

terwijl voorjaarsstormen
me betuttelen
met herfstig
zelfs mijn vrijheid
aan banden legt
groeien zij
sterk geworteld verder
laten zich
ongeschonden gelden
met rijke bloei



terwijl voorjaarsstormen
me betuttelen
met herfstig
zelfs mijn vrijheid
aan banden legt
groeien zij
sterk geworteld verder
laten zich
ongeschonden gelden
met rijke bloei
tot de morgen rijst

het diepe gewemel
dat schaduwspelend
een donkere hemel aankleedt
wil ik
zonder nachteenzaamheid
in ogenschouw nemen
tot de morgen rijst
nuchterheid terug
de bovenhand krijgt
op zoek naar groen
in zijn eenzaamheid

met de veel
te dikke loten
die zijn boomzijn
bedreigden
stond hij
naargeestig
te kijken
naar de knotwilgenrij
bij wie
de wilgentenen wel
werden afgehakt
en bijgesneden
in overvloeiende kracht
de bloemenwei
wist te omschrijven
tot trekpleister
door leidende heerlijkheid

hij tracht
de ochtendglans
met zijn vleugels
te vatten
zodat zij
in de weerschijn
blijft hangen
door leidende heerlijkheid
gevangen zijn houden van
leert kennen
in je aanrakenals ik in je aanraken
jouw weggaan voel
laat me dan
in onbestemd achter
zodat ik
kan blijven hopen
dat verrukking
me ooit nog omarmt
met zomers zicht

toen ijzig
mij koud
in zijn greep
trachtte te houden
probeerde
ik hem
met zomers zicht
zodanig
te ontwrichtten
dat hij
geen houvast meer had
en er in zijn vandoor gaan
mijn openbloeien bracht
voordat omwentelingstijd
waar elfen en feeën
in zwoele samenhang

wanneer een lichte rilling
tussen de donkerpaarse
trosvolle takken
een geur vrijmaakt
die bij diep ademhalen
een gevoel van
welbehagen meedraagt
dan wil men de tijd
laten stilstaan
om helemaal op te gaan
in zwoele samenhang
ze zomert vertrouwen
ze zomert vertrouwen
prikkelt de groei
van een kloppend hart
en laat het trillend bloeien
midden bloemenpracht
tot ze gaat slapen
in gloeiend rood gewaad
met dromen betoverd
de mooiste lentenacht
ooit in gaat
als een bezetene
na te zijn bedrogen
door de nacht
waar duivels en demonen
in een bevlogen feest
mijn hart uitvraten
lichaam overnamen
ben ik blij in eigen droom
te mogen ontwaken
om als een bezetene
mij aan de hartenklop
van leven
over te geven
van verliefd naar liefdevolhoe sneller wij zullen vertrouwen
op gevoel en instinct
luisteren naar de stem binnenin
hoe vlugger onze relatie
van verliefd naar liefdevol
zal groeien
zelfs als druk en spanningen
ons leven verzwaart
zullen wij weten
dat samen liefde delen
alles heelt
op eigen levensritmehet heeft geen zin
om je in lentetooi
te blijven hechten
aan het verweerde
dat je nooit als blozend rood
zal willen dragen
laat de wind
je meenemen
naar een nieuw beleven
waar groei
zich kan richten
op eigen levensritme
deltavliegenal noemde
men mij
een gestoorde malloot
wanneer ik
de aarde van boven
wou bekijken
in het spectaculaire
voluit
horizonten verkennen
wist ik
oneindig rijk
mijn gelijk
haar gevoel dichtbijze wil
opstandig blijven
niet toegeven
aan verliefdheid
daarom wacht ze
omhelsd door eigen armen
tot teerhartigheid
voorbij ijlt
levens uit elkaar worden gedwongen
al werpen hoge bomen
beschermende schaduwen
over hen die zich
laten begoochelen
door dromen
toch is de mens bang
de grens te overschrijden
omdat het emotionele
terzelvertijd inzicht geeft
over hun werkelijkheid
levens uit elkaar
worden gedwongen
wanneer het bewustzijn
van de aarde
in beweging komt
laat die donkere dagen
heeft het nut
steeds terug te keren
naar datgene
wat vroeger speelde
wanneer eerder
enkel maar
naar droef zijn
en eenzaamheid verwijst
laat die donkere dagen
en waag het ontwaken
waar leven
doodgewoon ademhaalt
tot ik dromend wegzink
bij nog slechts
een handvol licht
adem ik
haar uitgestrektheid
gaand en kerend mee
blijf ijl en onbeweeglijk
hangen in haar kringen
tot ik dromend wegzink
niemand me
ooit nog weet
een winter lang
heb ik het landschap
een winter lang
in zijn vermoeidheid gelezen
eindelijk heeft zij
het zwart afgelegd
zich in bruin verheven
om in vol uitgevouwen zon
me te verhalen dat zij
bereid is tot geven