regenbrenger

regenbrenger
tot de wind gaat liggen
hoe gegrond
rimpelt het
tijdloze momenten
tot de wind
gaat liggen
zicht
ontmantelend
laat varen
als vol overgave
verzonken
in kringloop van tijd

laat de tijd
bij twaalf maal slaan
een zucht stilstaan
met hart in mijn keel
even naar adem happen
om erna
in de realiteit
van een weer stervend jaar
haastig naar
dat ene moment
op zoek te gaan
Fijne jaarwisseling iedereen !!!!
een blinde vlek
in de stilte
krassen kraaien
een dode herinnering
vals tot leven
klauwen
de dunne wondrand open
en pikken haar koud
tot blinde vlek
een vergezicht
ochtenddauw
maskeerde kil
het volmaakte
omtreurde stil
het pas ontwaakte
in diepgrauw
ik laakte
het vergrijsde
droomde in blauw
een vergezicht
omzoomd met zonnelicht
vol overgave
als zonnestralen
zijn naaktzijn tot begeerlijk
hebben verpuurd
zal hij honingzoet verlangen
op de lippen
blijven proeven
net zolang
tot hij haar met wakkere
armen ontvangt
zij behaaglijk lang uitgerekt
bijzonder intiem
op hem kan liggen
vol overgave
samenzijn ademen
gaandeweg
de weg
bezaaid met stenen
langswaar ik haastig
toekomst zocht
heeft na jaren
zichzelf verwaaid
tot een pad
met losse kiezel en zand
waar ik gaandeweg
traag mezelf verlies
in adembenemend
nieuw zicht
verzinken in stilte
in een trilling van licht
blinkt de wereld
zijn schijn
laat klaagzangen zwijgen
verzinken in stilte
kerst zal ingetogen zijn
Fijne kerstdagen iedereen !
graag zien
je wou mijn stilte
niet verstoren
streek heel zachtjes
langs me heen
nog heel even
als een vreemde
heb je mij
jouw lach gegeven
laten verstaan
om nader te komen
ik alleen jouw hand
moest nemen
in de weerschijn
op vlindervleugels
wanneer ik
na een diepe slaap
het breekbaar mooie
van mijn droom
in het ontwaken
verder draag
de klaarte
van de dag
mij de vleugels
van de vlinder laat
dan is het
omdat vreugde
ligt vervat
in het naakt
van de gestalte
die mij wakker tracht
in verbinding mee
de robijnrode lichtbewegingen
die het duister doorklieven
om zich te verdrinken
zijn mijn drijfveer
om in verbinding
los van omwille leven
mee op zoek te gaan
naar de parels
op de bodem van de zee
donker zoeken
zonnestilstand
weeft leven dicht
laat rouwen
om verborgen zicht
donker zoeken
naar een glimp
van klank en kleur
reeds door de ziel bespeurt
storm
in warme habitat
van omstrengelde armen
verhoop ik
de donkere hemel open
om niet in verhevigde
ogenblikken van storm
terecht te komen
die tederheid benijdt
morgen verbiedt te zijn
mijn aarzeling
mijn aarzeling is
enkel de tijd verdrijven
om zo te blijven
verborgen aanzijn
de donkere hemel
die het landschap vertekent
ons met schaduwen doet spelen
dood smaken
nog voor bestaan
ophoudt met ademen
laat smeken om sneeuw
opdat zuiver wit
zou gaan overheersen
verborgen aanzijn
warmte wordt toebedeeld
om te heropleven
in blind verlies
een asgrauw zicht
er heerst rust
nauwelijks een zucht
het sterven
een asgrauw zicht
en het leven
waait verder
zonder te beseffen
dat de dood kan treffen
voleindiging
van hel naar hemel
een spiegelend weten
langsheen fluoriserend
dat stroomt
bij schemering
als ruisende vertedering
kleurspelend telkens weer
revolterende gedachten
zacht nuanceert
tot oplichtend wit
ons voleindiging
laat weten

mooi mens
kracht puttend
uit eigen bron
verspreid jij je licht
in ’t leven van velen
laat zien dat wij
schoonheid binnenin
moeten ervaren vooraleer
te kunnen uitdragen
1 reactie op dit bericht
Ben hier toch wel binnengewaaid zeker,kon mij bijna niet recht houden