Vaarwel, VRT


Vaarwel, VRT
Het wordt me wat te veel, de laatste tijd, op de VRT.
Laten we met Klara beginnen, mijn eerste liefde. Van in mijn prille jeugd was ik verslaafd aan radio, en van in mijn puberjaren aan klassieke radio. Ik genoot van de nieuwe mogelijkheden van FM en juichte toen dat uitgebreid werd tot een voltijds programma. Sindsdien heb ik vele uren genoten van het aanbod, al liet ik me ook wel eens verleiden door de RTBF.
Stilaan hebben de praatvaars het zaakje overgenomen. Deze zomer ging het van kwaad naar erger: je kon geen programma meer vinden waar niet om de haverklap een interview, een quiz, een uitgebreide toelichting, een gesprek met een medewerker, een panel of, godbetert, een telefonisch contact met een uitvoerend kunstenaar ergens te velde opgevoerd werd. En waarover praten ze dan de hele tijd? Niet over de muziek zelf, want wat kan je daar voor zinnigs over zeggen?
Muziek is om naar te luisteren.
Ik heb dan maar, noodgedwongen en met pijn in het hart, besloten Klara op te geven. Ze doen maar, mij maakt het niet meer uit. Ik probeer af en toe Musiq3 (al ontgaat me de pointe van de naam). Op de PC luister ik volop naar 1.FM, met een ruime keuze van ononderbroken barok, klassiek, of volledige opera’s. Op de digibox van Telenet kan je ook Klara Continuo nemen, maar daar krijg je nooit volledige werken te horen; de selectie is wel interessant, moet ik toegeven. Vaak kijk ik op Tv naar wat Mezzo te bieden heeft ’s avonds. En daarnaast via satelliet de Duitse klassieke radiozenders, France Musique, BBC Radio3 en andere, je vindt altijd wel iets.
Ik zet nu ook meer Cd’s op, zelfs als achtergrondmuziek.
En dan Canvas, diepe zucht. Ik ben nooit een erg actieve Tv-kijker geweest, tenzij uit luiheid. Maar de laatste tijd kan ik zelfs dat niet meer opbrengen. Het nieuws is een ergerlijke opeenstapeling van ‘slecht’ nieuws; terzake doet dat nog eens breeduit over, panorama spant de zuurpruimkroon. En dan die verplichte agressieve interviewstijl van de zelfingenomen reporters, wiens enige verdienste het overigens is dat ze reporter zijn. Het is niet om aan te zien. Ze hebben zich voorgenomen om hun gasten eens flink op de rooster te leggen, en ze zullen hun venijnige vraagjes stellen, wat er ook gebeurt. Maar daarmee missen ze kansen om tot een echt gesprek te komen, om echt iets te vernemen dat ze nog niet wisten, en wij ook. Laatst nog met hun eigen bazen, wat een schertsvertoning: een VRT-medewerker legt de directeur-generaal en de voorzitter van de beheerraad het vuur aan de schenen, en die twee konden hun oren niet geloven, zaten erbij als van de hand Gods geslagen, weigerden gelukkig zich te verlagen tot het niveau van de reporter van dienst, die geen belangstelling had voor wat ze eventueel te vertellen hadden, enkel voor de venijnige vraagjes op zijn spiekbriefje.
Het verkiezingsprogramma heb ik de eerste dag even bekeken, en dat was meer dan genoeg. Als ik een caféruzie wil meemaken, dan kan ik elke dag terecht in het dorp, vermoed ik.
De VRT bezit duizenden uren opnames van heerlijke muziek uitgevoerd onder ideale omstandigheden door de beste orkesten en met uitmuntende solisten. En krijgen we daarvan ooit iets te horen? Nee hoor.
Eindelijk was er een boekenprogramma. En wat is het geworden? Een leukerd die flauwe grapjes maakt met een BV. Onderwerpen die niet langer mogen duren dan de opvulling die ertussen gegooid wordt. Beoordeling van boeken door dezelfde BV’s of door het publiek. En een prijsvraag. En een voorstelling van meesterwerken op 60 seconden. Weer een programma over de receptie van boeken, niet over literatuur.
Wel, ook hen zeg ik salut en merci, ik ga de jaren die me resten niet verspillen met dat soort vertier.
Ik vind op onze Vlaamse media niet wat ik zoek, dat is duidelijk. De VRT wenst, zoals de commerciële zenders, enkel de massa te bespelen. Dan weten we wel welke kant het uitgaat: panem et circenses, brood en spelen, kijkcijfers gegarandeerd.
Arm Vlaanderen.




















