NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Westendse Blik op Middelkerke
Inhoud blog
  • Lombardsijde had ook een strand (deel 3)
  • Lombardsijde had ook een strand
  • Deze week uitzonderlijk geen artikel
  • Lombardsijde had ook een strand!! (deel 1)
  • Fusioneren? Geen sprake van!
    Zoeken in blog

    Categorieën
  • Allerlei (34)
  • Atlantikwal (3)
  • Brandweer (3)
  • Burgemeester (13)
  • Casino (2)
  • De Post (1)
  • Dialect (8)
  • Die goeie oude tijd (9)
  • Dijk en Strand (14)
  • Duinen (2)
  • Emigratie (2)
  • Energie (2)
  • Erfgoed (22)
  • Evenementen (15)
  • Fusies (4)
  • Gemeentebestuur (31)
  • Gemeentediensten (8)
  • Gemeentefinancies (6)
  • Godsdienst - Kerken (11)
  • Horeca (16)
  • ImmobiliŽn (11)
  • Jeugd (5)
  • Kamperen (4)
  • Kunst (8)
  • Landbouw (3)
  • Leger (2)
  • Medisch (5)
  • Mijn blog (16)
  • Milieu (13)
  • Natuur (11)
  • Oorlogen (8)
  • Openbaar vervoer (1)
  • Openbare werken (3)
  • Pleinen en straten - staat en netheid (21)
  • Politieke partijen (39)
  • Scholen - Onderwijs (7)
  • Sociale woningen (2)
  • Sport (26)
  • Strand (0)
  • Uitzicht gemeente (6)
  • Veiligheid - Politie (10)
  • Verkeer (19)
  • Verkiezingen (27)
  • Zon en Zee (10)
  • Persoonlijke Kijk op mijn Gemeente
    27-06-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Lombardsijde had ook een strand (deel 3)

    De camping 'Cosmos'

    De camping bevond zich sinds de jaren 60 onrechtmatig in natuurgebied en niet in recreatiegebied. Ze leunde tegen het strand aan en dat was natuurlijk een grote troef, maar de site is altijd een doorn in het oog van de natuurliefhebbers geweest.
    De roemruchte camping verwierf internationale bekendheid door de film met de gelijknamige titel, gemaakt door filmrebel Jan Bucquoy en met de rondborstige Lolo Ferrari in de hoofdrol.

    Andere campings
    Vandaag de dag is Lombardsijde zeer rijk aan campings.
    Het is niet eenvoudig te achterhalen wanneer ze er juist gekomen zijn. De ‘Albatros’ en de ‘Evergreen’ (langs de Lombardsijdelaan) werden gesticht in 1963.
    Elke politieke partij zag brood in dit modern vermaak of anders gezegd ‘sociale vakanties’ Zo kwamen er de ‘Kompas’ (CD&V), ‘Zomerzon’ (Open VLD) en ‘De Lombarde’ (communisten).
    Daar zijn ook nog de militaire camping (nu nog de enige tegen het strand), de ‘Riviera’ en de ‘R.A.C.B. Het is logisch dat de opkomst van al die campings, gespreid over meerdere jaren in Lombardsijde, een duidelijke invloed had op de bloei van het toerisme in het algemeen en op het strandleven, in het bijzonder, zelfs al werd door veel kampeerders het strand van Westende verkozen (zie verder)

    Deze vorm van sociaal toerisme werd voor de gemeente een belangrijke vorm van inkomsten.

    1959
    Ik wil hier niet opnieuw uitweiden over de toenmalige koude oorlog tussen Westende en Lombardsijde, maar ik moet het toch even hebben over de discussie in verband met de stranden van de beide gemeenten en hun reddingsdienst. Lombardsijde wilde een stuk van Westende en beweerde toen, als zij geen gelijk kregen, dat de gemeente geen toekomst meer had als badplaats.
    Twee van de aangevoerde argumenten waren:
    1. Het gemeentebestuur van L. is verplicht een badendienst in te richten op het strand
       aldaar, bijna uitsluitend voor badgasten die logeren in hotels en appartementen op
       Westende gelegen

    2. De kazerne ligt op het grondgebied van L. en breidt zich steeds verder uit langsheen
        het strand.

    Westende vond daarentegen (hoe kan het ook anders?) dat er wat de badendienst aangaat, nog slechts heel weinig inwoners of zomergasten van W. naar het strand van L. gingen maar dat veel Lombardsijdenaars en honderden badgasten verblijvende in appartementen en op kampeerterreinen van L. ’s zomers dagelijks het Sint-Laureinsstrand bezochten, er aan alle strandspelen deelnamen en er baadden. De reden daarvoor zou geweest zijn dat er op het Sint-Laureinsstrand een degelijke reddingsdienst ingericht was, met twee ervaren baders-redders, reddingsboot, verbandkast en reanimatietoestel. Iedere zomer zouden die redders personen gered hebben op het nabijliggend onbewaakt strand van L. Dat werd weliswaar erkend door Lombardsijde dat daar ook dankbaar voor was.
    Stonden er dan misschien geen borden die het baden op bepaalde plaatsen verboden? Natuurlijk wel, maar gezien de veldwachter als enig lid van de politie van Lombardsijde, niet in staat geacht werd daar toezicht op te houden, werd daar niet naar omgekeken. Toch zou het gemeentebestuur van L. stelselmatig de tussenkomst van de Westendse politie op dit gedeelte van haar grondgebied verboden hebben. De agenten mochten zelfs geen toezicht houden op de zedelijkheid in de aanpalende duinen wat naar het scheen wel degelijk nodig was.
    Wat de kazerne betreft, zou het gemeentebestuur van L. destijds zelf alle mogelijke stappen aangewend hebben om deze op haar grondgebied te krijgen, vermits het de mening toegedaan was dat, waar er militairen zijn, er steeds nering is.

    De reddingsdienst aan het Lombardsijdse strand
    Ik heb het in het eerste deel van mijn artikel maar terloops gehad over de reddingsdienst, over de uitrusting van de redders dan. Hiervoor kunnen jullie lezen dat Westende wel eens moest inspringen omdat hun dienst beter bemand en uitgerust was. Zij zouden verschillende baders gered hebben, maar betekent dit dat het onveilig baden was in Lombardsijde?
    Jerome Coulier: “Al bij al had Lombardsijde een veilig strand.”
    Beginnend op een dichterlijke toon, bespreekt hij de verdrinkingen die hem bekend waren omdat hij ze van nabij meemaakte, als volgt (zonder datums):
    Op die snikhete zomerdag was de zee als één groot meer: de golfjes hadden moeite om te slaan. De zon had er genoeg van en zou dra de kim naken, toen vijf jongelui, bezweet na een zware dagtaak nog rap een pintje kwamen drinken en zich dan in één, twee, drie in badkostuum zetten. Een run naar ’t ebbende water!
    ‘k Zou de Cristal sluiten, want de toeristen trokken stilaan huiswaarts. En terwijl ik de plooistoelen toeklapte en op ’t terras schikte zag ik de stoeiende zwemmers plots wadend in het water rondspeuren. Eén van hun maats was verdwenen. Hulpgeroep! Al wie benen had snelde toe en zocht mee.
    Een half uur later dreef Schachtje boven, de broer van onze latere redder Gerard Deschacht. Verdronken door bloedaandrang. Als tienjarige heb ik een hele week ’s nachts dat blauwpurperen gezicht met beschuimde lippen vóór ogen gehad.
    Een paar jaar later is een Luxemburgse rijkswachter verdronken. Zelfde oorzaak.
    Kort na het middageten ging hij zwemmen en ’t water reikte pas over de knieën toen hij getroffen werd. Men bracht het lijk in ’t Cristal binnen. Het duurde wel een uur eer hij weggebracht werd. De klanten hebben tot zo lang moeten wachten om hun eten besteld te krijgen.

    Siesta voor een ouderpaar, in een strandstoel aan de boord van ’t ebbende tij, terwijl de dochter van 14 op een autoband gezeten in ’t water ploeterde.
    Ze werden gewekt door een ver hulpgeroep. Het meisje was al een paar honderd meter afgedreven, ’t zeegat in! Niemand kon zwemmen, geen reddingsboot, de redder was gaan noenmalen, geen baders in zee! Radeloos ijlden ze naar ’t Cristal.
    Vader sprong de fiets op naar ’t dorp en belde de rijkswacht op. Intussen waren band en kind nog slechts een stipje aan de einder.
    Naderhand vernamen we dat twee vissersboten haar passeerden. Ze had immers onbewust door haar armgezwaai te kennen gegeven dat alles OK was.
    Een boot van het loodswezen heeft haar dan opgepikt, verkleumd en klappertandend.

    Dus twee drenkelingen in zoveel jaren en dan nog buiten bewakingstijd.

    Maar dan brak WO II uit! Door de slag bij Duinkerke werden veel boten gekelderd. Enkele Engelse soldaten spoelden hier aan .
    Een griezelige aanblik, zo’n huidsliert die in ’t water zweeft, nog juist aan de vingernagels vast aan ’t lijk. Ze liggen allen begraven achter onze kerk’.
    .
    En wie waren de redders?

    Hierboven zien jullie Frans Maes. ‘Sissen’ was eigenlijk velomaker in ’t dorp, maar trad tijdens het seizoen op als redder en toezichter op de badhokjes.

    Zijn materiaal: een boei, een trompet en een kurken ‘korset’. Bij slecht weer of weinig baders speelde hij deuntjes op zijn viool in ’t Cristal Palace. Zijn ‘Stradivarius’ heeft hem een aardig centje opgebracht en tevens veel pintjes.
    Naast Sissen zien we Molly, de rattenpakker.
    Andere redders waren, vóór Sissen, Hector Annoot uit de Bassevillestraat en na hem Louis Raecke uit Nieuwpoort en Gerard Deschacht die in die tijd ook café ‘De mooie molen’ uitbaatte.
    Heden ten dage is er nog steeds mogelijkheid tot baden aan het strand van Lombardsijde. Er is een reddingsdienst tijdens de maanden juli en augustus.

    Lambardsijde-bad heet u welkom
    In 1965 kreeg Lombardsijde, in navolging van Westende, ook een welkomboog.

    1971: Fusie met Westende
    En daar hoort (natuurlijk!) een nieuw welkomstbord bij!

    1974: er moesten dringend golfbrekers gebouwd worden op de kritieke plaatsen
    Omdat de regressie van de duinen steeds toenam moest het gemeentebestuur zich voortdurend bekommeren om een afdoende zeewering. De meest kritieke plaatsen waren tussen het Sint-Laureinsstrand, de campings Cosmos en Cristal Palace (ca 200 m) en voor het militair domein (dit over een lengte van ca 2 km).
    Felle stormen hadden elkaar opgevolgd. Zo waren er de hierboven reeds besproken giertij van 1 februari 1953 maar ook in 1956, in maart 1961, in december 1965, in maart en november 1967, in 1973 en in 1974 hielden stormen lelijk huis.
    Op de meest kwetsbare plaatsen bedroeg de jaarlijkse gemiddelde regressie en afslag van de duinen ruim drie meter, in tegenstelling met het algemeen gemiddelde van circa 1 meter.
    Bij de overstromingen van 1953 was al gebleken dat juist daar de zeewering de minste weerstand geboden had, wat voor gevolg had dat, van gans de Belgische kust, het erachter liggend gebied het zwaarst getroffen werd door overstromingen.
    Het ontbreken van een behoorlijke zeewering was er ook de oorzaak van dat, veel vroeger nog, verschillende villa’s (o.a. Madoux) door de zee werden meegesleurd.

    Een periode van strijd, stormen, de zee en het zand
    Men zou gaan denken dat er in de periode 1974 – 2004 niets gebeurde. Het tegendeel is echter waar. Het was één lange strijd tegen de wind en de zee.
    Er werd al heel vroeg gesproken over de aanleg van golfbrekers, maar …
    Er kwam maar geen schot in omdat een gedeelte van de duinengordel in privébezit was. Er moest dus een onteigening gebeuren. Een werk van lange adem!
    De hele zaak werd nog ingewikkelder door het feit dat de Cristal Palace, dat midden in de bedreigde zone lag, geen exploitatievergunning had. Door de aanleg van een zeewering zou Openbare Werken een illegale camping beschermen.

    In 1976 kwamen zelfs bunkerbodems bloot te liggen (foto1 hieronder). De omheining van de camping werd weggesleurd (foto 2), ondergrondse verbindingsgangen tussen bunkers braken door (foto 3), puin werd blootgelegd, grote rotsblokken die achter de duinen aangebracht werden, rolden op het strand, de wering met eiken balken kwam bloot te liggen, het strandpeil zakte met 1 meter omdat tonnen zand wegspoelden (foto 4).

    Voor de zoveelste keer moest de schade hersteld worden. Dat houdt in: puin weghalen en achter de wering dumpen, zware grond aanvoeren en bedekken met een laan duinenzand (foto 6 hierboven).
    Om de vrachtwagens doorgang te verlenen, moest tussen de chalets een weg aangelegd worden. Daarom moest eerst de grond verhard worden. (foto 5 hierboven).
    Omdat het opwaaiende zand zich ophoopte tussen de chalets, moest een kraan ingezet worden. Waar die kraan niet bij kon moest de kampeerder zelf een handje toesteken met schop en kruiwagen.

    Ook de militaire camping, de buur van de Cristal Palace, liep zware schade op. Zes daken van appartementen werden afgerukt en vielen op twee chalets van de Cristal.

    Wat wordt daaraan gedaan?

    Uiteindelijk werden dan toch twee golfbrekers aangelegd.

    2004: Vlaamse overheid koopt de site Cosmos
    Waarom? 'De zonevreemde inplanting van die camping was niet alleen ongelukkig maar bracht ook de natuurlijke functie van de duinen, om de zee tegen te houden, in het gedrang', legt Nathalie Balcaen van de Afdeling Kust uit
    De Vlaamse overheid kocht de site in 2004 en besteedde kort daarna ruim één miljoen euro aan het opruimen van het gebied. Het zand werd gezeefd om zoveel mogelijk puin te verwijderen en de duinen in hun oorspronkelijke en natuurlijke toestand te herstellen. Ook uit de beschermde bunkers op het terrein werd een pak rommel gehaald, zelfs asbest.

    Na de opruiming kon de herinrichting beginnen en die moest tegen maart af zijn. 'Dan begint immers het broedseizoen.' Erg veel moest er niet meer gebeuren. De hoofdopdracht was om de natuurlijke zeewering te herstellen. Daarvoor werd een duinpanne uitgegraven. Het zand daarvan is gebruikt voor de aanleg van nieuwe duinen. Naast zeewering is ook geïnvesteerd in natuurontwikkeling. In de duinpanne zijn poelen voor vogels en planten aangelegd. 'Dat zorgt voor een grote diversiteit van flora en fauna. Een groot uitkijkplatform biedt een prachtig zicht op het gebied', legt Balcaen uit.
    Vanaf maart 2012 kon de nieuwe natuursite een grote aanwinst, op de plaats van de schandvlek ‘Camping Cosmos’, bezocht en bewonderd worden. Wandelpaden doorheen het domein maken dat mogelijk.

    Cristal Palace houdt op te bestaan
    Omdat het kampeertoerisme zich steeds verder uitbreidde, werden de duinen te veel betreden en na een aantal jaren verstoorde dat grondig de doelstellingen van zeewering en het uitzicht van de duinenzone. In de verste verten niet te vergelijken met de ‘Cosmos’, een doorn in eenieders oog , was de ‘Cristal Palace’ bovendien ook niet de meest ordelijke.
    Het heeft jaren aangesleept vooraleer de camping, ondertussen eigendom van Jacques ‘Botte’ en toen ‘Camping Jacques Junior’ genaamd, eindelijk dicht ging. De laatste jaren was het één grote puinhoop.
    Ziehier een paar van de laatste foto’s, op 23 april 2007 en op 3 mei 2007.

    Eind 2008: Vlaamse overheid koopt de site Cristal Palace
    Op 10 februari 2009 startte de opruiming van de site en op 11 februari 2009 startte de herstelling en vergroting van de zeewerende functie. Net zoals bij de Cosmos moest dit een natuurherstellend project worden. De kosten voor de opruiming werden op 1 miljoen euro geraamd.
    De duinmassieven werden versterkt als natuurlijke afweer tegen de zee en tegen de stormvloeden, gevolgd door het opruimen van puin en afval. In november 2009 kon de site ‘teruggegeven worden aan de natuur’.
    De cafetaria werd afgebroken, de bunkers die niet of nauwelijks nog boven de grond uitstaken, werden zo goed mogelijk bedolven onder duinenzand waarin helmgras geplant werd.

    Hieronder krijgen jullie een idee van wat de site ‘Cristal Palace’ uiteindelijk geworden is.

    Vorige artikels over het onderwerp
    Terug naar de natuur (camping Cristal Palace)” 8.11.2009 in map ‘Natuur’
    Hoe is het gesteld met Cristal Palace” 13.8.2012 in map ‘Allerlei’
    Atlantikwal en natuur in eer hersteld in Westende” 24.4.2011 in map ‘Atlantikwal’
    Inrichtingsplan voor de duinen in Westende en Lombardsijde” 23.9.2007 in map ‘Duinen’


    Bronnen
    CONSTANDT M., Het toeristisch verhaal van Westende en Lombardsijde, Middelkerke, 1988.
    ‘Lombardsijde graag gezien’ De Oudste prentkaartenuitgegeven door ‘De klaproos’ en verzameld door Jules en Berthe Callenaere-Dehouck en Siegfried Debaeke
    ‘Lombardsijde-bad in de Belle Epoque’ door Marc Constandt
    ‘Toeristisch verhaal van Westende en Lombardsijde’ door Marc Constandt
    100 jaar toerisme ‘Een eeuw vakantie in West-Vlaanderen’ door Marc Constandt
    ‘Lombardsijde in de Branding’ 1914-1920 door René Coulier
    ‘Lombardsijde – 7 eeuwen historiek’ door Eddy Viaene
    Uittreksels uit verslagen Gemeenteraad Westende
    Wikipedia

    27-06-2016, 00:00 Geschreven door stammer
    Reageren (0)


    Categorie:Dijk en Strand
    20-06-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Lombardsijde had ook een strand

    Beste bloglezer,
    Ik had mij voorgenomen mijn tekst over Lombardsijde-strand op te delen in twee artikels. Maar … ik vond nog heel wat meer documentatie (en fotos). Ik weet ook dat sommige bloglezers niet zo houden van heel lange artikels en daarom heb ik dan maar beslist er drie delen van te maken; Het derde deel zal dus verschijnen op 27 juni 2016.
    Het zal handelen over de opruiming van een paar campings (Cristal Palace en Cosmos) met de bedoeling terug te keren naar de natuur en de zeewering te versterken.
    Ook over de gemengde gevoelens waarmee dat gepaard ging. Enerzijds waren de natuurliefhebbers daarmee erg in hun nopjes, maar anderzijds betekende dat een mokerslag voor de zelfstandigen die moeten leven van toerisme waarin de campings een grote rol spelen.


