Waardig sterven


Wie zinvol wil spreken over een waardig levenseinde, zou misschien het best te rade gaan bij de echte deskundigen: dokters, verpleegkundigen en begeleiders die dagelijks omgaan met stervenden. Dat zou ongetwijfeld interessant zijn. Maar de enkele interviews die ik gezien heb met die mensen doen me twijfelen. Voor sommigen onder hen is de dood zo vertrouwd, de aftakeling en het lijden zo gewoon, dat er een zeer delicate vorm van noodzakelijke gewenning optreedt, als een natuurlijke reactie, ter bescherming van de eigen gevoelens.
Als ik mijn eigen gevoelens bevraag, dan zijn die getekend door mijn ervaringen bij het afsterven van geliefden. Mijn beste jeugdvriend is gestorven toen we allebei in ons eerste jaar aan de universiteit zaten. Hij was verlamd door een kwaadaardig gezwel, waartegen geen enkele behandeling hielp. Ik heb zijn lijdensweg maar gedeeltelijk meegemaakt, ik zat in Leuven, hij in Gent en daar is hij ook gestorven in het ziekenhuis. Ik was de jongste thuis en zo heb ik alle ooms en tantes en een inwonende grootmoeder op mijn vrij jeugdige leeftijd zien verdwijnen. Mijn zus stierf toen ze nog geen veertig was, een broer was nog geen zestig, mijn vader was 66, mijn moeder 72. Ik heb verscheidene keren bij hen gewaakt, de laatste uren voor hun dood. In één geval heb ik de actieve levensbeëindiging meegemaakt, een stuntelige, zeer kwetsende ervaring.
Enkel vanuit dit standpunt, namelijk het aanschouwen van het lijden van de geliefde stervende mens, uit mededogen dus, ben ik helemaal gewonnen voor een zachte dood, voor het laten gaan, voor de laatste hulp die we een mens kunnen bieden.
Wij beschikken over de kennis en de ervaring die ons toelaten een onweerlegbare diagnose te stellen. De dokters en verplegenden weten zeer goed wanneer het op zijn einde loopt, wanneer alle hoop op herstel is verdwenen. Geen mens die eraan denkt om bij de eerste tekenen meteen over te gaan tot euthanasie. Er is meestal een vrij lange periode waarin de tekenen steeds duidelijker worden en er processen optreden die onomkeerbaar zijn. Waar ik voor pleit is het actief ingrijpen in de allerlaatste fase van de aftakeling van het lichaam, wanneer ook het fysisch lijden ondraaglijk is geworden en pijnstillers ofwel niet meer werken, ofwel de mens in een definitief comateuze toestand brengen.
Men moet dat juridisch goed regelen, natuurlijk, maar ik vertrouw erop dat de medische staf zijn werk goed zal doen, ook zonder de onleesbare teksten van wetgevers en juristen. Ze doen dat immers nu ook al in hun omgang met ziekte en ongevallen, waarom zouden ze zich plots anders gaan gedragen bij de stervensbegeleiding? Wij vertrouwen nu al op hun oordeel en hun advies in kwesties van leven en dood, waarom dan ook niet wanneer het leven ons ontglipt? Zij zorgen er nu al voor dat we niet te veel moeten afzien, vaak is de grens tussen de palliatieve zorg en euthanasie weldadig onduidelijk. Waarom dan niet op hen rekenen om ons op een menselijke, liefdevolle manier afscheid te laten nemen van het leven en van onze geliefden?
Wij zijn allemaal mensen, maar er zijn geen twee identieke. Iedereen sterft, maar voor iedereen is de dood een hoogst persoonlijke aangelegenheid. Het is dus ook evident dat wij allemaal op onze eigen manier zullen omgaan met euthanasie. Het is mogelijk dat velen die stap niet zullen zetten. De redenen daarvoor doen er niet toe, of ze nu religieus zijn of gewoon algemeen menselijk. De mens moet vrij zijn in die laatste keuze, het is ondenkbaar dat men elk leven actief zou beëindigen zonder toestemming van de betrokkene. Maar het is wel zo dat wij ons bij het einde altijd toevertrouwen aan anderen, dat wij in hun handen overgeleverd zijn, dat zij uiteindelijk in belangrijke mate beslissingen nemen voor ons, beslissingen die de dood dichterbij brengen of uitstellen, die het lijden rekken of juist niet. Ik pleit voor de duidelijke mogelijkheid om actief in te grijpen, om een lijdende mens te laten sterven, om het leven dat niet meer leefbaar is minzaam te beëindigen.
Naast de gevallen waarin de beslissing zich opdringt, waarin het lijden verschrikkelijk is en de genezing totaal uitgesloten, zijn er vanzelfsprekend ook randgevallen en betwistbare kwesties. Voor buitenstaanders is het bijvoorbeeld erg moeilijk om te aanvaarden dat een persoon nog voor de zekere en definitieve aftakeling begint, de beslissing neemt om al op dat moment uit het leven te stappen, dus wanneer hij of zij nog ‘gezond’ is en niet echt fysiek lijdt. Denk aan hersentumoren, vergevorderde kanker, ouderdomsziekten. Toch meen ik dat men een mens het recht niet kan ontzeggen om te kiezen voor een bewust levenseinde, wanneer men de zekerheid heeft dat de dood op korte termijn onvermijdelijk is.
