Vake, waarom...


Mijn twee zonen lezen mijn blog, noblesse oblige ofwel is het wat de Romeinen pietas noemden. Een mooi woord, dat, maar moeilijk te vertalen. Het is het gevoel dat men koestert voor zijn geliefden: ouders, kinderen, vrienden, weldoeners, maar ook het vaderland en de goden. In de katholieke godsdienst is het alleen dat laatste geworden en dan noemt men dat vroomheid, een begrip dat vandaag niet meer aan bod komt, vraag het eens aan jongeren onder de 20? Het heeft ook de betekenis van medelijden: men doet beroep op de pietas van iemand, op zijn of haar welwillendheid of medelijden. In het Frans heeft het alleen die betekenis: pitié! spaar me! In het Italiaans is het pietà, een woord dat we onmiddellijk associëren met dé Pietà van Michelangelo, het barokke, maar eigenlijk eerder klassieke beeld van Maria met het lijk van haar zoon op schoot. Toen kwade tongen beweerden dat Michelangelo niet zelf het beeld had gekapt, ging hij op een nacht zijn naam beitelen in het lint dat over Maria’s borst loopt. Zo was het meteen duidelijk.
Maar we dwalen af. Dirk, de oudste, durft al eens vragen stellen bij een of ander onderwerp dat ik hier aansnijd. Doet me terugdenken aan toen ze klein waren en vol vragen zaten: Vake, waarom… al kregen ze dikwijls niet eens de tijd om te vragen, ik was voortdurend en ongevraagd uitleg aan het geven over van alles. Toen al…
Laatst, bij het stukje over de winterwende, vroeg hij zich af waarom de dagen op zo’n rare manier beginnen te lengen: na 21 december blijft de zon nog een hele tijd elke dag wat later opgaan, de winst die we maken komt helemaal van het feit dat ze later ondergaat. Ik opperde toen dat het te maken had met de omloopsnelheid van de aarde om de zon, die niet constant is. De baan van de aarde is een ellips, geen cirkel. De wetten van Keppler bewijzen dat hoe dichter de aarde bij de zon is, hoe rapper ze beweegt. Zo komt het dat in november de zon een beetje vóór loopt op onze klokken, die natuurlijk altijd even rap lopen. En dan is er ook nog het effect van de scheve as van de aarde. En ten slotte is er ook de tijdsvereffening: de aarde draait om haar as in 23:56 uur; maar ze draait ook om de zon, en dus ziet ze de zon pas 24 uur later terug. Maar dat zij gemiddelden, omdat de aarde niet altijd even rap ‘vliegt’; in december, als we het dichtst bij de zon zijn, duurt een zonnedag wat langer.
Om het anders te zeggen: als de aarde een perfecte bol was met een as die loodrecht stond, en als ze in een perfecte cirkel rond de zon zou draaien, dan zou een zonnewijzer altijd gelijk lopen met een (goede) klok. Nu niet, dus. Het is niet altijd gemakkelijk om zich die complexe bewegingen van de planeten tegenover elkaar voor te stellen. Vroeger bouwden ze van die prachtige planetaria met koperen bollen en dan kon je het mooi zien gebeuren.
Een ietwat gewaagd afsluitertje?
Dirk ontmoette in een Engels boek het wat vreemde woord steatopygous. Hij houdt niet van auteurs die halve woordenboeken in hun verhalen proppen en ik ook niet, maar ik ben wel altijd blij als ik een nieuw woord ontdek.
Zonder te pochen mag ik zeggen dat ik wel ongeveer wist wat er bedoeld werd. In het Vlaams zeggen we, een beetje seksistisch misschien, een schoon poepeke, in Eeklo zeiden ze: poepken boovn d’eirde, een uit-stekend achterwerk dus. De etymologie, Dirk, moet je bij je Grieks zoeken. Stear vinden we in stearine en betekent: vet; pygè is ‘bil’, in het meervoud dus: achterwerk, kont. Ik ontdekte ooit in de overigens perfect brave theologische bibliotheek in Leuven een (geschonken) boekje over callipygie, een eufemisme voor een vrij onschuldige seksuele afwijking die erin bestaat dat men van (afbeeldingen van) welgevormde kontjes houdt. Overigens is callipyge een naam voor een schapenras met dat kenmerk. Dikbil, zeggen ze over ossen en vaarzen.
Steatopygous zeg je dus van iemand die goed in het vlees zit van achter. Op het gevaar af van naast seksistisch ook nog racistisch te worden, citeer ik het woordenboek: vooral bij de Hottentotten en in het algemeen het negroïde type zou dit verschijnsel prevalent zijn. En het is waar, zwarte mannen vinden dat blanken vrouwen op dat punt vaak te bescheiden gebouwd zijn en blanke mannen kijken vaak hun ogen uit op steatopygous zwarte vrouwen.




