    Deel 2


    In april 1941 spoelde plots haring aan op het strand om zich in de dagen daarna oostwaarts te verspreiden. Onvoorstelbare hoeveelheden paling belandden aldus op onze stranden. Men kon de haring zomaar te voet vanuit de “kellen" met emmers opscheppen!
    Ook alles wat enigszins kon drijven werd ingezet. De haring voedde de gezinnen (gelukkig!!!) en gaf hen werk.
    Het seizoen 42-43, van december 42 tot 15 maart 43, was nog beter.
    Het volgend seizoen deed alle vangsten van de vorige jaren in het niets verzinken. Tussen december 1943 en 15 maart 1944 werd 58.119.500 kilo haring afgewogen. Alle vis moest afgegeven worden aan de corporatie die de vissers dan op basis van hun vangst uitbetaalde. Er werd heel wat gesjoemeld. Zo werd sprot zelf opgeconsumeerd, niet afgeleverd en of verkocht op de zwarte markt.
    Uiteraard was de strandvisserij niet zo belangrijk als de zeevisserij. Toch slaagden de strandvissers er in 1943 in 1.335.546 kilo vis te leveren. Zo’n 95% was haring. Wie over een roeibootje beschikte, ving er zoveel hij wilde onder het wakend oog van de Duitsers die vreesden dat er enkelen naar Engeland zouden vluchten.

    Jerome Coulier zegt dat ook zij in 1942 en 1943 haring vervoerden naar hun klanten in ’t binnenland.
    Hij beweert ook dat Maurice Denolf op 26 november 1945 op haringvangst zijn bootje overlaadde waardoor het kantelde zodat Maurice verdronk.
    Was de wonderbare haringvangst toen nog aan de gang? Ik betwijfel het! Feit is dat Maurice toen samen met zijn schoonbroer Fernand Dalle, echtgenoot van Clara Denolf, verdronk. Volgens hun bidprentje ‘kantelde hun bootje door een rukwind, in het zicht van de kust.’

    Kort na de oorlog verloor de familie Guilbert twee van haar zonen op het strand. Ze hadden al veel koper en lood kunnen recupereren van de mijnen die de Duitsers aan de versperringen aan zee bevestigden. Maar die dag liep het mis, bij het ontmantelen ontploften er een hele reeks en twee van de gebroeders Guilbert werden op slag gedood, de derde (‘Botte’) was enkele tientallen meters verder aan het werk en ontsnapte aan de dood.

    De firma Soete had tijdens de voorbije oorlog heel wat lokale arbeiders tewerkgesteld om bunkers te bouwen voor de Duitsers. Zodra de geallieerden ons bevrijd hadden, kwam er uiteraard een einde aan die werken. Maar er was hier werk genoeg bij de wederopbouw en zo hadden onze arbeiders snel een nieuwe broodwinning.

    Een nieuwe start voor de Cristal Palace
    De Coulier’s, vooral onder de druk van moeder Marie, wilden een nieuwe start voor het ‘Cristal Palace’. En ze kregen het geluk aan hun kant.
    Vercnocke, die voor de oorlog een frituurtje naast het Cristal uitbaatte had Amerikaanse vliegers uit zee gered en kreeg wegens bewezen diensten, een voorkeurbehandeling. Hij vroeg en kreeg de toelating en de nodige materialen om weer een ‘brakke’ op te zetten, bij de kazerne, waar ze vroeger stond, wat voor anderen toen niet mogelijk was.
    Toen die barak goed en wel opgebouwd was, sprak hij moeder Coulier aan op straat.
    Hij had namelijk een brief ontvangen van zijn schoonbroer Omer uit Amerika en hij wilde daarheen met heel zijn gezin omdat men daar schijnbaar rapper en meer meer geld kon verdienen. Vercnocke wilde daarom zijn barak verkopen. Zijn vraagprijs was 25.000 BFr. Vijf minuten later was de zaak geklonken.
    Barak 2 van de ‘Cristal’ was geboren.

    De barak werd opgesmukt en Gaston Coulier en Marie Roye konden, eerder dan verwacht, met de hulp van een dienstmeisje en een keukenhulp, de draad van hun vooroorlogs leven weer opnemen.
    Ziehier barak 2 uit 1946-1948

    Foto3: rechts patattenkotje tevens WC
    Foto4: Interieur - verjaardagsfeestje
    Foto5: dienster Nicole Ottevaere tussen de keukenpieten mevrouw Christiaens en
               Lea 
    Levecque.
    Foto6: zittend Marie Roye met vriendin, staande links kokkin Jeanne Dedeystere en
         rechts opdienster 
    Marie Osaer

    Lombardsijde-bad in de jaren vijftig
    Er werd een campagne opgezet om Lombardsijde op toeristisch vlak een grotere bekendheid te geven. Ziehier de eerste maar ook enige folder en sticker die de gemeente uitgegeven heeft.

    Barak 3
    In 1952 liet het ministerie van Landsverdediging de toegang naar de zee via de Zeelaan afsluiten. De grond van de Cristal Palace werd onteigend en de familie Coulier moest verhuizen en dat vóór 1 oktober 1952. Drie honderd duizend frank kregen ze als schadevergoeding aangeboden maar na onderhandeling werd het dubbele uitbetaald en ze mochten zelfs de barak en de inboedel meenemen.
    Ziehier een herinnering uit dat laatste jaar ‘met zicht op zee’: Elisabeth, dochter van Gaston, bij een groep militairen

    Er werd toen op zoek gegaan naar de volgende standplaats voor de barak.
    Ze wilden zo dicht mogelijk bij de militairen blijven om winter-zomer de zaak draaiende te houden. Zo werd gekozen voor een terrein, op 60 m van het militair domein, gescheiden van het strand door een duin van 45 meter breed, aan het einde van een betonwegje van amper drie meter breed, dat leidde naar drie bunkers van de ‘Atlantikwall’. ‘s Anderendaags al werd met deurwaarder Brys, de zaakwaarnemer van Crombez, de koop afgesloten. Landmeter Etienne Gerard deed de opmetingen en gaf aan de betonweg de naam ‘Idyllenlaan’.
    Architect Vandemeulebroucke en bouwheer en burgemeester Titeca voerden het project van de Coulier’s uit.
    Naast de barak werd deze keer ook een camping voorzien.
    Moeder Marie wilde absoluut dat alles klaar was tegen het nieuw seizoen. En dat lukte ook! Met Pinksteren 1953 was het al zover. De eerste pinten konden getapt worden terwijl timmerman Julien Gunst nog de laatste deurposten aan het plaatsen was en Albert Minne zorgde voor de laatste elektrische leidingen.
    Ziehier de barak in 1953.

    Onderaan links: rechts de grote citerne voor regenwater, links Duitse bunkers die als logement gebruikt werden.
    Onderaan rechts: “Wat een luxe: reclame op de voorgevel”

    De kazerne draait op volle toeren
    Vanaf 1952-53 kwamen honderden militairen naar het Kamp van Lombardsijde.
    De bezetting van het kamp bereikte een hoogtepunt in de jaren 1953-1955. Wie herinnert zich niet de weekendrappels van de ‘kampmannen’. Waren ze misschien geen aanwinst voor het toerisme, dan vaarde de horeca er wel bij. Ze bezochten de talrijke cafés in het dorp, maakten er vaak ‘ambras’ maar brachten ook zaad in het gemeentelijk bakje. Veel toeristen stoorden zich aan het geluid van de schietoefeningen tot op het ogenblik dat officieel beslist werd het schieten op te schorten tijdens het seizoen, van 15 juni tot 15 september.
    Een anekdote: elk jaar liet de burgemeester van Nieuwpoort, Georges Mommerency, in de krant verschijnen dat het dank zij zijn tussenkomst was dat de schietoefeningen gestaakt werden.
    De Cristal Palace haalde groot voordeel uit de kazerne.

    De overstroming op 1 februari 1953
    Daar waar de zee elke winter 1 meter duin afknaagde, bracht de springtij van 1.2.1953 een verlies van 15 meter duinen mee. De laatste beschermende duinenrug was daardoor verdwenen.

    Dat de zee weer eens een deel van de duinen weggenomen had, bracht veel werk mee: strand proper maken, zware grond aanvoeren en bedekken met overgewaaid duinenzand. Een eeuwig herbeginnen! Tevens een dure grap!

    Dat mocht zeker niet te vaak gebeuren anders zou het Cristal Palace nog in gevaar gekomen zijn. Er waren toen nog geen golfbrekers op het strand!!!
    De gronden van veel hoveniers, zoals die tussen de Zeelaan en de Schoolstraat waar straks woningen zullen verrijzen, werden onder water gezet. De schuld daarvoor werd op het ministerie van landsverdediging gelegd doordat in het kamp de beschermende dijk weggenomen werd.

    De moord op Claudine Vandervloet
    Twee wandelaars, Albert Terwe uit Lombardsijde en Van Rompaey uit Geel, vonden op dinsdag 30 juli 1957, om 5u30 ’s morgens, het lijk van een vrouw op het strand van Lombardsijde.
    Bij de ontdekking liep nog bloed uit de oren, neus en ogen. Een sjaal was rond haar mond gebonden. Het slachtoffer had geen papieren bij, alleen een trouwring met inschrift "André - Claudine 1955". Ze was gekleed in een nylon avondtoilet. Kousen, schoenen en mantel ontbraken. Ze werd waarschijnlijk op het hoofd geslagen.
    Het bleek te gaan om Claudine Vander Vloet, geboren in Oostende op 16 juni 1934, enige dochter van Eduard Vander Vloet en van Marcella Cornette.
    Zij ligt begraven op het kerkhof van Lombardsijde. Er doen verhalen de ronde dat haar lijk met een kruiwagen afgevoerd werd. De misdaad werd nooit opgehelderd.

    De camping ‘Cristal Palace’
    Zoals gezegd bracht barak 3 ook de aanleg van de gelijknamige camping mee. Het zal wel de trend van de tijd geweest zijn, die aan de basis lag van het initiatief.
    1953 – 1960: De camping in de kinderschoenen
    Bij de start was de tent koning.
    Opdat de kampeerder met de auto in het mulle zand tot bij zijn tent zou geraken, werd traliedraad (treillarmé) gelegd. Later sprongen lassen los. Die veroorzaakten verwondingen en schade aan de voertuigen. Er zat dus later niets anders op dan de draad met tarmac beleggen.

    Een voorloper van de chalet werd ineengeknutseld met behulp van aangespoelde planken en hout van sinaasappelkisten.
    Twee bunkers uit WO 2 maakten deel uit van de camping.
    Toen kwamen de caravans. Eerst bleven de tenten nog in de meerderheid maar het aantal caravans groeide voortdurend.

    Uiteindelijk kwamen er ook chalets.

    In zijn ‘mémoires’ slaat Jerome zich op de borst: “Te laat… Er kwamen nog 20 chalets bij, verschillend van grootte en uitzicht. Geen fraai uitzicht. Jammer! ‘k Had vroeger moeten ingrijpen. Mea culpa…”

    Hier zien jullie nog een samenvattende mozaïekkaart, zoals ze in de Cristal Palace verkocht werden.

    Een grote aanwinst was een legerautobus.. Die diende eerst als wasplaats, naast de pomp, daarna zelfs als woonst met garage en tenslotte zuiver als woonst.

    20-06-2016, 00:00 Geschreven door stammer
    Reageren (0)


    Categorie:Dijk en Strand
    13-06-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Deze week uitzonderlijk geen artikel

    Beste bloglezer,

    Tot mijn grote spijt moet ik het vervolg van mijn artikel over Lombardsijde-strand een week uitstellen.
    Een oogoperatie en het overlijden van mijn zus beletten mij namelijk de gebruikelijke zorg aan mijn artikel te besteden. Jullie weten .... uitgesteld is niet verloren!!!
    Tot volgende week, graag.

    13-06-2016, 00:00 Geschreven door stammer
    Reageren (2)


    06-06-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Lombardsijde had ook een strand!! (deel 1)

    ,Bedankt!!!
    In één van mijn vorige artikels heb ik mijn verzamelde gegevens over het Westends Sint-Laureinsstrand weergegeven, aangevuld met getuigenissen van Westendenaars die het allemaal vanop de eerste rij meemaakten. Ik wil nu hetzelfde doen over het strand van Lombardsijde met die verstande dat ik de vele (helaas op een sisser uitgelopen) initiatieven om van de badplaats een toeristische voltreffer te maken, niet kan negeren.
    Jullie en dan denk ik daarbij in de eerste plaats aan de Westendenaars en de Lombardsijdenaars, kennen toch wel de boeken die daarover reeds geschreven werden door beter geïnformeerde en bevoegder auteurs?
    Die zijn namelijk, in de eerste plaats van Marc Constandt en Eddy Viaene.
    Marc schreef ‘Lombardsijde-bad in de Belle Epoque’, zoals hij dat ook deed voor Westende-bad en ‘Het toeristisch verhaal van Westende en Lombardsijde’.
    Eddy Viaene is de auteur van ‘Lombardsijde zeven eeuwen historiek’.
    Ik kan de drie boeken alleen maar aanbevelen.
    Het ligt geenszins in mijn bedoeling te proberen deze beide bekwame mensen te overtroeven.
    Ik ben integendeel dankbaar dat ik hier en daar een beroep heb kunnen doen op hun informatie, voor zover die handelde over Lombardsijde-bad en over het strand aldaar.
    Wat jullie waarschijnlijk niet weten is dat ‘meester’ Jerome Coulier (1922-2004), veel van zijn belevenissen als zoon van de uitbaters Gaston en Marie Joye en later zelf uitbater van de ‘Cristal Palace’, neergeschreven heeft. Zijn pennenvrucht werd niet uitgegeven en ik bedank daarom zijn weduwe, Lisette Houthoofdt, omdat ze mij toeliet één en ander in te kijken en zelfs te kopiëren.
    Wie Armand Coulier kent, weet dat hij de gave bezit om krantenartikels en foto’s over een bepaald onderwerp, die hij met volharding verzameld of zelf gemaakt heeft, op een uiterst verzorgde manier onder te brengen in een album. Hij deed dat eveneens voor de Cristal Palace en ook hem ben ik dankbaar dat ik daaruit mocht putten om mijn artikel vollediger te maken en op te smukken.

    Lombardsijde tijdens de ‘Belle Epoque’
    De belle époque is een benaming voor de periode 1870-1914 uit de Franse en bij uitbreiding de Europese geschiedenis. De naam werd geboren na de Eerste Wereldoorlog toen men, getraumatiseerd door de slachtingen, met nostalgie terugkeek op een schijnbaar gouden tijdperk vóór het uitbreken van de oorlog, een tijd waarin onbezorgdheid en grote ontdekkingen Europa in de ban hielden.
    Zoals gezegd handelt het boek van Marc Constandt over die periode. Hij schrijft in zijn inleiding dat de meeste bronnen tijdens de eerste oorlog vernield werden en dat zijn relaas vooral gebaseerd is op de talrijke prentbriefkaarten, die in grote hoeveelheid teruggevonden werden.
    Nochtans schrijft René Coulier, ex- gemeentesecretaris bij het begin van WO 1, in het voorjaar van 1959, op pagina 15 van zijn boek ‘Lombardsijde in de branding 1914-1920”: “De bevolkingsboeken, registers der beraadslagingen van de gemeenteraad, schepencollege en armbestuur, alsmede de waardevolle archieven van de gemeente werden in der haast en in bijzijn van de burgemeester, in oude eiken koffers gesloten en omhuld van een dikke laag stro weggedolven in een dikke zandberm in de moestuin van mijn ouders, alwaar zij bewaard bleven.”
    Hij voegt er aan toe “deze schat werd door de burgemeester, die als vluchteling te Oostende verbleef, en mijn oudere broer, die te Oostende woonde, met toelating van de Duitsers en onder hun geleide in 1916 van uit haar schuilplaats weggehaald en overgebracht naar Oostende, ten huize van mijn broeder. Als bij wonder was alles onaangeroerd gebleven. Het nut en het gemak dat deze documenten na de bevrijding aan het gemeentebestuur verschaft hebben zijn van buitengewoon belang geweest”.

    Waar of wanneer mogen die dan wel verdwenen zijn? In 1959 waren ze er nog! Toch niet vernietigd bij de fusie met Westende, zeker?

    Het boek van Marc Constandt bevat dus inderdaad veel prentbriefkaarten en nogal weinig tekst, maar dat belet geenszins dat het een goed beeld geeft van wat zich in de ‘Belle Epoque’ in Lombardsijde, en dan vooral op de badplaats, afspeelde. De naam Crombez is daarbij de rode draad.

    Wat er toen zo allemaal aangelegd en gebouwd werd
    Benoit Crombez kocht in 1839 het duinengebied op de rechter IJzeroever. De dorpskern was sinds 1885 bereikbaar met de stoomtram vanuit Oostende en Veurne. Vooreerst liet Crombez een verbindingsweg aanleggen tussen bad en dorp: de ‘avenue Benoit’ of de ‘avenue de la Reine, de ‘Polderdreef’ en tenslotte de ‘Zeelaan’. Crombez wilde van Nieuwpoort-bad en Lombardsijde-bad één grote badplaats maken. Een brug over de IJzermonding zou beide verbinden.
    Aan het einde van de Zeelaan werd in 1899 een villa gebouwd door Alfred Madoux (1838 – 1904), een brouwer en directeur van de liberale krant ‘L’ étoile belge’ . Er werd hier zelfs een straat naar hem genoemd en die bestaat nog steeds. Op het straatbord staat ‘stichter van de badplaats’. Dat is wat overdreven. Men kan hem wel 'de eerste toerist in Lombardsijde-bad' noemen omdat hij er als eerste een villa bouwde.

    26 april 1900 is een andere mijlpaal in de start van het toerisme. Toen keurde de gemeenteraad namelijk het reglement van de reddingsdienst goed. Jules Vanhille zorgde voor de veiligheid van de baders en voor 50 centiemen konden bij hem een badkostuum en een handdoek gehuurd worden.
    De redder was uitgerust met een hoorn, een vlag en een reddingsgordel.
    In 1904 kreeg Jules bij contract de stranduitbating toegewezen. Gregoor Vansteeger, één van de toonaangevende figuren in Lombardsijde in die tijd, bakker, schepen, eigenaar van vier huizen in de Dorpplaats en uitgever van prentbriefkaarten over Lombardsijde, stond borg voor zijn familielid Vanhille. Die verkocht ook in een ‘buvette’ met als opschrift ‘Café La Bienvenue aux Etrangers’ verfrissingen aan de strandgangers. Die barak was tevens het ‘Bureau des Coupons’ want de baders die in zee wilden gaan konden of moesten daar een kaartje kopen. Ja, dat was dus niet gratis!
    Het gebouwtje was gelegen in ‘Lombardsijde Bains’. Alles in het Frans dus!!!
    Vansteeger in het dorp en Vanhille op de badplaats, ze deden goeie zaken maar ze speelden daardoor beide ook een belangrijke rol in de ontwikkeling van Lombardsijde..

