Me eerst even voorstellen. Mijn naam is Jan de Jong.
Wel ik ben een 60 plusser (geboren 18-6-1950) en al zeker 46 jaar werkzaam geweest als Goudsmid bij een Gouden ringen Fabiek (AS) in Joure. Nu ben ik met pensioen en zet me in voor het Vrijwillig Wetenschappelijk Onderzoek in de Natuur. Als Vogelringer ben ik verbonden aan de NIOO/KNAW/VOGELTREKSTATION en doe mee met het Vrijwillig Wetenschappelijk onderzoek aan vogels. Ik ben dus heel veel bezig met ringen, zowel voor de trouwlustige( mens) in mijn arbeidsverleden als voor de vogeltjes (wetenschap).Het mooie is dat van beide een uitvoerige registratie wordt bijgehouden.Ook bij vogels worden broertjes, zusjes en broedparen geregistreerd.
Al vanaf mijn prille jeugd hou ik me bijzig met de natuur, ik bestudeer naast vogels ook vlinders, kevers, planten, insecten , etc. Ben opgegroeid in de omgeving van de petgaten van het Ooster en Westerschar bij Sint Johannesga en geboren te Vierhuis, dat ligt net ten NO van het Tjeukemeer tussen Rotsterhaule en Delfstrahuizen.
Met deze Blog geef ik mijn mening over bepaalde zaken die in de natuur gebeuren/of niet gebeuren. Ook kan men mij om advies vragen over bepaalde zaken.
Heeft U een vogeltje gevonden of waargenomen en weet niet hoe het heet, zend dan een foto.
Een dode vogel met ring gevonden, ik zoek het graag voor U uit. Gooi de vogel NIET weg want deze kan ons nog van dienst zijn in verband met biometrisch onderzoek. Als gecertificeerd ringer onderzoek ik vogels die een pootring dragen en leg allerlei belangrijke gegevens vast van dit individue. Melder van de vogel met ring krijgt altijd bericht retour betreffende de herkomst van ring en de plek waar en wanneer hij/of zij geringd is.
In heel veel gevallen willen we graag bijzondere gegevens vastleggen betreffende biometrie, doodsoorzaak, afwijkend kleed, ziekten, etc.
Met name het Wetenschappelijk (vogel)ring onderzoek heeft mijn aandacht. Al sinds 1985 ring ik zelf en onderzoek ik vogels aan het Tjeukemeer bij Rohel in het prachtige natuurgebied "Marswâl" van Staatsbosbeheer.
Verder doe ik uitgebreid onderzoek naar de Boerenzwaluw in Friesland (sinds 1992). Boerderijen en schuren met meer dan 20 paren worden bezocht en war mogelijk de oude vogels geringd en onderzocht en de jongenproductie bijgehouden. Soms worden ook alle nestjongen geringd als de nesten vrij gemakkelijk te benaderen zijn. De laatste jaren krijg ik steeds meer reacties binnen. Ook van mensen die jaren achtereen de aankomst en vertrek data hebben bijgehouden van "hun" zwaluwen. Sommige tijdreeksen bevatten data van de afgelopen 10 a 15 jaar!
Zeldzame Koereiger laat zich in Rottum fotograveren.
Op 13 mei ontdekten Kor en Aletha van de Meulen uit Rottum (bij Heerenveen) een vreemde vogel die achter en bij de koeien in het land aan de Badweg liep. De vogel liet zich op afstand gemakkelijk door hen fotograveren en toen bleek dat het om een voor Skarsterlan (en Friesland) zeldzame Koereiger te gaan.De soort wordt zelden in deze omgeving waargenomen en doet zijn naam eer aan en wordt regelmatig in de omgeving van koeien gezien. De Koereiger is een insectenetende vogel die als broedvogel vanuit Frankrijk langzaam oprukt naar het noorden. Toch worden Koereigers nog naar zelden in ons land gezien. In 1998 broeden er voor het eerst Koereigers in ons land , onder anderen in de Wieden in noord West Overijssel (SOVON,2002) zo staat vermeld in de Atlas van de Nederlandse Broedvogels. Het is nog de vraag of er in de directe omgeving van het Ooster en Westerschar nog een partner aanwezig is, de vogels broeden graag in Aalscholver of Blauwe reiger kolonies. De vogel begint eind april/begin mei met het broeden en ze leggen in de regel 4 a 5 eieren die ze tussen de 21 en 24 dagen bebroeden voor de jongen uitkomen. Ze nestelen zowel in lage struiken als hoge bomen en maken hun nest ook wel in dichte rietpartijen in moerassen en natuurgebieden. Het is de komende weken dus opletten of de vogel (s?) nog aanwezig zijn of dat het hier gaat om een zwerver die op zoek naar voedsel regelmatig op andere plekken opduikt. Ik wordt graag op de hoogte gehouden van nieuwe meldingen van deze wel bijzondere reigerachtige.
