Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
genieten
met groen gevonk
ontwaak jij mijn wereld
verschijnen vogels
die geslapen hebben
in je ziel kwinterlierend
naar omhoog
capriolen net ontpopte vlinders
met hunkering naar meer
boven jouw nog net niet
ontluikende bloemen
terwijl mijn berk
meer verzilverd
dan gisteren
door ’t licht van de zon
de passie opwaait
me dieper te wortelen
dan hem om van wat ik
de voorbije jaren heb gemist
nog intens lang te genieten
fascinerend
zie hem takjes weven
door middel van spinrag
het nest vorm geven
versieren met kleine
stukjes korstmos
er duizend pluimpjes
invoeren zodat het een
zacht bedje wordt
fladderend aangeven dat
zijn bouwsel klaar is
voor nageslacht
hij een vrouwtje verwacht
mijn kroon span
weg verregende dagen
wanneer gestoei
de bovenhand neemt
sprankelend flirt
en wordt geflirt
midden veranderende
omstandigheden mijn bloei
stiekem achter de hand houdt
om door warmte
in de watten
te worden gelegd
tot ik mijn kroon
over onze werkelijkheid
span
helemaal mezelf
van je houdt
stille zaterdag
draag stil gemis
wacht en onderga
de wind en wolken
de aarde
tot licht en warmte
die ene paasbloem
stralend uitbot
leven in beweging
me meeneemt
weg van soberheid
goede vrijdag
zoektocht en volharding beloond
wanneer ik juist vandaag
tussen duisternis van zonde
en licht van leven
takken met doornen
zie uitgroeien
tot een knoppende roos
die zal open bloeien
als een rood omfloerste
adem van eeuwigheid die
volmaakte liefde neerschrijft
mijn heil
in eigen hemel
omdat zij
niet van haar
konden houden
zoals ze was
brak ze uit
zonder spoor van
een gebroken hart
om eigen soort te zoeken
tot ze
een liefdesleven
in eigen hemel
vond
ongeremd
zoals elke vrouw
het zou willen
het niet samen weten
omdat zij weet
het niet samen weten
door traagheid
zijner gedachten
haar warme hand
op zijn hart niet langer
als vervoering aanvoelt
lente licht
raken beiden als vergrijzende
twijfel ingesneeuwd
met de pijnlijke vraag of dit
werkelijk alles is
wat leven hen
heeft meegegeven
stenen engel
heb haar ontdekt
onderweg in Praag
als mysterie
een fenomeen
uit het verleden
die tot me tracht
door te dringen
als zingeving midden
alledaagse dingen
inspiratie geeft om
haar weer op te bouwen
met mijn zienswijze
tot een waarachtige
schoonheid
die me immer
blijft vervullen
lentekriebels
het meest spannende
ooit gekend
die lentekriebels
houd ze vast
tot ze gaan bloeien
enig
wat mij betreft
onlosmakelijk
dat ene moment
toen twee harten samen
beseften dat ze nooit
alleen zijn geweest
nooit alleen zullen zijn
vanwege verbondenheid
waaruit hun kracht schuilt
stroomden verlichtende tranen
als een stortvloed vol emoties
uit hun ogen
ze namen hen mee
van dat ene stukje blauw
naar veel meer hemel
waar liefde
leven en nog zoveel meer
beheerst
onlosmakelijk
zich gelukkig weten
samen één
ongecompliceerd
enthousiasme
in beweging
doet stof
van me afslaan
doorgaan
om groei-ervaring
diep te voelen
leven
koestering
erkennend
zelf open bloeien
helemaal mezelf
een simpel
mooi mens
midden een wereld
die veel beter is
dan ik ooit dacht
een beleven
ze voelden de druppels niet
zelfs al regende het hard
toen ze zich in de kruin
hadden verscholen
voor de wereld
elk met hun waarheid dicht bij elkaar
wachtend op de dageraad om
net voorbij hun dromen
waar Zij en iedereen bij is
boven de grond te gaan zweven
spelenderwijs het verbonden
zijn te verwoorden
liefde
aangedaan
vraag ik me af waarom
pijn in de stilte
niet wil dat liefde
wordt uitgesproken
dat wat het hart voelt
geruisloos sust
me zonder woorden verhaalt
dat ik in mezelf
moet verdwalen
vooraleer het licht
te vinden
een licht met de weerschijn
van jouw schaduw
die me laat aanvoelen
dat leven
een plan met me heeft
vol passie
totale overgave
immer één
voorbestemdheid
midden catacomben
nog voor de ziel met
donkere randen barst
licht
naar binnen kan
wil ik schoonheid
in lelijkheid zien
midden catacomben
prilheid
als unieke afdruk ervaren
vast geloven dat
hervorming hoe dan ook
toekomst creëert
niks meer
aarden vloer en duisternis
die aan je vreten
stilte zonder gelaat
een roerloos hangen
aan de zoldering
angst en pijn
innerlijke ontreddering
diep besef van eenzaamheid
een levenslot
zo tijd getaand
met niet te vatten realiteit
wordt door een rusteloze dood
zwart aangeraakt
fietsend door vlaanderen
die hoge bomen
zelfs zonder loof
bloeien door
wind en regen heen
onze sterke vriendschap
wijd open
zo ongewoon mooi
een nieuwe lente nabij
(voor Cor en Nel)
herbergzaam
zou niet weten
wat ik verlies
wanneer ik
het niet eerder
had ingestopt
als moffelende
houvast
jouw tederheid
wat mezelf het meest eigen is
geef ik uit handen
wanneer jouw tederheid
de boventoon voert
een aanzetting tot ontbolstering
met snelle vleugels
zelfs bij deze
schoorvoetende omwenteling
ontpopt hij zich tot vlinder
dartel speels
met snelle vleugels
in afwachtende houvast
tot zij gaat openbloeien
welgevallig
de zoete nectar drinkt
om vol van haar
zich voor te spoeden
zomer in zicht