    Langs de Zeelaan werden in die periode nog verschillende andere villa’s gebouwd. Om er een bouwgrond te verwerven, moest Crombez je genegen zijn en uiteraard waren dat niet de armen die er bouwden. Ik wil ze niet allemaal opsommen noch foto’s ervan tonen. Die kunnen jullie trouwens bekijken in het boekje met oude postkaarten ‘Lombardsijde graag gezien’. Die prestigieuze villa’s gaven natuurlijk een bijzondere uitstraling aan de badplaats en ze speelden een grote rol voor de ontwikkeling en de bloei ervan.
    Er was ook een Westendenaar, Pietje Rosseel, die dat inzag en die zette er in 1906 de ‘Patisserie Boulangerie bruxelloise’ neer, een bakkerij met verbruikzaal.

    In 1910 installeerde de gemeente 34 cabines op het strand en in 1911 werd een houten trap gebouwd.

    In 1908 startten Engelse specialisten in opdracht van Crombez met de aanleg in diens duinen van een golfterrein, bedoeld als bijkomende attractie voor Nieuwpoort-bad. In dezelfde omgeving stond al sedert 1881 een vuurtoren, die er vandaag nog steeds staat maar dan onder een andere gedaante, dit na twee vernielingen. Daar had Crombez ook al zijn villa gebouwd.
    Na het in gebruik nemen van het golfterrein kwam het veerbootje heel goed van pas. Het meerde aan nabij het oosterstaketsel.

    Dat was een groot succes en uiteraard dus een belangrijke bijdrage voor het toerisme.

    Vóor het huis liep de ‘Blauwe Kassei’ vanaf de Zeelaan tot aan het staketsel. De baan was namelijk in blauwe klinkers. Ze wordt vandaag door de militairen in de kazerne nog steeds ‘De blauwe baan’ genoemd, hoewel ze nu uit beton bestaat.
    Een hele vroege realisatie was ook de houten ‘Villa scolaire de la ville de Bruxelles’ die gebouwd werd midden in de duinen in Lombardsijde als schoolkolonie.
    Er was een slaapkamer met 40 bedden, een speelkamer, een eetzaal en een keuken. 
    Niet te verwarren met ‘Les Marçunvins’ die op het grondgebied van Westende stond/staat.

    Die kinderen speelden natuurlijk niet enkel in de duinen, maar bezochten ook het strand van Lombardsijde-bad.

    Lombardsijde tijdens de eerste wereldoorlog
    Alhoewel dat buiten het betoog valt van mijn artikel over Lombardsijde-bad en over het strandtoerisme, wil ik hier toch het bovengenoemd boek van René Coulier aanbevelen. Het werd in maart 2003 uitgegeven door de Dorpsraad Lombardsijde. Het bevindt zich niet in de bibliotheek!!!
    Hier wil ik nog aan toevoegen dat Lombardsijde-bad vanzelfsprekend ook een onderdeel was van de Atlantikwal. De ‘Heeres Küstenbatterie‘ 3/HKAA 823 bezette het terrein van de ex-camping Cosmos.
    De site werd een tijdje geleden gerestaureerd.
    Ter hoogte van de ex-camping Cristal Palace en van de militaire camping bevond zich het steunpunt ‘von Seeckt’. Ook daar treffen we nog enkele bunkers aan maar bij het opruimen van de camping Cristal Palace om er opnieuw een natuurgebied van te maken, vielen de meeste onder de sloophamer. In de militaire camping zijn nog slechts een paar bunkers bewaard gebleven.
    Op de strook vóór de kazerne tot tegen de havengeul bevond zich de site ‘Ramien’, een andere Duitse eenheid.

    Lombardsijde na de terugkeer van de gevluchte bevolking
    Na WO 1 had Lombardsijde veel troeven in handen om op toeristisch vlak een belangrijke badplaats te worden. Dank zij de snelle wederopbouw van het dorp, kan men dus ook van een vlugge heropstart van het toerisme spreken. De toeristen, de ‘vreemden’ zoals ze werden genoemd, konden dan ook snel weer onderdak vinden.
    Het waren meestal gegoede personen, uit de onderwijzerswereld, kolonialen, groothandelaars, renteniers en beursspeculanten, die hier één of twee maanden verbleven. Van betaald verlof van de ‘kleine man’ was er nog geen sprake! Trein en tram brachten de badgasten aan. Zeer weinigen beschikten over een auto.
    De golf werd heraangelegd vanaf 1923 en heropend in juli 1929. Een nieuw clubhuis, tevens hotel-restaurant, werd gebouwd ten zuiden van de huidige blauwe baan ter hoogte van het natuurreservaat. In het dorp waren twee hotels, “A la Belle Vue’ en ‘Hotel de l’Yser’. De uitbater van dat laatste, Philibert Ramoudt, legde een busdienst in naar het strand met een autocar van de firma Ramoudt uit Oostende.
    In 1927 liepen de geruchten dat de koning te Lombardsijde zijn zomerresidentie zou vestigen, wat zeker de aantrekking van gegoed cliënteel zou verhogen.

    De eerste in gebruik genomen herberg na de oorlog, toen nog in de vorm van een barak, verscheen op de Dorpplaats en kreeg de naam ‘De Wedergeboorte’. René Coulier werd de eerste uitbater, maar na nauwelijks een jaar werd hij opgevolgd door zijn broer Gaston en diens vrouw Marie. De barak bleek echter niet bijster goed opgewassen tegen de verschillende weersomstandigheden. Maar Gaston bleef niet bij de pakken zitten. In 1924 werd het huidig gebouw opgetrokken, met achteraan een feestzaal voor dansavonden en toneelopvoeringen.

    Barak 1
    De Zeelaan liep van het dorp recht tot aan het strand. Aan het einde daarvan liet de waard van ‘De wedergeboorte’ in 1922 – 1924, al naargelang de bron, op het strand door de gebroeders Gunst eveneens een barak optimmeren, met zicht op zee. Die kreeg de naam ‘A La Renaissance’, gewoon de vertaling van de naam van de herberg van dezelfde eigenaar, in het dorp. In de volksmond sprak men van de ‘Brakke’. In het verder verloop zal dat ‘Barak 1’ genoemd worden. De opschriften in beide landstalen werden erop geschilderd door Charles Dufour.

    Van Sinksen tot september deed zij dienst als herberg en als verhuurlokaal van ‘costumes de bains’.
    Naast de dorstige laven moest men er ook de innerlijke mens sterken. Frieten werden er toen gebakken op een Leuvense stoof.. Later werd het menu uitgebreid met soep, boterkoeken, pistolets en boterhammen met hesp en kaas. Slaapgelegenheid was er niet maar een toerist die naar zee was afgezakt en geen slaapgelegenheid vond, kon er wel overnachten in een ligstoel of in open lucht tussen de strandcabines. Men kon er ook prentbriefkaarten kopen.
    Vóór 14-18 stonden de cabines en zo’n barak beneden op ’t droge strand. Na de oorlog naderde de zee te dicht de duinvoet en de cabines werden dan maar op de eerste duinenrij geplaatst uit vrees weggespoeld te worden.
    Wie niet rijk genoeg was om een eigen badhuisje te hebben kon zich omkleden in één van de zes gemeentehokjes met daarnaast zelfs een toilet.

    Meer nog dan in het dorp moesten de uitbaters van de barak optornen tegen de weersomstandigheden.
    De brakke kon de nijdige rukwinden bij storm moeilijk verdragen. Om scherven te vermijden, moesten de melkkannetjes regelmatig van de tafels gehaald worden. In zo’n geval was er ook al geen sprake van je sigaret op de boord van de tafel te leggen. De klanten hielpen soms de wankelende wanden rechthouden tot enkele steunpalen het ergste voorkwamen. Ook de dakbedekking liet lang te wensen over. De regen sijpelde soms hier en daar door de golfplaten. De klanten hielden dan maar een tafel of een stoel als paraplu boven het hoofd. Ze wachtten vrolijk en gelaten het einde van de bui af! Probeer dat nu maar eens!!!!!
    Maar de grootste vijand was de noordwestenwind! Van uit het zeegat blies hij het zand het duin op en via de openingen van de golfplaten, het café binnen. De pintjes werden dan maar afgedekt tegen het stuifzand met bierkaartjes.
    Voor de noenmalen moest een andere oplossing gevonden worden. De borden werden onderste boven op tafel geplaatst. Toen het eten klaar was om op te dienen, draaiden de klanten ze weer om. Tijdens de maaltijd hielden ze hun hoofd zoveel mogelijk boven hun teljoor. Zo werd de zandmiserie opgelost!!! En toch bleven de klanten trouw!
    Proppen dagbladpapier stopten de gaten maar ze krompen bij regen en belandden op de vloer. De zandperikelen bleven voortbestaan tot in 1933-34.

    Verlichting was er niet gedurende jaren en dus werden wel eens kaarsen gebruikt, zij het dan dat de ‘brakke’ tegen valavond gesloten werd.
    Water was er genoeg ... maar drinkbaar water! De voorraad die de brouwer 1 maal per week bracht moest door de negenjarige Jerome in kruiken met de fietskar ’s morgens uit het dorp meegebracht worden.
    De gegalvaniseerde golfplaten van ‘t dak lieten de zonnewarmte gemakkelijk door en alle dranken moesten dus uit de kelder komen, wilde men ze enigszins koel opdienen.
    Die kelder, dat was eigenlijk een met schoppen uitgegraven put van twee meter op drie en anderhalve meter diep. Met houten palen en planken werd het instorten belet.

    De zee wrat iedere winter de duinen aan. Daarom werden de cabines en de brakke afgebroken en ondergebracht in schuren, stallen of zolders, wachtend op de volgende meimaand.
    Bij het terugplaatsen van de barak, moest die elk jaar wat meer achteruit geplaatst worden. Dat betekende tevens dat ook de kelder elk jaar opnieuw moest uitgegraven worden.

    De ratten waren een ander niet te miskennen probleem. Ze waren in grote getale aanwezig en zaten zowel onder de strandcabines als onder de brakke. Aangetrokken door de reuk van droogvis en etensresten, knaagden ze gaten dwars door de plankenvloer. Hoeveel van de beestjes in Gaston’s klemmen ook het leven lieten, toch slonk hun aantal niet! En ‘rentokil’ bestond toen nog niet!
    ‘Kleine’ Jerome vertelt dat hij geen schrik had als er al eens een rat over hem liep in zijn slaap: “het volstond om even je been te bewegen en het beest was al weg’. (!!!!)

    Diefstal met inbraak!
    De barak was ’s nachts niet bemand. Dieven die eropuit waren sigaretten en drank of ook als eens een badkostuum te stelen, maakten daarvan gebruik.
    Inbreken in de brakke was kinderspel. Het volstond een eternitplaat in te stampen om binnen te geraken. Meestal waren het de douaniers, op dienst tegen alcoholsmokkel van uit zee, die de eigenaars in ’t dorp gingen verwittigen.
    Tot aan het einde van het seizoen werd dan een bord voor de opening getimmerd. De tienjarige (!!) Jerome Coulier moest dan, met zijn vaders matrak onder het hoofdkussen, enkele tijd in de barak slapen om de dieven af te schrikken.

    “Lombardsijde en avant”
    De villabewoners staken de hoofden bij elkaar. Er moest een oplossing gevonden worden om meer verstrooiing te bieden en de opkomende jeugd vooral over dag en bij slecht weer bezig te houden.
    Ze richtten een vriendenkring op die ze ‘Lombartzijde en avant!’ noemden met ‘De Wedergeboorte’ als lokaal en Gaston Coulier als bestuurslid.
    Van meet af aan kende dit clubje grote bijval met volgend programma:
    -iedere voor- en namiddag zwemmen in groep op een vast bepaald uur
    -strandspelen met prijzen ééns per week voor groot en klein
    -samenkomst in de feestzaal bij slecht weer met spel-, en dansmogelijkheid bij de
       klanken van een tingeltangel

    -twee fakkeltochten per seizoen: start in ’t lokaal, de Zeelaan op tot beneden strand,
      dansen en zingen en ontbinding in de brakke. De hele tocht werd opgeluisterd door
      accordeon, trom en trompet

    -tenslotte nog een bal met orkest op elke zaterdag, uitsluitend toegankelijk voor de
      toeristen.

    In 1929 uitte de vereniging haar ongenoegen ten opzichte van de naburige gemeente Westende. Het gedeelte tussen de Lombardsijdelaan en de Bassevillestraat, was toen grondgebied Westende. Het Westends gemeentebestuur gaf dit stukje weg de naam ‘Polderdreef’. Volgens Lombardsijde Vooruit zou dit de ‘reizigers afschrikken , welke den weg naar zee wenschten te vinden’.
    ‘Lombardsijde en avant’ is in de jaren dertig uiteengevallen bij gebrek aan nieuwe bestuursleden.
    De ene na de andere villa-eigenaar verkocht zijn eigendom. Hun kinderen raakten immers uitgetrouwd. Het doel was bereikt!
    Toch bleven Gaston en Jerome Coulier de strandspelen verder inrichten.

    Strandkermis
    Elke derde zondag van juli werd op het strand een kermis georganiseerd. Je kon er aan allerhande volkspelen deelnemen. De ‘haantjeskoers’ of ‘kiekenvangen’ boekte het grootste succes.
    Op het strand kregen een aantal hennen, na dagenlange opsluiting in een duivenmand, hun vrijheid terug. Na vijf tellen konden de deelnemers van start gaan. Wie één der dieren bemachtigde, kon het behouden en kreeg het dubbele van het inschrijvingsgeld terug. Het werd een dolle achtervolging op het strand en in de duinen. Soms werd maar één kieken weer buitgemaakt of sukkelde tegen de avond een kiekenvanger doodop de barak binnen. Zo belandde eens Hector Deconinck tegen middernacht, goed aangeschoten, de ‘A la Renaissance’ binnen met een hen aan zijn knoopsgaten gebonden.

    Worstelclub
    Lombardsijde had een eigen worstelclub ‘De Verenigde Krachters (?)’. Ze trainden in ‘De Wedergeboorte’ onder de leiding van de Gentenaar Minnaert, kampioen van beide Vlaanderen. Met groot succes werden ook worsteldemonstraties in open lucht georganiseerd, op het strand. Ziehier een paar foto’s

    Zowel Lombardsijde als Westende hadden een lokale vedette, respectievelijk Charles Levecque (foto hierboven in 1937) en Medard Tottie.(foto hierboven rechts)
    Op de foto links: Angèle Dierendonck met haar crèmekarretje.

    Koninklijk bezoek!
    Hiervoor laat ik Jerome Coulier aan het woord: (hij voegt er geen jaartal aan toe, maar koning Albert I stierf in 1934)
    “Drie, vier tafels waren bezet door keuvelende mensen en kaarters en ‘k was van dienst.
    Een kloek gebouwd persoon kwam binnen “Goeie dag, een grote fles limonade, aub”
    De man betaalde en vertrok, iedereen groetend.
    De kaarters, Brusselaars, draaiden het hoofd om: “Mais, c’est le roi!” riep er één verrast. Ongelovig legde elk zijn kaarten neer en oogden hem na. En zowaar, koningin Elisabeth stond hem buiten op te wachten! Ze namen elk een slok uit de fles en liepen het duin af naar zee toe.
    ’t Was laagtij. Koning Albert nam zijn vrouwtje in zijn armen en waadde door de kellen zonder zijn schoeisels uit te doen. Hand in hand wandelden ze verder richting staketsel.
    Tu vois” stelde een der klanten vast “même le roi adore notre plage!””

    'A la Renaissance' wordt 'Cristal Palace'
    In 1932 wordt vastgesteld dat er minder Franse toeristen komen maar meer Engelse. Die vergelijken 'De Brakke' met 'Crystal Palace', een glazen gebouw ontworpen voor de wereldtentoonstelling van 1851 in Hyde Park (Londen). Het was gebouwd in Victoriaanse stijl en bestond uit hout, gietijzer en glassegmenten.
    De barak krijgt dan maar de nieuwe naam 'Cristal Palace'.


    Er komt een nieuwe buur: een militair kamp!
    In 1934-35 heerste een koortsachtige bedrijvigheid op de onteigende gronden van de huidige kazerne. Er werd een betonnen schietstand gebouwd en zolang de kazernegebouwen niet voltooid waren, logeerden de artilleristen tijdens de schietperioden in tenten.
    Gaston Couler besloot zijn Cristal Palace vijftig meter meer achteruit te plaatsen om er 's winters en 's zomers te kunnen blijven. De soldaten bleken immers goede klanten zowel voor wat drank als eten betrof.. Hij trok met zakken bier en limo de duinen in om de dorstige werklui te laven. Tijdens zijn vrije dagen loste zijn zoon Jerome hem af.
    De rust van de toeristen werd wel erg gestoord door ’t ratelen van de mitrailleusen of ’t gebulder van de kanonnen, die mikten op de ‘zak’ van een ronkende vlieger. Maar ze bleven toch naar hun geliefd “Lombardsijde-Bains” komen. 
    Cristal Palace kreeg natuurlijk wel concurrenten: Alex Maene, Vercnocke, Lucien Hessel plaatsten ook een brakke of een frietkraam maar iedereen had toch het hele jaar zijn handen vol.
    Zelfs na zonsondergang bleef de barak open want toen waren de militairen vrij van dienst. Er werden een paar petroleumlampen opgehangen en de tafels van de kaarters werden verlicht met kaarsen. Werd het kouder, dan werd een grote kolenkachel in ’t midden van ’t café geplaatst. 

    De laatste dagen van Cristal Palace I
    1940! WO II brak uit. De familie Coulier vluchtte over de IJzer naar Oostduinkerke. Tien dagen later – reed Jerome naar de Cristal, maar hij mocht van de Duitsers niet meer binnen! Geen maand later was er van de brakke niets meer te zien: de gevelpanelen overdekten smalle loopgraven, waar bovenop ‘vaderlanders’ (zandzakjes) gelegd werden.
    ’t Cristal was van de aarde weggeveegd!, tot zijn groot verdriet.

    (Wordt vervolgd)


    Bronnen
    CONSTANDT M., Het toeristisch verhaal van Westende en Lombardsijde, Middelkerke, 1988.
    Lombardsijde graag gezien’ De Oudste prentkaartenuitgegeven door ‘De klaproos’ en verzameld door Jules en Berthe Callenaere-Dehouck en Siegfried Debaeke postkaarten 55,70
    Lombardsijde-bad in de Belle Epoque’ door Marc Constandt
    Toeristisch verhaal van Westende en Lombardsijde’ door Marc Constandt
    100 jaar toerisme ‘Een eeuw vakantie in West-Vlaanderen’ door Marc Constandt
    ‘Lombardsijde in de Branding’ 1914-1920 door René Coulier
    ‘Lombardsijde – 7 eeuwen historiek’ door Eddy Viaene
    Wikipedia

    06-06-2016, 09:43 Geschreven door stammer
    Reageren (0)


    Categorie:Dijk en Strand
    30-05-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Fusioneren? Geen sprake van!

