolaat gevoel van vereenzaming bij het ouder worden en citeerde daarbij de tekst van een van Gustav Mahlers aangrijpende Ruckertlieder: Ich bin der Welt abhanden gekommen, klik hier: https://blog.seniorennet.be/kareldhuyvetters/archief.php?ID=605875.
Is dat de oplossing: je stilaan uit de wereld terugtrekken, je niets meer aantrekken van de grote en de kleine politiek, van organisaties en actiecomités, verkiezingen, politieke en economische crisissen, twisten tussen Vlamingen en Franstaligen, moslims en christenen, het hedendaagse kunstaanbod? Je afsluiten van het actieve, publieke leven en als een welgedane rentenier stilletjes genieten van je welstand? Een niche zoeken waarin je de dagen en je leven kan doorbrengen, een hobby zoals filatelie (postzegels verzamelen), avi- (vogel-) of apicultuur (bijenteelt), pyrogravure (door verhitting in hout tekenen)? Of vissen, fitnessen, museabezoek, toerisme?
Ik kocht ooit in het heerlijke Plantijn-Moretusmuseum in Antwerpen een mooie afdruk op de oude persen van het bekende sonnet van Christoffel Plantijn (1520-1589). Het heeft jaren lang mijn kantoor gesierd. Ook al is het gedateerd en vandaag niet meer helemaal toepasselijk op mezelf of op jou, lieve lezer, toch kan het ons nog ontroeren. Je vindt het hierbij, met de stijlvolle vertaling die Ward Ruyslinck ervan maakte.
Le Bonheur de ce Monde
Avoir une maison commode, propre et belle,
Un jardin tapissé d'espaliers odorans,
Des fruits, d'excellent vin, peu de train, peu d'enfans,
Posséder seul sans bruit une femme fidèle ;
N'avoir dettes, amour, ni procès, ni querelle,
Ni de partage à faire avecque ses parens,
Se contenter de peu, n'espérer rien des grands,
Régler tous ses desseins sur un juste modèle ;
Vivre avecque franchise et sans ambition,
S'adonner sans scrupules à la dévotion,
Domter ses passions, les rendre obéissantes,
Conserver l'esprit libre et le jugement fort,
Dire son chapelet en cultivant ses entes,
C'est attendre chez soi bien doucement la mort.
Het werelds geluk
Een schoon en fleurig huis, een tuin met ranken langs de muren,
een beker flonkerende wijn en vruchten in de schaal,
geen al te talrijk kroost, geen last en geen schandaal,
een trouwe vrouw die helpt het huisgezin besturen.
Noch schulden noch gedingen noch geschillen met je buren,
om have en om erf geen zorg en geen kabaal,
en zonder hoge voorspraak, zonder nijd om de rivaal,
je zedelijke kracht uit een bezonken inzicht puren.
Geen waarheid schuwen, voor geen zwarigheden zwichten,
je zonder schroom, in godsvrucht, onderwerpen aan je plichten,
je driften meester blijven en ze richten naar je wil.
Je vrijheid bewaren, in geweten en gedachten,
je ziel tot God verheffen in gebed en vreedzaam, stil,
in eigen huiselijke kring de dood afwachten.
(vertaling Ward Ruyslinck)

















