El degüello


Misschien heb je zoals ik onlangs op een avond zitten kijken naar de remake uit 2004 van die filmklassieker uit 1960 The Alamo, toen met schuinsmarcheerder (letterlijk!) John Wayne als Davy Crockett en nog een schare van Hollywoodsterren. Voor Amerikanen en vooral die uit de zuidelijke staten en dan speciaal Texas, waar de feiten zich afspeelden in 1836, is de slag of de slachting van The Alamo zoiets als de Slag der Gulden Sporen voor ons, met dat verschil dat de Vlamingen die wonnen, maar daarna door de Fransen opnieuw verslagen werden, terwijl de Amerikanen verloren maar uiteindelijk zegevierden: Texas is al heel lang een (Amerikaanse) staat, Vlaanderen nog steeds niet.
Aan die gevechten tussen de Mexicanen en de Amerikanen is het verhaal verbonden, al dan niet gesteund op de feiten, van El Degüello. Het duikt op in de beide films en ook in het monsterepos Texas van James Michener, maar ook in verhalen en films over Pancho Villa en Emiliano Zapata. Het verhaal of de legende wil dat de Mexicanen tijdens de belegering elke avond voor de beschieting een stuk militaire muziek ten gehore brachten met hun kapel, met als titel: El Degüello. Wie zich voor het einde van de muziek niet overgaf, zou niet kunnen rekenen op genade en zou gedood worden bij de inname. Men zou met andere woorden geen gevangenen maken: no prisoners! Zo klonk ook de wapenkreet van Lawrence of Arabia in de gelijknamige film met Peter O’Toole. De gebruikelijke Engelse uitdrukking is no quarter(given) en we herkennen daarin ons kwartier, dat afgeleid is van het Frans quartier, letterlijk een kwart of een deel, bijvoorbeeld van een stad: het schipperskwartier. Soldaten die logies toegewezen kregen werden ingekwartierd, quartered door een kwartiermeester of quartermaster. In het Frans hebben we dezelfde woorden: quartier-maître, quartier en ook in het Duits: Kwartiermeister; oorlogvoeren was en is een internationale bezigheid.
No quarter betekende dat men de overlevenden niet krijgsgevangen zou maken, dat men hen geen logies zou verschaffen, niet zou inkwartieren: hen wachtte de dood. Gedurende het grootste gedeelte van onze geschiedenis was dat de vaste regel in de oorlog, niet de uitzondering. Pas in 1863, tijdens de Amerikaanse burgeroorlog, tekende Abraham Lincoln de wet die de ‘Lieber Code’ invoerde, met daarin voor het eerst een verbod op no quarter. In 1907 werd dat een algemene overeenkomst in de Conventie van Den Haag en in de verschillende versies van de Conventie van Genève.
Degüello is Spaans en betekent onthoofding, slachting, moord; pasar a degüello is over de kling jagen, geen kwartier geven (Van Dale (er)kent alleen de betekenis: (geen) uitstel van betaling geven, maar dat heb ik nog nooit gehoord of gelezen, het lijkt me een zeer afgeleide betekenis van het origineel, maar dat terzijde); tocar a degüello is het ten aanval blazen voor de cavalerie. We zien daarin gola, keel, strot, kraag en nog meer het verkleinwoord cuello met dezelfde betekenis, allemaal, zoals ook onze keel afgeleid van het Lat. gula. Andere Spaanse neven zijn onder meer la Degollaçión de los Innocentes, de Kindermoord in Bethlehem, deguellar: kelen, de strot afsnijden, speciaal een stier onhandig doden in de arena. In het Frans kennen we het platte gueule, dégueuler (braken) en het door onze nationale koningin onsterfelijk gemaakte dégueulasse toen ze voor de Tv-camera’s in de Marollen oog in oog kwam met de bekende lekkere wulloks, wulken of karrakollen (niet gekend door Van Dale, wel: caracoles), die inderdaad hun uiterlijk niet mee hebben.