    In een nieuwe studie van het Vlaams Instituut voor Economie en Samenleving aan de KU Leuven (Vives) wordt een voorstel naar voren geschoven om het aantal Vlaamse gemeenten te verminderen van 308 tot 152. In West-Vlaanderen zouden er nog 27 overblijven van de 64.
    Een gemeente met minder dan 15.000 inwoners zou volgens de studie van VIVES moeten fuseren/ fusioneren met een grotere, zeker als er veel mensen uit die kleine gemeente gaan werken naar de grotere buurgemeente. VIVES maakte gebruik van data over het aantal pendelaars om te berekenen hoeveel en welke gemeenten zouden kunnen fuseren.
    De gemeenten in onze regio zijn bijna allemaal tegen een fusie. Enkel de burgemeester van Oostende en natuurlijk die van Koksijde met zijn klassieke onmetelijke drang naar expansie, zijn er voorstander van. Deze laatste vindt zelfs dat de studie nog niet ver genoeg gaat. Hij zou ook nog Nieuwpoort willen inpalmen.

    Zo zouden de gefusioneerde gemeenten er uitzien.

    Groot-Middelkerke
    Het ‘kleine’ Nieuwpoort zou dus opgeslorpt, geannexeerd, ingelijfd moeten worden door het ‘grote’ Middelkerke. Toch staan ze ook hier niet te springen voor het idee. "We zijn wel voorstander om nauwer samen te werken met Nieuwpoort, maar we zijn niet overtuigd dat een fusie kostenbesparend zou werken", zegt burgemeester Janna Rommel-Opstaele.
    Dat verwondert mij wel een beetje, gezien de tomeloze eerzucht die ze gewoonlijk koestert.
    Ziehier hoe de nieuwe gemeente er zou uitzien.

    Inwoners
       2015
    Oppervlakte
          km²
    Middelkerke  19.302      75,5
    Nieuwpoort  11.411      31,0
    Groot-Middelkerke  30.713    106,65

    Ziehier een voorsmaakje: mijn voorstel voor een logo van de fusiestad. Misschien wordt dat wel de ‘torenstad’!

    Wat wil de Vlaamse regering eigenlijk juist?
    De Vlaamse Regering streeft naar sterke lokale besturen. Schaalvergroting van gemeenten is een manier om dat te realiseren. Lokale gemeenten die vrijwillig willen fuseren worden gestimuleerd en ondersteund. De krijtlijnen voor dit beleid werden vastgelegd in een conceptnota die goedgekeurd werd op 17 juli 2015.
    Die krijtlijnen werden nu verankerd in een voorontwerp van decreet (eerste principiële goedkeuring) waarin volgende stimuleringsmaatregelen worden uitgewerkt:
    • een fusiebonus onder de vorm van een schuldovername ten belope van 500
      euro schuld per inwoner voor gemeenten die fuseren op 1 januari 2019 met een
      maximum van 20.000.000 euro

    • een uitbreiding van de waarborgregeling van het Gemeentefonds zodat de nieuwe
      gemeente niet minder zal ontvangen dan de som van de aandelen van de samen te
      voegen gemeenten;

    • de mogelijkheid om tijdelijk een groter aantal schepenen te voorzien voor de
      fusiegemeente.

    In juli 2016 moeten er reeds politieke beslissingen vallen over concrete fusies. In september van datzelfde jaar starten de lokale voorbereidingstrajecten. In oktober 2018 zijn er de gemeentelijke verkiezingen en in januari 2019 starten de eerste fusiegemeenten.
    Wensen jullie daar meer over te lezen?
         Conceptnota van 17 juli 2015
         Voorontwerp van decreet houdende de regels voor de vrijwillige samenvoeging van gemeenten (eerste
             principiële goedkeuring door de Vlaamse Regering op 18 december 2015)
        Memorie van toelichting bij het decreet houdende de regels voor de vrijwillige samenvoeging van
             gemeenten
        Toelichtende nota
        Bestuurskrachtmonitor en ondersteuningsaanbod


    Hebben hun pogingen enig resultaat opgeleverd?
    Van het dertigtal gemeenten dat geïnteresseerd was in een zelfevaluatie, kregen er negentien een brief in de bus. 
    Zij kregen groen licht om deels op kosten van de Vlaamse regering de komende weken en maanden grondig geëvalueerd te worden. Die evaluatie moet de voordelen aantonen van een verregaande samenwerking of eventuele fusie met de buurtgemeenten. Het is met andere woorden de eerste concrete aanzet naar een mogelijke vrijwillige gemeentefusie in de toekomst.

    Deze 19 gemeentes zijn Schilde, Sint-Katelijne-Waver, Essen, Heist-op-den-Berg, Wijnegem, Borsbeek, Puurs, Ranst, Hemiksem (Antwerpen), Zutendaal, Meeuwen-Gruitrode (met Opglabbeek), Neerpelt (Limburg), Kaprijke, Eeklo, Knesselare, Wachtebeke (Oost-Vlaanderen), Tienen. Londerzeel (Vlaams-Brabant), Diksmuide
    Diksmuide is dus de enige West-Vlaamse.

    Resultaten in het ‘Gemeenterapport’ over fusies na bevraging van Middelkerkenaars en Nieuwpoortenaars (in %)

    Middel-
    kerke 
    Nieuw-
    poort

    Wil u uw gemeente laten fuseren?
    Ja, met grotere gemeentes
    Ja, met kleinere gemeentes
    Neen, NIET fuseren


    Redenen tegen fusie

      10,1
        2,5
      59,7

        2,8
        5,2
      64,6
    Mijn gemeente/stad is reeds groot genoeg  61,7  60,8
    De identiteit van mijn (deel)gemeente/buurt zal verloren gaan door de fusie  35,3  17,0
    Een kleine gemeente heeft beter zicht op de problemen op het terrein  26,1  30,8
    Bovenlokale samenwerking moet aangemoedigd worden in plaats van fusie  25,4   6,1
    Er zijn nu al veel problemen die niet worden aangepakt, wat gaat dat zijn als we nog groter worden?  22,0  12,8
    De stem van de inwoners van mijn buurt zal minder belangrijk worden in een groter geheel  21,6  29,6
    We gaan ons verder moeten verplaatsen voor bepaalde dingen  21,2  21,4
    Fusies van gemeentes zal enkel leiden tot meer conflicten  15,7  27,6
    Andere reden  12,8  11,8
    We gaan niet meer meetellen in een groter geheel

    Redenen voor een fusie
     12,1  15,9
    Een grotere gemeente kan beter de problemen aanpakken  60,9  22,9
    Er zal een grotere organisatie ontstaan die meer kwaliteit kan bieden  52,8  33,9
     Provincies kunnen afgeschaft worden als de gemeentes groter worden  50,5  22,9
    We zullen meer meetellen als we een grotere gemeente /stad zijn  39,7   0
    Het zal helpen om het aantal ambtenaren te verminderen  28,8  18,9
    We zullen als burger meer waar krijgen voor ons geld  26,7  22,9
    Fusie zal zorgen voor meer budgetten voor de nieuwe gemeentes/steden  23,6  54,2
    Mijn gemeente/stad mag groter worden    5,2  43,2
    Andere reden    5,2  35,3

    Als je de cijfers op een gele achtergrond bekijkt, zou je haast denken dat men in Middelkerke wel een fusie wenst!

    Wat stellen wij vast na 39 jaar fusie tussen Middelkerke en Westende?
    De fusie Middelkerke - Westende heeft duidelijk gemaakt wat er na een fusie zo allemaal gebeurt.
    Alle gemeentediensten zijn gecentraliseerd in Middelkerke. Dat geldt niet enkel voor het gemeentehuis, maar ook voor de politie, het OCMW met rusthuis ‘De Ril’, het gemeentepark, de brandweer, de technische diensten en het containerpark.
    Men kan rustig stellen dat de centralisatie algemeen is. Neem nu de sport: de sportinstallaties (zwembad, sportpark ‘De Krokodiel’, zaal ‘De Branding’), sportploegen (zoals jeugdvoetbal, volleybal, enz, sportmanifestaties (zoals Noordzeecross, proloog en start Driedaagse)

    Ook de cultuuractiviteit speelt zich vooral in de kerngemeente af: de bibliotheek (luxegebouw in Middelkerke tegenover kleine aanhangsels in de deelgemeenten) en de culturele centra (toneel, zangkoor, muziekschool, stripfestival, feestzaal, …).

    Ook de private dienstverlening situeert zich in de kern: de markten (donderdagmarkt en boerenmarkt op zaterdag), kind en gezin, de postdiensten (enkel nog een kantoor in de kerngemeente), de shoppingzone en -centra uitgezonderd een Okay en een Delhaize), grote firma’s, ….

    Op Janna na (Leffinge) zijn de opeenvolgende burgemeesters (Inghelram, Desseyn, Verlinde, Landuyt) steeds van Middelkerkse oorsprong geweest. De politici van de deelgemeenten, veel minder in aantal, kunnen niet optornen tegen de overmacht van de talrijke Middelkerkenaars (bovendien ook nog een familieclan!) en wensen/ durven dat vaak ook niet.
    Het is moeilijk om daar verandering in te brengen … als de politici van deelgemeenten geen gunstiger plaats krijgen op de lijst!

    Er bleef dus na de fusie niets over in de deelgemeenten! Zo gaat het meestal!

    Welke zijn de voor- en nadelen van een fusie? (verzamelde meningen van internet gehaald, die niet reeds of onvolledig aangehaald werden in gemeenterapport
    Voordelen
    1. De hogere overheid kan beter een kleiner aantal gemeenten beheren. Er kunnen meer
        bevoegdheden van Vlaanderen naar de gemeenten overgeheveld worden.
        De provincies zouden kunnen afgeschaft worden.

    2. Er zijn minder intergemeentelijke samenwerkingsregelingen nodig.
    3. De spreiding van de kosten van diensten of processen over meer burgers, doet de
        kosten per eenheid dalen.

    4. Meer budget betekent meer ruimte voor bestuurlijke ambities. Het wegennet, ook in
        de schaars bevolkte landelijke gemeenten, kan verbeterd worden.

    5. De bestuurlijke drukte in een regio neemt af doordat minder gemeenten aan tafel
        zitten.

    6. Grotere lokale overheden kunnen meer gewicht in de schaal leggen. De kans dat je als
        grote stad wordt gehoord in ‘politiek Brussel’ is groter.

    7. Het totaal aantal bestuurders neemt af wat de bestuurslasten doet dalen.
    8. Het aantal ambtenaren op een afdeling stijgt waardoor ook een betere
        arbeidsverdeling mogelijk wordt. Vervanging bij afwezigheid bij verlof en ziekte is
        soepeler. De diensten blijven continu verzekerd.

    9. De vorming van het personeel kan verbeterd worden. Specialisatie wordt mogelijk.
        De capaciteit en de competentie zullen stijgen. Daardoor kan een betere en
        efficiëntere dienstverlening aangeboden worden.

    9. Nieuwe of complexere opdrachten en uitdagingen, die tijdens de afgelopen jaren
        ontstonden, kunnen doeltreffender vervuld worden. Denk bijvoorbeeld aan de
        organisatie van kinderopvang, cultuur, jeugd, sport, mobiliteit, erfgoed,
        duurzaamheid, ontwikkelingssamenwerking, vergrijzing, enzovoort.

    Nadelen
    1. Een gemeentebestuur kan beter een kleiner aantal deelgemeenten beheren.
    2. Deelgemeenten zijn na de fusie minder of zelfs niet vertegenwoordigd in de gemeenteraad
    3. Aangehechte gemeenten verliezen aan belang en uitstraling.
    4. Een groot stuk van de fierheid die de inwoners vroeger koesterden voor hun gemeente valt
        weg.

    5. Intergemeentelijke samenwerking, bijvoorbeeld voor brandweer, huisvuilverwerking en
        politie, 
    zodat op die vlakken hetzelfde kon bereikt worden als bij een fusie.
    6. Fusies doen de bestuurlijke ambities alleen maar stijgen.
        Stijgende ambities kunnen na fusie uitlopen op bestuurlijke grootheidswaan. Het maatgevoel
        daalt. 
    Fusies leiden vaak direct tot de roep om een nieuw, meestal duur gemeentehuis.
    7. Fusies zijn niet kostenbesparend, in het beste geval verbetert enkel de kwaliteit
    8. Een financieel gezonde gemeente heeft geen fusie nodig om zich te verbeteren.
    9. Fusie leidt niet tot belastingverlaging voor burgers of dalende ambtelijke kosten. Er wordt
        niemand 
    ontslagen.
    10. Schaalvergroting brengt een zeker democratisch probleem met zich mee. De afstand burger
          – 
    bestuur neemt toe en velen vrezen dat hun stem niet meer gehoord zal worden.
          De inwoners voelen 
    zich in een grote gemeente minder betrokken. Het vertrouwen in het
          gemeentebestuur daalt. 
    Er bestaan minder contacten omdat men elkaar niet kent.
    11. Het is een bekend gegeven dat voorbij 30.000 inwoners de politieke participatie van burgers
          daalt

    12. Fusies leidt tot een rupsje-nooit-genoeg syndroom: gemeenten blijven na fusie ook weer te
          klein 
    voor bepaalde kwesties (en te groot voor een ander). De ene goede schaal bestaat
          namelijk niet. 
    Fusie is per definitie een ‘Unvollendete’. Na fusie zullen nieuwe pleidooien
          voor fusie volgen.


    Nog enkele persoonlijke reflexies
    Er wordt gezegd dat er best een goede basis voor een fusie bestaat tussen twee kandidaat-gemeenten en dat beide best nu reeds verbonden zijn door een druk werkverkeer.
    Dat is zeker niet het geval tussen Middelkerke en Nieuwpoort. Men zou zelfs kunnen zeggen dat het elkaars tegenpolen zijn, op veel gebieden: geschiedenis, mentaliteit, politieke voorkeuren, erfgoed, …

    Stel u voor ‘u woont in de Simili in Nieuwpoort-bad en u moet naar het gemeentehuis in Middelkerke!!!!!' Een klein reisje!

    Kunnen jullie zich de markt in Nieuwpoort voorstellen zonder stadhuis?

    Werd er rekening gehouden met het feit dat de bevolkingsaantallen van Middelkerke en Nieuwpoort in de zomer en steeds meer ook tijdens de schoolverloven en de weekends vermenigvuldigd worden?

    Wordt Middelkerke dan ook een stad als er een fusie komt met de stad Nieuwpoort?

    Ik hernieuw mijn voorstellen voor een volgende fusie
    Westende, Lombardsijde, Mannekensvere, Sint-Pieterskapelle en Schore zouden bij Nieuwpoort kunnen aansluiten terwijl Middelkerke , Wilskerke, Slijpe en Leffinge bij Oostende kunnen gevoegd worden.
    Dat is een fusie die rekening houdt met de intenties van de Vlaamse regering maar ook met de fouten van de vorige fusie en die meer inspeelt op factoren zoals affiniteit tussen inwoners, afstand naar kern.
    Waarom Groot-Middelkerke en NIET Groot-Nieuwpoort? Of anders de naam veranderen in Middelpoort of Nieuwkerke-aan-zee? Het centraal gelegen Westende zou toch minstens in de naam moeten opgenomen worden. Wat denken jullie van Westmiddelpoort?

    Besluit
    Ik heb het onderwerp bewust wat luchtig opgevat. Het zal jullie wel duidelijk zijn dat ik een hevig tegenstander zou zijn van een gebeurlijke fusie Middelkerke - Nieuwpoort.

    Mijn vorige artikels over het onderwerp
    14.3.2010 “Koude oorlog tussen Westende en Lombardsijde, gevolgd door fusie in 1971
    24.7.2010 ‘Waarom mocht Westende in 1976 niet zelfstandig blijven?
    22.8.2010 ‘Kunnen we na 33 jaar spreken van een gelukkig huwelijk tussen Middelkerke en Westende?


    Bronnen
    Artikel van LEEN BELPAEME, TIMMY VAN ASSCHE: ‘FUSIONEREN? GEEN SPRAKE VAN” http://www.arnokorsten.nl/PDF/Bestuurskracht,%20Gemeente/Voordelen%20en%20nadelen%20van%20fusie.pdf
    http://feb.kuleuven.be/VIVES/publicaties/briefings/BRIEFINGS/briefing-10072014.pdf

    30-05-2016, 00:00 Geschreven door stammer
    Reageren (0)


    Categorie:Fusies
    23-05-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is: vinkenzetting in Lombardsijde

    Een vinkenzetting? Al veel over gehoord maar nog nooit meegemaakt! Jullie wel? Toen ik vernam dat er één zou gehouden worden op een boogscheut van mijn voordeur, mocht ik die gelegenheid niet missen. Op 14 ,15 en 16 mei 2016 organiseerden de paradijsvogels uit Veurne namelijk 3 vinkenzettingen in Lombardsijde.


    Wat houdt dat eigenlijk in?
    Een vinkenzetting, kortweg zetting genoemd, is een wedstrijd waarbij de vinkeniers (vinkenhouders) gedurende een uur het aantal liedjes van de vink tellen.
    Deze wedstrijden worden in de periode tussen 1 april en 31 augustus georganiseerd. Dan zingen de mannetjes namelijk om het hardst om zo hun territorium te verdedigen en wijfjes (de "popjes") te lokken. Het liedje duurt maximaal vijf seconden en de mannetjes herhalen het gemakkelijk tot tien keer per minuut.
    Bij het begin van een vinkenzangwedstrijd, wordt met een vlag gezwaaid als signaal: “Teken de geldige zangen!”. Een uur later wordt opnieuw met de vlag gewapperd om aan te geven dat de wedstrijd beëindigd is.
    De zetting zelf verloopt volgens een bepaald stramien. Eerst brengen de vinkeniers hun gekooide vinken ‘in reke’. Dat betekent dat ze de kooien met de vogels op een rij zetten op een afstand van ongeveer 2m40 van elkaar, de vinkenier telkens dat mogelijk is, kijkend naar de zon, wind in de rug. Bij een wedstrijd is het de bedoeling dat een vink zoveel mogelijk geldige fluitsignalen (liedjes) laat horen. Telkens de vogel een liedje zingt, maakt de zetter met een krijtje een aantekening op een zwarte houten telstok, die ook wel de ‘regel’ wordt genoemd en die 800 streepjes kan bevatten.

    De vinkenier gaat voor de kooi zitten rechts van zijn eigen vogel, luistert en noteert de geldige zangen. Hij moet dus de slagen van de vink van zijn gebuur noteren. Alhoewel alles gebaseerd is op vertrouwen, heeft hij/zij tezelfdertijd een zekere controle over het tellen van de liedjes van zijn/haar eigen vogel.
    De vink die in 1 uur tijd de meeste liedjes zingt, wint de wedstrijd. Enkel liedjes die op de juiste manier gezongen worden, zijn geldig. Het gezongen lied moet volledig zijn en eindigen op suskewiet (dit gedeelte wordt de vinkenslag genoemd).


    Aan sommige wedstrijden nemen meer dan 1000 deelnemers deel. Dergelijke wedstrijd kan dan ook erg indrukwekkend zijn en voor buitenstaanders een bevreemdend schouwspel vormen. Met de zetting is geen winstbejag gemoeid. Het winnen van een felbegeerde titel in de vinkensport brengt weinig, of zelfs geen geld in het laatje. De vinkenier gaat meestal met een ruiker of een beker naar huis. Er wordt dus vooral om de eer gespeeld. Een titel geeft de zetter wel aanzien bij de andere vinkeniers. Bovendien is het uniek dat er in de eerste plaats op vertrouwen wordt gespeeld. De deelnemers moeten er van uitgaan dat hun concurrenten niet vals spelen. Vriendschap staat hier dan ook hoog aangeschreven. De buitensporige bedragen die bijvoorbeeld in de duivensport neergeteld worden, komen in deze sport niet voor. Vinkeniers kweken hun vinken zelf of kopen ze voor een klein bedrag. Soms worden er ook vinken geruild.