In Noordbergum had K.van Kammen een nestkastje voor de woning hangen waarin al enkele dagen jonge Pimpelmezen in zaten. Op 4 mei bleek dat de ouders de af en toe de jongen voerden. Met het koude weer waren er nog niet zoveel rupsjes en insecten voorhanden. Vanmorgen vreesde van Kammen het ergste, de voedertijden werden steeds langer en de ouders bleven voor het kastje hangen. Snel in het kastje gekeken en alle nestjongen bleken al dood. Door het koude weer van de afgelopen tijd zullen er stellig meer legsels verloren zijn gegaan. Zijn er op meer plekken nestjongen door de kou gestorven.? Bij van Kammen waren Pimpelmezen achter de woning al weer druk bezig om in een ander nestkastje een nieuw nest te maken.
Ondanks koude dagen draagt Fitis al een ei. Vanmorgen om 4.00 uur was ik al aanwezig op de ringplek aan het Tjeukemeer. Op de heenweg kwam ik lichte motregen tegen doch de wind was gelukkig zwak. Direct bij aankomst in het donker keken twee ogen me strak aan, het bleek een grijze vlekjes kat te zijn op de polderdijk.Geschrokken van mijn hoofdlamp zette hij het op een lopen richting boerderij. Na het opzetten van de netten was de lichte motregen verdwenen en kwam de eerste zang van de vogels langs de oever langzaam op gang. Opvallend veel Fitis en Tuinfluiter lieten hun zang horen. Er werden vanmorgen een 30 tal vogels gevangen, zie bijgaande verslag.
Een mooie ringmorgen op Koninginnedag aan het Tjeukemeer.
De ringmorgen aan het Tjeukemeer begon met veel grondmist doch bleek een succesvolle morgen te worden. Vooral Zwartkop en Fitis waren duidelijk nog op doortrek. Maar liefst 15 soorten werden er gevangen en daarbij waren diverse die we dit jaar voor het eerst op de ringplek worden gezien. In de Bijlage een verslag van de prachtige ringmorgen.
Ondersoort transitiva van Boerenzwaluw aan het nestelen in Nederland?
Als Boerenzwaluw ringer en onderzoeker hou ik me al enige tijd bezig met de Boerenzwaluwen en ring en onderzoek ze. Op www.waarneming.nl vond ik enkele dagen geleden een foto van een Boerenzwaluw mannetje (fotograaf Dirk Huitzing) die op 25 april in de Krimpenerwaard in Polder de Nesse was gemaakt. De vogel was aan het nestmateriaal (modder) verzamelen en dus duidelijk een eksemplaar dat in de omgeving een nest aan het bouwen was. Opvallend aan deze Boerenzwaluw was dat de gehele keel,buik en onderstaart sterk donkerbruin tot roodbruin was hetgeen bij Boerenzwaluwen maar weinig voorkomt.Dit noemen we de "boissonneauti" vorm en is een variant op bij ons broedende vorm Hirundo rustica rustica.
Roodbruine onderzijde bij Boerenzwaluwen heb ik wel vaker in Friesland aangetroffen bij volwassen vogels (vaak mannetjes) zij het dan in verschillende fases, doch m.i. nooit hoger dan score 3 volgens het Handboek Birds of the Western Palearctic (BWP),deel 5, 1988 blz 272.
De scores volgens het Handboek zijn;
0.Virtually white. 1.Dingy-white or cream-white. 2.Cream or cream-pink. 3.Pinkisch cream-buff with rusty tinged under tail-coverts. 4.Rufous-buff, like Hirundo rustica transitiva 5.Rufous-chestnut, like Hirundo rustica savignii and Hirundo rustica tyleri.