De legende wil ook dat dit gebruik door de Mexicanen, als afstammelingen van de Spaanse conquistadores, zou overgenomen zijn uit die andere reconquista, namelijk de herovering van Spanje op de Moren. Het zouden met name de Moren (van Lat. Maurus, Mauretaniër) geweest zijn, de Noord-Afrikaanse en vooral Spaanse Arabieren die de gewoonte hadden om de vijand te intimideren met wat wij smalend ketelmuziek (maar terecht: er waren veel trommen, pauken en bekkens of cimbalen en ook triangels bij) noemen maar wat Mozart inspireerde tot zijn heerlijke a la Turca in een van zijn pianosonates en tot de even vaak gespeelde Turkse mars; de Janitsaren, de Turkse infanterie-elitetroepen hebben die gewoonte behouden tot in de 20ste eeuw. Ook in de Oudheid zijn er verslagen van dat soort machtsvertoon en de Amerikanen gebruikten het niet zo lang geleden nog bij de belegering in Wacko, maar dan met rockmuziek door enorme luidsprekers.
Maar dat gaat allemaal over muziek en lawaai in het algemeen: Van Dale laat zich in zijn beschrijving van janitsarenmuziek voorwaar op een uiterst zeldzaam grapje betrappen:
1 (eigenlijk) de militaire muziek van de Turken
2 (in ’t algemeen) elke muziek waarbij de blaasinstrumenten door andere instrumenten, zoals de Turkse trom, de triangel, de bekkens enz., begeleid, of liever overstemd worden
De auteur van dat laatste stukje was wellicht een gefrustreerde traverso-speler, maar dat weer even terzijde.
Hoe we van die algemene intimiderende en wakkerhoudende muziek naar El degüello gaan is niet moeilijk te raden. Het was voldoende dat beide zijden beseften dat een bepaalde, gemakkelijk herkenbare melodie de betekenis had van het dreigen met of het afkondigen van no quarter, eventueel samen met een vlaggensignaal. Dreigen alleen was soms maar natuurlijk niet altijd voldoende, af en toe moest men ook tot de daad overgaan en alle krijgsgevangenen uitmoorden, zodat de bedreiging een efficiënt wapen kon zijn.
Het is vrijwel onmogelijk om te achterhalen wanneer de legende van de muzikale El degüello ontstaan is. Misschien inderdaad in de reconquista door los reyes catolicos tijdens de acht eeuwen tussen 712 en 1492, toen als laatste Moorse bolwerk Granada viel. Maar de Arabieren noemen dat al-Istirdad, de terugtrekking en de meeste belegeringen zijn door de Spanjaarden gedaan, de belegerden waren de Moren… Wellicht hebben toen beide partijen zich met evenveel overtuiging bediend van dit vreselijke oorlogswapen en van het ongelooflijk brutale en cynische gebruik van muziek als aankondiging van wat later door Hitler de totale oorlog zou genoemd worden; ook de Nazi’s maakten geen krijgsgevangenen in hun opmars naar Moskou; de Duitse krijgsgevangenen in Russische handen zouden daarvoor na de oorlog met hun eigen leven betalen.
El degüello moet een beruchte, vreesaanjagende 'door merg en been snijdende' militaire melodie geweest zijn, even bekend als de last post of ‘te velde’, of taptoe. De muziek in de film van 1960 is een originele compositie van Tiomkin, die van 2004 lijkt althans origineler, is eenvoudiger en al wat martialer, dichter bij de janitsaren en de Moren (als wij in onze jeugd op de radio naar moderne muziek dierven luisteren, sprak ons Moeder smalend van Morenmuziek, het zat diep in het volksgeheugen). Hoe de originele infame degüello heeft geklonken, is wellicht niet meer te achterhalen. Dat is misschien maar best ook, anders gaat die melodie nog een nieuw leven krijgen, zoals de Nazi-insignes, bij allerlei tuig van de richel (klik hier voor de etymologie: https://blog.seniorennet.be/kareldhuyvetters/archief.php?ID=470 ).
Dat proces lijkt al enigszins bezig, als ik sommige verwijzingen bij het goegelen zie…


















