de vluchteling
eenzaam tussen velen
verglijdt de tijd
zodanig traag
hij benauwd raakt
met flitsende gedachtenbliksems
bewolking die aan droefenis
is gewend geraakt
uit elkaar te halen
om uitzicht te krijgen
op een vrijheid
die hem woord na woord helpt
met een nieuwe bestemming vinden
vertrouwd met hem een kaars
aansteekt wanneer ‘s avonds
angst weer verschijnt
het licht krimpt





