ontroering
Overweldigend mooi
en tegelijk emotioneel
om de samenhang
en verbondenheid te ontdekken
zo’n moment wil je delen
alleen met degene
waarmee je hecht samenleeft
ontroering
Overweldigend mooi
en tegelijk emotioneel
om de samenhang
en verbondenheid te ontdekken
zo’n moment wil je delen
alleen met degene
waarmee je hecht samenleeft
over de dood heen
vertellen tranen vandaag
wat wij voor elkaar waren
morgen zullen we verdergaan
over de dood heen
elkaar blijven aanraken
met wat eens is geweest
ontdek mij
lees mij
in gestaag herhalen
ontdek mij
in mijn aanraken
blijf niet halverwege steken
in het beleven
want zo zul je nooit
mijn hele waarheid weten
schaduw over leven
nadat onstuimigheid
een schaduw over leven
heeft geworpen
je teveel puin
moet ruimen alvorens
verder te kunnen gaan
vlieg dan omhoog
doorbreek het licht van tranen
in een nieuwe regenboog
Beltane
pas wanneer wij
het vuur aansteken
de vlammen in ons opnemen
kunnen wij
naar die andere wereld
toe bewegen
om bloei en bevruchting
voor komende zomer
af te smeken
pluizebollenwanneer zij
na een stralende bloei
mij als pluizebollen
lieflijk aankijken
kan ik niks anders
dan naar ze blazen
hen als parachuutjes
laten dwalen
door de ruimte
naar komende tijd
waarvan ik weet dat die
zomers mooi voor mij zal zijn
zuchtend speelt
ik moet wel
van je houden
wanneer je in openlucht
zuchtend speelt
met de geur van seringen
en mij hun zoetigheid
als sensueel ervarend
laat inademen
blauwwolkendals zachte regen
en warrelwind
mij tussen
geurende bloemblaadjes
laat bewegen
dan waan ik
me even
in een feeërieke wereld
waar boomwezens
blauwwolkend spelen
inhoudloos gestrand
zie hoe het venijn
na tijdenlang verankerd
in bodemloze diepte
terug boven drijft
vol averij
in open tij
tracht aan wal
te komen
inhoudloos gestrand
voor altijd
aan de ketting
wordt gelegd
met een gespleten hart
hoe hard
ze ook tracht
zelfs met een
gespleten hart
komt ze
het kleine meisje
met haar herinneringen
steeds tegen
in waanbestaan geboren
horen ze nu
eenmaal samen
de kleine Zonnebeker
als diepademend open jij
je kelk heel traag
lokt met geur
menig vliegend wezen
tot in de schoot van beleven
waar ze
nectar proevend
een omhelzing kennen
die door dood
nieuw leven zal bestemmen
verstriktzodanig verstrikt
in het aardse web
smeekt haar zielendeel
om aandacht en ontplooiing
los te laten de oppervlakkigheid
van het dagdagelijks bestaan
en te beseffen dat haar weten
niet past in het maatschappelijk plaatje
op kousenvoeten
waar schijn
niet meer
door vensters glijdt
in het duister hoofden
worden geteld
men het ontbreken
op voorhand weet
dan is dood
op kousenvoeten
langsgeweest
met hempas wanneer
de band sterk is
laat ze zich
door de schrijver
beheersen
zal ze met hem
de magie in woorden
met enkele pennentrekken
vloeiend tevoorschijn
toveren
de kleine merelzeulend met takken en veren
heeft de kleine merel
tussen mijn blauwe regen
haar broedplaats klaar gekregen
gebruikt het als lokmiddel
om hem bij haar in ’t nest te krijgen
zodat zij in mei
na arbeid rust zal kennen
hij voor haar en kroost zal werken
altijd samen
van dageraad
tot avondlicht
weerkaatst
je vlucht
een droom
die jouw aards
met ons verbindt
vol spanning
en ik zag hoe bliksem
grond zocht
om te aarden
vol spanning
insloeg
op het braakland
de wereld hielp
zijn verdiept verdriet
bulderend los te laten
ongestut verloren
het huis waar stilte woedde
niemand de kans kreeg te groeien
staat nu ongestut verloren
midden het landschap
waar wij het spel van kind zijn
lieten horen
groots opgroeiden
tussen een schoonheid
die bloeiend onze waarheid droeg
gevleugeld oplicht
gebruikmakend
van schildersvrijheid
geef je kleur
aan haar wereld
gaat door
zonder ophouden
tot zij
gevleugeld oplicht
ongrijpbaar verder zweeft
boven de weelde
die je uitnodigend
hebt geschetst
mijn berk en ik
wanneer hij
in bewogen rust
mijn gedachtegang vertelt
laat ik
hem baststrelend
verstaan
dat er tussen ons
wel degelijk
samenhang bestaat