De katholieke kerk verzet zich tegen alle mogelijke vormen van actieve medische levensbeëindiging. Zij gaat ervan uit dat de mens het leven heeft ‘gekregen’, van God meer bepaald en dat hij zich dus het recht niet mag toe-eigenen om zich het leven te benemen, noch om een einde te maken aan het leven van anderen. Het is een opvatting die ik niet kan delen. Hoe men ook over God mag denken, de menselijke ervaring is niet dat het leven een geschenk is uit de hemel. Voor velen is het leven geen pretje, voor niemand is het enkel rozengeur en maneschijn. Ons diepste aanvoelen is er een van geworpenheid: we zijn hier nu eenmaal, voor een korte tijd, hoe je het ook draait en keert. Wij hadden niets te maken met onze geboorte, wij hebben niet zelf gewild om te leven.
Wij hebben dat leven zelf in handen, al zijn we natuurlijk ook sterk afhankelijk van onze omgeving en van de omstandigheden. Het is ons leven, niet iets dat ons gegeven is, alleen wij beleven ons leven, wij zijn het leven zelf. Er is niets of niemand buiten de mens dat de macht heeft om het leven te geven, in stand te houden of af te nemen. Er is geen bovenmenselijke instantie aan wie wij verantwoording verschuldigd zijn over wat wij met ons leven doen, die we kunnen aanspreken om wat het leven met ons doet.
Het kan niet anders of ook de gewijzigde houding tegenover het hiernamaals speelt een grote rol in de discussie over het levenseinde. Vrijwel niemand gelooft nu nog in hemel, hel en vagevuur zoals wat dat geleerd hebben. Ook binnen de kerk heeft men een en ander gerelativeerd. De beelden die men gebruikt zijn vager geworden, men geeft toe dat men niet weet hoe het zal zijn. Over de hel en het vagevuur spreekt men niet meer: het is een God van liefde, we vertrouwen erop dat zijn liefde groter zal zijn dan de dood, voor iedereen. Maar die vage woorden en beelden overtuigen niet meer. Meer en meer beseft men ten volle dat de mens een onderdeel is van het leven hier op aarde en dat ook voor ons de dood het definitieve einde is, dat die prachtige levensvorm die de mens is, toch nog altijd sterfelijk is. Ook dat machtige verstand, de ongebreidelde verbeelding, de onstuimige emoties, de overweldigende rijkdom van de herinneringen, dat alles is vergankelijk en zal op een dag niet meer zijn en enkel de herinnering eraan zal nog overblijven.
Als unieke persoon worden we geboren en wat we ook doen, wat we ook bereiken in het leven, op het einde verdwijnen we in het niets. Dat is de ervaring die de mens stilaan begrepen heeft, in alle rust en eenvoud, zonder paniek. Ons mens-zijn is eindig, er is geen eeuwig leven voor de individuele mens. De dood is definitief, er is niets meer daarna. Zo is het, en het is goed zo. Er is geen enkele goede reden om te denken dat het anders is, geen reden om te wensen dat het anders zou zijn. Het is de realiteit en wij leggen er ons bij neer. Wat men ons heeft proberen wijsmaken was altijd al ongeloofwaardig. Nu hoeven we daarmee geen rekening meer te houden en dat doen we ook niet. In alles denken en handelen we alsof de dood het einde is. We zijn niet meer bevreesd voor een of ander oordeel dat ons wacht, de vergelding van het kwaad, de eeuwige verdoemenis. We worden in ons doen en laten ook niet meer geleid door de verwachting van een eeuwige gelukzaligheid, de beloning voor een goed leven, de compensatie voor al de offers en het onbegrijpelijk lijden. Het leven is kort, er is alleen maar dit leven, voor ons, daarna is het aan anderen.
Wie zo denkt en dat zijn steeds meer mensen, heeft ook minder taboes over het leven. Er is niets mysterieus aan het ontstaan van het leven, ook niet dat van de mens. Wij hebben het grootste gedeelte van de oude mysteries over de menselijke fertiliteit achterhaald met de wetenschap en de technologie, wat we rond dat levensbegin allemaal zelf kunnen is spectaculair. We grijpen ook steeds meer en steeds dieper in tijdens het verloop van het leven, het is veel langer geworden en toch veel comfortabeler. We kunnen de aftakeling afremmen, het einde uitstellen, oude mensen zijn veel gezonder dan vroeger. Wij hebben zeer sterk het gevoel dat het leven onze zaak is. Niemand moet ons vertellen wat mag en kan, daarover willen we zelf beslissen.
Als vanzelfsprekend is dat ook zo voor ons levenseinde. De medische wereld biedt ook daarvoor mogelijkheden en wij zien niet in waarom we er geen gebruik zouden van maken. Wij hechten geen geloof meer aan dogmatische verbodsbepalingen, aan donderpreken en vage religieuze uitspraken die we niet begrijpen en niet kunnen aanvaarden.
De dood is geen verschrikking meer. Het is een natuurlijk verschijnsel, een zekerheid. We zien het overal om ons heen: het leven is eindig, het blijft niet duren. Ons lichaam is niet bestand tegen de tijd, het gaat niet eindeloos mee. We leren daarmee leven, de dood is elke dag bij ons. Wij weten hoe broos we zijn, we worden er elke dag aan herinnerd, we kunnen het niet uit het oog verliezen. Niets is zo zeker als onze dood.
Dat besef is geruststellend in al zijn eenvoud. Laten we dan ook in alle rust nadenken over het tijdstip en de wijze van ons afscheid en aan elke mens de vrijheid laten om zelf de keuzes te maken die hem of haar de beste lijken. En laten we iedereen helpen om die keuzes, wat ze ook zijn, zo sereen mogelijk waar te maken.
Deze overdenkingen zijn mede geïnspireerd door en dankbaar opgedragen aan enkele lezers die me hun verhaal toevertrouwden.
Ze sluiten ook aan bij het 25-jarig bestaan van de vereniging Recht op Waardig Sterven. Klik hier voor een bezoek aan de website: http://www.rws.be/index.



