De scores van 0 t/m 2 komen regelmatig voor in Friesland (en Nederland?) , score 3 is tot nog toe de hoogste die ik in Friesland zag (Terwispel). De scores 4 en 5 volgens het Handboek zijn m.i. zeldzaam voor Nederland en duiden mogelijk op de ondersoort(en) H.r. trasitiva /savignii of tyleri. De waarneming en foto van Dirk Huitzing is m.i. een Hirundo rustica transitiva. Kees Roselaar van het NCB Naturalis wees me erop dat de de z.g. "boissonneauti" vorm eigenlijk maar moeilijk te onderscheiden is van de vorm transitiva , eigenlijk moet je een geringde broedvogel uit het transitiva gebied hebben en deze vergelijken met de "boissonneauti" vorm die hier aangetroffen wordt. Voor ringers, en ook fotograven, ligt hier een mooie uitdaging om ook eens te kijken naar al deze varianten bij de Boerenzwaluw die in ons land voorkomen. De foto van Dirk Huitzing is m.i. de eerste die een score van 4 bereikt (zie ook Boerenzwaluw Journaal 2011 blz.9). Ringers en fotograven in Nederland (en Belgie?) zouden fotos kunnen maken van ringvangsten en waarnemingen van broedvogels om zo de verschillende scores te kunnen vastleggen. Ik ben eigenlijk wel benieuwd hoe de verhoudingen van deze kleurvariaties bij broedvogels.
In de Bijlagen heb ik de verschillende kleur variant codes op een rij gezet. Van de codes 0 en 5 heb ik eigenlijk nog niet zulke mooie fotos gevonden. Codes 1 t/m 3 komen het meeste voor in Nederland? Wie heeft er nog duidelijker voorbeelden?
Op 20 april 2012 tijdens de eerste ronde van het Constant Effort Site (CES) ringproject aan de noordoever van het Tjeukemeer kwam een Houtduif in een van de vangbanen terecht. De vogel probeerde door middel van "schrikrui" te ontkomen. Houtduiven worden maar zelden aan de noordoever van het Tjeukemeer gevangen, in de periode 1985 -2011 waren dat er maar zes (1988 -1,1995-1, 1998-2, 2003-1en 2007-1). De soort kan behoorlijk oud worden volgens de literatuur zelfs meer dan 16 jaar. Ze broeden op allerlei plekken, ook in steden en dorpen in parken. De vogels leggen 2 eieren per legsel en kunnen vaak meerdere keren per seizoen jongen groot brengen. Soms worden er in Friesland tot in december nog nesten met jongen gevonden. De soort broedt niet op de ringplek Rohel Tjeukemeer doch komt verder richting Vierhuis wel voor als broedvogel, zij het dan in gering aantal. Een verslag van de ringactieviteiten en verdere bijzondere waarnemingen zie de Bijlagen.
Op 12 april al vroeg in de ochtend afgereisd naar de noordoever van het Tjeukemeer.De weersvoorspellingen waren goed en bij aankomst was er dan ook weinig wind en er was geen mistvorming. De vangsten waren vanmorgen niet slecht. Vooral veel Fitis en Tjiftjaf, doch ook de Zwartkop liet zich meer zien en vangen. Zelfs een nieuw Witsterblauwborstje kreeg een nieuwe ring. Maar wat spannend was kwam toch later in de morgen vanuit het westen onze kant op. Plotseling hoorden we rondom allerlei gekrijs in de struiken en vlogen er verspreidt een 8 tal Gaaien over naar oost. De vogels vlogen niet hoog en een deel kwam zelfs in de bosjes. Bijgaande een verslag van de succesvolle ringmorgen.
Al vijf ringvangsten aan noordoever van Tjeukemeer
Op 5 april smorgens om 4:20 uur al aanwezig op de ringplek te Rohel. Koud en zwaar bewolkt.Eigenlijk geen mooi weer voor de kleine zangertjes,doch de wilgenkatjes bloeien al en als dat er is kan ook de eerste fitis al snel terplekke zijn. Op 2 april hoorde Durk Visser uit Joure er bij de Put van Nederhorst bij Langweer al een eerste zingen doch zelf had ik er nog geen waargenomen laat staan gehoord op die dag. Vanmorgen heb ik het geluid ook niet gehoord, doch plotseling tussen de diverse Tjiftjaffen trof ik er een vijftal aan. Ze zijn er dus al! Naast de Fitissen werden er weer een flink aantal andere soorten vogels gevangen . In de onderstaande Bijlage een verslag van de vangsten met nog een vroege gast!
