Carl Spitzweg


Carl Spitzweg, zeg je? Nooit van gehoord…
Carl Spitzweg werd geboren in een Beiers dorp in 1808 en overleed in 1885 in München. Zijn beide ouders kwamen uit begoede burgerfamilies, die hun fortuin opgebouwd hadden als groothandelaars. Vader Spitzweg zette de traditie verder; in München behoorde de familie tot de meest vooraanstaande, ook op politiek gebied. Er waren drie broers in het gezin. De oudste zou, zoals gebruikelijk, de zaak overnemen; Carl, de middelste, moest apotheker worden en de jongste, dokter. De jeugd van de drie broers verliep in een typisch beschermd milieu, dat hen alle kansen gaf om zich te ontplooien. In 1819, toen Carl elf was, overleed echter zijn moeder.
Carl doorliep de Latijnse school zonder veel moeite en studeerde af aan het Gymnasium in 1825 en ging dan in de leer aan de hofapotheek van het Beierse koningshuis in München. In 1828 stierf zijn vader. Na zijn apotheekstage schreef hij zich in aan de universiteit en verwierf in 1832 ook het diploma van apotheker, met onderscheiding. Na een ziekte en een herstelperiode in een kuuroord brak hij met het beroep en wijdde zich nog uitsluitend aan het schilderen.
Hij was al van jongs af aan een zeer begaafd tekenaar. Een academische opleiding kreeg hij nooit, hij was gewoon een begenadigd autodidact. Hij werd lid van kunstenaarsverenigingen en bestudeerde het werk van de grote meesters, vooral tijdens reizen naar de belangrijkste kunststeden zoals Venetië, Londen, Parijs en zelfs Antwerpen. Hij stierf in 1885, zevenenzeventig jaar oud.
Tijdens zijn leven maakte hij meer dan 1500 werken, waarvan hij er meer dan 400 ook verkocht, vooral in de rijke burgermiddens waarin hij zich bewoog. Vandaag is Spitzweg zo gezocht dat hij onbetaalbaar is. Die populariteit is vooral na de tweede Wereldoorlog goed op gang gekomen. Spitzweg behoort tot de laat-romantiek. Hij begon in de wat zoeterige en zeer conventionele Biedermeierstijl, maar gaandeweg zuiverde hij zijn kunst uit tot hij heel dicht in de buurt van het impressionisme kwam. Hij was een uitstekend en onvermoeibaar tekenaar, die met snelle trekken de koppen van de bezoekers van de apotheek vastlegde, evenals de zo typische Duitse kleinsteedse straatjes, geveltjes en pleintjes. Zijn schilderijen tonen de kleinburgerlijke stadsmensen mensen in hun eigen biotoop, met hun karakteristieke kleine kantjes, altijd met behoorlijk wat ironie en zelfs spot, maar steeds vriendelijk, vertederd, met liefde bijna, zonder een zweem van minachting. Enkele van zijn bekende typeringen zijn de arme dichter, de boekenworm, de cactusliefhebber, de antiquair, de boekhandelaar, de sterrenwichelaar, de alchimist, de eeuwige verliefde, de bedelmuzikant, de vlindervanger, de zondagsjager, de hypochonder, de postbode, de ingeslapen nachtwacht, de kunstenaar en de wetenschapper. Ook in zijn landschappen vertelt hij altijd ook een verhaal, zoals bij de uitbeelding van de veldwandeling van een groep schoolkinderen.
Spitzweg doet me vaak denken aan Norman Rockwell, die zo raak de USA. van de eerste helft van de 20ste eeuw geschilderd heeft, met die zelfde ironische welwillendheid, op het randje van de karikatuur en met een verbluffend artistiek meesterschap.
Ik bezocht ooit Oberammergau, een Beiers stadje dat we vooral kennen van de passiespelen, die destijds ook hier in Vlaanderen navolging kenden. Het ligt in de buurt van Garmisch-Partenkirchen, dat we dan weer kennen van het schansspringen en als verblijfsplaats van Richard Strauss, in de villa die hij bouwde na en met het succes van Salome. Oberammergau is een toeristische trekpleister, onder meer ook voor de talrijke winkels en winkeltjes met houtsnijwerk. Ik kocht er toen een lezertje, een beeldje van een 19de-eeuws mannetje dat op een bibliotheektrapje staat, met open boeken in zijn beide handen, een boek onder de arm en een tussen de knieën gekneld en nog een paar aan zijn voeten. Dat was mijn eerste kennismaking met het werk van Carl Spitzweg, maar dat besef ik nu pas… Het lezertje is na de scheiding bij mijn eerste echtgenote gebleven; bij een bezoek aan haar woonst toonde ze me ook een schilderijtje met het lezertje erop. Op eBay kocht ik onlangs een vervanger en daarbij viel me de verwijzing op naar een zekere Spitzweg en dat zelfde schilderij, met de titel Der Bücherwurm. De beeldjes zijn dus gemaakt nach Spitzweg. Ik liet het schilderij van de boekenworm al eens zien bij mijn gedicht van de rijmloze rijmelaar. Hierbij nog een ander staaltje van zijn kunnen. Het is niet eenieders smaak, maar ik althans hou er wel heel veel van. Geen grote kunst misschien, maar zo menselijk, zo herkenbaar dat de ontroering bijna pijn doet.
Carl Spitzweg? Aangename kennismaking!

