    Geschiedenis
    De vinkensport is een Vlaamse volkssport met een eeuwenlange traditie.
    Ze is ontstaan uit de vroegere vogelvangersgilden uit de Middeleeuwen. Om (roof)vogels te vangen werden goede lokvogels ingezet. Buiten het vangseizoen werden deze in gevangenschap gehouden tot de volgende vangstperiode. De vogelvangers startten met het houden van wedstrijden om te bepalen welke lokvogels het snelste konden zingen. De eerste grote vinkenzettingen in Vlaanderen vonden plaats in de 16e eeuw en werden slechts eenmaal per jaar gehouden. Eén van de vroegste vermeldingen dateert uit 1593 over een vinkeniersgilde in Ieper .

    Vanaf de 17de eeuw nam het aantal vinkeniers sterk toe. Vinkeniersgilden waren aanvankelijk vooral een stedelijk fenomeen, omdat het vangen van vogels op het platteland sterk aan banden lag. Vanaf de 19de eeuw werd de vinkensport ook op het platteland zeer populair. Veel vogelsoorten (spreeuwen, leeuweriken, enz.) werden vroeger enkel gevangen om op te eten. Met de vinken was dat echter niet het geval: de gilden vingen ze uitsluitend om vinkenzangwedstrijden te kunnen houden. Met de populariteit van de vinkensport nam ook het aantal vinkenierslokalen sterk toe vanaf de 19de eeuw. Velen waren traditioneel verbonden aan volkscafés.

    De vinkensport vandaag
    De vinkensport valt onder het ministerie van cultuur en van de cel cultureel erfgoed
    De sport is vooral populair in West-Vlaanderen en delen van Oost-Vlaanderen. Naar schatting zijn er nog zo’n 13.000 vinkenzetters actief. Vooral A.Vi.Bo (Koninklijke Nationale Federatie Algemene Vinkeniersbond) behartigt de belangen van de vinkeniers. Ze stellen uniformiteit in hun sport voorop. Sommige verenigingen, die een lokale variant van de vinkensport beoefenden, konden zich niet vinden in de reglementering die Avibo opstelde. Zo kwam er in de jaren 1970 een afsplitsing, Vi.Mi.Bel (Vinkeniers Midden-België), die zo’n 700 leden telt. .De individuele vinkenzetters zijn gegroepeerd in vinkenlokalen of maatschappijen. Sommige van die verenigingen bestaan al sinds de 19de eeuw. Voorbeelden daarvan zijn “Verheugd in de Zang” uit Aarsele (°1838), “De Lustige Zangers” uit Ardooie (°1897), “Niet Rijk Maar Recht” uit Meulebeke (°1849) en “De Paradijsvogels” uit Veurne (°1840). De verenigingen staan in voor de organisatie van de wedstrijden. De vinkeniers hebben via de vereniging contact met elkaar en blijven na de vinkenzetting vaak nog wat hangen om bij te praten en ervaringen uit te wisselen.

    Hoe zien de vinken eruit?
    De vink (Fringilla coelebs), die de grootte heeft van een mus, wordt ook wel botvink, boekvink of charlotte genoemd. Het is een zangvogel die bekend staat om zijn strijdlust.
    Je kan twee verschillende groepen botvinken onderscheiden. Enerzijds is er de inheemse boomgaardvink, anderzijds de trekvink. Die laatste zoekt in de herfst vanuit de stamgebieden in Noorwegen, Zweden, Rusland, Finland, Denemarken en Duitsland warmere oorden op. Het opmerkelijkste verschil tussen de twee groepen ligt in de zang. Het liedje van de boomgaardvink eindigt steevast op "sieskewiet" of "suskewiet". Een vink wordt daarom in de volksmond ook wel een ‘suskewiet’ genoemd.
    Alle vinken zijn gekenmerkt door een dubbele witte vleugelband en witte buitenste staartpinnen.
    Mannelijke vinken zingen het mooiste lied en hebben ook de mooiste kleuren. Ze hebben een blauwgrijze kop en roodbruine wangen. De onderzijde is wijnrood, de achterhals en een deel van de zijhals zijn leiblauw en het voorhoofd is zwart.

    Het vrouwtje is bruiner en de onderzijde is licht grijsbruin, de rug is olijfbruin.

    De liedjes van de vink
    Trekvinken hebben een gezang dat eindigt op "weeuw" of "beeuw". De zang van de inheemse boomgaardvink wordt door de vinkeniers ook wel "Vlaamse zang" genoemd. Alles wat daarvan afwijkt, wordt "Waalse zang" genoemd. "Waals" verwijst hier niet naar Wallonië, maar naar het Oudnederlandse woord voor alles wat vreemd en uitheems is.
    Jonge vinken kunnen het liedje leren door te luisteren naar een ervaren oudere vink. Heel wat vinkeniers leren de liedjes echter aan door een compact disk met het liedje te laten afspelen in de nabijheid van de kooien.

    Blinde vinken
    Vanaf de 19de eeuw tot aan het begin van de 20ste eeuw werden wedstrijdvinken doorgaans blind gemaakt, omdat er van uit gegaan werd dat ze dan beter konden zingen. Het blinden van vinken gebeurde door de oogleden van de dieren dicht te schroeien. De ingreep was meestal omkeerbaar, maar allesbehalve diervriendelijk. In 1920 maakte de overheid dan ook een einde aan dit gebruik. Het verbod werd ingegeven door protest van oud-strijders, die tijdens WOI blind waren geraakt bij gasaanvallen aan het oorlogsfront.

    Vinken vangen
    Het vinkenzetten was traditioneel verbonden aan het vangen van vinken. Dat heeft niet alleen met de zangwedstrijden op zich te maken, maar ook met het feit dat vinken kweken geen sinecure is. Ieder jaar moesten er dus nieuwe vinken uit de natuur komen om verder te kunnen kweken. Lange tijd mochten de vinkenbonden Avibo en Vi.Mi.Bel vinken vangen volgens bepaalde quota. Om te kunnen kweken, moesten er vooral voldoende vrouwelijke vinken gevangen worden. Sinds 2003 is de vinkenvangst verboden. Om het aantal vinken op peil te houden en zo de vinkensport te behoeden voor de teloorgang, worden er nu kweekprogramma’s voor vinken opgezet.

    Kooi
    Een vinkenier zorgt er voor dat zijn vinken thuis in een volière over voldoende bewegingsvrijheid beschikken. Enkel tijdens de wedstrijden wordt een vink tijdelijk in een kleine kooi of ‘renne’ opgesloten. Na het verbod op het blinden van de vinken kwam er een nieuw kooitype in gebruik, dat tot op de dag van vandaag in gebruik is. Die kooi is geblindeerd door melkglas zodat de vink er enkel licht en donker in kan onderscheiden en niet afgeleid wordt. In het duister kan het diertje zich ongestoord volop toeleggen op het zingen van zo veel mogelijk liedjes. (in de volkstaal wordt dit ook wel kwinkelen, schuifelen of vedelen genoemd Er wordt ook voor gezorgd dat er voldoende luchtcirculatie in de kooi is. ).

    Op onderstaand filmpje zien jullie een gekooide vink en kunnen jullie talloze liedjes beluisteren.
    https://www.youtube.com/watch?v=cTzSRKrKB_w

    Vinkenzetten: een passie
    Het vinkenzetten is een intensieve bezigheid: een vinkenier moet eerst heel wat tijd en moeite in zijn vinken investeren voor hij de vruchten van zijn arbeid kan plukken. Eerst moeten de dieren gekweekt, goed gevoed en ‘opgeleerd’ worden. Net zoals in de duivensport besteedt een vinkenier veel aandacht aan de verzorging van zijn vogels en geeft hij ze een naam. Pas na enkele jaren zingt een vink op volle kracht om te kampen in de wedstrijden. Vinkeniers raken in die tijd dan ook echt gehecht aan hun dieren. Vroeger werden er soms zelfs overlijdensberichten geplaatst in het contactblad van de vinkeniers als een goede zangvogel stierf.

    Familietraditie
    Vaak is het houden van vinken en het spelen met vinken een familietraditie. De meeste vinkenzetters leerden het vinkenzetten als kind en geven de kennis en de passie vandaag door aan hun eigen kinderen of kleinkinderen. Omdat vinkenzetten geen kracht of uithouding vergt, vinden vele actieve ouderen/gepensioneerden het een aangenaam tijdverdrijf. Net zoals in de meeste volkssporten zijn vrouwen ook bij het vinkenzetten in de minderheid, al neemt hun aantal en invloed wel toe.

    De paradijsvogels uit Veurne organiseerden in Lombardsijde
    De zettingen vonden plaats in de Bamburgstraat te Westende. Inschrijven kon in de voetbalkantine van SC Lombardsijde.
    Ziehier het volledig programma
    Zaterdag 14 mei: zetting om 9 uur, inschrijving vanaf 07u15.
    Prijzen:
    Kleine attentie voor iedere deelnemer bij de inschrijving
    100 euro vooruit + de inleg en ongeveer 50 euro natura
    Onder de leiding van Alain Calcoen, voorzitter van ‘De Paradijsvogels’ met Belgische vlag in de hand, trotseerden 29 dappere vinkeniers, waarvan één uit Westende-bad en één uit Lombardsijde de ijzige koude en de wind. Er waren er zelfs die op geen kilometer keken om deel te nemen, namelijk uit Wervik, Roeselare, Meulebeke, Denderhoutem, Jabbeke, Zerkegem, Lebbeke, …Er waren ook twee vrouwelijke deelnemers.
    Natuurlijk durfde ik geen kik geven om de vogels niet te storen in hun gezang. Alain keek daar trouwens streng op toe.

    De trofee werd uitgereikt door schepen Bart Vandekerckhove.

    Zondag 15 mei om 16 uur: de grote prijs ‘Jean-Marie Dedecker en Alain Calcoen’.
    Prijzen: 150 euro vooruit + de inleg en 350 euro natura..
    Winnaar ontving een trofee uit handen van Jean-Marie Dedecker.
    Na de zetting werd de innerlijke mens versterkt.


    Maandag 16 mei om 9 uur: grote prijs ‘Gebroeders Chris en Lucien Niville uit Westende’.
    Prijzen:
    100 euro vooruit + de inleg en 50 euro natura.
    Winnaar ontving een trofee uit handen van de Niville Brothers.
    Elke dag ontving de eerste vrouw een prachtig juweeltje terwijl er tevens een prijs voorzien was voor de eerste jeugdspeler met eigen speelkaart.
    Er werd een globale rangschikking opgemaakt van de 3 zettingen. De winnaar van de driedaagse was Daniël Pieters uit Oostduinkerke. Eerste Middelkerkenaar was Arthur Coopman. De eerste 5 van die rangschikking ontvingen een prijs. Men was niet verplicht om met dezelfde vogel deel te nemen.

    Het bestuur van de paradijsvogels Veurne dankte het gemeentebestuur van Middelkerke en het bestuur van voetbalclub SC Lombardsijde en alle sponsors: Jean-Marie Dedecker, Immo S Westende, Bart Vandekerckhove Middelkerke, Sanitair Eddy Deroo Middelkerke, gebroeders Niville Westende, Ressen Nelly Genk, Argenta Lombardsijde, Jan Gebert Middelkerke, Coopman Arthur en dagbladhandel Laetitia Lombardsijde.


    Bronnen
    http://www.lecavzw.be/tradities/rituelen/vinkenzetten
    Facebookpagina Alain Calcoen

    23-05-2016, 00:00 Geschreven door stammer
    Reageren (0)


    Categorie:Erfgoed
    16-05-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Middelkerke: Mogen wij onze mening nog uiten? Is ‘democratisch’ handelen nog wel aan de orde? Krijgt de burger inspraak?

    Er gebeuren de laatste tijd rare dingen! Ik hoorde althans allerlei klachten over ‘doofpotoperatie’, geen inspraak’, ‘ondemocratisch’, ‘… Er hebben zich inderdaad enkele incidenten voorgedaan die tot diep nadenken stemmen en die zouden moeten leiden tot een ernstig gewetensonderzoek door onze politici. Zowel op federaal, Vlaams of gemeentelijk vlak. Dat is natuurlijk geen verschijnsel van deze tijd alleen. Machtsmisbruik, miskenning van minderheden en andere ‘fraaie’ houdingen ten opzichte van oppositieleden hebben zich natuurlijk al altijd voorgedaan en zullen zich zo goed als zeker altijd blijven voordoen.
    In het ene land natuurlijk wat meer dan in het andere, maar … wij doen goed mee … en Middelkerke doet in Vlaanderen voor niemand onder.


    Een slechte start van de Open VLD begin 2001
    De Open VLD kwam begin 2001 aan de macht en hun start was een knaller. Ik geef toe dat de vestiging van een asielcentrum in ‘Zon en Zee’ een harde eerste noot was om te kraken.
    Michel Landuyt en zijn volgelingen hebben zich van meet af aan gemanifesteerd als arrogante bestuurders die weigerden te luisteren naar de Westendenaars die een resem aan bezwaren van allerlei aard hadden tegen dat asielcentrum. Er bestond nochtans geen enkele twijfel over dat het verdwijnen van een bloeiend vakantiecentrum zware, misschien zelfs onoverkomelijke, gevolgen zou hebben voor de toeristische aantrekkelijkheid van Westende-dorp en dus ook voor de bloei van de lokale handel. Het ging niet alleen over miskenning van een paar duizend inwoners maar in hun arrogantie en aangevoerd door een advocaat, die toch beter had moeten weten, weigerden ze te erkennen dat de vestiging van zo’n centrum in een zone voor verblijfsrecreatie onwettelijk was.
    Ik heb mij verschillende jaren afgevraagd waarom het gemeentebestuur niet eens het initiatief nam om samen te gaan zitten met het actiecomité om na te gaan welke stappen konden gezet worden om de woede van de inwoners te temperen en tegemoet te komen aan enkele verzuchtingen van de actievoerders. IJdele verwachting!
    Ze hadden schrik om uit de boot te vallen als minister Johan Vande Lanotte geschenken zou uitdelen en daarom verkozen ze diens mouw te vegen en onder één hoedje te spelen met de al even arrogante en daarom door velen gehate directrice, goeie vriendin trouwens van Johan.
    Het eerste optreden als verantwoordelijke partij van de Open VLD kan dus niet anders genoemd worden dan ‘mislukt’, ‘tegendraads’, ‘onsympathiek’ en ‘weinig goeds belovend’.


    En daar bleef het inderdaad niet bij
    Je zou kunnen en moeten denken dat ze nu wel hun lesje geleerd hadden en dat ze iets goed te maken hadden, maar neen …
    Ze volhardden in de ‘boosheid’ en dat hebben we in de voorbije 15 jaar menig keer aan de lijve ondervonden.
    In een eerste legislatuur was er slechts een nogal lauwe oppositie die op de klassieke uitzonderingen na, weinig weerstand bood en die het niet erg in zich had om tegen te spreken, kritiek uit te oefenen of klacht in te dienen.
    De twee schepenen van het Progressief Kartel die van 2001 tot 2006 deel uitmaakten van het college, zullen misschien nog diegene geweest zijn die het meeste weerwerk boden. Ze zijn er niet voor beloond geweest en hun initiatieven mochten slechts op weinig steun rekenen van hun college-collega’s.
    In de tweede legislatuur is de oppositie van een heel andere aard.
    De lijst Dedecker (7 zetels) en het Progressief kartel (2 zetels) en af en toe de onafhankelijken (2 zetels), dat zijn in totaal 11 zetels, moeten natuurlijk optornen tegen een Open VLD – CD&V meerderheid van 14. Het hemd is altijd nader dan het rokje, natuurlijk, en een oppositie krijgt nooit geschenken. Om hun onafhankelijkheid te bewaren mogen ze er volgens mij ook niet voor solliciteren. Maar dat doen ze ook niet!
    Vooral de lijst Dedecker maar ook het Progressief Kartel werpen zich vaak op als ‘waakhond’.


    Hierna vinden jullie een aantal agendapunten waarop tegenstemmen van de oppositie volgden die echter genegeerd werden. Er zijn er zeker nog meer.
    --achterstallige taksen op de automatische spelen te betalen door de concessiehouder 
           van de 
    casino
    -huren tussentijdse locatie casino in ‘kasteel Middelkerke’
    -verzelfstandiging van de gemeentelijke verenigingen
    -verdwijnen van ‘Zomerhit’
    -de beslissing om het ambt van OCMW-secretaris niet open te stellen maar te laten
         invullen 
    door de gemeentesecretaris
    -erfpacht van de Calidris
    -vraag om de gemeenteraden te streamen
    -onregelmatige toewijzing van de uitbating van de Westendse kerstmarkt
    -verkiezing van het bestuur en van de leden van de vzw Toerisme
    -overtreding tegen artikel gemeentedecreet of tegen huishoudelijk reglement
    -goedkeuren huishoudelijk reglement
    -niet bijeenroepen van commissie algemeen beleid
    -postregistratie
    -weren van mensen met grote expertise in commissie ruimtelijke ordening
    -oprichten van nutteloze interlokale vereniging CollaboRegio
    -goedkeuring uitvoeringsplan bedrijfsterrein
    -toekenning van subsidies
    -gemeentelijke administratieve sancties
    -retributiereglement op uitgevoerde opdrachten van brandpreventie door
             ‘Hulpverleningszone 
    West-Vlaanderen’
    -goedkeuren van betwist verslag gemeenteraadszitting (sporadisch)
    -kerkfabrieken en Prot Baptistenkerk: negatief advies rekeningen en meerjarenplannen
    -wie moet kosten voor kerken betalen (overheid, religies?)
    -instelprijs bij 2e poging verkoop pastorie Lombardsijde
    -opmerking bij examens voor gemeentelijke functies
    -leasing overtollig geoordeeld voertuig politie
    -kritiek op één of ander RUP (vb Ontwerpplan RUP nr2 Zeedijk-Tennis)
    -uitbating van ‘De Kwinte’
    -afkeuren van pop-up stores wegens concurrentie met vaste handelszaken
    -gratis optreden als VIP van mandatarissen op ‘Noordzeecross’

    De meerderheid weet het altijd beter en geeft zelden een duimbreed toe.
    Bij een eerder zeldzame gelegenheid komen ze achteraf met een uitleg, die de opmerkingen van de oppositie wegwuift en uitzonderlijk hebben ze ook wel eens gelijk. Voorstellen van de oppositie kunnen meestal niet of nooit op de steun rekenen van de meerderheid. ‘Wat wij niet bedacht hebben, kan niet goed zijn’.

