pedofiele priesters, ziekte en vrije wil

Het is dus een taalprobleem… Ongetwijfeld waren wij (ik ben 64) slecht voorgelicht, maar dat we niet dierven spreken omdat we de juiste termen niet kenden, dat denk ik niet.
Ik herinner me dat we samen met honderden andere jongeren in Antwerpen naar een schoolopvoering van het toneelstuk ‘Het gezin Van Paemel’ (1902) van Cyriel Buysse mochten. Op een bepaald moment verwijt de boer zijn jonge dochter dat zij zich heeft laten verleiden door de zoon van de baron. De beeldschone blonde Hilde Uytterlinden reageerde pathetisch-onnozel: ‘Moar Voadere, ken wistekik nie wattade hij wildegen doen!” De hele zaal, nokvol met jolige, hitsige pubers, barstte in minutenlang wild gejoel uit: hahaha, maak dat aan een ander wijs!
Nee, het is mijn ervaring
dat jongeren door het experimenteren met het eigen lichaam en met anderen ook
in de jaren 1950 al vrij vroeg wisten wat seks is, zelfs als ze nog helemaal
niet wisten waar het voor diende en hoe de voortplanting precies gebeurt. Ze
wisten ook perfect goed, door een al te strenge opvoeding en de taboes die hen
werden ingeprent, dat seks niet mocht voor het huwelijk, onder geen enkele
vorm, onder geen enkele omstandigheid. Er zullen wel hier en daar wel enkele
echt onnozele zielen rondgelopen hebben, maar de anderen wisten wel van wanten,
op een kinderlijke manier, vanaf de eerste jaren van de lagere school.
De kern van het probleem is dat er jongere en oudere volwassenen zijn die seks willen
hebben met kinderen en jongeren. Dat is niet nieuw en ook niet eigen aan de
kerk. Maar het is zeker ook onmiskenbaar permanent aanwezig in de kerk en dat
is een extra odieus probleem, want het is de kerk die zich opwerpt als de
verdediger van de morele norm. Seks is al helemaal verboden in de kerk voor de
bedienaars van de eredienst en voor de gelovigen wordt het enkel geduld als een
middel tot voortplanting.
De commissie is door de kerk ingesteld voor het ‘onderzoek van seksueel misbruik in pastorale situaties’, maar wat er gebeurde was niet altijd in pastorale situaties, het was gewoon misbruik door volwassenen van kinderen en die volwassenen waren priesters, paters, nonnen &c.
In die tijd was de kerk oppermachtig, haar bedienaars boven alle wetten en gezag verheven en dat uitte zich op vele manieren en vele vlakken. De bedienaars van de eredienst konden zich door hun machtspositie ongestraft bezondigen aan allerlei misdrijven, waarvan seksueel misbruik van kinderen ’slechts’ een zeer beperkt aspect is. Generaties van jongeren zijn geïndoctrineerd, geterroriseerd, gepest, hebben misleidende informatie gekregen en werd de juiste informatie onthouden. En bovendien werden ze ook nog eens seksueel misbruikt.
De kerk heeft zich in de loop van haar geschiedenis steeds schaamteloos verrijkt en haar invloed in de samenleving zo groot mogelijk gemaakt, met alle middelen. Pas toen de kerk haar maatschappelijk belang en haar wereldse macht zag afnemen door de revoluties van de jaren 60, kwam ook de straffeloosheid in het gedrang en kwam er een einde aan het massaal misbruik, zoals er ook een einde kwam aan het massaal aantal priesters en religieuzen.
De ‘heilige rest’ die overbleef, blijft echter nog altijd even machtsgeil en dus duurt ook het ongestraft seksueel misbruik voort. Vangheluwe is een goed voorbeeld: hij bleef jarenlang kinderen misbruiken en hij vindt nog altijd niet dat daar echt iets verkeerd mee was, hij betreurt alleen dat het uitgekomen is en dat niet iedereen zijn mening deelt, namelijk dat een verhouding als de zijne met zijn neefje tot de mogelijkheden behoort en dus ongestraft mag zolang ze geheim blijft.
Laten we wel wezen. De kerk is sinds haar ontstaan alleen maar uit op macht, wereldse macht, op alle gebied, daarvoor kan niemand blind zijn, kijk gewoon om u heen, nu nog altijd, maar zeker tot in 1965. Zij kan de wereld alleen overtuigen dat dit niet (meer) zo is, door aan alle wereldse macht te verzaken: katholieke scholen, jeugdbewegingen, politieke partijen, culturele verenigingen, ziekenhuizen, mutualiteiten, banken, kerken, kloosters, financiële middelen, kunstschatten… Zie je het al gebeuren?