Als ik dit schrijf zijn er op
enkele plekken in Friesland al vroege Boerenzwaluwen waargenomen.
Het is nog vroeg voor onze
lenteboden doch in het zuiden en midden van ons land zijn ze al volop
waargenomen. In de regel keren de vroegste vogels zo rond eind maart hier terug
en zoeken hun plekjes op in de stallen of schuren. De hoofdmoot verschijnt echter in de 1e of 2e decade van april.Wie zag de eersten in uw woonplaats?
De aankomst kan soms wat door weersomstandigheden
uitgesteld worden. In De Hoeve,Oudega, Makkinga en Burgum waren in de eerste dagen van april al enkele te zien doch de hoofdmoot komt vaak
in de eerste week van april. Vroeg was een melding van 19 maart toen er eentje bij Bolsward gezien werd door Otte Spoelstra. Op de 21e maart waren er ook al Boerenzwaluwen in HilaerderMieden bij Hylaard en het Fochteloerveen .Eind maart doken er bij Ter Idzard, Stiens en de Leonserpolder tussen Hylaard en Jorwerd ook al vroege Boerenzwaluwen op.
Maar eentje maakte er nog melding van dat de eerste in de schuur terug was gekeerd en dat was in Wommels bij Fam.Schraa waar op 27 maart al een vroege vogel in de schuur zat te kwetteren.
Het gaat de laatste jaren steeds
minder goed met de Boerenzwaluw, ze komen in steeds minder hoge aantallen terug
uit het verre Afrika. Met het vinden van voedsel hebben ze in Friesland minder
moeite doch het vinden van een geschikte broedplek wordt elk jaar slechter.
Veel oude boerderijen met een (hooi) schuur en of kalver hok verdwijnt en de
moderne ligboxstallen herbergen niet allemaal meer van die geschikte broedplekken.
In oudere boerderijen met nog een grupstal komen nog de meeste broedparen voor,
zo waren er bij boer Talsma in Warga zelfs in 2011 maar liefst meer dan 40
paar.
Voor het onderzoek naar de achteruitgang van de soort in ons land doe ik
al vanaf 1992 mee aan de studie naar de oorzaken van deze achteruitgang, heb
van het Ministerie een speciale vergunning om ook aan de vogels zelf biometrie
onderzoek te doen. Graag kom ik in contact met boeren of bewoners die hoge
concentraties van broedende zwaluwen in hun stallen of schuren hebben.
In 2011, het jaar van de
Boerenzwaluw, zijn er op verschillende lokaties in Nederland Boerenzwaluwen
voorzien van speciale geolokators,kleine zendertjes op de rug, voor Friesland zijn 20 van deze speciale
geolokators door ons aangebracht op plekken waar de vogels gemakkelijk teruggevangen kunnen worden. Deze geolokators
moeten ons veel meer informatie verschaffen over de trekroute, treksnelheden en
om de overwinter gebieden beter in kaart te brengen.
Dit voorjaar komen de Boerenzwaluwen met zenders (0.7 gram) terug uit Afrika en is het dus opletten of je er eentje ziet! Graag direct melden op 0513-414788 of j.d.jongringer403@home.nl
Verder horen we graag jullie ervaringen
en belevenissen met zwaluwen hoe vroeg ze terug keren en op welke
plekken ze wel tot nestelen komen. Het blijkt dat er in sommige jaren ook
minder eieren geproduceerd worden, en bij koude voorjaren komt het nogal eens
voor dat er veel jongen omkomen door de kou, nesten zitten dan net op plaatsen waar
veel koude wind door stallen (vooral in ligboxen) waait. Soms kan daar wat aan
gedaan worden door op voor de vogel geschikte broedplekken te creeeren.
We zijn er benieuwd of er in Friesland
ook sprake is van afname van de broedpopulatie van Boerenzwaluwen.