    Maar de laatste tijd loopt het de spuigaten uit
    In de voorbije weken hebben zich enkele incidenten voorgedaan die wijzen op een ongezonde verhouding meerderheid – oppositie. Janna Opstaele heeft het zelfs over ‘negatieve ingesteldheid van de oppositie’ ‘
    Vooreerst was er de tussenkomst van CD&V - schepen Francine Ampe – Duron in een poging om de aankoop van een huis door haar zoon en zijn vriendin ongedaan te maken door het huis onbewoonbaar te laten verklaren. In haar hoedanigheid van schepen, vindt de oppositie maar ‘een persoonlijke aangelegenheid’ volgens de meerderheid. Een schoolvoorbeeld van een ‘doofpotoperatie’! Met de nodige leugens die bij zoiets ‘horen’!
    Jullie kunnen er (bijna) alles over te weet komen door mijn artikel ‘Middelkerke: ging een schepen/moeder haar boekje te buiten?’ te lezen in de map ‘Gemeentebestuur’


    De oppositie vindt dat ze gemuilkorfd wordt
    Tot op de zitting van de raad van 14 april 2016 voorzag het huishoudelijk reglement van de gemeente dat op het einde van een zitting van de gemeenteraad mondelinge vragen mochten gesteld worden door de raadsleden. Dat is ook voorzien in het gemeentedecreet (artikel 32). Het is het moment bij uitstek voor de raadsleden om zich te laten horen.
    Er moet een onderscheid gemaakt worden tussen de klassieke agendapunten, waarover gestemd wordt, en de vragen ( = interpellaties) en antwoorden waar dat niet het geval is.
    Op de zitting van april werd aan de raad voorgesteld om de regeling van het vragenrecht aan te passen. "Dit om de procedures te verduidelijken, de regeling eenvoudiger te maken en in het kader van kwaliteitszorg”.
    In wezen komt het erop neer dat er nog twee soorten vragen zijn. Op schriftelijke vragen zonder directe relatie met een raadszitting wordt schriftelijk geantwoord en vragen die behandeld worden tijdens een raadszitting worden vooraf, 48 uur op voorhand, schriftelijk ingediend zodat er voldoende voorbereidingstijd is om de antwoorden correct en volledig te formuleren.
    De meerderheid bedoelde daarmee eigenlijk dat ze niet langer verrast wenste te worden bij de onaangekondigde tussenkomsten van de oppositie. Natuurlijk heeft het indienen van een schriftelijke vraag bijlange niet het zelfde effect als een mondelinge, maar anderzijds kan ik er wel inkomen dat de meerderheid verkiest om de antwoorden goed voor te bereiden.
    De vraagstellers hebben er ook geen voordeel bij als de burgemeester, de voorzitter of een schepen steeds antwoorden, dat ze het ‘zouden moeten opzoeken’ en dan bij een volgende zitting een antwoord geven.
    De oppositie moet wel erg ontgoocheld zijn over deze wijziging aan het huishoudelijk reglement. Daarvan getuigen hun ‘straffe uitspraken’.
    Geert Verdonck (Progressief kartel): “Het toont duidelijk hoe bang ze zijn van de oppositie. Niet moeilijk als je merkt hoe pover het schepencollege zijn dossiers voorbereidt. Maar ik zal mij hier niet aan houden. Dit is ronduit het faillissement van de democratie in Middelkerke. We worden doodleuk gemuilkorfd”.
    En de raadsleden namen dit dan ook letterlijk, want nadat ze even de zaal verlieten, kwamen ze terug met een pleister op de mond.

    Jean-Marie Dedecker sprak de voorzitter tijdens het verder verloop van de zitting aan als ‘Erdogan’ en dat is toch een autoritair man, een dictator eigenlijk die de pers censureert, die met geweld optreedt tegen betogers, en nog veel andere ‘heldendaden’ op zijn kerfstok heeft.
    Zowel Dedecker als Verdonck overdreven natuurlijk fel, want eerst en vooral wordt Landuyt te veel eer aan gedaan als men hem beschouwt als iemand waarmee de democratie staat of valt, terwijl anderzijds natuurlijk heel wat ergere voorbeelden van ondemocratisch handelen kunnen aangehaald worden dan het verbieden van mondelinge vragen op een zitting zelf.

    Dulden onze gemeentelijke politici dan misschien inspraak van de bewoners?
    Titel I artikel 3 van het gemeentedecreet voorziet dat de gemeente zoveel mogelijk de inwoners bij het beleid moet betrekken.’
    Wat betekent ‘inspraak’ eigenlijk? Dat is noch min noch meer de mogelijkheid om je mening te geven over iets waarbij je betrokken bent, wel te verstaan dat er ook eens rekening mee gehouden wordt.

    Worden er dan misschien soms inspraakavonden georganiseerd waar de mening van de inwoners gevraagd wordt? Wordt er dan echt geluisterd naar hun wensen? Neen! Michel zei namelijk ooit dat hij daar niet van houdt omdat dit echte ‘praatbarakken’ zijn.
    Worden dan misschien referenda georganiseerd? Natuurlijk zijn die nergens bindend maar als de overgrote meerderheid van de bevolking kiest voor een bepaald standpunt, worden ze dan gevolgd? Neen! De tramroute wordt toch verplaatst niettegenstaande Lombardsijde er (destijds) tegen was.
    Ik hoor jullie al zeggen dat de bevolking toch geraadpleegd wordt of moet ik ‘geïnformeerd’ schrijven als er wegenwerken in hun straat of omgeving zullen uitgevoerd worden. Dat klopt, maar kan iemand mij een voorbeeld geven van een geval waarin een betrokkene VOORAF zijn mening mocht geven over het algemeen concept.

    Je kunt er zelfs niet op rekenen dat je e-mails beantwoord worden. Rechtstreekse vragen aan de gemeentelijke diensten staat de secretaris niet toe. Alles moet langs hem passeren.
    Toegegeven, op mijn laatste vragen kreeg ik snel een antwoord.
    Is er in de gemeenteraad nog een vragen-halfuurtje voor de inwoners voorzien? Ik zie er nergens geen spoor van!


    Bronnen
    Artikel in de ‘Krant van West-Vlaanderen’ van Matthias Feyen: ‘Opnieuw animo op gemeenteraad Middelkerke: "Michel Landuyt is precies Erdogan"’
    Artikel van Dany Van Loo in ‘Het Nieuwsblad’ “Dit is het einde van de democratie’

    16-05-2016, 00:00 Geschreven door stammer
    Reageren (0)


    Categorie:Gemeentebestuur
    09-05-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Natuurlijk volg ik mijn artikels op! Zou de gemeente dat ook doen?

    Als iets mij onregelmatig of verkeerd lijkt,  of als ik iets zie dat in slechte toestand verkeert, dan schrijf ik daar meestal over … als het belangrijk genoeg is.
    Alhoewel ze dat al vaak ontkend hebben, heb ik al meerdere keren kunnen vaststellen dat mijn ‘schrijfsels’ toch gelezen worden door het gemeentebestuur. Ik zeg wel ‘gelezen’, niet ‘goedgekeurd’ en zeker niet ‘in dank aanvaard’. Natuurlijk maak ik mij geen illusies. En het hoeft ook niet!
    Betekent dat nu dat mijn opmerkingen in dovemansoren vallen? Zouden zij echt altijd doen alsof hun neus bloedt of wordt er ook al eens positief op gereageerd? Ik weet het niet! Let wel, daarvoor schrijf ik mijn artikels niet, maar als ik iets aanklaag dan doet het niettemin plezier als de gemeente in actie schiet om het euvel te verhelpen, bijvoorbeeld door iets te (laten) herstellen of op te (laten) kuisen, bijvoorbeeld aan het wegdek.

    Verbeterde weg

    Maar … laat mij niet langer rond de pot draaien. Op 7.3.2016 verscheen op mijn blog in de map ‘Pleinen en straten – staat en netheid’ het artikel ‘Het grootste bouwproject ooit in Westende-dorp’.
    Ik schreef toen over de omleidingen die moeten gevolgd worden: ‘de wegen verslijten veel rapper door het drukker verkeer. De boorden van de asfaltwegen breken af en laten scherpe uitsteeksels achter. Als er een tegenligger afkomt moet je, gezien de beperkte breedte van de weg, in de berm gaan rijden. Als je daarna weer op de weg wil komen, krijgen de banden het hard te verduren vanwege die scherpe asfaltpinnen.
    Het zou me dus niet verwonderen als de gemeente straks enkele eisen voor schadevergoeding binnenkrijgt. Hieronder zien jullie drie foto’s van de toestand van de Bamburgstraat. Ik had er zo wel 20 kunnen opnemen in mijn artikel.’

    Welnu, ik weet niet wie het werk precies uitvoerde maar de bermen werden voor een groot deel opgevuld met grind, keien of steenbrokjes.Of mijn artikel enige invloed gehad heeft, dat zullen jullie mij niet horen beweren.
      In elk geval: Proficiat! Ze zien er nu zo uit:

    Een hele verbetering, toch? Maar er is nog werk, hoor! Ook in de Steenstraat!

    Ik feliciteer de verantwoordelijken voor de grote wegenwerken omdat zij die zo draaglijk mogelijk maken. Aan de kruispunten van de Westendelaan met de Heidestraat en de Langestraat is alle verkeer mogelijk (althans op 8 mei 2016 en in één richting, spijtig genoeg elkaar niet aanvullend want beide in dezelfde richting) Volgens de (mobiele) verkeerstekens mag je trouwens de Heidestraat niet inrijden als je van Lombardsijde komt maar wel als je van Middelkerke komt.
    Aan de Hofstraat en de Steenstraat kunnen fietsers en voetgangers gebruik maken van een voor hen speciaal aangelegd pad.

    Bovendien staan overal borden die de weg naar het dorp aanduiden.


    Hondenpoep is geen kattepis

    Het is mijn gewoonte als ik een nieuw artikel op mijn blog zet, te verwijzen naar mijn vorige artikels over hetzelfde onderwerp:. Dat doe ik nu ook weer; Hier zijn ze.:

    18.8.2014 Zomerse vuiligheid in Westende … en niet alleen hier, zeker?
    04-11-2013 Map Milieu ’t Is maar dat jullie weten wat er roert in Middelkerke en Westende
    15-04-2013 Deelgemeente Middelkerke gaat in zijn eentje voor de zoveelste keer een verwoede strijd aan tegen hondenpoep
    11-04-2010 De weg naar de hel is geplaveid met goede voornemens!
    26-09-2007 Hondendrollen en Paardenvijgen

    Ik weet het, dat is geen verheven onderwerp, maar het Middelkerks gemeentebestuur blijft maar nieuwe maatregelen uit de hoed toveren omdat sommige hondenbezitters maar geen gehoor willen geven aan de smeekbede van de goedmenende overheid.

    En … wat houdt de nieuwe campagne deze keer in?
    Onderstaande leuke affiches worden overal verspreid.

    Er zullen ook mobiele hondenpoepborden ingezet worden.
    Burgemeester Janna Opstaele: "Inwoners die hondenpoep in hun buurt willen aanklagen, kunnen dit signaleren via een mailtje naar onthaal@middelkerke.be en het mobiele hondenpoepbord aanvragen. Het bord zal dan veertien dagen aan het gevraagde adres worden geplaatst en bovendien zal de preventiedienst de buurt extra in de gaten houden. We willen hiermee inwoners sensibiliseren dat hondenpoep op straat veel mensen stoort. Trouwens, wie hondenpoep niet opkuist, riskeert een boete tot 350 euro"

    Daar zijn ze weer met ‘riskeert’! Ik herhaal mijn vraag uit vroegere artikels: ik zou graag eens weten hoeveel gasboetes al uitgedeeld werden door de gemeente aan hondenliefhebbers zonder poepzakje of aan diegene die zich niets aantrekken van alle inspanningen die door de gemeente op dat gebied geleverd worden. Er moet toch eens een einde komen aan de ‘preventie’!!

    Nu we het toch over ‘pis’ hebben. Na één van mijn vorige artikels over hondenpoep, merkte één van de lezers op: “Eén item werd door u niet behandeld. Inderdaad, de hondenplas. Te pas en te onpas zie je honden plassen tegen muurgevels van huizen, appartementen en zelfs op voedingswaren die worden uitgestald door handelszaken, ook is het triestig hoe het werk van gemeente -werklieden niet wordt gewaardeerd, plassen in de mooi aangelegde bloemen en of plantenparkjes. Mijn hond heeft niet de kans te plassen op mijn muurgevel, dus kan het ook niet op de gevel van iemands anders.”.

    En dan blijft er natuurlijk de paardenpoep. Ben ik dan de enige die vindt dat die paardendrollen op straat ook niet zo’n mooi zicht opleveren?

    En tover nu maar een glimlach op jullie gezicht want hier volgt geen ‘vuile’ maar een ‘vieze’ mop: Twee vliegen zitten op een hondendrol. Zegt de ene ‘ik ken een leuke mop’. En de andere: ‘vertel op, als het tenminste geen vieze is, want ik ben aan het eten’.

    Bronnen
    http://www.hln.be/regio/nieuws-uit-middelkerke/gemeente-zet-mobiele-hondenpoepborden-in-a2691338/
    Artikel van BPM met foto in ‘Het Laatste Nieuws’: ‘Gemeente zet mobiele hondenpoepborden in’

    09-05-2016, 00:00 Geschreven door stammer
    Reageren (0)


    Categorie:Allerlei
    02-05-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Westende aan de Belgische kust was ooit een van de meest mondaine badplaatsen van Europa. Nu haalt de elite er zijn neus voor op. Zo niet redacteur Bart van Oosterhout, die er al bijna zijn hele leven komt.

    24 april 2016 was dus in België ‘Erfgoeddag’. Ik heb het daar verleden week uitvoerig over gehad.
    Ter herinnering: het thema van de dag was ‘Rituelen’. Dat houdt onder andere 'een opeenvolging van handelingen in een bepaalde volgorde en op een welbepaalde plaats’ in.
    Nu ontdekte is toch wel op het internet een deel van de jeugdherinneringen aan Westende-bad door Bart van Oosterhout uit Amsterdam, Manager Publishing, Hoofdredacteur ‘Uitkrant’, A-mag, AMS.
    Zeker de moeite waard om die souvenirs, met zijn toestemming uiteraard, hier te publiceren. Vele onder ons hebben het ook allemaal meegemaakt ... en uiteraard is de tekst goed geschreven.

    Ik wil trouwens ook een paar boeken aanbevelen die gelijkaardige souvenirs behandelen.
    De villa in de duinen’: een jeugdverhaal van Anneriek van Heugten, Nederlandse schrijfster van jeugdboeken, die ‘Les Zéphyrs’ betrekt in haar verhaal waarin ze het heeft over de rijke familie die de zomers in Westende doorbrengt.
    ‘'Aan zee. Taferelen uit de kinderjaren’ door Eric de Kuyper. Hij beschrijft hoe een Brusselse familie jaren naeen de zomer doorbrengt in Oostende.

                                                                      *
    Het is juni 1967. Ik ben vier jaar en ik zit in mijn favoriete gele trapauto met zijspan, omringd door mijn broer en mijn tweelingzusjes. We rijden een blokje rond de flats aan de grote boulevard van Westende. Het is een van mijn oudste vakantieherinneringen. De vergeelde foto hangt nog steeds bij me thuis. Vorig jaar heb ik mijn vrouw en mijn zoon op dezelfde plek gefotografeerd. Ik hoopte misschien dat ik er een bepaalde betekenis aan kon geven, maar dat kan ik niet. Behalve misschien dat je niet aan je verleden kunt ontsnappen.


    Kwallen meppen
    '67 was het eerste jaar dat we naar Westende op vakantie gingen. Toen ik de foto's er weer bijhaalde, zag ik dat we het jaar ervoor in Duinbergen waren geweest. Maar toen waren mijn tweelingzussen er nog niet bij, dus dat telt niet. In mijn herinnering was het altijd Westende.
    De skelters kon je er overal langs de boulevard huren bij bedrijfjes als Bernadette, Louise of Diane. Voor twintig franc mocht je een half uur wegblijven. Voor meisjes had je ze in de vorm van paardjes of ijscokarretjes. Mijn broer en ik hadden altijd snelle driewielers. De brede boulevard was de ideale racebaan, de madammen achter hun kinderwagens waren de obstakels en de rand van de dijk waar nog geen hek stond, was het grootste gevaar. Je kon er zo met je kar naar beneden kieperen, en dan zat je klem tussen de dijk en de badhuisjes.
    Zo'n badhuisje huurden we net als ieder gezin voor de hele zomer. Je kon je er verkleden, maar ze dienden vooral als opslagplaats voor windschermen, vliegers, ballen, emmers en tennisblokken. Tennisblokken waren zware houten blokken met een lang elastiek waar een tennisbal aan zat. Zo kon je in je eentje tennissen op het harde gedeelte van het strand.
    Soms lag het strand met eb vol met doorschijnende kwallen, die gemeen staken als je er op trapte. Na verloop van tijd droogden ze uit, maar voor het zover was, gingen wij ermee tennissen. Dan was je racket een fritessnijder: na een paar keer heen en weer slaan veranderde de kwal in vierkante blokjes.

    Soepwagen
    Op sommige dagen was ik de hele dag in de weer met mijn garnalenschepnet, een lange stok met aan het eind een dwarslat waar een netje achter hing. Je moest hem geduldig voor je uitduwen en na verloop van tijd had je dan een handvol halfdoorzichtige grijze garnalen in je net. Vooral in de buurt van de 'pieren', de golfbrekers van dikke blokken basalt, zaten er veel. Als je geluk had zat er ook een zeester bij. Ik stopte de garnalen in een emmertje en 's avonds kookte mijn moeder ze tot ze roze en eetbaar waren.
    We aten warm tussen de middag.
    Om twaalf uur reed de 'soepwagen' klingelend met zijn bel door de straat, en togen de moeders met grote pannen naar beneden. Je had kervelsoep, tomatensoep en dagsoep. We aten de soep met grijs brood, zo heet bruinbrood hier, dat we besmeerden met gezouten hoeveboter. De soepwagen rijdt er nog steeds.
    Alle vaders bouwen zandkastelen voor hun kinderen. De onze bouwde sphinxen. Hij maakte eerst met zijn schop een ovaal in het zand, waar de gracht kwam. Wij schepten het zand in het midden en hij boetseerde daar een sfinx van. 'Finks', zeiden wij. Wat een sfinx was, wisten we niet, maar dat deerde niet, want we hadden het grootste bouwwerk van het strand. Je moest ze 's ochtends bij eb bouwen. Als de vloed kwam opzetten, liep de gracht vol en zaten we op een sfinxeiland. 'Dit jaar bouwde ik zes sphinxen!' schreef mijn vader in het album van 1967.