Zolang de kerk met macht bezig is, zal er onvermijdelijk ook seksueel misbruik zijn door leden van de kerk. Mensen met (teveel) macht maken misbruik van anderen, ook seksueel, daar kunnen we absoluut zeker van zijn.
Aartsbisschop Léonard wil dat de kerk terug bezig is met haar ‘core business’.
Ik heb hem of iemand anders van de kerk nog niet horen uitleggen wat dat zou
kunnen zijn. Als we naar de geschiedenis tot nog toe kijken, is dat niets
anders dan het vestigen van een theocratische dictatuur, precies wat we nu aan
de Islam verwijten.
Voltaire heeft, naast veel onzin, ook dit gezegd: écrasez l’infâme. Een bom op de kerk, de Endlösung, eens en voor
altijd… moeilijk denkbaar. We kunnen ook lijdzaam wachten tot er niets meer
overblijft, maar dan moeten we aanvaarden dat ondertussen het misbruik
voortgaat, ook het seksueel misbruik.
Zopas hebben we uit de mond van de Paus zelf vernomen wat volgens hem en de kerk eigenlijk het probleem is met pedofiele priesters (en dus ook met alle andere pedofielen en met volwassenen die seks bedrijven met kinderen). Het zijn namelijk ‘zieken’ en zij begaan de feiten omdat zij op dat moment niet in staat zijn om gebruik te maken van hun vrije wil.
Het zal wellicht niet lang duren voor ook uit medisch-wetenschappelijke en juridische hoek een storm van protest opgaat tegenover deze op zijn minst zeer bedenkelijke uitspraak.
Wat Ratzinger zegt, is
niets anders dan dat pedofielen niet toerekeningsvatbaar zijn, dat zij handelen
uit een onweerstaanbare drang en dat zij dus geen misdaad begaan, of toch niet
verantwoordelijk zijn voor wat ze doen. Daarom precies is men nooit opgetreden
tegen priesters die kinderen misbruikten: zij wisten och Here niet wat zij
deden, het zijn sukkelaars, zieken, mensen die niet anders konden handelen en
die misschien zelfs nog het meest leden onder hun ‘afwijking’.
Dat beeld klopt totaal niet met de werkelijkheid. De priester-daders waren vaak
op alle mogelijke vlakken seksueel actief, met jongens en meisjes, met mannen
en met vrouwen. Het profiel dat we van hen hebben, is dat van seksuele
roofdieren, die zich vergrepen aan alle slachtoffers, maar natuurlijk het eerst
en het meest aan de meest weerloze: kinderen, jonge vrouwen, wezen,
verwaarloosden, mentaal gehandicapten. Is Vangheluwe een ziek man, die niet aan
de verleidingen van zijn neefje kon weerstaan? Gedurende dertien jaar?
Waarop steunt Ratzinger zich voor deze uitspraak? Ze wordt in alle geval niet gevolgd door de burgerlijke rechtbanken: pedofielen worden veroordeeld voor wat ze doen. Enkel in gevallen van evidente psychiatrische vastgestelde ontoerekeningsvatbaarheid worden ze niet veroordeeld tot gevangenisstraffen, maar geïnterneerd, wat hier in België eigenlijk nog erger is. Moeten we Ratzinger dan zo begrijpen? Moeten Vangheluwe en konsoorten niet gewoon naar de gevangenis, maar geïnterneerd worden (en na een plotse miraculeuze ‘genezing’ snel weer vrijgelaten)? Hoe perfide is de geest van onze kerkleiders?
Ratzinger legt vandaag onverwist het probleem bloot dat de kerk heeft met seksualiteit: zij verstaan er niets van, omdat ze het niet willen verstaan. Seksualiteit is voor hen onlosmakelijk en exclusief verbonden met voortplanting. Alle vormen van seksualiteit die niet rechtstreeks tot voortplanting leiden, zijn onnatuurlijk, dat moet iedereen toch erkennen, dat is een natuurwet. Wie dus iets anders doet, bijvoorbeeld kindermisbruik, of homoseksualiteit, of masturbatie, handelt tegen alle beter weten in en kan niet anders zijn dan een zieke, een geesteszieke, iemand die niet weet wat hij doet, want anders zou hij dat toch niet doen? Een verstandig mens zal nooit wetens en willens iets doen dat in strijd is met de natuurwet. Ook homoseksuelen zijn dus zieken, verdwaasden.
Ratzinger zou nochtans beter moeten weten. Paulus zegt het in de Romeinenbrief:
15 Wat ik doe, doorzie ik niet, want ik
doe niet wat ik wil, ik doe juist wat ik haat.
