AFSCHEID
afscheid
als schoonheid
bestaan ademt
en zekerheid tekent
tot ze wordt uitgekleed
sindsdien wordt gezien
lijk een levende herinnering
die in dromend schemer leeft
en nooit meer weerkeert
AFSCHEID
afscheid
als schoonheid
bestaan ademt
en zekerheid tekent
tot ze wordt uitgekleed
sindsdien wordt gezien
lijk een levende herinnering
die in dromend schemer leeft
en nooit meer weerkeert
na het prille
als in mijn tuin
het groene met witte bloemen
klimt en tast
rond de lindebasten
bij lichte trilling
bladeren zilver kleuren
en de vruchten
naar honing geuren
cirkelt er na het prille van de lente
een nieuwe zomer
die mij met warmte en licht
volmaaktheid tovert
midden onweerslucht
wanneer kleuren bewegen
in het duister
licht ontsnapt terwijl men luistert
naar immense kracht
de aarde verwonderd wordt geraakt
wanneer wind weigert
in een vlaag vol leven
verder te drijven
creëren wij een eigen ruimte
midden onweerslucht
en laten emoties
onder eigen dekmantel rusten
als inhoud liefde spreekt
soms komt het moment
dat ontkennen niet meer kan
struikelen woorden
niet langer over gedachten
spreek ik en antwoord jij liefde
schudt inhoud ons wakker
en leggen wij toekomst
in elkaars handen
zodat onze dromen
ook overdag kunnen ademen
wij het leven
samen dragen
wanneer gevoel spreekt
je kijkt vandaag
heel even verleden
laat me blindelings terugkeren
waar twijfel tast
in onzekerheid
tot je mij
later op de avond
in de warmte
van waarheid
teder zacht terug bracht
in een warm thuisgevoel
vraag je niet om vleugels
wijl wind gaan liggen is
wil me niet uitstrekken
in een leegte
met geen enkele betekenis
laat me woelen
in de aarde
leven tussen bloemen
die mij laten groeien
in een warm thuisgevoel
samen spelend
schaduwen spreken verwondering
wanneer wij spelend warmte delen
ik glimlachend mijn huid laat strelen
jij geniet van mijn hunkerend bewegen
en hun zachte lach blijft
wanneer de avond met de dag strijdt
en ons in elkaars armen drijft
als ik in kleuren dansals ik tijd en rust vind
de echo van mijn zuchten
in de stilte hoor weerklinken
geur van zachte kruiden ruik
en dromen me
aan het landschap binden
zal ik me niet meer ophouden
in wankel duister
maar in kleuren ontwaken
die mijn lichaam raken
en laten stoeien
in een eindeloos ontmoeten
als kamperfoelie geurig verlangen brengt
terwijl nachtvlinders
van zijn nectar snoepen
dirigeert hij
met zijn roze rode bloemen
mijn fantasieën
leidt in zwoele zomernachtgeur
slaap naar verhitte dromen
die mij in een lieflijke oase
met jou laat ontwaken
als zomer fleurtwanneer hemel blinkt
met blauwe schijn
vogels zingen
een nieuw refrein
bloemen hun kelken
bedwelmend openen
en ik me gestreeld voel
door de geur
kan niemand me
meer tegenhouden
te ontwaken in een nieuw begin
waar ieder ogenblik zomer fleurt
onbeschreven
overschilder de herinnering
met wit
zodat zij in onzichtbaar
kan verglijden
penseeltrekken mij laten ontdekken
een schaduw uitwisbaar
en mijn toekomst
nog onbeschreven
een nieuwe werkelijkheid
het leek niet te overwinnen
mijn wazig gevoel van toen
tot jij mij verzoende
met leven
liet dromen
in tastbaar beeld
mij ooit
werd ontnomen
verlangen
laat me ophouden
liefde te verzinnen
wil ogen zien
die mij toespreken
verlangen in mij vrijmaken
en me strelend uitkleden
met een gebaar
dat mij laat genieten
in gedeelde tijd
van ademloze ogenblikken
goochelt kleuren
tussen overhangende
grijsbruine takken
koesterde de schutsgodin van huizen
de pracht van gelige vliertuilen
tot het bloemen sneeuwde
en kadavergeurende
donkerblauwe bessen
zich als de schaduw van Judas
in de vlier nestelden
in de herfst van haar levenlente was het
die haar
liet leven
tot zomer
haar met illusies
heeft bedrogen
en zij
in de herfst van haar leven
alleen door werkelijkheid
laat strelen
als vergankelijkheid leven treft
als getekend
het groene van mijn berk
tegen een blauwe hemel
tot donderwolken
de zon plagen
zij niet langer zomer draagt
enkel met een laatste ademhaal
de zilveren schijn
weet te weerkaatsen
vooraleer de stam kraakt
en mij laat beseffen
ik niet mag vergeten
schoonheid te beleven
tot vergankelijkheid leven treft
het intense beleven
jouw ogen tasten
mijn grenzen af
wegglijden uit je aandacht
lijkt me nefast
want ze beloven mij
een genietend spelen
het prikkelend ontdekken
van begeerte
ik paradijs
wanneer de ochtend
zich dromend opent
laat ik mij
in een zee van tijd
aanraken door jouw hele zijn
terwijl mijn echo
verder reist
naar de wereld
blijf ik paradijzen
liefde nemen
is zoveel meer
dan alleen maar te denken
over wat een dag me kan geven
hij enkel in mijn herinnering blijf
hij enkel in mijn herinnering blijft
pas uit zijn cocon gekropen
vlindert hij genietend
in zijn korte leven
langs zoveel mooie beelden
heerlijk ruikende meidoorns
pioenen die hem
naar honing laten zoeken
en zomer tonende klaprozen
laten zijn vleugels trillend
schoonheid bezingen
tot herfst hem aan een nieuwe reis
laat beginnen
als vlinder
als vlinder
weg van de uitgebloeide bloemen
op jouw graf
de schaduw
die onze liefde verstoorde
en mij verlatenheid bracht
wil samen met jou
als vlinder op zoek gaan
naar warmte en betovering
die onze eindeloze zomer
laat heroveren