    Hippodroom
    In mijn familiegeschiedenis speelt Westende een belangrijke rol. Mijn Belgische opa en oma van moederszijde kwamen er al, zegt mijn vader. Dat was vóór de oorlog, toen het nog een mondaine badplaats was. In het midden lag de chique tennisclub, kortweg 'Le Tennis'. Op de foto's uit die tijd die mijn vader nog bewaart, zie je dames in lange witte rokken en mannen in lange broek, met strohoeden tegen de zon. Het Westende Palace hotel stond er nog in volle glorie bij. Er werkten toen nog piccolo's en eindeloos veel kamermeiden. Op een foto uit 1937 is te zien dat er voor het hotel zelfs dancings in de openlucht werden gehouden.
    Het hotel was in 1924 compleet herbouwd nadat het oorspronkelijke Westend'Hôtel uit 1898 volkomen in puin was geschoten in la Grande Guerre. Want dáárvoor al was Westende een vakantieoord. De Brusselse industrieel Edouard Otelet had er een dijk laten aanleggen en statige villa's met trapgevels in Brugse stijl. In de kelders huisden de dienstboden die met de familie meereisden vanuit Brussel, Gent of Brugge. Er was een verwarmd zwembad, 'Le Lac aux Dames', vlakbij het strand en zoals in alle grote badplaatsen in die tijd was er een Kursaal waarin een balzaal, een theater en een casino huisden.
    De Kursaal van Westende is allang verdwenen. Maar Middelkerke en Oostende hebben er nog steeds een. Onze ouders namen ons soms mee naar een Duitse avond met operette en komische sketches. Nog later gingen we wel eens met het hele gezin spelen in het casino. Met honderd franc moesten we de hele avond doen. Dat lukte makkelijk. Een keer won ik vijfhonderd franc. Ik zette het geld in bij de 'bookies' op het 'hippodroom', de paardenrenbaan van Oostende waar vader ons 's zondags mee naartoe nam. Je moest door een tunnel onder de koninklijke loge door naar de overkant, waar de staanplaatsen voor het gewone volk waren. De bookmakers waren oude mannen met petten en sigaren in hun mond, die geheimzinnige tekens kregen vanaf de chique tribune aan de overkant. Daar zaten de heren in linnen pak en dames met hoeden in Ascot-stijl.


    Plage tatouage
    1937 was meteen het laatste jaar voor het mondaine Westende. Er kwamen bunkers en luchtafweergeschut in de duinen, waarmee steeds vaker geoefend werd. De rijke gasten verhuisden naar plaatsen als Knokke en Blankenberge en 't Zoute ('t zoete zeggen ze hier). Daar komen de rijke gasten nog steeds. Mijn oudere broer is net als mijn vader gehuwd met een Belgische van goede komaf. Zij bewonen er in de vakantie het appartement van haar ouders. Daar hebben de jonge gezinnen nog altijd hun eigen badhuisje en gaan de kinderen gekleed in Le Petit Bateau. Daar nemen ze kreeft met vin blanc tussen de middag in plaats van dikke frieten met bier, zoals bij ons in Westende. Westende is van het volk. Plage tatouage, zeggen ze in Knokke. De madammen met hun schoothondjes zijn er dikker en lelijker dan elders. Je ziet er echtparen in unisex joggingpakken met paarse en roze motieven. De mensen praten plat West-Vlaams. Ze slikken er al hun medeklinkers in. 'Da hao nie haon' (dat gaat niet gaan) zeggen ze als iets niet kan. En de pastoor in de kerk zegt 'de geilige geer' in plaats van de heilige Heer. En als mijn zus en ik voor de gezelligheid meegaan naar de kerk, stoten we elkaar nog steeds aan als hij het gaat zeggen.

    Lelijkste kust ter wereld
    Twee jaar na onze eerste vakantie in Westende kochten mijn ouders er een appartement aan de oostzijde van het tennispark. Ik weet nog dat we het gingen bezichtigen toen het in aanbouw was. Ik speelde in de kelder met mijn broer en zus, waar later de keuken van restaurant Nelson zou komen. Ik keek door het kelderluik naar boven, precies onder de rok van mijn Antwerpse tante Jet, die daar juist met mijn moeder, haar zuster dus, stond te praten. Blijkbaar was dat heel erg, want mijn tante was in alle staten. Zij en haar man Jef kochten er later ook een appartement aan het tennispark, net als de oudste zus van mijn moeder, tante Ria. Nu komen hun kleinkinderen er.
    Het Westende Palace Hotel aan de overzijde stond er eind jaren zestig nog, maar was al ernstig in verval. Een tweede restauratie in 1950 had niet mogen baten, de internationale beau monde keerde er niet meer terug. Toen wij er tegenover kwamen te wonen, was het al niet meer in gebruik en eind 1972 werd het afgebroken. Er zou een grandioos nieuw gebouw verrijzen dat de naam Westende Palace waardig zou zijn, volgens de folder. Mijn vader besloot meteen dat we daarheen moesten verhuizen. Hij kocht de nieuwe flat met ondergrondse garage op papier. Het werd een ruim appartement met drie slaapkamers 'op 't vierde verdiep'.

    Glazen gevels
    In die jaren werden de meeste oude villa's langs boulevard en tennispark afgebroken en vervangen door lelijke flats met glazen gevels. Geen een is er gelijk, een welstandscommissie schijnen ze in België niet te kennen. Later kwamen er de lawaaiige speelhallen bij en werd Le Tennis grotendeels vervangen door een speelplein voor de kinderen, met draaimolens en een skelterbaan. Zo veranderde de Belgische kust in een Atlantikwal van het nieuwe toerisme en werd ze de lelijkste ter wereld.
    Wij brachten het jaar erop de zomervakantie voor het eerst door in Spanje, maar we bleven jaarlijks naar 'de flat' terugkeren. Mijn zusters werkten er 's zomers als serveerster op een van de vele terrassen, om wat bij te verdienen. En met Pasen komen we er nog altijd met de hele familie bij elkaar. Dan gaan we naar de mis in het kleine kerkje in Middelkerke, waar de paashaas na afloop vanuit de kerktoren chocolade eieren over de hoofden uitstrooit die we opvangen in paraplu's. Maar ik ben er ook graag in de winter, als alle winkels dichtgetimmerd zijn omdat er toch geen toeristen zijn en de middenstanders 's winters in de visserij werken.
    Alles komt terug. Onze kinderen zijn de vierde generatie in mijn familie die hier schelpjes zoekt en verloren loopt tussen de families achter hun blauw-witgestreepte windschermen die allemaal op elkaar lijken. Overdag bouwen we een sfinx. Om een uur of vier zetten we ons aan het kriekenbier of een Grimbergen in de zon aan het terras van Bar du Soleil, dat hier al onafgebroken zit van voor de oorlog. En om zeven uur schuiven we aan in restaurant Nelson voor mosselen of tong. Westende mag dan de lelijkste kust ter wereld zijn, het is wel onze kust

    02-05-2016, 00:00 Geschreven door stammer
    Reageren (0)


    Categorie:Dijk en Strand
    25-04-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Erfgoed is mij zeer dierbaar…

    De jaarlijkse Erfgoeddag en Open Monumentendag zijn twee evenementen die vet in mijn agenda ingeschreven staan. Ik schenk er ook telkens heel wat aandacht aan in mijn blog en zelden werd ik ontgoocheld door wat er op die dagen aan de deelnemers of bezoekers aangeboden werd. Jullie vinden voor de voorbije jaren het relaas in de map ‘Erfgoed’.

    Welk verschil is er tussen ‘Erfgoeddag’ en ‘Open Monumentendag’?
    Nogal wat mensen verwarren wel eens ‘Erfgoeddag’ met ‘Open Monumentendag’.
    Daarom eerst nog even het onderscheid tussen beide.
    OPEN MONUMENTENDAG is de feestdag van het onroerend erfgoed: archeologie, gebouwen, monumenten en landschappen en valt steeds in september.
    Men noemt het ook materieel erfgoed. We onderscheiden daarin roerend en onroerend erfgoed. Deze laatste categorie bestaat uit tastbaar maar niet verplaatsbaar erfgoed, zoals archeologische sites, landschappen en monumenten. Ook varend erfgoed is onroerend. Objecten die tastbaar en verplaatsbaar zijn, zoals archiefstukken, museale objecten of historische voorwerpen, noemen we roerend erfgoed.

    ERFGOEDDAG is in Vlaanderen de feestdag van het cultureel erfgoed. Dat is een verzamelbegrip voor alles wat we van vorige generaties overerven en wat we het bewaren waard vinden. We nemen het over, dragen er zorg voor en zullen het weer doorgeven, omdat wij er als gemeenschap of persoon belang aan hechten. Erfgoed vertelt ons iets over de huidige maatschappij en over onszelf. Het geeft onze identiteit mee vorm.voorwerpen, foto’s, oude postkaarten, documenten, feesten, tradities, een theaterkostuum, het recept van oma’s befaamde hutsepot, een processie, de lokale reus, stoere zeemansliederen…
    Men noemt het ook ‘immaterieel erfgoed’. Cultureel erfgoed omvat echter ook het materieel roerend erfgoed.
    Erfgoeddag valt steeds op een zondag einde april (16de editie op 24 april 2016).

    Waarom twee erfgoedfeestdagen, vraagt iedereen zich af.
    Om die vraag te beantwoorden moet ik verwijzen naar de manier waarop onze samenleving georganiseerd is. We onderscheiden daarin het Vlaams Gewest en de Vlaamse Gemeenschap.
    In het algemeen kan je zeggen dat de Gemeenschappen vooral bevoegdheden hebben die samenhangen met personen (onderwijs, cultuur, welzijn, jeugd, sport,...) terwijl de Gewesten vooral bevoegdheden hebben die samenhangen met een territorium (ruimtelijke ordening, openbare werken, openbaar vervoer,...).
    De Vlaamse Regering beheert zowel de bevoegdheden van het Gewest als van de Gemeenschap. De bevoegdheden over het Erfgoed hoeven dus eigenlijk niet meer gescheiden te zijn, maar de scheiding heeft  volgens sommige het voordeel dat het erfgoed twee zondagen in de belangstelling staat.
    Anderzijds pleit Middelkerke er al jaren voor om afwisselend een ‘Open Monumentendag’ en een ‘Erfgoeddag’ te organiseren. Men vindt dat het voor eerder kleine gemeenten niet altijd evident is om tijdens hetzelfde kalenderjaar een programma te maken over beide onderwerpen.
    Erfgoeddag is een organisatie van FARO, het Vlaams Steunpunt voor Cultureel erfgoed. Dat heeft als opdracht het aansturen van de publieke beeldvorming over cultureel erfgoed. Elk jaar tekenen honderden musea, archieven, erfgoedbibliotheken, heemkundige kringen en talloze andere erfgoedorganisaties en –instellingen present.


    Voor het eerst onder de koepel van de vzw Kusterfgoed
    Kusterfgoed is een jonge erfgoedcel, opgericht in 2015 om het culturele erfgoed van de kustregio veilig te stellen voor toekomstige generaties.
    Dit is het eerste jaar dat er een intergemeentelijk samenwerkingsverband bestaat voor het erfgoed van onze kust. De vzw Kusterfgoed wordt gevormd door Oostende, Middelkerke, Blankenberge en De Haan. Kan men dan echt spreken over ‘Kust’? Neen, natuurlijk niet, want slechts 4 badplaatsen maken er deel van uit!
    Sommige spreken van ‘Middenkust’. Dat is het deel van onze kust tussen de badsteden Middelkerke en Wenduine. Dus eigenlijk hoort Blankenberge daar niet bij. Bredene wenst er geen deel van uit te maken! Het schepencollege vindt dat ze te weinig zekerheid hebben over de uitvoering en over de deelnameprijs. Bovendien is er in Bredene maar een beperkt aanbod aan erfgoed en daarom vindt men dat dit al voldoende aan bod komt met een eigen erfgoedwandeling.

    Ik heb op 14 april 2016 aan het bestuur van de erfgoedcel de vraag gesteld waarom De Panne, Koksijde, Nieuwpoort, Zeebrugge en Knokke-Heist niet deelnemen.
    Omdat ik geen antwoord kreeg op mijn vraag, wat ik wel enigszins begrijp omdat het misschien vertrouwelijk is, heb ik dan maar de vraag gesteld aan de lokale cultuurdiensten.
    De gemeente Knokke-Heist is nooit uitgenodigd geweest om deel uit te maken van de erfgoedcel Kusterfgoed. Er is nu wel contact tussen de cel en de gemeente. De voor- en nadelen zullen na één jaar werking bekeken worden en daarna kan een eventueel lidmaatschap besproken worden.
    De gemeente De Panne legt uit dat de werking van een erfgoedcel pas mogelijk is na het indienen bij de minister van cultuur van een aanvraag tot het afsluiten van een erfgoedconvenant samen met een beleidsplan. De initiatiefnemers van de erfgoedcel kust hebben geen contact gehad met De Panne, maar dit is niet echt abnormaal, omdat ‘Achthoek’ (samensmelting van de intergemeentelijke culturele projectverenigingen ‘5-art’ (Alveringem, De Panne, Koksijde, Nieuwpoort en Veurne) en ‘Hout- en Blooteland’ (Diksmuide, Houthulst en Lo-Reninge) van de gemeenten/steden zelf van plan waren een erfgoedconvenant aan te vragen voor hun regio. Gezien de besparingen kunnen momenteel evenwel geen nieuwe aanvragen meer worden ingediend.
    Koksijde beweert sinds ettelijke jaren inspanningen te doen om een goed onderbouwd erfgoedbeleid te voeren, zowel met betrekking tot onroerend als roerend erfgoed. Verleden jaar heeft dat geleid tot de erkenning als 'onroerenderfgoedgemeente. Het bestuur acht het daarom niet nodig om deel uit te maken van een overkoepelende intergemeentelijke organisatie.
    Koksijde maakt wel deel uit van Achthoek, een intergemeentelijk cultureel samenwerkingsverband  http://www.5-art.be/over-achthoek.

    De gemeente Nieuwpoort bevestigt grotendeels die uitleg van De Panne maar voegt eraan toe dat het intergemeentelijk samenwerkingsverband 5-art/Achthoek een aanvraag ingediend heeft bij de Vlaamse Overheid maar dat dit werd afgekeurd. Ondertussen zijn hiervoor geen subsidies meer voorzien waardoor een nieuwe poging tevergeefs zou zijn.

    Mogen we daaruit nu besluiten dat er toch wat hapert aan de samenwerking tussen de verschillende kustgemeenten op het gebied van cultuur/erfgoed?
    Betekent dit nu dat de andere kustplaatsen van de Westkust (Nieuwpoort, Koksijde en De Panne) en van de Oostkust (Zeebrugge en Knokke-Heist) niet deelnemen aan Erfgoeddag 2016? Helemaal niet! Ze hebben allemaal een min- of meer uitgebreid programma voorzien.


    De financies van de erfgoedcel
    De vzw Kusterfgoed krijgt vijf jaar lang jaarlijks 246.946 euro van de Vlaamse overheid in het kader van een erfgoedconvenant. De centen dienen voor de oprichting van een kusterfgoedcel, die vooral werkt rond het unieke roerend en immaterieel erfgoed aan onze kust.
    Daarnaast draagt elke gemeente jaarlijks 0,30 euro per eigen inwoner bij. Dat betekent voor Middelkerke een jaarlijkse bijdrage van 19.300 x 0,3 = 5.790 euro. Samen tellen de vier gemeenten iets meer dan 120.000 inwoners wat neerkomt op een jaarlijkse totale bijdrage van 36.508 euro. Alles samen een fors bedrag waar er heel wat mee kan gebeuren.
    Is die vzw wel nodig?
    Er zijn in onze kustgemeenten veel verenigingen, instellingen en personen die zich als vrijwilliger of beroepsmatig inzetten als lokale erfgoedspelers. Sommige spelers beheren een eigen collectie, andere concentreren hun werking rond een bepaald thema of een erfgoedaspect.
    Men kan zich dus afvragen waarom die absoluut moeten afhangen van een vzw Kusterfgoed.
    De organisatie geeft daarvoor volgende argumenten
    1. Naast het lokale erfgoedveld zijn er ook heel wat bovenlokale spelers met een bepaalde expertise of interessante websites waar je als erfgoedvereniging of -organisatie bij terecht kunt voor advies over diverse thema’s zoals archiefwerking, behoud en beheer, digitalisering, educatie, ontsluiting en communicatie.
    2. De erfgoedcel zelf is een rots in de branding waar verenigingen, instellingen en individuele personen terechtkunnen voor ondersteuning op inhoudelijk, financieel en logistiek vlak.
    3. De erfgoedcel is een podium: vernieuwende projecten (voorbeeld graag?) plaatsen het lokale culturele erfgoed in de kijker en geven iedereen de kans om het erfgoed te ontdekken en door te geven.
    4. Er werd een erfgoedconvenant afgesloten met de Vlaamse Gemeenschap om het lokale erfgoed zichtbaarder te maken en een erfgoedbeleid te ontwikkelen op maat van de kustregio.
    Wat dat laatste juist betekent, dat weet ik niet.

    Het jaarlijks thema
    Elk jaar wordt een thema vooropgesteld. Dat betekent niet dat de verschillende organisatoren zich daar strikt moeten aan houden.
    In één van mijn vorige artikels over dit onderwerp, namelijk ‘Erfgoeddag 2012: Middelkerke doet wel mee deze keer … en hoe!!’ heb ik eens teruggezocht welke thema’s sinds 2002 aan bod kwamen.
    In 2016 werd gekozen voor ‘Rituelen’ met volgende verklaring vanwege de organisatoren: “Een ritueel is een opeenvolging van handelingen in een bepaalde volgorde en op een welbepaalde plaats. Een ritueel is het product van een cultuur. Veel rituelen zijn tot stand gekomen in religieuze gemeenschappen. Ongeacht de specifieke verscheidenheid van sociale rituelen en hun diversiteit in tijd en ruimte, lijkt het bestaan van dergelijke praktijken universeel te zijn. Rituelen worden gekenmerkt door de nadruk op de vorm (de exacte uitvoering van een handeling is belangrijk), herhaling (het is pas een ritueel als het meermaals wordt opgevoerd) en symbolisme (rituele handelingen hebben symbolische betekenis).”

    Wat bood de vzw kusterfgoed allemaal aan op Erfgoeddag?
    Een uitgebreid gamma aan middelen werd ingezet om de Vlaming ertoe aan te zetten aan de geplande activiteiten deel te nemen: filmpjes, brochures, sociale media, …

    Op https://www.youtube.com/watch?v=xrHMQqRdi3s&feature=youtu.be kan je ook een filmpje bewonderen.