(18) Ik wíl het goede wel, maar het goede doen kan ik niet.
19 Wat ik verlang te doen, het goede, laat ik na; wat ik wil vermijden, het kwade, dat doe ik.
21 Ik ontdek in mij de wetmatigheid dat het kwade zich aan mij opdringt, ook al wil ik het goede doen.
‘Normale’ mensen zoals jij en ik weten zeer goed dat je niet gek of ziek moet zijn om iets verkeerds te doen. Anna Arendt heeft het over de banaliteit van het kwaad in het geval van Eichman. Vangheluwe is helemaal niet ziek of ontoerekeningsvatbaar. Hij is, helaas, een pientere hooggeschoolde intellectueel, zoals alle priester-daders; zij waren en zijn allen zeer goed op de hoogte van het verkeerde in hun daden, hun langdurige opleiding en de kerkelijke en burgerlijke wetgeving maken dat ten overvloede duidelijk. Als zij dan toch overgaan tot seksueel misbruik van weerloze of zelfs gewillige kinderen, dan weten zij pertinent dat ze een misdaad begaan. Dat zij het toch doen, bewijst niet dat ze gek zijn, ziek of ontoerekeningsvatbaar, maar dat ze zich boven die wetgeving verheven achten, dat ze het risico nemen, dat ze zoals alle misdadigers gevaarlijk leven, dat ze het lot tarten, dat ze zich machtiger achten dan andere mensen, dat ze hun eigen genot stellen boven het welzijn van anderen.
Wij zijn, laten we het maar toegeven, allemaal zo, in mindere of meerdere mate, op bepaalde momenten, in bepaalde omstandigheden en wij weten dat maar al te goed. De meesten onder ons zijn al blij dat we het er meestal goed van afbrengen, dat we aan verleidingen allerhande kunnen weerstaan. Maar we weten zeer goed dat als we vallen, we volledig verantwoordelijk blijven, dat we het goede kennen en het kwade doen, dat we kiezen voor het verkeerde.
Wat Ratzinger nu doet, is alle seksuele (en andere) misdaden van zijn priesters zonder meer toeschrijven aan God zelf, die immers de mensen heeft gemaakt zoals ze zijn en hen doet doen wat ze doen, die hen gemaakt heeft als zieke mensen die ongewild vreselijke dingen doen, die hen zelfs hun vrije wil ontneemt!
Ratzinger wordt door velen geprezen als een van de grootste intellectuelen die de kerk ooit heeft gekend. Als dat zo is, dan is dat een vreselijk oordeel over de kerk en haar intellectuelen. Dommer dan deze uitspraken is namelijk nauwelijks mogelijk. Schandelijker evenmin.
Maar misschien zijn Ratzinger en zijn juridische adviseurs veel geslepener dan we denken. Wellicht zijn ze al hun verdediging aan het voorbereiden tegen mogelijk klachten tegen de kerk zelf, als verantwoordelijke instelling. Die discussie, die in Amerika en in Ierland al geleid heeft tot het uitbetalen van vele honderden miljoenen euro’s aan slachtoffers van kerkelijk misbruik, komt hier in Vlaanderen vooralsnog nauwelijks aan bod. Wat zal de houding van de kerk zijn? Zullen ze de priester-daders laten vallen als een baksteen en hen aan het gerecht overleveren als individuele daders? In alle geval is de hiërarchie uiterst omzichtig met wat gezegd en toegegeven wordt.
Maar hoe is het mogelijk dat een instelling, die haar bedienaars praktisch vanaf de wieg volgt, ze een zesjarige opleiding geeft, ze onderwerpt aan kerkelijke wetten, van hen absolute gehoorzaamheid eist en hen volgt en beoordeelt in al wat ze doen, hoe is het mogelijk, vragen wij ons af, dat die instelling geen schuld zou treffen wanneer haar leden, priesters en religieuzen tot bisschoppen toe, zich schuldig maken aan afschuwelijke misdaden?
Wie nu nog tot de katholieke kerk wil blijven behoren, neemt in mijn ogen een afschuwelijke persoonlijke verantwoordelijkheid op zich. Want het kerkelijk machtsmisbruik beperkt zich niet tot het schandelijke vrijwel systematisch seksueel misbruik van kinderen door bedienaars van de eredienst, maar was en blijft wijd verspreid over alle domeinen van de samenleving. Wie geen afstand neemt van dit sluipend vergiftigd systeem, ontkent het en maakt zich daardoor op zijn beurt onvermijdelijk mede schuldig aan al wat mensen in de kerk in naam van hun God hun medemens aandoen.




