    Wie naar de kust kwam, kon in elke badplaats een aanbod naar zijn gading vinden.
    Werd het lokale erfgoed daardoor zichtbaarder? Wordt er echt een beleid op maat van de ganse regio ontwikkeld? Of gaat men ervan uit dat het volstaat de verschillende websites van de kustgemeenten te raadplegen?
    Men kon alvast het volledige programma van Erfgoeddag eenvoudig doorzoeken via de website http://erfgoeddag.be/programma . Via de kaart kon je snel zien wat er bij jou in de buurt te beleven viel. Of je kon het programma doorzoeken aan de hand van een zoekterm. Dit kon de naam van een gemeente zijn of de naam van de organistie, instelling of vereniging. De geselecteerde Erfgoeddagactiviteiten kon je dan bundelen in je persoonlijke Erfgoeddagbrochure.
    Men kon ook rechtstreeks naar de website http://www.erfgoeddag.be/sites/default/files/bijlagen/Kusterfgoed.pdf surfen waar in 20 onderdelen de bezienswaardigheden van de vier deelnemende gemeente vermeld worden. Dezelfde informatie kon je ook vinden in een handig programmaboekje met identiek dezelfde tekst.
    Men kan zich de vraag stellen of een kusttoerist die bijvoorbeeld vanaf 10 uur de activiteiten in Oostende bezoekt, zich daarna nog naar Middelkerke zal begeven waar hij/zij nog de tijd heeft om tot 18 uur hetzelfde te doen.
    Of zal de toerist één gemeente uitkiezen en dan nakijken op de website wat er allemaal aangeboden wordt?
    http://www.oostende.be/thema.aspx?id=5369
    http://www.krantvanblankenberge.be/nieuws2016/krantvanblankenberge_01404.html
    http://www.visitdehaan.be/nl/doen/evenementen/erfgoeddag/2568/

    En Middelkerke?
    Hoewel ze vermeld staan op de website van de vzw Kusterfgoed, wil ik toch nog even de in onze gemeente aangeboden bezienswaardigheden aanhalen.
    Om 11 uur was er een wandeling met gids aan het Arthur Degreefplein. Ik reserveerde daarvoor bij Littoralis, een organisatie die wandelingen organiseert.
    Spijtig genoeg was de opkomst met elf deelnemers eerder mager te noemen. Maar ja, wie geïnteresseerd was moest echt opbotsen tegen een hevige ijzige wind en regen, ja zelfs een hagelbui, trotseren.
    De voortreffelijke vrouwelijke gids leidde ons langs villa Cogels, de mess officieren, het oude postgebouw, het gemeentepark met zijn twee ingangszuilen, garage Omnia, het beeld 'Tegen de wind in' van Liliane Vertessen, het casino, de Duinenweg, de vlakte van de vroegere tennis en tenslotte naar de kapel Sint-Theresia. Het is niet altijd gemakkelijk 'rituelen' en 'onroerend erfgoed' te scheiden omdat heel wat gebouwen een belangrijke rol speelden in die rituelen.

    Het museum ‘Kusthistories’ was geopend van 0900 – 12u30 en van 13u15 – 17u.
    Ziehier hoe de uitnodiging van de organisatie letterlijk luidde:
    “Heb je al gehoord van het koffieritueel? Ken je het verhaal van de lokale reus? Wil je meer weten over het bijgeloof van de vissers? Kom naar Kusthistories en ontdek de favoriete rituelen. Je vindt er een interactief touchscreen met korte filmpjes waarin verschillende erfgoedspelers je op hun manier een lokaal ritueel vertellen.”

    Wie dat museum nog niet kende, zoals ikzelf, zal in een statig gebouw zeker onder de indruk komen van de prachtige inrichting. Misschien iets te weinig lokale geschiedenis, maar veel foto's en teksten zijn natuurlijk representatief voor alle kustplaatsen. 
    Om 15 uur hield Erik de Kuyper, auteur van ‘Aan zee. Taferelen uit de kinderjaren’, er een lezing over een Brusselse familie die de zomer in Oostende doorbracht.
    Ik maakte van de gelegenheid gebruik om zowel het museum te bezoeken als de spreker te beluisteren.

    Besluit
    Er kan onmogelijk beweerd worden dat de promotie van Erfgoeddag ondermaats gebleven is. Misschien is de propaganda zo uitgebreid en de hoeveelheid activiteiten zo talrijk dat je er wel eens het overzicht zou kunnen over verliezen.

    Dat geldt echter niet voor Middelkerke op zich, maar voor het ganse programma.
    Als je dan ook weet dat van 22 april tot 8 mei ook nog de ‘Week van de Zee’ gehouden wordt, dan wordt dat misschien allemaal wat van het goede te veel.

    25-04-2016, 00:00 Geschreven door stammer
    Reageren (0)


    Categorie:Erfgoed
    Archief per week
  • 27/06-03/07 2016
  • 20/06-26/06 2016
  • 13/06-19/06 2016
  • 06/06-12/06 2016
  • 30/05-05/06 2016
  • 23/05-29/05 2016
  • 16/05-22/05 2016
  • 09/05-15/05 2016
  • 02/05-08/05 2016
  • 25/04-01/05 2016
  • 18/04-24/04 2016
  • 11/04-17/04 2016
  • 04/04-10/04 2016
  • 28/03-03/04 2016
  • 21/03-27/03 2016
  • 14/03-20/03 2016
  • 07/03-13/03 2016
  • 29/02-06/03 2016
  • 22/02-28/02 2016
  • 15/02-21/02 2016
  • 08/02-14/02 2016
  • 01/02-07/02 2016
  • 25/01-31/01 2016
  • 18/01-24/01 2016
  • 11/01-17/01 2016
  • 04/01-10/01 2016
  • 28/12-03/01 2016
  • 21/12-27/12 2015
  • 14/12-20/12 2015
  • 07/12-13/12 2015
  • 30/11-06/12 2015
  • 23/11-29/11 2015
  • 16/11-22/11 2015
  • 09/11-15/11 2015
  • 02/11-08/11 2015
  • 26/10-01/11 2015
  • 19/10-25/10 2015
  • 12/10-18/10 2015
  • 05/10-11/10 2015
  • 28/09-04/10 2015
  • 21/09-27/09 2015
  • 14/09-20/09 2015
  • 07/09-13/09 2015
  • 31/08-06/09 2015
  • 24/08-30/08 2015
  • 17/08-23/08 2015
  • 10/08-16/08 2015
  • 03/08-09/08 2015
  • 27/07-02/08 2015
  • 20/07-26/07 2015
  • 13/07-19/07 2015
  • 06/07-12/07 2015
  • 29/06-05/07 2015
  • 22/06-28/06 2015
  • 15/06-21/06 2015
  • 08/06-14/06 2015
  • 01/06-07/06 2015
  • 25/05-31/05 2015
  • 18/05-24/05 2015
  • 11/05-17/05 2015
  • 04/05-10/05 2015
  • 27/04-03/05 2015
  • 20/04-26/04 2015
  • 13/04-19/04 2015
  • 06/04-12/04 2015
  • 30/03-05/04 2015
  • 23/03-29/03 2015
  • 16/03-22/03 2015
  • 09/03-15/03 2015
  • 02/03-08/03 2015
  • 23/02-01/03 2015
  • 16/02-22/02 2015
  • 09/02-15/02 2015
  • 02/02-08/02 2015
  • 26/01-01/02 2015
  • 19/01-25/01 2015
  • 12/01-18/01 2015
  • 05/01-11/01 2015
  • 30/12-05/01 2014
  • 22/12-28/12 2014
  • 15/12-21/12 2014
  • 08/12-14/12 2014
  • 01/12-07/12 2014
  • 24/11-30/11 2014
  • 17/11-23/11 2014
  • 10/11-16/11 2014
  • 03/11-09/11 2014
  • 27/10-02/11 2014
  • 20/10-26/10 2014
  • 13/10-19/10 2014
  • 06/10-12/10 2014
  • 29/09-05/10 2014
  • 22/09-28/09 2014
  • 15/09-21/09 2014
  • 08/09-14/09 2014
  • 01/09-07/09 2014
  • 25/08-31/08 2014
  • 18/08-24/08 2014
  • 11/08-17/08 2014
  • 04/08-10/08 2014
  • 28/07-03/08 2014
  • 21/07-27/07 2014
  • 14/07-20/07 2014
  • 07/07-13/07 2014
  • 30/06-06/07 2014
  • 23/06-29/06 2014
  • 16/06-22/06 2014
  • 09/06-15/06 2014
  • 02/06-08/06 2014
  • 26/05-01/06 2014
  • 19/05-25/05 2014
  • 12/05-18/05 2014
  • 05/05-11/05 2014
  • 28/04-04/05 2014
  • 21/04-27/04 2014
  • 14/04-20/04 2014
  • 07/04-13/04 2014
  • 31/03-06/04 2014
  • 24/03-30/03 2014
  • 17/03-23/03 2014
  • 10/03-16/03 2014
  • 03/03-09/03 2014
  • 24/02-02/03 2014
  • 17/02-23/02 2014
  • 10/02-16/02 2014
  • 03/02-09/02 2014
  • 27/01-02/02 2014
  • 20/01-26/01 2014
  • 13/01-19/01 2014
  • 06/01-12/01 2014
  • 31/12-06/01 2013
  • 23/12-29/12 2013
  • 16/12-22/12 2013
  • 09/12-15/12 2013
  • 02/12-08/12 2013
  • 25/11-01/12 2013
  • 18/11-24/11 2013
  • 11/11-17/11 2013
  • 04/11-10/11 2013
  • 28/10-03/11 2013
  • 21/10-27/10 2013
  • 14/10-20/10 2013
  • 07/10-13/10 2013
  • 30/09-06/10 2013
  • 23/09-29/09 2013
  • 16/09-22/09 2013
  • 09/09-15/09 2013
  • 02/09-08/09 2013
  • 26/08-01/09 2013
  • 19/08-25/08 2013
  • 05/08-11/08 2013
  • 29/07-04/08 2013
  • 22/07-28/07 2013
  • 15/07-21/07 2013
  • 08/07-14/07 2013
  • 01/07-07/07 2013
  • 24/06-30/06 2013
  • 17/06-23/06 2013
  • 10/06-16/06 2013
  • 03/06-09/06 2013
  • 27/05-02/06 2013
  • 20/05-26/05 2013
  • 13/05-19/05 2013
  • 06/05-12/05 2013
  • 29/04-05/05 2013
  • 22/04-28/04 2013
  • 15/04-21/04 2013
  • 08/04-14/04 2013
  • 01/04-07/04 2013
  • 18/03-24/03 2013
  • 04/03-10/03 2013
  • 18/02-24/02 2013
  • 11/02-17/02 2013
  • 04/02-10/02 2013
  • 28/01-03/02 2013
  • 21/01-27/01 2013
  • 14/01-20/01 2013
  • 07/01-13/01 2013
  • 02/01-08/01 2012
  • 24/12-30/12 2012
  • 17/12-23/12 2012
  • 10/12-16/12 2012
  • 03/12-09/12 2012
  • 26/11-02/12 2012
  • 19/11-25/11 2012
  • 12/11-18/11 2012
  • 05/11-11/11 2012
  • 29/10-04/11 2012
  • 22/10-28/10 2012
  • 15/10-21/10 2012
  • 08/10-14/10 2012
  • 01/10-07/10 2012
  • 24/09-30/09 2012
  • 17/09-23/09 2012
  • 10/09-16/09 2012
  • 03/09-09/09 2012
  • 27/08-02/09 2012
  • 20/08-26/08 2012
  • 13/08-19/08 2012
  • 06/08-12/08 2012
  • 30/07-05/08 2012
  • 23/07-29/07 2012
  • 16/07-22/07 2012
  • 09/07-15/07 2012
  • 02/07-08/07 2012
  • 25/06-01/07 2012
  • 18/06-24/06 2012
  • 11/06-17/06 2012
  • 04/06-10/06 2012
  • 28/05-03/06 2012
  • 21/05-27/05 2012
  • 14/05-20/05 2012
  • 07/05-13/05 2012
  • 30/04-06/05 2012
  • 23/04-29/04 2012
  • 16/04-22/04 2012
  • 09/04-15/04 2012
  • 02/04-08/04 2012
  • 26/03-01/04 2012
  • 19/03-25/03 2012
  • 12/03-18/03 2012
  • 05/03-11/03 2012
  • 27/02-04/03 2012
  • 20/02-26/02 2012
  • 13/02-19/02 2012
  • 06/02-12/02 2012
  • 30/01-05/02 2012
  • 23/01-29/01 2012
  • 16/01-22/01 2012
  • 09/01-15/01 2012
  • 02/01-08/01 2012
  • 19/12-25/12 2011
  • 12/12-18/12 2011
  • 05/12-11/12 2011
  • 28/11-04/12 2011
  • 21/11-27/11 2011
  • 14/11-20/11 2011
  • 07/11-13/11 2011
  • 31/10-06/11 2011
  • 24/10-30/10 2011
  • 17/10-23/10 2011
  • 10/10-16/10 2011
  • 03/10-09/10 2011
  • 26/09-02/10 2011
  • 19/09-25/09 2011
  • 12/09-18/09 2011
  • 05/09-11/09 2011
  • 29/08-04/09 2011
  • 22/08-28/08 2011
  • 15/08-21/08 2011
  • 08/08-14/08 2011
  • 01/08-07/08 2011
  • 18/07-24/07 2011
  • 11/07-17/07 2011
  • 04/07-10/07 2011
  • 27/06-03/07 2011
  • 20/06-26/06 2011
  • 13/06-19/06 2011
  • 06/06-12/06 2011
  • 30/05-05/06 2011
  • 23/05-29/05 2011
  • 16/05-22/05 2011
  • 09/05-15/05 2011
  • 02/05-08/05 2011
  • 25/04-01/05 2011
  • 18/04-24/04 2011
  • 11/04-17/04 2011
  • 04/04-10/04 2011
  • 28/03-03/04 2011
  • 21/03-27/03 2011
  • 14/03-20/03 2011
  • 07/03-13/03 2011
  • 28/02-06/03 2011
  • 21/02-27/02 2011
  • 14/02-20/02 2011
  • 07/02-13/02 2011
  • 31/01-06/02 2011
  • 24/01-30/01 2011
  • 17/01-23/01 2011
  • 10/01-16/01 2011
  • 03/01-09/01 2011
  • 26/12-01/01 2012
  • 20/12-26/12 2010
  • 13/12-19/12 2010
  • 06/12-12/12 2010
  • 29/11-05/12 2010
  • 22/11-28/11 2010
  • 15/11-21/11 2010
  • 08/11-14/11 2010
  • 01/11-07/11 2010
  • 25/10-31/10 2010
  • 18/10-24/10 2010
  • 11/10-17/10 2010
  • 04/10-10/10 2010
  • 27/09-03/10 2010
  • 20/09-26/09 2010
  • 13/09-19/09 2010
  • 06/09-12/09 2010
  • 30/08-05/09 2010
  • 23/08-29/08 2010
  • 16/08-22/08 2010
  • 09/08-15/08 2010
  • 02/08-08/08 2010
  • 26/07-01/08 2010
  • 19/07-25/07 2010
  • 12/07-18/07 2010
  • 05/07-11/07 2010
  • 28/06-04/07 2010
  • 21/06-27/06 2010
  • 14/06-20/06 2010
  • 07/06-13/06 2010
  • 31/05-06/06 2010
  • 24/05-30/05 2010
  • 17/05-23/05 2010
  • 10/05-16/05 2010
  • 03/05-09/05 2010
  • 26/04-02/05 2010
  • 19/04-25/04 2010
  • 12/04-18/04 2010
  • 05/04-11/04 2010
  • 29/03-04/04 2010
  • 22/03-28/03 2010
  • 15/03-21/03 2010
  • 08/03-14/03 2010
  • 01/03-07/03 2010
  • 22/02-28/02 2010
  • 15/02-21/02 2010
  • 08/02-14/02 2010
  • 01/02-07/02 2010
  • 25/01-31/01 2010
  • 18/01-24/01 2010
  • 11/01-17/01 2010
  • 04/01-10/01 2010
  • 28/12-03/01 2016
  • 21/12-27/12 2009
  • 14/12-20/12 2009
  • 07/12-13/12 2009
  • 30/11-06/12 2009
  • 23/11-29/11 2009
  • 16/11-22/11 2009
  • 09/11-15/11 2009
  • 02/11-08/11 2009
  • 26/10-01/11 2009
  • 19/10-25/10 2009
  • 12/10-18/10 2009
  • 05/10-11/10 2009
  • 28/09-04/10 2009
  • 21/09-27/09 2009
  • 14/09-20/09 2009
  • 07/09-13/09 2009
  • 24/08-30/08 2009
  • 17/08-23/08 2009
  • 10/08-16/08 2009
  • 03/08-09/08 2009
  • 27/07-02/08 2009
  • 20/07-26/07 2009
  • 13/07-19/07 2009
  • 06/07-12/07 2009
  • 29/06-05/07 2009
  • 22/06-28/06 2009
  • 15/06-21/06 2009
  • 08/06-14/06 2009
  • 25/05-31/05 2009
  • 18/05-24/05 2009
  • 11/05-17/05 2009
  • 04/05-10/05 2009
  • 27/04-03/05 2009
  • 20/04-26/04 2009
  • 13/04-19/04 2009
  • 30/03-05/04 2009
  • 23/03-29/03 2009
  • 16/03-22/03 2009
  • 09/03-15/03 2009
  • 02/03-08/03 2009
  • 23/02-01/03 2009
  • 16/02-22/02 2009
  • 09/02-15/02 2009
  • 02/02-08/02 2009
  • 26/01-01/02 2009
  • 12/01-18/01 2009
  • 05/01-11/01 2009
  • 29/12-04/01 2009
  • 22/12-28/12 2008
  • 15/12-21/12 2008
  • 08/12-14/12 2008
  • 01/12-07/12 2008
  • 24/11-30/11 2008
  • 17/11-23/11 2008
  • 10/11-16/11 2008
  • 03/11-09/11 2008
  • 27/10-02/11 2008
  • 20/10-26/10 2008
  • 13/10-19/10 2008
  • 29/09-05/10 2008
  • 22/09-28/09 2008
  • 15/09-21/09 2008
  • 08/09-14/09 2008
  • 01/09-07/09 2008
  • 25/08-31/08 2008
  • 18/08-24/08 2008
  • 11/08-17/08 2008
  • 04/08-10/08 2008
  • 28/07-03/08 2008
  • 21/07-27/07 2008
  • 14/07-20/07 2008
  • 07/07-13/07 2008
  • 30/06-06/07 2008
  • 23/06-29/06 2008
  • 16/06-22/06 2008
  • 09/06-15/06 2008
  • 02/06-08/06 2008
  • 26/05-01/06 2008
  • 19/05-25/05 2008
  • 12/05-18/05 2008
  • 05/05-11/05 2008
  • 28/04-04/05 2008
  • 21/04-27/04 2008
  • 14/04-20/04 2008
  • 07/04-13/04 2008
  • 31/03-06/04 2008
  • 24/03-30/03 2008
  • 17/03-23/03 2008
  • 10/03-16/03 2008
  • 03/03-09/03 2008
  • 25/02-02/03 2008
  • 18/02-24/02 2008
  • 11/02-17/02 2008
  • 04/02-10/02 2008
  • 28/01-03/02 2008
  • 14/01-20/01 2008
  • 07/01-13/01 2008
  • 31/12-06/01 2008
  • 24/12-30/12 2007
  • 17/12-23/12 2007
  • 10/12-16/12 2007
  • 03/12-09/12 2007
  • 26/11-02/12 2007
  • 19/11-25/11 2007
  • 12/11-18/11 2007
  • 05/11-11/11 2007
  • 29/10-04/11 2007
  • 22/10-28/10 2007
  • 15/10-21/10 2007
  • 08/10-14/10 2007
  • 01/10-07/10 2007
  • 24/09-30/09 2007
  • 17/09-23/09 2007
  • 10/09-16/09 2007
  • 03/09-09/09 2007

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !

    Websites over Middelkerke
  • Gemeente Middelkerke
  • Middelkerke.2link
  • Handelaars Westende-dorp
  • Westende


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!